Posts tonen met het label Moll Tom van. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Moll Tom van. Alle posts tonen

woensdag 1 mei 2013

Stefanie Sewotaroeno wint ‘Write Now!’ met gedichten

door Tom van Moll

Paramaribo - Stefanie Sewotaroeno heeft met haar zes gedichten de Surinaamse voorronde van ‘Write Now!’ gewonnen. De negentienjarige zal het op 24 juni in Rotterdam met nieuw werk moeten opnemen tegen tien andere finalisten uit Nederland en Vlaanderen. 'Write Now!' is de belangrijkste schrijfwedstrijd in het Nederlandse taalgebied voor jongeren tussen de vijftien en 24 jaar. De jury van de voorronde, bestaande uit Robby Parabirsing, Arlette Codfried en Jeffrey Quartier, roemde Sewotaroeno om haar goedverzorgde taalgebruik en presentatie, wat de gedichten erg publicabel maakt.

Robby Parabirsing reikt de prijs uit aan Stefanie Sewontaroeno

Weinig perfectionistisch
De tweede plaats werd gegund aan Deborah Niklaus. Voor de tweede achtereenvolgende keer ging de derde prijs naar Karin Keesmaat. Hoewel het niveau hoger lag dan vorig jaar, ontbrak het de zestien inzendingen volgens de jury vooral aan afwerking. Dat bevestigt schrijfster Ismene Krisnadath, die voorafgaand aan de uitreiking een workshop gaf aan de deelnemers. "Er is wel potentie, maar de deelnemers zijn in het algemeen te weinig perfectionistisch." Ze heeft ze daarom handvatten aangereikt om hun werk beter te kunnen bijschaven.

De winnaars v.l.n.r. Karin Keesmaat, Deborah Niklaus, Stefanie Sewotaroeno


Hoewel het werk van Sewotaroeno juist gewaardeerd werd om de verzorging, kan ze die opmerking wel plaatsen. "Het komt vaak vanzelf en dan schrijf ik het op. Ik heb deze gedichten een paar dagen van tevoren geschreven, want ik had het druk met school. Een vaste stijl of thematiek heb ik nog niet."
Toch scoorde Sewontaroeno ook op het criterium ambitie aardig, volgens juryvoorzitter Parabirsing. "Ze pakt grote thema's aan, zoals nationalisme en wraak. Ze weet daarbij vanuit zichzelf te schrijven en toch afstand te houden." Krisnadath: "Het is belangrijk dat een schrijver zich durft bloot te geven." Zelf deed ze dat door tijdens de workshop een verhaal van haar hand te laten beoordelen door de deelnemers.

Stefanie Sewotaroeno (midden, met rode pet).


Gegroeid
De winnaar van 2012, Zerachiël van Mark, vindt dat hij het afgelopen jaar is gegroeid als schrijver. "Ik ben niet meer gaan schrijven en dit verhaal is niet zozeer beter, maar ik durf nu meer naar buiten te treden. Het vorige verhaal ging over eenzaamheid en dit gaat over acceptatie. Ja, dat zegt wel wat over mezelf." Hij eindigde als vierde.
De avond werd gepresenteerd door Andy Plak en werd opgeluisterd met muziek van zangeres Dominique Ravenberg, die op de piano werd begeleid door Mariëlle Te Vrede. Spoken word-artist Anouska Blanca liet zich door twee inzendingen inspireren tot een gedicht, dat ze voordroeg.

[naar de Ware Tijd, 29/04/2013]


woensdag 26 december 2012

Hijn Bijnen: Ik eis mijn prijs!

Hijn Bijnen. Foto © Hijn Bijnen

Een hoogtijdag voor een journalist: de uitreiking van de jaarlijkse Journalistenprijs, ook als je die prijs met iemand anders moet delen. Zo voel ik dat althans. Al ben ik dan fotojournalist, het blijft de waardering voor de beste journalistieke productie van het jaar. Iets om trots op te zijn.

Raar is dat: je kijkt ‘s morgens op internet, leest dat jouw productie over de zoektocht naar fort Boekoe de beste was maar jouw naam wordt helemaal niet genoemd. Er was nog de avond tevoren een feestelijke uitreiking, maar ik wist van niets.

De Journalistenprijs is een prijs die jaarlijks wordt uitgereikt voor de beste publicatie of productie. Ik wist niet dat ons artikel was ingestuurd voor de prijs. Waardering is belangrijk, maar waarom
uitsluitend voor de schrijver van het artikel? Was ik daarvoor dagenlang, in de voetsporen van John Stedman door de zwamp getrokken, tot de schouders door de prut? Had ik mij daarvoor zo uitgeput dat uiteindelijk door dehydratie mijn bloed zo dik werd dat het ging klonteren en het hart niet goed meer functioneerde? Werden daarvoor alle instanties in de stad benaderd om de kosten voor vacuatie per helikopter te dragen? De Stichting Wetenschappelijke Informatie, de Nederlandse Ambassade en uiteindelijk het kabinet van de President dat zich garant stelde voor de kosten? (Iedereen alsnog nogmaals hartelijk bedankt.)

Ben ik daarvoor onder alle omstandigheden doorgegaan met fotograferen, in de zwamp, in het kampje met uitputtingsverschijnselen, vanuit de helikopter, in de ambulance, in het ziekenhuis
met zes cardiologen om het bed….? Ben ik daarvoor financieel als freelancer aan de grond geraakt en lichamelijk nog steeds niet de oude?

Ik ben mee geweest voor eigen rekening. Ik ben dol op dit soort avontuur. John Pel , de organisator vroeg me om mee te gaan om de expeditie en evt. resultaten daarvan fotografisch vast te leggen maar had geen budget daarvoor. Er ging ook een archaeoloog, prof.Menno Hoogland (what’s in a name?) mee. Mijn tegenprestatie naar de organisator van de expeditie was het kosteloos beschikbaar stellen van mijn foto’s voor wetenschappelijke doeleinden. Maar ook ik kan niet
van de wind leven: ik ging er wel van uit dat ik de foto’s nog wel op een andere manier te gelde kon maken.


V.l.n.r. John Pel, Hijn Bijnen, Harmen Boerboom. Foto Tom van Moll

Begrijp mij goed, ik zeg niet dat ik die prijs moet krijgen vanwege de ontberingen en de ellende, het is een prijs voor het resultaat dat het heeft opgeleverd, al staat het wel in schril contrast tot het
bureauwerk waartoe vaste kracht Tom van Moll zich heeft kunnen beperken. Tom heeft goed werk afgeleverd, waarvoor ik hem ook heb gefeliciteerd. Tom feliciteerde mij ook, vanuit het buitenland. Maar toen realiseerde hij zich misschien nog niet dat hem dat de helft van de geldprijs (SRD 7500,-) zou kunnen kosten.

Wat is nu eigenlijk het probleem? Parbode heeft het artikel ingestuurd met als maker Tom van Moll en mijn naam niet genoemd. Waarom? Hoofdredacteur Iwan Brave: ‘niet aan gedacht’, in de haast erdoor geslopen…. Iwan heeft via Facebook al zijn excuses naar mij gemaakt. Maar Iwan zijn handen zijn gebonden. Tom van Moll is ook om zijn mening gevraagd, toekomstig hoofdredacteur Armand Snijders ook en last but not least de nu in Nederland verblijvende eigenaar Jaap Hoogendam. En daar kwam de volgende jezuïtische renenering uit: Parbode had slechts de tekst ingediend, niet de hele publicatie. Alsof je van een televisieproductie alleen het geluid indient.

De vraag is: Wat heeft de jury beoordeeld? De tekst of de journalistieke productie?

V.l.n.r. John Pel, Harmen Boerboom, Tom van Moll, Peter Van Maele en de motorist; foto Hijn Bijnen


Dan nog wat: Hoe moet dat met mijn medewerking aan Parbode? Ik leverde graag aan hen, want ik vind het best een goed blad. Vraag is of na dit verhaal eigenaar Jaap Hoogendam nog wel met mij in zee wil. Maar ik heb nog een ander probleem. Er kleeft namelijk een zware smet aan Parbode. Parbode heeft namelijk onlangs excuses aangeboden voor publicatie van een foto die zou tonen hoe scholieren zich zouden prostitueren voor smartphones. Mensen op die foto hebben zichzelf herkend en dit ontkend. Deze misleiding van de lezer is ernstig en tast de geloofwaardigheid van het blad, en daarmee van haar medewerkers aan. Ik zou zoiets nooit doen, omdat ik als fotojournalist mij gebonden acht aan dezelfde ethische normen als schrijvende journalisten. Voor ik bij Parbode verder ga zal er dan toch wel eerst een goed gesprek plaats moeten vinden.

Tot slot

Die prijs komt mij minstens voor de helft toe. De grani helemaal, want die hoef je niet te delen. Het is ook een smet op de Journalistenprijs als degeen die de prijs toekomt hem niet krijgt.

Hijn Bijnen, fotojournalist
Stedman: Het leger van Fourgoud op zoek naar Fort Boekoe


Jaap Hoogendam, uitgever van de Parbode heeft gereageerd op dit persbericht:

Hijn Bijnen verdient zeker geen prijs

Dat is mijn conclusie na lezing van zijn Facebook- en persberichten, die niet netjes zijn en getuigen van slordig denken. Bijnen wil een prijs - voor omgangsvormen krijgt hij deze alvast niet. Als hij vindt dat hij ook recht heeft op de prijs van Tom vanMoll, dan had hij meteen contact moeten opnemen met de prijswinnaar, de redactie of de uitgever van Parbode om dat kenbaar te maken. Hij koos er echter voor eerst publiciteit te zoeken via Facebook en een persbericht, daarbij niet nalatend Parbode (-medewerkers) zwart te maken. Onze hoofdredacteur heeft de fotograaf vervolgens persoonlijk geschreven, zoals het hoort, maar een ontevreden Bijnen antwoordde met een persbericht. Zo ga je niet met collega’s om en het getuigt van ondoordacht en onvolwassen handelen. Dan weten de media nu dat je door deze fotograaf onder druk gezet wordt via Facebook als hem iets niet bevalt.

Geen prijs voor omgangsvormen en zeker geen prijs voor journalistiek, dat legt Bijnen in het laatste persbericht gelukkig haarfijn uit. Zeldzaam hoe iemand zijn eigen verhaal ondergraaft. Eerst rondbazuinen dat het prijswinnende artikel zijn coproductie met Parbode was, nu beschrijft hij uitvoerig dat het helemaal anders zat. Dat hij deze foto’s maakte in een coproductie met expeditieleider John Pel, met wie hij op pad was naar Fort Boekoe. Bijnen had een deal met Pel, niet met ons. Hij vervolgt onbekommerd dat hij daarna deze klus te gelde wilde maken door foto’s te koop te zetten. En zo ging het. Hij kwam langs en we kochten een paar, dat doen we elk nummer, van zoveel fotografen. Verder had Bijnen geen bemoeienis met, of invloed op, het artikel in Parbode. Een leverancier is nog geen producent.

Samengevat: de feiten worden door Bijnen zelf naar voren gebracht. Maar dan moet hij daaraan wel de juiste conclusies verbinden : hij was coproducent bij John Pel en ging de boer op met wat foto’s. Waar ik aan toevoeg: hij deed verder niets voor Parbode, maar hij wil desondanks ‘tenminste’ de helft van 7500 SRD. Inderdaad een jaloersmakend bedrag, maar laat die gevoelens niet zo blijken.

Het is bij ons wel een coproductie geweest, zoals altijd. Van de winnaar Tom van Moll, met de hoofdredacteur, de eindredacteur, de corrector, de opmaker en de kantoormanager. Een prachtig team, waarmee we straks een feestje vieren, als Tom terug is. 



Parbode, best een goed blad.” Dank voor het compliment, Bijnen.

Groeten, Jaap Hoogendam, uitgever