Willem Frederik Hermans heeft in januari 1969 Suriname en de 6 Antilliaanse
eilanden afgereisd, samen met zijn Surinaamse vrouw Emmy. Terug in Nederland, schrijvend aan zijn reisverslag, was er revolutie op Curaçao.
30 mei 1969, de revolutiedag: Arbeiders gaan staken, staking wordt neergeslagen
door een paar honderd Nederlandse Mariniers, Papa Godett wordt in de rug
geschoten. Gevolg, de regering treedt af, Godett begint zijn nieuwe partij, de
FOL… Arbeiders aan de macht is de leus!
Politieke lading
Het reisverslag krijgt door de gebeurtenissen een politieke lading en ik denk
dat Hermans zijn aanvankelijke verhaal aan de actualiteit heeft aangepast.
Hij heeft bij zijn bezoek aan Curaçao de eerste “teach-in” bijgewoond en hij
omschrijft hoe de discussie verloopt tijdens deze bijeenkomst. De schrijver
Rosario had een aantal stellingen op een blaadje geschreven en die gingen
vooral over de emancipatie en de gelijke rechten van de zwarten. Een van de
mensen die meedeed aan de discussie was Stanley Brown.
Uit
De laatste resten tropisch Nederland:
“Stanley Brown is onderwijzer die door de een als provo gekarakteriseerd wordt
en door de ander als anarchist, gaat Rosario’s stellingen het heftigst te lijf.
Brown is beroemd als maker van moeilijkheden met de politie en als redacteur
van het weekblad “vito” dat grotendeels in het Papiaments wordt volgeschreven.
“Spreek toch lekker Papiaments!” zegt ie tegen Rosario. Hij zegt ook “Als
Rosario een bundel gedichten uit wil geven, gaat het naar het Cultureel Centrum
Curaçao en hij houdt zijn hand op, waar de blanke Nederlanders dan een paar
dubbeltjes ontwikkelingshulp in stoppen.” “Niet waar,” vindt Rosario, “lang
niet elke schrijver krijgt subsidie, daarbij wordt gediscrimineerd. Waarom kan
Frank Martinus Arion zijn nieuwste bundel niet uitgeven?” “Dat komt,” zegt
Brown, “omdat Frank Martinus liever met zijn luie reet op een stoel een biertje
zit te drinken, in plaats van met zijn gedichtenbundels de huizen langs te gaan
om ze te verkopen.”
Stanley Brown
Gewoon een omschrijving van wat er gezegd werd op die “teach in”. Waarom heb ik
dat citaat gekozen? Om even iets te vertellen over Stanley Brown. Stanley Brown
richtte na die staking van mei de politieke partij FOL (Frente Obrero i
Liberashon 30 di mei) op, samen met Papa Godett en Amador Nita. Hij is zo’n
blanke autochtoon, die zich alles kan permitteren. Stanley Brown kan als enige
blanke een zwarte uitschelden. Hij is één van hen! De moeder van zijn vader,
die bij de familie Brown inwoonde, kwam van Statia. Stanley Brown is still very
much alive, lees zijn website
http://www.stanleybrownthinktank.org
er maar op na.
Hermans gaat in op de politiek in zijn nawoord. Hij moet wel! Hij schrijft dit:
“Ik hou niet van de term neokolonialisme. (.........) Mocht het
Koninkrijksstatuut worden opgeheven dan zal dit voor Nederland de bevrijding
van een last betekenen en voor Suriname en de Antillen weinig veranderen. Het
zijn niet de vroeger koloniale naties die nog altijd de voormalige koloniën
uitbuiten, zoals de ontmaskeraars van het neo kolonialisme ons verzekeren, maar
internationale ondernemingen. Het zijn grote maatschappijen zonder vaderland,
waarvan de ontwikkelingslanden op leven en dood afhankelijk zijn, Suralco of
Shell zijn feitelijk niet aan een natie gebonden en daarom zijn ze heel wat
machtiger dan een voormalige koloniale mogendheid als Nederland. Dit neemt niet
weg, natuurlijk, dat hun winsten wel grotendeels in westerse landen
terechtkomen”.
Klopt nu nog meer dan toen, toch?
V.l.n.r. Amador Nita, Stanley Brown, Gouverneur Cola Debrot,
Papa Godett
Wat is ‘links’?
Hermans heeft in zijn boek, ik denk achteraf omdat de actualiteit hem daartoe
dwong, op een rijtje gezet wat “links” bezighield. Hier komt het:
“Kleine bloemlezing uit wat links allemaal op het hart heeft:
a) Links twijfelt aan het nut van de band tussen Nederland en de Antillen. Het
mijmert over aansluiting bij Venezuela, of een Antilliaanse federatie.
b) Is de slavernij wel helemaal afgeschaft? De gekleurde lijdt nog altijd aan
minderwaardigheidsgevoelens tegenover de blanke. De arbeidersklasse moet meer
klassenbewust worden. De houding van Nederland is paternalistisch.
Barrioleaders, mensen die een gewichtige rol spelen in de plaatselijke
politiek, hebben te veel macht en zijn corrupt. Ze gebruiken hun politieke
machtspositie om familieleden te bevoordelen, enz.
c) De versnippering van de gemeenschap in allerlei groepen en groepjes die
elkaar tegenwerken: katholieken tegen niet-katholieke (83% van Curaçao is
katholiek, maar de groep ‘blanke protestanten’ is zeer invloedrijk), mensen die
met een Nederlander zijn getrouwd en anderen die dat niet zijn, enz.
d) De grote macht van de geestelijkheid (het proletariaat is katholiek)
e) De macht van de rijken en grootgrondbezitters. De buitenlandse
maatschappijen als de Shell, die een te groot deel van de winst het land uit
brengen. Landhervorming. Shell heeft ongeveer de helft van Curaçao in bezit.
f) Er zou beheersing van bereizen en lonen moeten komen, net als in Nederland.
g) Is Nederlands de geschiktste taal voor de Antillen?
Nee, want voor het overgrote deel van de Antillianen is het niet de taal die ze
van hun moederen leren, blijft het dus altijd een vreemde taal, die ze maat
gebrekkig leren kennen. En wat meer zegt: het is geen belangrijke taal in het
werelddeel waar ze leven. Engels of Spaans zou daarom beter zijn.
Ja maar… Spaans zou de Benedenwinden bevoordelen, Engels de Bovenwinden.
Nederlands daarentegen bevoordeelt alle zes Nederlandse Antilliaanse eilanden
in gelijke mate, tenminste de heersende kasten aldaar, die van huis uit
Nederlands spreken, Hebben de kwade tongen die beweerden dat dat nu juist de
bedoeling is, ongelijk?”
Ik denk dat veel mensen er nu nog steeds zo over denken. Doet je wel twijfelen
aan de stappen die nu in 2008 veertig jaar later ondernomen worden.......
 |
| Curaçao. na 30 mei 1969 |
[van
Arco Carib, 8 april 2008]