 |
| Foto © Jeffry Surianto |
door Willem van Lit
In deel 14 wordt het programma voor de ontwikkeling van het vermogen tot
verdraagzaamheid in één aflevering voorgesteld.
Een programma voor tolerantie
Op basis van voorgaande
uitgangspunten en het idee van de retorica heb ik een programma ontworpen om
het vermogen van de tolerantie tot ontwikkeling te brengen[1].
Het is een programma van tien punten waarin stellingen zijn opgenomen die voor
debat vatbaar zijn. Dat het een programma van een mooi rond geheel van tien
punten is, berust op toeval; ik heb er niet doelbewust naar toe geredeneerd. De
punten kunnen in de volgorde zoals ik ze hier presenteer, gelezen en ontwikkeld
worden. Dit is geen noodzaak. Sommige punten zijn eventuele activiteiten die
gelijktijdig of in omgekeerde volgorde kunnen plaatsvinden. Het is echter wel
zo dat hun kracht alleen gevoeld zal worden, als ze in een zekere samenhang tot
uitvoering komen. Kortweg zijn de stellingen voor het debat de volgende:
1. Welvaart democratiseert en schept
voorwaarden voor de basis voor tolerantie.
2. Vrijheid en waardigheid krijgen een
kans als men los komt van de gunst van de gift.
3. Tolerantie kan pas ontstaan als men
het eigenbelang kan onderkennen en als uitgangspunt kiest.
4. De zogeheten statische
‘wortelidentiteit’ maakt plaats voor de dynamische ‘relatie-identiteit’.
5. Eigenwaarde kan men gaan ervaren als
men zich verbijzondert tegenover anderen vanuit het idee: ‘Ken u zelf’.
6. Ontwikkelen van zelfredzaamheid is
een voorname morele plicht.
7. Het doorbreken van de barrière van
schuld en schaamte gaat op basis van een gemeenschappelijk plan, waarbij het
belang van de een nadrukkelijk is verbonden met – ja zelfs voortkomt uit – het
belang van de ander.
8. Men wordt uitgenodigd te ontsnappen
aan de eigen leugen door de waarheid niet te monopoliseren.
9. Het vermogen tot empathie vormt de
kern van trots en bevlogenheid in een sociale context.
10. Het dynamiseren van cultuur
ontwikkelt het geestelijke en morele vermogen en daardoor de verdraagzaamheid
in de menselijke betrekkingen.
Deze stellingen staan hierna een
voor een uitgewerkt en zij vormen de context voor het debat dat hierbij kan
worden gevoerd.
Welvaart democratiseert. Als we
ervan uitgaan dat welvaart daadwerkelijk democratiseert, dan ligt hier de basis
voor het ontwikkelen van de voorwaarden tot tolerantie. Tolerantie kan naar
voren komen binnen de context van democratie. Aangezien op de eilanden het
geweld van de armoede nog veel huishoudens treft, zijn mensen daardoor niet in
staat op een goede manier deel te nemen aan het openbare leven. Zelfs het naar
school gaan van kinderen is hierbij in gevaar. Op deze manier ontbreekt een
belangrijke conditie om het vermogen tot tolerantie op gang te brengen. De
ruilinteractie en het debat moeten eerst op gang komen door het stoppen van het
geweld van de armoede. In die zin had Marx gelijk: eerst het vreten en dan de
moraal.
 |
| Albert Roessingh - Meisjes met baby |
Herkennen van de blokkade door de
gunst van de gift.
Hierbij gebruik ik het voorbeeld van de schoolgang van (jonge) kinderen. Laten
we ervan uitgaan dat moeders in een normale situatie willen dat hun kinderen
naar school gaan. Op de eilanden wonen veel alleenstaande vrouwen die op jonge
leeftijd al kinderen hebben gekregen. Een groot aantal van hen leeft sociaal
geïsoleerd door armoede getroffen. Uit schaamte houden ze hun kinderen thuis
van school: ze moeten uit geldgebrek dikwijls het ontbijt missen en voor
behoorlijke kleding is geen geld. De vraag is hoe men deze moeders met behoud
van hun waardigheid de schaamte kan laten overwinnen, zodat ze de kinderen uit
eigen beweging steeds naar school brengen of laten komen. De ruilinteractie
bestaat er uit dat men van hen heel gericht verlangt de kinderen naar school te
sturen in ruil voor materiële voorwaarden, die de reden voor het niet-sturen
ongedaan maken. Men beweegt de moeders hun schaamte te overwinnen.
Een dergelijke basis is wat anders
dan het ongericht cadeautjes uitdelen in de wijken gedurende verkiezingstijd,
zoals een aantal politieke partijen doet. Hiermee koopt men stemmen; het
aannemen van ongerichte presentjes is niet vrijblijvend. Het is een vorm van patronage
waarmee verplichtingen worden geschapen en dus verlies van eigen vrije keuze in
algemene zin wordt verkocht, een vrije keuze die aan de basis ligt van het
behoud van eigenwaarde.
 |
| Foto © Placeholder |
Onderkennen van eigenbelang. Het los komen uit de gunst van de
gift kan ontstaan uit het besef van eigenbelang. Ik blijf nog bij het voorbeeld
van de alleenstaande moeders. Dit is niet echt willekeurig gekozen. Het
basisprobleem op veel Caribische eilanden is verwaarlozing van kinderen,
waardoor de brandstof voor beschaming in generaties wordt opgeslagen met alle
gewelddadige gevolgen van dien. Het bestuur van de eilanden moet zich bewust
zijn van de sleutel van deze situatie. Kinderen zijn de investering voor de
toekomst. Men moet de moeders het besef geven dat zij met hun kinderen een
waardevol bezit hebben: het belang van de ontwikkeling voor komende generaties.
Een bestuur (overheid, regering en betrokken instanties uit het maatschappelijk
middenveld) moet de waarde hiervan bevestigen en erkennen. Doordat de moeders hun
kinderen gaan ervaren als eigenbelang, ontstaat er een basis voor het tot stand
brengen van de ruilinteractie op dit vlak. Het is het startpunt voor het
scheppen van ruimte in onderlinge relaties, waardoor dienst met wederdienst kan
worden vergolden. Een belangrijk middel om het besef van eigenbelang te
ontwikkelen, is het onderwijs. De kwaliteit hiervan moet op de eilanden
drastisch omhoog en dit wil onder andere zeggen dat de kinderen op Papiamentssprekende
eilanden meertalig moeten worden opgeleid. Naast het Papiamentu moeten zij
zeker nog twee tot drie talen leren beheersen: Engels, Spaans en/of Nederlands.
Verheffing van het volk, zoals dat deftig heet, is niet meer dan het op gang
brengen van de werking van de ruilinteractie. Dit kan door investering in eigen
kennis, kunde en competentie met een daaraan gekoppeld bewustzijn van de waarde
daarvan. Meertalig opvoeden, zelfs in meer dan twee talen, hoeft voor kinderen
geen probleem te zijn. Er zijn op de wereld verschillende voorbeelden te geven
van plaatsen waar kinderen zich moeiteloos meerdere talen tegelijkertijd eigen
maken. Juist dit bevordert de dialoog en de kunst van het debat.
 |
| Antillianité |
De dynamiek van identiteit. Doordat mensen de werking van de
ruilinteractie leren waarbij ze eigenwaarde en eigenbelang gaan ervaren,
onderkennen ze ook de dynamiek van de eigen identiteit. De uitwisseling van
dienst en wederdienst is een sociaal evenement; het zijn gebeurtenissen die de
relaties tussen mensen in beweging zetten. Men ervaart de dynamiek van de
wisselende posities, de inspanning die het kost om in de dagelijkse omgang
vooruit te komen. Dit betekent dat de ‘wortelidentiteit’ zijn belang
langzaamaan verliest. Men hoeft dan niet meer zo nodig op zoek naar de
statische en onwrikbare hoedanigheid van afkomst (daar waarin men denkt
geworteld te zijn), geschiedenis, stam of ras om te begrijpen hoe men kan
functioneren. Het gaat om de dagelijkse beweeglijkheid van menselijke
betrekkingen: de plek, omstandigheid en houding waarin men elkaar ontmoet in
vertrouwen, waardering, nabuurschap en dan als kennis, kameraad, vriend,
collega of zakenrelatie. De identiteit die hier wordt bedoeld, is de dynamische
relatie-identiteit. Dit is een gedachte die onder andere door de
Antillanité-beweging op de Frans-Caribische eilanden is ontwikkeld, zoals ik
eerder in dit hoofdstuk heb besproken. Het ligt voor de hand dat meertaligheid
– zeker op de Papiamentssprekende eilanden – dit type identiteit kan
bevorderen.
 |
| Foto: Zuleika Coffie |
Zichzelf ervaren als bijzonder: ken
uzelf. Mensen
zullen zichzelf positioneren in het beweeglijke veld van de sociale relaties
doordat zij eigenwaarde, eigenbelang en een dynamische identiteit kunnen
ontwikkelen. Op deze manier zullen ze zichzelf verbijzonderen, als uniek
beleven ten opzichte van anderen in de omgeving. Het is een vergroot besef van
het functioneren in de betrekking tot anderen: wat is mijn invloed en wat
verandert er doordat ík iets zeg of
doe? Wat betekent het voor familie, kennissen, collega’s, klanten, buren en
andere relaties? Door de ontwikkeling van het besef van die interacties, is het
ook gemakkelijker geworden keuzes te maken: het vertrouwen in eigen kunnen,
weten en ervaren is groter geworden (zonder gebruik te hoeven maken van
inktzwarte ironie of grof cynisme, het dodelijk nihilisme). Men ziet de
effecten van de eigen acties. Hierdoor is de bereidheid tot veranderen van de
eigen identiteit ook toegenomen en is de behoefte aan erkenning van (de
statische) afkomst steeds minder. De dynamiek van actieve uitwisseling komt
sterker op gang. Het zelfvertrouwen neemt in gezonde twijfel toe.
 |
| ...zelfredzaamheid... |
Zelfredzaam zijn. Zoals al eerder gezegd in dit boek
kan de reddende waarheid door niemand buiten jezelf worden geboden. Het is dus
van levensbelang dat je jezelf veranderbaar opstelt om je eigenheid in de
sociale werkelijkheid van elke dag tot uitdrukking te brengen. Zelfredzaamheid
wil zeggen dat je loskomt uit de zwijgende rol van het slachtoffer dat vol
verzet en passief ontladen een voortdurend appel doet op het latente
schuldgevoel van de “daders”. Hierdoor wordt het gevoel van medelijden in stand
gehouden samen met de vernederende gunst van de gift, die de afhankelijkheid
alleen maar versterkt en de apathie verdiept. Het laat tevens toe dat patronage
in bestuur in stand blijft. Zelfredzaamheid betekent dat men actief de
uitwisseling met anderen zoekt. Dit onderdeel van de dynamisering van de
tolerantie is cruciaal. Het kan uiteraard niet los worden gezien van de
voorgaande punten en het vormt een belangrijke sleutel voor verdere
ontwikkeling. Op dit punt komt namelijk een eerste omslag in de thymotische
energie tot stand. Het onverzettelijke scherm van wrok trilt van zijn plaats en
men gaat, gesteund door het gevoel van eigenwaarde én de vrijheid die men
ervaart in beweeglijkheid van de relatie-identiteit, zichzelf overtuigen van
eigen kracht tot handelen, kennen en kunnen. Als men ontdekt dat het lukt,
ontstaat er enthousiasme.
 |
| ...stekelige verhouding met het 'Moederland'... |
Doorbreken van de barrière van
schuld en schaamte. Dit punt vereist een aanpak in een breder verband en op een ander niveau.
Het is nog wel het meest intrigerende punt van de reeks. Uiteraard staat het
niet los van alle andere. Het ligt in het verlengde ervan. Hebben we eerst
gekeken naar de werking van de ruilinteractie in de eerste ring (directe
omgeving van individuen), bij dit punt moet er een structurele aanpak worden
besproken. De sleutel van de oplossing komt uit de hand van bestuurders en
hierbij is de houding van de Europese partner in het Koninkrijk van groot
belang. Dit hangt samen met het besef dat we in het Koninkrijk van (rijks)délen
wonen.
Eerder in dit hoofdstuk heb ik de
houding van Nederland als volgt getypeerd: onverschilligheid, die bestaat uit
een combinatie van desinteresse, niet-willen en niet-durven. Het is de houding
van neerbuigendheid vanuit een zelfgenoegzame fatsoenscode in samenhang met
gêne, het schuldgevoel om het verleden. Hierdoor wordt een cultuur van
vermijding in stand gehouden en die wordt verward met tolerantie. Dit is heden
ten dage nog steeds de kern van de opstelling van waaruit politiek wordt
gevoerd binnen het Koninkrijk der delen Nederlanden. Het is een merkwaardig
soort conformisme waaraan niemand zich wil onttrekken, maar het leidt tot een
halfslachtige vorm van ruilinteractie [2].
Hierdoor onderhoudt men vanuit het Europese deel van het Koninkrijk de aard en
de werking van patronage, de nepotisme-economie, zoals Signer dat noemde
(hoofdstuk 5 onder “Bestuurlijk knutselen”). Zo is de patstelling van de
ziekmakende omhelzing op politiek gebied geschetst: de effecten van een
voortdurend uitgesteld leven, die de verhoudingen in het Koninkrijk der delen
steeds meer verzieken. Ook de opsplitsing van het land Antillen op 10 oktober
2010 heeft hieraan bijgedragen. Het bood en biedt geen oplossing. Het was de
oplossing van opportunisten en halfslachtige onverschilligen die tot een nieuw
uitstel met voortgaande stagnatie en verdere teloorgang leidt. Wat ontbreekt,
is een integraal inhoudelijk plan binnen de totale context van het Koninkrijk
met een substantiële bijdrage van het Europese deel. In zo’n plan moet de
Europese partner zich de vraag stellen: “Wat zit er voor ons in of wat heb ik
er aan”? Deze vraag moet komen vanuit de intentie wat we gezamenlijk écht
willen met het koninkrijk en wat ieders idee en voorstellen zijn voor het
geheel. Voor de Caribische Nederlanders is een directe en open lijn met Europa van groot belang, maar hoe die er
precies moet uitzien en wat exact de voordelen daarvan zijn, moet helder
gemaakt worden. Iedere bewoner van de eilanden moet dat kunnen zien en ervaren.
Het Europese Nederland moet een actieve rol vervullen in het ontwikkelen van de
relatie tussen het Caribische deel en Europa. Zo kan Europa via de eilanden de
voordelen gaan ervaren van de treeplank naar opkomende economieën in Zuid- en
Midden-Amerika. De Caribische eilanden hebben een strategische positie in die
lijn.

Als de werking van de interactie van
dienst en wederdienst niet van de grond komt, moet het Europese Nederland zich
realiseren dat men geconfronteerd blijft met de slepende stagnatie, gevangen in
het mechanisme van het voortdurende uitgestelde leven en de ziekmakende
omstrengeling van schuld en schaamte. Dit is onontkoombaar. Guépin noemde dit
de talio van de wraak, de ruilinteractie van de wraak waarbij wandaad met
wandaad wordt vergolden en meer dan dat, omdat in de wraakneming het “dubbel en
dikke” er nog bovenop komt. Dit kan alleen maar ongedaan gemaakt worden als men
het kan “ontveinzen door edele motieven”,
zoals hij dat noemt. Omgekeerd geformuleerd wil dat zeggen dat men vertrouwen
moet winnen door oprechtheid van intentie. Dat is al moeilijk genoeg en dit kan
alleen maar komen vanuit een werkelijke interesse in een gezamenlijke
oplossing, een federaal getint plan voor het hele Koninkrijk. In mijn eerdere
boek De Caribische eilanden, het
alternatief heb ik een uitgebreid voorstel gedaan tot de ontwikkeling van
een dergelijk plan. Hiervoor is momenteel nog een restauratie nodig van het
land Antillen, waarbij men in de relatie tot Europa eindelijk eens aan de
federale staatsvorm kan gaan werken. Dát het Koninkrijk der Nederlanden een
federatie is, zal ik later in dit hoofdstuk aan de hand van de ideeën van
Michiel Bijkerk toelichten.

De waarheid niet monopoliseren. En ontsnappen aan de eigen leugens.
Het Europese Nederland kan niet los gezien worden van het gehele Koninkrijk.
Indien men tracht te ontkomen aan deze werkelijkheid, zal men er telkens weer
(eventueel met misbaar) bij gesleept worden. De wederzijdse huidige houding en
relaties hebben heel duidelijk een invloed op de interne verhoudingen binnen de
eilanden zelf. Deze situatie trekt opportunisten, fanatici en nationalistische
populisten aan die de verhoudingen steeds op scherp zetten. Ze hameren zonder
oponthoud op de brandende complexen van schuld en schaamte. Men zegt daarbij
dat de interne verhoudingen polariseren en dat dit in ernst lijkt toe te nemen.
Gepolariseerd wil zeggen dat de spelregels van dialectiek en retoriek geweld
aan worden gedaan: de zelfbeheersing bij opvattingen en in taalgebruik raakt
steeds verder zoek. Het dreigt te ontsnappen aan de redelijkheid. Op het
ogenblik dat ik dit schrijf, is er (wederom) een politieke crisis op Curaçao
waarbij de tegenstanders op zekere momenten met elkaar op de vuist gaan [3] .

Loskomen van fanatisme en
opportunisme is geen gemakkelijke opgave. Het hangt samen met de opvatting de
beste te zijn of in elk geval het idee dat je opponent minder gelijk heeft en
het je op grond daarvan geoorloofd is elke gelegenheid te baat te nemen de
ander dwars te zitten om er zelf beter van te worden, zelfs als je daarvoor
(tijdelijk) vrienden zou moeten worden. Fanatisme gaat daarbij soms gepaard met
veel thymotische energie, die latent aanwezig is en die laaiend tot uiting komt
bij confrontaties. Fanatici zoeken veelal de randen op van de democratische
spelregels of gaan er overheen, terwijl ze hun tegenstanders zelf heftige
verwijten maken als deze gebruikmaken van middelen om de democratie te
verdedigen. Om verdraagzaamheid te ontwikkelen – als vermogen – is de
gecombineerde werking van de voorafgaande middelen, methoden en manieren nodig.
Men moet los komen van de gunst van de gift, het patronagesysteem, zowel binnen
de eigen eilandverhoudingen als in de relaties binnen het Koninkrijk zelf
(punten 3 en 7). Daarnaast – en tegelijkertijd – is het noodzakelijk de
dynamiek van de eigen identiteit te gaan ervaren (mentaal los komen van de
zogeheten wortelidentiteit) (punten 4 en 5). Hierdoor leren we onszelf te
verbijzonderen ten opzichte van anderen in een sociaal krachtenveld. We leren
ook een beweeglijke positie in te nemen vanuit het besef het eigenbelang te
dienen als we dat van de ander in de gaten houden. Tegelijkertijd zal zelfredzaamheid
tot ontwikkeling komen (punt 6). Doordat in deze combinatie de eigenwaarde
beter tot ontwikkeling komt, zal het minder nodig zijn vast te blijven houden
aan het eigen gelijk. De ruilinteractie is van levensbelang om de
verdraagzaamheid te kweken.
 |
| Uit The New Yorker |
Empathie als bron voor trots en
bevlogenheid. Zichzelf
bevrijden van de kleefwand die apathie en lethargie heet. Dit kan gebeuren als
men de eigen dynamiek in menselijke betrekkingen als energiegevend gaat
ervaren: de interactie tussen mensen komt op gang op basis van eigenwaarde. Dit
is het noodzakelijk vermogen tot empathie en het brengt een ander thymotisch
karakter: die van trots en bevlogenheid. Trots ontstaat als men zichzelf als
waardevol gaat ervaren bij menselijke betrekkingen. Bevlogenheid ontstaat als
men zichzelf voelt groeien binnen die verbanden: men kan iets betekenen voor de
ander. Ruilinteractie krijgt de vorm van genegenheid, constructieve
dienstverlening en genoegdoening door uitwisseling van welgemeende waardering:
gemeenschapszin die de sociale cohesie versterkt. Dit is geen naastenliefde
maar ervaring van kracht die ertoe doet: men kan zichzelf via de ander als
waardevol gaan ervaren waarbij men de eigenheid herkent: het principe van ken
uzelf.
 |
| Sofie Hollander - Schoenrelatie |
Dynamiseren van cultuur. Dit is het laatste punt. In het
voorgaande ben ik voortdurend uitgegaan van de redelijkheid als beginsel van
het menselijk handelen en denken. Het gaat er hierbij voortdurend om weg te
blijven uit de valstrikken van de paradoxen van vrijheid, tolerantie en
dogmatisme. Hiertoe moeten we ons voortdurend oefenen in eerbied door het
onderhouden van het besef van eigenwaarde en het belang van de ander. Het is de
verzameling van wegen die mensen in vrijheid moeten bewandelen in de constante
zoektocht naar waarheid over zichzelf en de dagelijkse werkelijkheid.
Beschaving. Zo heet dat. Met het idee dat dit de sociale werkelijkheid is waar
geweld geen rol meer mag en kan spelen. Cultuur als Bildung.
 |
| Zelfredzaamheid: Barbados |
Om het wederzijdse karakter van de
oefeningen in beschaving te typeren, hebben we het begrip gemeenschapszin[4].
Hierin zit uitdrukkelijk besloten dat alle groepen in de samenleving de
noodzaak moeten ervaren hieraan deel te nemen. Het oefenen van verdraagzaamheid
in een dynamische cultuur vergt de bijdrage van elke deelnemer, individueel en
in groepsverband. Zelfredzaamheid is hierbij een belangrijk element.
(wordt vervolgd)