Posts tonen met het label Aruba. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Aruba. Alle posts tonen

zaterdag 17 mei 2014

Clyde Lo-A-Njoe: Echolood

De rubriek Herlezen vraagt aandacht voor teksten die langer geleden zijn verschenen en de moeite van het herlezen waard zijn. Suggesties? Laat het ons weten via ons emailadres. Vandaag eerder al een gedicht van Clyde Lo A Njoe en nu zijn bundel Echolood.


Wim Rutgers toen
door Wim Rutgers
 
Clyde Lo-A-Njoe - Caresa
Clyde Lo-A-Njoe (Aruba 1948) volgde een opleiding als tekenaar-schilder en exposeerde zijn werk in Nederland, Duitsland en in het Caraïbische gebied. Naast beeldend kunste­naar is Clyde Lo-A-Njoe eveneens dichter. In 1982 gaf hij de tweetalige bundel Dansen / Baliamentu uit, waarin vierentwintig gedichten die alle een dans als uitgangspunt hebben en acht litho's werden samengebracht. De oorspronkelijk Nederlands­talige gedichten werden door Luis H. Daal in het Papiaments vertaald. Lo-A-Njoe reisde veel, waar in zijn werk de neerslag van te vinden is. De thema's van zijn poëzie, waarin hij persoon­lijke en mondiale noties verbindt, zijn het eigen verleden en zijn reiser­va­ringen, het verleden van de Caraïbische regio daarvan speci­fiek Aruba, maar ook de gevolgen van de atoombom op Hiroshi­ma aan het eind van de Tweede Wereld­oorlog en actuele Derde Wereld­proble­matiek. In het gedicht 'Merengue in mijmering' luidt het:

"Aruba, speldepunt waar mijn wereld om draait, / Refrésqueria en Latijnse melancholie, / je kromme bomen, / waardoor het spel van de / eeuwigdurende wind schiet. / Stil denk ik aan je overzoute lucht / en je verdwaalde blanken op de 'waaf'." (Dansen / Baliamentu, p. 43)
Clyde Lo-A-Njoe behoort tot die moderne Caraïbische dichters die zowel ge­nspi­reerd worden door het eigene als door de wereld buiten het eigen eiland, waarnaartoe de vensters wijd worden opengezet. (Skol y Komunidat XV-7, 1984: 10-13)
 
Aruba, jaren '60
Na jaren verscheen in 1989 de bundel Echolood, een doorgeconstrueerde bundel in drie delen met respectievelijk twintig, drie en zeven gedichten, waarin de dichter opnieuw een persoonlijke positiebepaling van zijn persoon en kunstenaarschap onderneemt - dat wat een echolood doet: het peilen van de diepte of de hoogte.
Echolood bevat een drievoudige zoektocht en ontdekkingstocht naar het zelf: naar de innerlijke wereld van de eigen persoonlijkheid, vervolgens naar het eiland en de wereld daarbuiten en tenslotte naar het dichterschap dat deze positiebepaling ver­woordt.
De eigen identiteit wordt beschreven in enkele gedichten waarin de spiegel als middel tot zelfont­dekking een grote rol speelt, omdat de dichter er zichzelf in tegenkomt. De derde afdeling draagt zelfs de titel 'aan de keerzijde van de Ebonieten spiegel'. In het gedicht 'Voedingsbodem' heet het daarom

"Ik vond / in deze spiegel­salon mijn voedings­bodem, / waarin ik helemaal hem werd, die ik / ooit was, en altijd wilde / zijn. / En daarom juist vooral mezelf. Ik ben / tegelijk pode-antipo­de, maar hoe / dan ook: alleen en / één met mezelf." (p. 10)

In 'Echolied' blijkt dat de uitkomst van deze innerlijke zoektocht niet zonder meer direct positief is:

"Ik ken de geur van mijn eigen bloed, / het kruipen van mijn angst, / de kadans van mijn hulpeloze adem. / Er is geen steen der Wijzen." (p. 19)

Maar naar het einde toe is het uiteindelij­ke resultaat van de zoektocht positief:

"Ik reisde niet meer vermomd... maar trof mezelf in het midden aan. Ik was er." (p. 37)

De reismetafoor wordt ook gebruikt om de positie ten opzichte van het eiland te bepalen. Enkele stadia van die zoektocht zijn met de volgende ci­taten weer te geven. In het begin luidt het nog "het eenzame tropenkind .. ergens in het land Grenze­loos" (p. 8) Het eiland is "Zomaar een plek. Het is wel mijn plek." (p. 22) Buiten het eiland is de dichter op weg naar Niemands­land (p. 24). Maar hij komt thuis zoals we al zagen, als hij zich in een positie bevindt van harmonie met de Umwelt, die pregnant gekarakte­ri­seerd wordt met het beeld van de ibis en de merel, kortom het Caraïbische gebied en Europa. Hij heeft zichzelf gevonden in een dubbele culturele ervaring.

De bundel Echolood opent met het derde motief, de geboorte en de macht van het woord dat schept. Vóór het woord was er niets, dóór het woord ontstaat alles - deze allusie op de schepping wordt ver­sterkt in het tweede gedicht dat om licht vraagt: "Ik schreeuwde om licht... licht... licht... Ik was blind op zoek naar mezelf." (p. 6) Het titelgedicht 'echolood' dat direct daarna komt, beschrijft een nog prenataal stadium. De moeder wordt aanvan­ke­lijk verbonden met het eiland, later met het beeld van Moeder Aarde zelf. 'Mijn inktschip', de titel van het tweede centrale deel van de bundel, voert de dichter op zijn tocht naar het zelf naar de uiteindelijke vrijheid die in het slotgedicht van de bundel, waarin Moeder Aarde haar wieken als een condor uitslaat naar de vrijheid, verbeeld wordt met de vier oerelemen­ten die het - dit - dichterschap beheersen. Clyde Lo-A-Njoe's aardse dichterschap verwoordt zo de vier oer-elementen. In Moeder Aarde "spiegel­den zich vuur / en lucht. Beneden haar ont­sproot / een bron van puur helder water." (p. 39) Toch wordt de vraag niet beantwoord, het raadsel niet ontdekt, wordt het geheim van de creativiteit niet ontsluierd, klinkt het verlossende woord niet, want de uiteinde­lijke waarheid is niet blijvend vast te leggen, hooguit soms benaderd gedurende 'een eindelo­ze afgewo­gen seconde' in de woorden van een dichter.

Clyde Lo-A-Njoe schrijft hermetische en doorgeconstrueerde poëzie waarin de aardse menselijke existentie resoneert. In de eerste bundel kwamen nogal wat aan de Bijbel ontleende beelden voor; de poëzie in deze bundel is weliswaar onaards in die zin dat ze de aarde ontstijgt, maar desondanks volstrekt geseculari­seerd.

vrijdag 11 april 2014

Bolo ta di pueblo (7 en slot)

Fred de Haas over Frantz Fanon

Geweld en ‘Nation Building’
Frantz Fanon was geen gewelddadig persoon, geen voorstander van geweld. De toon in Les damnés de la terre kan soms oorlogszuchtig klinken, maar we moeten begrijpen dat Fanon de eerste was die begreep dat een vorm van geweld genezend kan werken voor mensen die onderdrukt zijn.

De Franse filosoof Jean-Paul Sartre, die het Voorwoord schreef van  Les damnés de la Terre in de uitgave van 1961, drukte zich in dit opzicht wel heel fel uit:
‘Je moet doden: met het elimineren van een Europeaan sla je twee vliegen in één klap’.
Zo’n uitspraak is verontrustend. Fanon zelf maakte geen propaganda voor het gebruik van geweld en zag het hoogstens als een tussenstadium. Immers, Fanon leefde in een gekoloniseerde wereld waar mensen werden onderdrukt, vernederd, bedreigd, veracht, uitgebuit en dienstbaar gemaakt. De enige mogelijkheid die de gekoloniseerde had was in opstand te komen. Net zoals vroeger de slaven in opstand kwamen.

Tula - Edsel Selberie
Foto © Michiel van Kempen
Op Curaçao begon het met de opstand van Tula in 1795 en werd pas veel later voortgezet met de gewelddadigheden van 1969.

Ook de Curaçaose Partido Soberano heeft een periode gekend waarin gewelddadige taal aan de orde van de dag was. De leider van de partij, Helmin Magno Wiels, heeft dit soort taal vaak gebezigd, totdat hij, strateeg als hij was, besloot dat het genoeg was en tijd om zich meer als staatsman op te stellen. Het is zeker zijn bedoeling niet geweest dat zijn opvolgers weer hun toevlucht zouden nemen tot beledigende en bedreigende taal. Degenen die zich binnen de PS hier nog aan schuldig maken kunnen moeilijk worden beschouwd als waardige opvolgers van een leider die zijn leven heeft moeten geven in de strijd om zijn volk te verheffen en te bevrijden van kwalijke invloeden.

Curaçao is het stadium van politiek geweld voorbij. Ondanks allerlei misstanden is het land nog steeds democratisch en wordt er gestreden via het woord. En wie aperte leugens vertelt, kan er zeker van zijn dat hij/zij vandaag of morgen wordt ontmaskerd en aan de kant geschoven.

Fanon leefde in het door de Fransen gekoloniseerde Algerije en we weten allemaal dat de Fransen alleen met veel geweld uit de kolonie verdreven konden worden. Dat verklaart de felheid waarmee Sartre het kolonialisme met woorden bestreed en min of meer opriep tot het gebruik van geweld. Zo hebben Kaapverdië, Guinee-Bissau, Mozambique en Angola zich met geweld bevrijd van het Portugese kolonialisme dat van geen wijken wilde weten.

Obama ontvangt de Nobelprijs voor de Vrede.
Foto © Harry Wad
Toen de Amerikaanse President Obama in 2009 – een beetje vroeg -  de Nobelprijs voor de Vrede kreeg, zei hij: ‘Het kwaad in de wereld bestaat. Een vredelievende beweging zou de legers van Hitler niet hebben kunnen tegenhouden. Geen enkele vorm van onderhandelen zou de leiders van Al-Qaida ervan kunnen overtuigen hun wapens neer te leggen. Zeggen dat oorlog noodzakelijk is, betekent nog niet dat je cynisch bent, maar het betekent veelal dat je inzicht hebt in de Geschiedenis, in de onvolmaaktheden van de mens en de grenzen van het verstand’. Zijn woorden zouden zonder meer ook van toepassing zijn geweest op het kolonialisme.

Er is moed voor nodig om af te rekenen met de resten van het kolonialisme. En niet alleen moed, maar ook verbeeldingskracht, overtuiging en zeker ook een grote mate van edelmoedigheid, een eigenschap waarvan de onlangs overleden Nelson Mandela de belichaming was. Hij heeft het voorbeeld gegeven hoe je op basis van gelijkwaardigheid met een oude kolonisator kon omgaan.

De politieke rol van ‘het volk’
We betreden nu een moeilijk terrein. We zijn het eens met Fanon als hij pleit voor een directe democratie waarbij de vertegenwoordigers van de politieke partij(en) – natuurlijk op basis van weldoordachte programma’s -  de uitvoerders zijn van de volkswil. Hoe beter een volk is opgeleid hoe beter het de consequenties van bepaalde beslissingen zou kunnen overzien. Hoe minder een volk is opgeleid des te vatbaarder is het voor politieke manipulatie en des te gevaarlijker is het om het volk beslissingen te laten nemen op belangrijke terreinen. De ene keer zal het een politieke partij goed uitkomen als er een referendum zou worden gehouden, maar een andere keer zou dat wel eens minder goed kunnen uitkomen, namelijk wanneer vermoed wordt dat de wens van het volk niet in overeenstemming is met wat een bepaalde politieke partij graag zou willen.

Voor Curaçao zou deze kwestie wel eens kunnen gaan spelen wanneer in 2015 de situatie van de afgelopen vijf jaar door de Rijksministerraad geëvalueerd gaat worden en er besluiten moeten worden genomen over de (consensus) Rijkswetten van het Koninkrijk. Het is hier niet de plaats om in te gaan op de wensen van de Curaçaose politieke partijen, maar het minste wat ik hen tegen die tijd zou willen toewensen is wijsheid en onbaatzuchtigheid waarbij het welzijn van het volk voorop zou moeten staan. De rijkdom van het land - de taart - mag niet worden opgegeten door graaiende bestuurders, nee, de taart is van het volk. In andere - Papiamentse -  woorden die ik hoorde in een van de uitzendingen van de Partido Soberano: ‘Bolo ta di pueblo’.

En de leden van de PS die dit niet zouden hebben begrepen zou ik willen verwijzen naar hun eigen site en naar de uitzending van hun eigen Ingrid Sánchez van 27-06-2013 getiteld ‘Palabra’.

De oude globalisering
Mentaliteitsverandering
De mentaliteit van de mensen wordt nu in hoge mate beïnvloed door een ander soort vervreemding dan die welke werd gecreëerd door het kolonialisme. Die andersoortige  vervreemding wordt in de hand gewerkt door de invloed van de globalisering en het Internet. De jeugd ziet wat er allemaal te koop is in de wereld aan luxe, pornografie, spelletjes en wat al niet meer. Logisch dat de gedachte bij hen opkomt dat dit het ideaal is waarnaar moet worden gestreefd. Die gedachte wordt nog gevoed door het spook van de werkloosheid, functioneel analfabetisme, gebrek aan sociale controle, gebrek aan scholing, de aanwezigheid van armoedige leefomstandigheden enz. Afleiding en valse zekerheden worden gezocht bij de telenovelas, de Zuid-Amerikaanse soaps die ervoor zorgen dat de kritische geest afgestompt raakt en niet in de gaten heeft dat het land op een incompetente manier wordt bestuurd. En bij gebrek aan werk wordt er do0r sommigen geld verdiend door het uitoefenen van misdadige praktijken.

Samenwerking, geen imitatie
Fanon heeft duidelijk aangegeven hoe dekoloniserende landen een nieuwe maatschappij zouden moeten inrichten. Dat moet een maatschappij zijn met eigen waarden en met behoud van zaken die goed zijn en hun nut hebben bewezen. Van belang is het streven naar goede sociale omstandigheden, verdraagzaamheid, solidariteit en democratie. Voor het bouwen aan een nieuwe maatschappij is intelligentie nodig, vernieuwend denken en zelfvertrouwen.

Er moet vooral niet worden geprobeerd om Europa of Amerika na te doen of een pathologische bewondering te koesteren voor een Europa dat zijn succes mede te danken heeft aan de schoffering van de gewoonste menselijke waarden. Denk daarbij aan de uitroeiing van de oorspronkelijke bevolking van de Amerika’s, de slavernij en de apartheid. Maar laten we, aldus Fanon, verder geen tijd daaraan besteden: ‘Kom op, broeders, we hebben veel te veel werk te doen om ons te amuseren met achterhoedespelletjes. Europa heeft gedaan wat het moest doen en achteraf beschouwd heeft Europa dat goed gedaan; laten we ophouden met Europa te beschuldigen maar wel duidelijk zeggen dat het moet stoppen met een grote mond op te zetten. We hoeven geen angst meer te hebben voor Europa en laten we ophouden met het te benijden (Les damnés de la terre, p. 231/232)’.

Stagiaire in het Surinaamse binnenland
Samenwerken met Europa c.q. Amerika kan altijd, maar dat mag nooit leiden tot neokolonialisme en het opdringen van Europese of Amerikaanse modellen. Het is beter om jezelf dwars door alle fouten en moeilijkheden heen te worstelen en te zoeken naar een eigen oplossing. Als je een Europese staat van je land wil maken kan je beter het lot van je land toevertrouwen aan Europeanen, want, zegt Fanon letterlijk: ‘die kunnen dat beter dan de meest begaafde onder jullie (Les damnés… p. 232)’. Natuurlijk mogen er best Europeanen in hun voormalige kolonie aanwezig zijn, maar wel op andere voorwaarden dan voorheen en zeker niet in de gedaante van superieure betweters.
Fanon laat overigens duidelijk merken dat er voor hem ook geen sprake kan zijn van het voortdurend terugkruipen en beschutting zoeken in een slachtofferrol of je terug te trekken  binnen de eigen – veilige – groep. Je moet de moed kunnen opbrengen om dat station achter je te laten en gewoon aan het werk te gaan.

Overigens moeten we wel een kanttekening maken bij de situatie van de mensen in de oude Afrikaanse koloniën. Als de bewoners van die arme landen zien hoe de eigen megalomane dictators en hun kliek zich verrijken ten koste van hun land, is het moeilijk voor hen om Europa niet te zien als het paradijs waar ze graag naartoe zouden gaan. Vandaar die al tientallen jaren durende  ‘illegale’ oversteek van Afrika naar Europa in wrakke bootjes, omgebouwde auto’s of zelfs achter het landingsgestel van een vliegtuig. Met de bekende, fatale gevolgen, waaronder het vluchtelingendrama van Lampedusa.

Afrikaanse vluchtelingen op een gammele boot voor de kust van Lampedusa.
Foto © Telegraph

Het is niet de bedoeling van Fanon dat de voormalige gekoloniseerde volken de Europeanen gaan haten: ‘Nee, de Derde Wereld verwacht dat ze de Derde Wereld helpen om de mens te rehabiliteren, om overal eens en voor al de mens te laten zegevieren (Les damnés… p. 230)’.

Laten we blijven luisteren naar Fanon. Aimé Césaire zei in een interview met Daniel Maximin in het tijdschrift Présence Africaine (no 126): ‘[…] teruggrijpen op Fanon is nuttig omdat dit uiteindelijk een teruggrijpen is naar de visie die veel verder ziet dan de gewone blik…’. Fanon was een humanist. Fanon was voor samenwerking en niet voor een zwart nationalisme of afrocentrisme. Het zou absurd zijn om onder de vlag van Fanon haatzaaiende redevoeringen te houden, oude wrokgevoelens op te poken of je terug te trekken op het gepasseerde station van een al te benauwde eigen identiteit. Dan zou je Fanon pas echt niet hebben begrepen.



Tenslotte
In bovenstaand betoog zijn genoeg elementen aanwezig die bouwstenen kunnen leveren voor het denken over een nieuwe samenleving voor de Benedenwindse eilanden. Er moet  in dit proces ook een belangrijke rol zijn weggelegd voor mensen die hebben gestudeerd en die in staat moeten worden geacht de vaardigheden die ze hebben verworven toe te passen in de praktijk. Ik heb het over de Curaçaose intellectuelen. Die zouden ervan moeten afzien hun kennis en kunde in dienst te stellen van regeringen die ondemocratisch zijn en voor een deel bestaan uit mensen die alleen hun eigen belang of een bepaald groepsbelang dienen in plaats van het landsbelang. Bursalen zouden moeten gaan studeren in het Caribisch gebied en door de regering van hun land verplicht worden om na hun studie voor vijf of tien jaar naar hun land terug te keren om mee te helpen aan de opbouw van de nieuwe samenleving.

IJsverkoper op Aruba
Niemand weet hoe de ABC (ei)landen er over 50 jaar uit zullen zien. Zal op Bonaire het eigen eilandsbestuur een doekje voor het bloeden zijn en zal het eiland (als het nog een bijzondere gemeente van Nederland is) alleen nog worden bestuurd door autochtone Nederlanders? Volgens Fanon zou dit laatste best het geval kunnen zijn. Als je van je eiland een Europees eiland wil maken kan je het bestuur volgens hem het beste aan Europeanen overlaten. Die weten hoe dat moet. En Aruba? Zal het nog zo hecht samenwerken met Nederland? Zal de Nederlandse taal nog zo worden beschermd en gecontinueerd omdat de Arubaanse jongeren in Nederland gaan studeren? Zullen er over 100 jaar nog wel Arubanen zijn? Als je de migrantenaantallen bekijkt en ziet hoeveel Latijns-Amerikanen er elk jaar definitief op het eiland achterblijven dan zouden er wel eens geen Arubanen meer kunnen zijn.

School op Curaçao
Curaçao zal, denk ik, een eigen koers gaan varen, in de geest van Fanon. Het land is gewikkeld in een langdurig proces dat zich uitstrekt over enkele decennia. Zolang duurt het voordat de kinderen van nu volwassen zijn. Drastische beslissingen lijken me in dit verband roekeloos en niet zinvol. Er is niets mis met het streven naar steeds grotere onafhankelijkheid van Nederland, maar daarvoor is het nodig om nog geruime tijd te werken aan de bewustwording van het volk, het inrichten van een op de mogelijkheden van het individu toegesneden onderwijssysteem met ruime aandacht voor het leren van een ambacht en de verbetering van de leef- en werkomstandigheden. Het land moet veilig zijn, een goedwerkend justitieel apparaat hebben met mensen die niet onder druk gezet kunnen worden of bedreigd, een politiekorps dat adequaat kan functioneren en een regering die bestaat uit intelligente, integere personen die door elke screening komen. Wanneer er op een gegeven ogenblik een voldoende groot aantal Curaçaoënaars te vinden is dat niet bang is om Procureur-Generaal of rechter te worden, is Curaçao al een stuk opgeschoten. Pas dan kan je echt spreken van een Dushi Kòrsou!

Het is ook van het grootste belang dat er definitief wordt gekozen voor een (wereld)taal waarin, behalve in de moedertaal, vervolgonderwijs moet worden gegeven.

Fanon is een moeilijke auteur, maar hij verdient het om gelezen en herlezen te worden door politici, leraren en elke geïnteresseerde. Hij was een jonge, briljante, non-conformistische denker die het welzijn van de mens centraal had staan en gekant was tegen elke vorm van duister nationalisme of weerzinwekkend blank of zwart racisme. Hij stond voor onderling respect, nadenken over jezelf in betrekking tot de Ander, solidariteit, het bestrijden van onderdrukking, manipulatie en anti-democratische krachten.

maandag 31 maart 2014

Leven en werk van Guillermo Rosario (1)

Libèrta Rosario. Foto © Michiel van Kempen
Op vrijdag 14 maart j.l. gaf Libèrta Rosario aan de Universiteit van Amsterdam een college in de reeks Caraïbische Dromen van prof. Michiel van Kempen. Haar college ging over het leven en het werrk van haar vader, dichter en prozaschrijver Guillermo Rosario, van wie Libèrta vorig jaar een Nederlandse vertaling uitbracht van diens Papiamentu roman E Rais ku no ke muri. Vandaag deel 1 van haar uitgewerkte collegetekst.


door Libèrta Rosario


Goedemiddag allemaal,

Leuk dat jullie gekomen zijn bij dit college over Onsterfelijk, mijn vertaling van het boek E Rais ku no ke muri van mijn vader Guillermo E. Rosario en over de persoon Guillermo Rosario.
Ik zal jullie aan de hand van foto’s en verhalen meenemen op een reis door het leven van mijn vader Guillermo met de vraag: Wie was Guillermo Rosario?



Nr. 1 Het beeld dat ik als klein kind van mijn vader had, was dat van een strenge man, die bijna altijd achter zijn typemachine zat te schrijven en die nooit zomaar gestoord wilde worden. De eetkamer was vaak verboden terrein voor ons, zijn kinderen, wanneer hij thuis was. En als je het toch waagde langs te lopen en hem te storen dan moest je hem in ieder geval met drie woorden aanspreken, bijvoorbeeld ‘bon dia tata’, goedemorgen pappa. Ik kan me niet herinneren dat hij ooit hoorbaar iets terugzei. Maar het kon ook zijn dat ik zo snel voorbij liep dat ik geen tijd had om daar echt op te letten.



Nr. 2 Naarmate ik ouder werd, vond ik dat mijn vader toegankelijker werd. Hij had zijn territorium toen ook uitgebreid naar de ‘sala’, de zitkamer. Daar ontving hij zijn bezoek en werd hij ook vaak geïnterviewd. Op zulke momenten en als hij aan de telefoon was, leek hij erg ontspannen en hoorde ik hem soms zelfs hard lachen. De gesprekken gingen meestal over een door hem geschreven artikel, sport of politiek.



Nr. 3 In zijn jonge jaren was mijn vader een goede sporter. Toen hij op Aruba als timmerman bij de Lago werkte, was hij in zijn vrije tijd de ster van de voetbalclub RCA, waarvan hij de mede-oprichter was.


 

Nr. 4 Terug op Curaçao, wist hij als speler met verschillende clubs kampioen te worden, zoals met sportclub Ajax.



 Nr. 5 Ook zijn organisatorisch talent kwam toen steeds meer tot uiting. Zo was hij mede-oprichter van de sportclub Ajax Curaçao en van de sportclubs Curaçao Deportivo en Independiente. Bij de laatste club leerde hij mijn moeder Elsa kennen. Ze vormden samen met Luis Daal, in het midden zittend op de foto, links van mijn vader en Rafael, broer van mijn vader, links staande op de foto, het eerste bestuur van Independiente Sporting Club. Mijn moeder was de eerste vrouw in het bestuur.

[Klik voor deel 2]

vrijdag 28 maart 2014

Bencho ta Rebeldia

Bencho ta rebeldia - Olga J. Buckley

Bencho wordt een tiener en gaat zich steeds meer verzetten. Hij vindt dat hij goed doet op school en zodoende moet iedereen hem met rust laten. Desondanks schrikt hij van zichzelf een keer dat hij met vuistslagen op de lessenaar van Meneer Willems slaat. Hoe zal het met Bencho verder gaan. Zal hij een middenweg kunnen vinden en de uitdagingen die hem te wachten staan kunnen aangaan?

Olga Buckley
Olga J. Buckley werkte jarenlang in het onderwijs op Aruba. Daarnaast schrijft zij kinderboeken en ook gedichten. Het eerste boek in de Bencho-serie is in 2006 verschenen met als titel Bencho ta dual. Vlak daarna in 2008 kwam Bencho ta gana un bais uit. Olga heeft twee dichtbundels uitgebracht Curashi (2002) en Sin wak patras (2008). Als dichteres nam zij in 2005 deel aan het literair festival Crusa Lama; het variant van de Nederlandse “Winternachten” op Aruba en Curaçao.

Olga Buckley is een fervente voorstander van het voorlezen aan opgroeiende kinderen. Vandaar dat ze in 2007 het project “Bon Nochi Drumi Dushi” voor het stimuleren van het voorlezen in het leven riep. De Stichting “Bon Nochi Drumi Dushi” geeft aandacht aan het voorlezen aan jonge kinderen door onder andere families thuis te bezoeken om voor te lezen en ouders te informeren over het belang van het voorlezen. De stichting heeft een serie van DVD’s uitgebracht zodat ouders ook zelf aan de slag kunnen.

Papiamento | hardcover | 85 pagina’s | UNOCA | Aruba | 2013

ISBN  978 99904 1 8279




 .

Arubaanse operazangeres in Amsterdam

Imara Thomas
Op zondag 30 maart is de Arubaanse operazangeres Imara Thomas uitgenodigd als solist voor het voorjaarsconcert met het Amsterdams Opera Koor in De Duif te Amsterdam.


De Duif is één van de mooiste kerken van de stad, met een bijzonder interieur. Een cultuurcentrum van naam, geliefd bij muziekliefhebbers om zijn fraaie akoestiek. Op zondagmiddag 30 maart vindt er een gevarieerd operaconcert vol muzikale verrassingen plaats. Op initiatief van het Amsterdams Opera Koor brengen een mannenkoor en een vrouwenkoor, samen met de sopraan Imara Thomas en de bariton Ago Verdonschot, hoogtepunten uit de mooiste en beroemdste operacomposities van grootmeesters als Donizetti, Bellini en Verdi. De zangers worden op een concertvleugel begeleid door Kimball Huigens. Algehele leiding: Ago Verdonschot.

Aanvang: 15.00 uur, zaal open 14.30 uur. Het concert duurt ca. vijf kwartier (er is geen pauze). Adres: Prinsengracht 756 (tegenover het Amstelveld) Toegangsprijs: € 15,- (inclusief een consumptie); € 2,50 korting voor donateurs, Stadspas, CJP en 65+. Kaarten zijn verkrijgbaar via deze site www.operakoor.nlwww.operakoor.nl of via het e-mailadres:  aok.kaartverkoop@gmail.com of voor aanvang van het concert aan de ingang van de kerk.


[Bron: OCAN redactie.]

dinsdag 25 maart 2014

Electric Festival Aruba


Dit jaar wordt voor de tweede keer het Electric Festival op Aruba gehouden en wel van 3 – 9 september 2014. Voor het Electric Festival 2014 wordt er volgens de organisatie één journalist / omroeper uit Suriname in de gelegenheid gesteld om tot de groep van Internationale Pers te behoren. Tot uiterlijk vrijdag 28 maart 2014 bestaat de mogelijkheid om iemand op te geven.

Electric Festival is een dansfestival en – congres op het eiland Aruba. Aruba zal met zijn blauwe water en prachtige stranden van 3 t/m 9 september het grootste Caraïbische dansfestival hosten. Naast dans zal er ook aandacht zijn voor andere kunsten, de Arubaanse cuisine en lifestyle.
Electric Festival wordt mede georganiseerd door het Amsterdam Dance Event, Eventpro en Dirty Dutch.

[van GFC Nieuws, 24 maart 2014]


Zondag première Walcott-film van Ida Does

De crew van de film: regisseur Ida Does, co-producer Rebecca Roos en cameraman Ingmar Maduro.
 Foto © Ida Does


De Nederlandse première van Ida Does' documentaire film over de Caribische dichter en Nobel prijswinnaar Derek Walcott is as zondag 30 maart om 18:30 uur in het Bijlmer Parktheater. De feestelijke avond wordt opgeluisterd door: voordracht door Antoine de Kom (winnaar VSB Poëzie prijs 2014), violist Yannick Hiwat, Steeldrum music Willy Richardson. De avond wordt gepresenteerd door Paulette Smit en er is een Q&A met regisseur Ida Does.
Derek Walcott. Foto © Ida Does

Er zijn nog enkele tickets beschikbaar! Het belooft een mooie avond te worden, een feest van de Caribische cultuur, poëzie en Derek Walcott's werk. Voor kaarten, klik hier 

Arubaanse première
Op 4 april is de Arubaanse première in Cas di Cultura, in aanwezigheid van Regisseur Ida Does, Co-Producent Rebecca Roos en Cameraman Ingmar Maduro. Steeldrum door Lee Connor.Vriendelijke groeten

dinsdag 18 maart 2014

Arubadag


Nationale feestdag Aruba, dinsdag 18 maart 2014

Nationale vlag en volkslied dag. De vlag van Aruba werd officieel in gebruik genomen op 18 maart 1976, samen met het officiële volkslied, de 'Aruba Dushi Tera', omdat Nederland op die datum in 1948 Aruba het recht toekende om zelfstandig te worden binnen het Koninkrijk der Nederlanden.

Arubadag is de dag dat de Arubanen in Nederland hun eigen "Dia di Himno y Bandera" vieren (Dia di Himno y Bandera = Dag van het Volkslied en de Vlag). Op 18 maart, een Nationale Feestdag op Aruba, wordt op Aruba gevierd dat het eiland Aruba zijn eigen volkslied en vlag heeft.

Padu Lampe. Foto © Diario
Het was dan ook een emotioneel moment toen het Volkslied, de Vlag en het Nationale Wapen officieel geïntroduceerd werd aan het Arubaanse volk in het Wilhelmina Stadion te Dakota Aruba. Terwijl de Arubaanse vlag voor het eerst werd gehesen in het Wilhelmina Stadion, werd de compositie van Padu Lampe en wijlen Rufo Wever "Aruba Dushi Tera" voor het eerst gezongen als zijnde het Arubaanse Volkslied. Het Arubaanse volk was dan ook massaal aanwezig om de Vlag en het Volkslied zijn eer te geven.

Arubadag zoals wij die vandaag kennen
In de periode die daar voorafging hebben velen Arubanen zowel op Aruba alsmede in Nederland hun steentje bijgedragen. De Arubadag zoals wij die hedendage kennen, werd in 1982 weer opgepakt door andere groepen Arubanen. Ook namen zoals Edwin Illidge (voormalig eigenaar van "Hooiberg Restaurant/Dancing te Rotterdam) en stichting C.A.R. en de laatste jaren het Arubahuis te Den Haag, waarvan diverse medewerkers onder leiding van mevrouw Nuris Dabian er voorzorgen dat de Arubaanse gemeenschap te Nederland hun "Dia di Himno y Bandera" kunnen vieren.

Rosinda Langedijk-Thijssen. Foto © RNW

De eerste Arubadag
De allereerste Arubadag echter gaat veel verder terug, en wel op 6 juni 1976. Het was in 1976 dat een groep Arubanen onder leiding van Mevrouw Rosinda "Dechi" Langedijk Thijssen (tevens de oprichtster van de "Vereniging Aruba Isla Di Oro") het initiatief nam om de eerste Arubadag te organiseren. Mevrouw R. Dechi Langedijk Thijssen was op dat moment geen onbekende met de strijd van Aruba voor zijn Status Aparte. Al diverse malen had zij bijeenkomsten georganiseerd met vele Arubanen in Nederland, zij bestookte tevens de toenmalige leden van het Nederlandse Kabinet met verschillende en vaak vurige brieven waar zij haar pleidooi hield voor de strijd van Aruba (onder leiding van wijlen Gilberto (Betico) F. Croes) en waar zij welkomstcomités verzorgde om G.F. Croes en delegatie te verwelkomen op Schiphol te Nederland. Omstreeks 7 februari 1976 plaatste mevrouw R. "Dechi" Langedijk Thijssen een advertentie in o.a. de Nederlandse krant Trouw om Arubanen op te roepen om op 8 februari naar het Congresgebouw te Den Haag te gaan om daar de delegatie onder leiding van wijlen Betico Croes te ondersteunen. Deze was in Nederland om het toenmalig kabinet Den Uyl te overtuigen van het recht van Aruba op eigen zelfstandigheid. Hieraan gaven velen Arubanen massaal gehoor.

Monument voor Betico Croes
Het werd dan ook een groot succes en in een daaropvolgende advertentie waar mevrouw R. "Dechi" Langedijk Thijssen haar dank gaf aan de grote opkomst van de Arubaanse gemeenschap. Hier gebruikte zij al het woord Arubadag, die zij ook zou gebruiken bij haar eerste Arubadag viering te Amsterdam.

Zij was aanwezig op Aruba op 18 maart 1976 toen de Vlag voor het eerst gehesen werd en het Volkslied gepresenteerd werd. Bij terugkomst in Nederland, plande zij de eerste Arubadag voor zondag 6 juni 1976.

Aruba in de jaren '60

Hoe werden de Arubanen op de hoogte gesteld
Door middel van advertenties in de Nederlandse krant wist ze de Arubaanse gemeenschap in Nederland op de hoogte te brengen van de viering van de 1e Arubadag. Gezien het feit dat mevrouw "Dechi" Thijssen geen onbekende was in de Arubaanse gemeenschap, verspreidde het nieuws zich al heel snel. Zoals ze in goed criollo op Aruba zeggen;"Un boca bisa otro". Deze eerste Arubadag was dan ook een bijzondere en unieke ervaring voor een ieder die daar aanwezig was.

Waar werd de eerste Arubadag gehouden?
Allereerst was er de locatie: Het buurtcentrum Hofgeest te Amsterdam Zuidoost.

Op die eerste Arubadag werd er geen entreeprijs gevraagd. Al het eten en drinken was vrij verkrijgbaar op kosten van de groep Arubaanse vrijwilligers onder leiding van mevrouw R. Langedijk Thijssen.

Mevrouw R. Langedijk Thijssen gaf een openingsspeech en daarna werd het volkslied vertolkt door de heer Pedro Croes op zijn gitaar waarbij de rest van de aanwezigen uit volle borst meezongen. Al met al een gezellige dag en de voorloper van de Arubadag zoals wij die vandaag de dag vieren.

Dankzij vele andere Arubanen die in 1982 de draad oppakte door opnieuw een Arubadag te organiseren en dankzij de inzet van het Arubahuis die in de daaropvolgende jaren veel tijd en energie instaken, kunnen de Arubanen de dag van vandaag hun eigen "Dia di Himno y Bandera" vieren. Oftewel Arubadag!

Maar laten we vooral niet de pionier vergeten, mevrouw Rosinda "Dechi" Langedijk Thijssen die de eerste Arubadag organiseerde en als eerste de naam Arubadag gebruikte om de dag aan te duiden dat Arubanen in Nederland hun eigen Vlag en Volkslied kunnen vieren.


De Arubaanse vlag heeft vier kleuren: geel (Bunting Yellow heet de exacte kleur), blauw (Larkspur Blue, ook wel VN-blauw genoemd), rood (Union Jack Red) en wit. Iedere kleur heeft een eigen betekenis: - blauw staat voor de zee die Aruba omringt;
- geel is de kleur van overvloed en vertegenwoordigt Aruba’s goud-, aloë- en olie-industrie, zowel in het heden als in het verleden;
- rood verwijst naar de liefde die alle Arubanen voor hun eiland voelen en is ook de kleur van de voormalige Braziliaanse houtindustrie;
- wit weerspiegelt zowel de hagelwitte stranden als de zuivere aard van de Arubanen, die zich inzetten voor gerechtigheid, orde en vrijheid.

Aruba
De symbolen in de vlag zijn een rode ster en twee gele strepen. Vertegenwoordigers van meer dan veertig landen zijn naar Aruba geëmigreerd. De ster duidt het eiland aan, omgeven door een schitterend blauwe zee. De horizontale gele strepen staan voor de vrije en onafhankelijke positie van Aruba binnen het Koninkrijk der Nederlanden.

18 maart is een nationale feestdag. Op deze 'Dag van de Vlag en het Volkslied', viert Aruba ieder jaar de betekenis van de vlag en het volkslied.

[van www.beleven.org]

maandag 10 maart 2014

Bosman-wet onder vuur


André Bosman verdedigt woensdag in de Tweede Kamer 'zijn' Bosman-wet. De wet stelt voorwaarden aan de vestiging in Nederland voor mensen uit Curaçao, Sint Maarten en Aruba. Iemand die langer dan zes maanden in Nederland wil verblijven moet voldoen aan één van deze vier voorwaarden: een baan of een eigen onderneming in Nederland hebben, in het eigen onderhoud kunnen voorzien met eigen middelen, een erkende opleiding in Nederland volgen of gezinslid zijn van een Nederlander. Tegen de wet is veel kritiek, omdat deze discriminerend zou zijn. Vanavond gaat Bosman hierover in debat met Quinsy Gario en Danitzah Jacobs in het programma Pauw & Witteman.

Rajen Budhu Lall geeft commentaar:

Vanavond gegarandeerd vuurwerk bij P&W! Laat ik deze wet uit de boezem van de VVD vanuit Surinaams perspectief bekijken. Je bezet een land van 1667-1975, ruim 300 jaar en geeft een fooi mee en laat vervolgens de relatie domineren door de relatie in de afgelopen 39 jaar. Van Curaçao lees ik dat het pas sinds 1791 een officiële Kolonie is van Nederland en samen met Aruba, St. Maarten en Nederland deel uitmaakt van het Koninkrijk der Nederlanden. De wet komt van de VVD af en wil vestiging van " kansarme" Antillianen ontmoedigen. Ook hier constateer ik een eeuwenoude relatie die gedomineerd wordt door de relatie en ervaringen in de laatste 20-30 jaar. Hoe ASOCIAAL kan de VVD zijn door dit wetsvoorstel uit haar Fractie te ondersteunen? Hoe sociaal is de PvDA als regeringspartner? Lees de 15 bezwaren van het OCAN, verwoord door de voorzitter Glenn Helberg tegen dit initiatiefvoorstel en de opvattingen dat dit wetsvoorstel van de Liberale partij van de Premier in strijd is met Internationale Verdragen en Rechtsprincipes en het oordeel van de Commissie Meijers .Vandaag de Antillianen en morgen......? NEE tegen de VVD Bosman WET!

zondag 9 maart 2014

In memoriam Richard de Veer

Richard de Veer: 10 juni 1929 - 6 maart 2014

Dag Richard

door Libèrta Rosario


Richard de Veer
Vandaag kreeg ik het droevige bericht dat Richard de Veer op 6 maart 2014 op 84-jarige leeftijd is overleden. Richard was al een tijd ziek en woonde in een verzorgingshuis. Richard was een bescheiden, rustige persoon, de nestor van Simia Literario, die haar net als zijn vrouw Janny altijd trouw is gebleven.
Hoewel Richard al vele jaren hier in Nederland woonde, is hij altijd veel van zijn geboorte-eiland Aruba en zijn taal Papiamento blijven houden. Het volgende gedicht ‘Oda na  Hooiberg’ is daar een bewijs van.

Richard bedankt voor alles wat je voor Simia Literario hebt betekend en rust zacht.


Ayó  Richard

Awe m’a haña e notisia tristu ku Richard de Veer a fayesé dia 6 di mart 2014 na edat di 84 aña. Richard tabata malu un tempu kaba i tabata biba den un kas di kuido. Richard tabata un persona modesto, trankil, e nestor di Simia Literario, ku semper a keda fiel na dje, meskos ku su kasá Janny.

Ounke Richard tabata biba hopi aña aki na Hulanda, semper e la keda ku un amor grandi pa su isla natal Aruba i su idioma Papiamento. E siguiente poesia ‘Oda na Hooiberg’ ta demostrá esei.


Richard danki pa tur loke b’a nifiká pa Simia Literario i sosegá na pas.


Oda na Hooiberg

Sinta den stupi di mi wela
Cara fiha pariba
Mi ta weita y gosa ful
Con mahestuoso bo ta.

O, wardado di Playa!
Unda cu mi bay
Bo ta mane mi sombra
Cu no ta laga mi so.

Ora mi ta core auto
Bo ta mi Stre’I Nort
Pa indica mi sin faya
Na unda asina mi ta.

Den tempo di awacero
Bo ta gusta laba cabes
Mane ta fiesta bo ta bay
Perfuma pa hole dushi.

Despues flor di kibrahacha
Ta tapa bo dj’ariba te abou
Un bata mane di oro
Ni si ta rei di Congo bo ta.

O, mi guia di tur dia
Con mi por lubida bo nunca!
Ta bo ta mi compañe
Mainta, merdia, atardi.

Awor, cada bes mi yega dj’afo
Bo ta di prome pa cuminda mi.
Mi curason ta mane habri
Mirando alomenos un cos conoci.
                       

Richard de Veer

dinsdag 4 maart 2014

Tweede Kamerdebat over 'Bosmanwet'


Curaçao Pontjesbrug. Foto © Hema Hermens

Oproep: kom naar het Tweede Kamerdebat over de ‘Bosmanwet’, wo. 5 mrt. 18.30h, Den Haag: weren/ opsporen/ deporteren van Arubanen, Curaçaoënaars en Sint-Maartenaren

Tweede Kamer debatteert over vestigingseisen voor Arubanen, Curaçaoënaars en Sint-Maartenaren

Op woensdag 5 maart 2014 om 18.30h vindt in de Tweede Kamer het plenaire debat plaats over devestigingseisen voor Nederlanders afkomstig uit Aruba, Curaçao en Sint-Maarten. Kansarme Caribische Nederlanders (criteria o.a. onvoldoende opleiding, onvoldoende kennis van de Nederlandse taal), die naar Nederland komen op zoek naar een baan, wordt het zodoende nóg moeilijker gemaakt om werk te vinden. Deze 'raswetgeving' maakt het tevens mogelijk voor de politie om personen die - naar 'objectieve maatstaven gemeten' en 'bij een redelijk vermoeden' - zich in strijd met de vestigingseisen in Nederland bevinden, staande te houden ter vaststelling van identiteit, nationaliteit en vestigingspositie. Uiteindelijk kunnen Caribische Nederlanders met deze wet gedeporteerd worden. De wet geldt niet voor kansarme Nederlanders afkomstig van andere delen buiten Nederland en het Koninkrijk.

Aruba. Foto © B.J. de Hoos

We vinden het heel belangrijk om te laten zien dat wij opkomen voor onze burgerrechten. Wij roepen daarom eenieder - (Caribische) Nederlanders, sympathisanten - zijn of haar gezicht te laten zien tijdens het debat op de publieke tribune. 

De ingang van de Tweede Kamer bevindt zich op Lange Poten 4, Den Haag, naast 'Nieuwspoort' en vlakbij 't Plein. Voor de toegang tot de Tweede Kamer is een legitimatie verplicht. Voor meer info over de vergadering klik hier.

OCAN is van mening dat het door VVD-Kamerlid André Bosman geïnitieerde wetsvoorstel het doel – ‘minder uitkeringsgerechtigden en criminelen' vanuit de eilanden - niet dichterbij brengt. Daarnaast bevat het wetsvoorstel een schending van diverse elementaire mensenrechten. Een alternatief voor vestigingseisen is investeren in armoedebestrijding, vaderbetrokkenheid en een daadwerkelijk mensenrechtenbeleid in het gehele Koninkrijk. Daarmee kunnen instabiele gezinssituaties voorkómen worden en burgers uit het Koninkrijk betere sociaaleconomische perspectieven geboden worden.   

Zowel de Raad van Europa, Commissie Meijers, het College voor de Rechten van de Mens, als enkele deskundigen op het terrein van mensenrechten en staats- en bestuursrecht (mr.dr. Mito Croes, prof.dr. Peter Rodrigues en prof. dr. Rogier) hebben aangegeven dat met het wetsvoorstel sprake is van rassendiscriminatie. OCAN heeft diverse adviezen gepubliceerd over het wetsvoorstel, zie www.ocan.nl en het wetsvoorstel onder de aandacht gebracht bij onder meer de ECRI en de OSJI. Het plegen van rassendiscriminatie is een strafbaar feit. Wordt het niet eens tijd om het doen van discriminerende wetsvoorstellen strafbaar te stellen?
OCAN roept eenieder op aanwezig te zijn op de publieke tribune van de Tweede Kamer woensdagavond 5 maart om 18.30h. 

Sint Maarten. Foto © Prensa

maandag 3 maart 2014

De Parada Grandi van Aruba

Van de Parada Grandi van Aruba op zondag 2 maart 2014 maakte Jos de Roo deze fotoreportage.