Posts tonen met het label Reeser Pepijn. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Reeser Pepijn. Alle posts tonen

woensdag 20 juni 2012

'Geschiedenis kun je niet opleggen'

Pepijn Reeser
De Surinaams geschiedenis moet van onderop geschreven worden. De geschiedschrijving moet niet opgelegd worden, met of zonder uzi. "Het moet gedragen worden", zei Rosemarijn Hoefte van het Koninklijk instituut voor Taal-, Land- en Volkenkunde (KITLV) bij de Nederlandse presentatie van het boek Verzamelaars en volksopvoerders, musea in Suriname 1863-2012 van de 28-jarige historicus Pepijn Reeser. Eerder werd het boek in Suriname gepresenteerd. Reeser legt uit dat de titel van zijn boek de mensen beschrijft die zich bezighouden met musea: "Ze vinden het belangrijk om iets te verzamelen, maar ze doen het met een doel." Geschiedenis is een gereedschap, zegt hij, waar je alles uit kunt halen wat je wil.

Bastion Veere
In Leiden kregen de plannen van de Surinaamse regering [geformuleerd in een rapport van adviseur Paul Middellijn] om het Surinaams Museum uit Fort Zeelandia te zetten veel aandacht. Dat kwam naar buiten enkele weken nadat het boek van Reeser op de binnenplaats van het fort was gepresenteerd. "Als je Bastion Veere uit de herdenking (van de Decembermoorden, red.) haalt dan maak je het een soort geuzenplek. Dan krijgt het een nog grotere lading dan het al heeft", zei Hoefte.
Volgens Reeser geeft het plan aan dat de musea door de Surinaamse regering minder belangrijk worden gevonden dan het levende erfgoed, zoals zang, dans en de vertelcultuur. "Maar ik vind het jammer. De instellingen die er nu zitten doen erg goed werk. Ik zie de noodzaak om ze weg te sturen niet." De historicus ziet parallellen met de militaire tijd van de jaren '80.
Dat de regering een eigen visie heeft op de geschiedenis vindt hij niet erg, als andere visies maar niet monddood worden gemaakt. Het Surinaams Museum is belangrijk om een ruimere blik op de geschiedenis te tonen; daar worden dingen getoond die niet meer bestaan. Volgens Reeser is het oude koloniale stempel een van de dingen waar de regering problemen mee heeft.

Paramaribo met het Presidentieel Paleis en de omgeving van Fort Zeelandia

Surinaams perspectief
Erik Schilp van het Nationaal Historisch Museum benadrukt dat geschiedenis nooit kan worden uitgewist: "Geschiedenis is sterker dan enig machthebber op enig moment." Hij zou het interessant vinden om het boek van Reeser over vijf jaar een update te geven met de ontwikkelingen die er dan zijn geweest. En met een ander perspectief: "Laat het door een Surinamer schrijven. Dan is de vergelijking interessant."

[RNW, 19 juni 2012]

dinsdag 1 mei 2012

Verzamelaars en volksopvoeders

Sinds 150 jaar wordt Surinaams erfgoed bewaard en getoond in musea. Die werden opgericht en geleid door mensen waarvan de achtergrond uiteenliep van planter tot onderwijzer en van wetenschapper tot politieagent. Pepijn Reeser beschrijft in Verzamelaars en volksopvoeders hoe en op basis van welke ideeën deze musea tot stand kwamen en hoe ze zich verhielden tot ontwikkelingen in Suriname en Nederland. Steeds weer bleek de behoefte aan eenheid in zowel het koloniale als onafhankelijke Suriname de motor achter vrijwel alle museale initiatieven.

De nadruk ligt op de geschiedenis van het in 2012 vijfenzestigjarige Surinaams Museum, gevestigd in Fort Zeelandia. Het boek bevat een groot aantal afbeeldingen van opstellingen, tentoonstellingen en topstukken uit de museumcollectie. Verzamelaars en volksopvoeders werpt zo nieuw en helder licht op het Surinaamse museumwezen en mag met recht het eerste standaardwerk op dit gebied genoemd worden.

Pepijn Reeser, Verzamelaars en volksopvoeders; Musea in Suriname 1863-2012 .
Leiden: KITLV, 2012
256 pp
Prijs 24,90 euro