Posts tonen met het label Alexander Tolin. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Alexander Tolin. Alle posts tonen

dinsdag 20 mei 2014

Osopasi gepresenteerd



door Cary-Ann Tjong-Ayong

De avond begon weinig hoopvol met een flinke regenbui.
De groene tuin vol fruitbomen zag er uitnodigend uit met honderden
afgevallen blozende manja’s onder de oude boom en nog tientallen aan draden hangende in afwachting van een windvlaag.
Wij werden welkom geheten door Els Tjon Joe Wai en Marisa Piepelenbos, onze gastvrouwen,die de sfeer hadden bepaald met grote schalen fruit van het erf op de ruwhouten tafels: manja, pomerak, appeltjes, pomme de citerre, kersen in diverse tinten rood en een wit emaillebekkentje met de naam Betsy in blauw , gevuld met kleine oranje palulu.
Rijen stoelen en een kleine tent met de geluidsinstallatie stonden uitnodigend klaar. De gasten konden komen.
Als eerste was daar Celestine Raalte, opgewekt als altijd. Zij zou een van de vier
Presentaties verzorgen, naast Tolin Alexander, Bongo Charley, Pieter van der Hijden en Ronald Snijders.



De mensen begonnen in groepjes binnen te komen.
Daar was de eregast, Hein Eersel, die het eerste exemplaar zou krijgen.
Het was voor mij een hele eer deze taalkundige autoriteit mijn boek te mogen aanbieden. Jaren geleden had ik hem in Amsterdam horen praten en was aangenaam getroffen door zijn taalkundige virtuositeit. Van zo iemand had ik graag les gehad.
Ronald Snijders arriveerde en iedereen begon verwachtingsvol te praten.
Het duurde  even, maar toen opende Els de avond en kon Ronald deze influiten op zijn geheel eigen enthousiaste manier. Het publiek was enthousiast en klapte op de maat mee.
Pieter hield zijn inleiding met een leuke verwijzing naar fietsenmaker Junker in de Klipstenenstraat waar je terecht kunt voor elk schroefje, moertje en veertje uit de jaren 50. Hij vroeg zich af of het soms een foute Duitser was die met ticket naar Paraguay  per ongeluk in Paramaribo terecht was gekomen en daar een zaak was begonnen. “Maar het is een hele aardige man”, vergoelijkte hij.
Daarna gaf Tolin zijn visie op Kallianni’s liefdevolle omgang met de binnenlandbewoners, die hem zeer aanspreekt.
Bongo Charley omlijstte de lezing van enkele fragmenten en het gedicht “Nocturne”.
Een zeer ingenomen Hein Eersel belichtte het begrip “oso” uit de titel. Van Trefossa tot dedeoso alata.
Hierna kon men een gesigneerd exemplaar aanschaffen bij een drankje, een knabbeltje en een babbeltje, wat nog uren doorging.

Cat, 19 mei 2014

zaterdag 17 mei 2014

Columns van CAT

Osopasi is de nieuwste publicatie van Carry-Ann Tjong Ayong. Het boek bevat een selectie van haar columns. De presentatie is op zondag 18 mei in het sfeervolle Sukru Oso aan de Cornelis Jongbawstraat 16a. Er zijn voordrachten en optredens van Tolin Alexander, Bongo Charley, Celestine Raalte, Pieter van der Hijden en Ronald Snijders.

U bent van harte welkom. Aanvang 19.00u.

Doro, oftewel De prijs van Vrijheid

Op zaterdagavond 31 mei 2014 presenteert ocw: de exclusieve, eenmalige videoprojectie van de Surinaamse opera fatu Doro, oftewel De prijs van Vrijheid met een informatief randprogramma.

Het Doro-decor in theater Thalia, Paramaribo. Foto @ Arnold Schalks.



Over Doro
Ruim twee jaar geleden, op 27 april 2012, vierde het oudste Surinaamse toneelgezelschap Thalia haar 175e verjaardag. De Surinaamse theatermaakster Alida Neslo werd gevraagd voor deze gelegenheid een passend stuk te schrijven en te regisseren. Het resultaat is Doro, een op het operagenre geïnspireerd theaterstuk met een eigen Surinaams karakter. Arnold Schalks was bij die productie betrokken als decorbouwer en lichtontwerper. Apintie TV maakte een televisieregistratie van de voorstelling van vrijdag 4 mei 2012, die pas in maart 2013 op de Surinaamse buis te zien was. Doro is nu ook eenmalig in Rotterdam te zien.

De prijs van de vrijheid
Verhaal
In Doro wordt het verhaal verteld van een net vrijgekomen jeugdige delinquent, een 'first offender', die het maar moeilijk vindt om zijn weg terug in de schoot van de gemeenschap te vinden. Hij wordt bevangen door schaamte, twijfel en een (ver)laag(d) zelfbewustzijn. De gezinssituatie waar hij uit afkomstig is, is niet rooskleurig: moeder alleenstaand, vader - die hem niet wil 'kennen' - een notoire dronkaard en veelvuldig opgepakt individu, dat alleen maar oog heeft voor zijn eigen belang. De vrienden van de jongen proberen hem uit zijn deprimerende situatie te halen, evenals een aalmoezenier (vertegenwoordiger van de kerk), zijn moeder (die hem niet meer herkent) en een vriendin (stagiaire), die hij via internet gevonden heeft. De zoon is echter door geen van hen echt te overtuigen, hij vindt het gewoon 'niet makkelijk om 'vrij te zijn'.

Doro bestaat uit 14 'bewegingen', geïnspireerd door de veertien staties van de kruisweg van Jezus Christus. Het is een eigentijdse, meertalige opera die is gebaseerd op situaties die in Suriname veelvuldig voorkomen. Het thema van de opera fatu is: vrijheid, een onderwerp waarmee Alida indringend geconfronteerd werd na haar (resocialisatie-)werk met jeugdige delinquenten in de penitentiaire inrichting Santo Boma. Het door haar geschreven libretto is voor een groot deel gebaseerd op ware gebeurtenissen en bestaat mede uit teksten van die jeugdige delinquenten. Voor de muziek werden enkele beginnende en bekende componisten gevraagd. De spelers/zangers komen uit Nederland, Suriname en Duitsland. Er zijn invloeden uit alle Surinaamse culturen: inheems (sambura), hindoe (ritmes en taal), creools (loge/vrijmetselaars), winti, christendom (taal), javaans (kostuums, beweging, taal), chinees (invloeden uit de chinese opera, klassiek en modern), westers, oosters, zuiders, dus, net zoals de Caraïbische gemeenschap, die door Alida wordt beschouwd als de 'pilot gemeenschap' van de wereld.
Clinton Kaersenhout

Met: Wilgo Baarn: doroman/deurman / Sandra Goedhoop: de moeder / Guy Sonnen: de vader / Clinton Kaersenhout: de zoon/ogriboi / Cora Schmeiser: stagiaire / Darell Geldorp & Harvey Klas: mati / José Parami: aalmoezenier / Tolin Alexander: schaduw / koor/de buren: Mavis Noordwijk (koorleiding), Denise Telting, Simone Bardan, José Parami, Varna Peters, Chiquita Vyent
Regie, libretto & beweging: Alida Neslo

Composities: Marcha Reumel, Liesbeth Perotie, Gregory Kranenburg, Pablo Nahar, Cora Schmeiser
 Aanvang van het programma 20:30 uur. Inloop met koffie/thee vanaf 20:00 uur. Om 20:30 uur wordt de voordeur van het pand gesloten en is toegang niet meer mogelijk, gelieve daarmee rekening te houden. Duur van het programma: circa 2,5 uur. Met het oog op het beperkte aantal zitplaatsen (33) dien je vooraf een plek reserveren via arnosch@wxs.nl_reserveringen worden door middel van een e-mailbericht bevestigd. De toegang is gratis.
ocw / podium voor kleinschaligheden / osseweistraat 35 / lokaal 11 / 3023 db rotterdam


Klik hier voor uitgebreide informatie

zondag 4 augustus 2013

Celestine Raalte heeft weinig mime nodig

Fri Yeye, het theaterstuk in het kader van 150 jaar afschaffing slavernij


door Ruth San A Jong

Celestine Raalte, de schrijfster en actrice in dit stuk heeft weinig mime nodig om je te raken, te snijden, met haar woorden. Gisteravond zat ik voorovergebogen naar het theaterstuk Fri Yeye te kijken. Ze heeft een sigaar als decor waarbij ze het hele stuk door paft, een zwarte hoofddoek en wat authentieke houten meubels die zij gebruikt om je in die oude Surinaamse sfeer te brengen. Fri Yeye (Vrije Geest): een relaas van een buurtoma die het nodig vindt om op 1 juli haar kleindochter te ontgoochelen over de ‘viering’ van Keti Koti.



“Wat je doet is papegaaienwerk.” De dialogen beginnen scherp. Botsingen tussen de zogenaamde moderne kijk op de slavernij en de historie komen tot uiting in de relatie tussen de twee karakters.

Oma: Wat doe je met je vrijheid! Je voorouders hebben land gekocht, zodat ze weer een thuis hadden. Wat gebeurt er met het land dat jullie is nagelaten? Land waar bloed, zweet en tranen hebben gevloeid. Jullie zijn de weg kwijt.
Bernadetta: Ach vrouw! Wat weet u? U weet niet eens hoe u hier bent beland, dan komt u mij de les lezen.Wie bent u, jij of je? Als m’n vriend hier was had hij je zo eruit gezet. Met al je verhalen.

Fri Yeye sleurt je ook door de verzwegen geschiedenis:
De moordenaars! Ze waren bezorgd over ‘Leusden’, hun schip en het goud. Ik, ik voelde smart, galbittere smart. Ik was gebroken: 650 zielen die dolen voor de Marowijnerivier
… ik weet niet eens hoe ze heten. Ze hadden ook een vader en een moeder
en al de onschuldige kinderen. Geen woord van die Hollandertjes. Geen woord over de dood van de Afrikaanse mannen, vrouwen, en kinderen. Geen woord van die WIC’ers met hun VOC-mentaliteit. Mensenrechten bestonden niet voor de Afrikanen.

Alle typische fenomenen van het zwarte mentale ‘brandmerk’ gaan langs en zeker ook de eigen ervaring. De tragiek is voelbaar, het lijden en de liefde van de buurtoma is tastbaar.

Hillegonda: U bedoelt de verdeel en heersformule. De racist Willi Lynch heeft een handboek geschreven Hoe maak je van een Afrikaan een slaaf? En hoe zorg je ervoor dat een slaaf, slaafs blijft. Vertel oma, hoe werkte dat in uw tijd?
Oma: Stel je voor, ik ben die slavendrijver. Jou geef ik wat kapotte kleding. Iets meer te eten en jou verneder ik minder. In het bijzijn van de andere slaven. Ik ransel Bernadetta af totdat ze neervalt. Dan vertel ik aan haar dat jij me hebt verteld, dat ze gestolen heeft. Ik zorg ervoor dat jullie elkaar niet meer vertrouwen. Zo zorg ik ervoor dat de oude slaaf de jongere niet vertrouwt. Dat de man en de vrouw elkaar wantrouwen. Hetzelfde doe ik met de donker- gekleurde en de lichtgekleurde slaven. Ik zaai overal wantrouwen. De iets beter behandelde slaven mogen lichter werk doen. De vrouw werkt in en om het huis. De man wordt beul. De zwarte beul wordt opgedragen zijn vader, moeder, zuster, broeder af te ranselen. De zwarte beul wordt opgedragen zijn zuster vast te binden, zodat de smerige verkrachter zijn gang kan gaan. De zwarte beul wordt opgedragen van de weggelopen slaven die doodgeschoten zijn, de armen geroosterd mee te nemen als bewijs dat de prooi is gevangen.

“A switi fu yere fa yu e taki Sranan. Tan Prodo nanga a tongo yere mi gudu.” Het stuk is alles wat Celestine Raalte is en ademt. Het woord ‘ding’ is een gevoelsmatig woord. Dit stuk is háár ‘ding’, haar manier van denken, haar protest tegen de witte superioriteit, haar irritatie over hoe zwarten met elkaar omgaan en tegelijkertijd haar trots, haar respect voor cultuur, haar identiteit. Ik voel mij door dit theater gesteund in mijn gedachtegang dat ik niet meedoe aan de ‘koto-cultuur’ bij 1 juli- vieringen, omdat de koto ontworpen was om die zwarte vrouw er lelijk uit te laten zien. Vooralsnog om de vrijheid van spreken te ontnemen. De angisa werd gebruikt om te communiceren. Ik zal nooit een traditie in stand houden die in eerste instantie een vernederend doel had. Wat het relaas nog meer benadrukt, is dat wij tradities goed moeten overwegen voor we ze voortzetten.
Oma: Kalebassen zijn hier in huis als souvenirs. Weet je wat de functie is van een kalebas?
Bernadetta: Ik heb voor een glas gekozen. Ik leef in een vrij land en ik ben gelukkig vrij geboren.

Het is een verademing wanneer bij goedgeschreven toneelstukken het geluid goed is. Dit stuk had nergens anders dan in On Stage gespeeld moeten worden. Nergens anders, niet op de Nederlandse bühne, maar hier, op de Surinaamse bodem, voor en door Surinamers gespeeld. Je moet vooral elke emotie van de stemmen goed op je trommelvliezen laten kleven.

Complimenten voor mijn talentvolle vriend Alexander Tolin die bij elke regie groeit (als ik dat mag zeggen). De mooie zang van Marianne Cornett en de jeugdige nieuwsgierigheid naar het verleden van Sade Rozenblad waren subliem. Een mooie symbiose van drie generaties vrouwen met een eigen wil, eigen gedachten en eigen vrijheid. Dit stuk is te confronterend voor de hedendaagse ‘missionaris’ of  ‘gekerstende’. Want wat zeker gebeurt, is dat het een innerlijk conflict oproept. Althans voor diegenen die de woorden echt tot zich laten doordringen. Ik verklaar dat zenuwachtige gelach van het publiek als een reactie op de heftigheid van de dialogen. Het is nu eenmaal zo: we lachen bij toneelstukken, Surinamers lachen ernstige situaties weg.


Dankjewel Celestine Raalte, ik buig voor je. Ik buig samen met je voor onze overgrootouders, brand samen kaarsjes met je, ook al ken ik hun namen niet. Ik buig.

[van de blogspot van Ruth San A Jong]

zondag 2 juni 2013

Fri Yeye: Bewustwordingscampagne in theatervorm

Geërgerd kijkt dochter Bernadetta (Marianne Cornet) naar Oma (Celestine Raalte) die met haar slavernijverhalen alleen maar vervelende gevoelens oproept. Een scene uit het theaterstuk Fri Yeye die op 31 mei en 1 juni nog te bezichtigen is in theater On Stage.  (Foto: Jason Leysner)

door Tascha Samuel

Paramaribo - Vele Afro-Surinamers geven aan het spreken over slavernij onnodig te vinden. “Allemaal veel te lang geleden, kijk vooruit!”, is één veel gehoorde opmerking. Uit gesprekken met jonge dertigplussers, blijkt het merendeel het een ‘ver van mijn bed show’te vinden.
Maar wie het theaterstuk Fri Yeye heeft meegemaakt zal op zijn minst op de 'prakseri bangi' worden geplaatst. Want volgens Celestine Raalte, schrijfster en zelf actrice in dit stuk, gaat het niet om treuren, haat en gewoon stilstaan bij het verleden. "Haat, wat is dat? Ik heb met deze twee handen witte baby's gewassen. Voor ze gezongen zoals ik voor mijn eigen kinderen zong", stelt het personage van Raalte.

Niets van slavernij
In de opvoering wordt oma door haar dochter Bernadetta - voortreffelijk neergezet door Marianne Cornet - vooral gezien als die oude vrouw die vastzit in het verleden. Die gauw haar medicijnen moet slikken tegen haar schizofrenie. "Oma heb je je medicijnen al gedronken. Je maakt me gewoon depressief met al die verhalen." Bernadetta, met haar blanke vriend Piet, wil vooral niets weten van de slavernij. Zij schaamt zich er onbewust voor. Het is de kleindochter die door heeft dat oma 'begeesterd en in trance' vertelt over het verre, zeer verre verleden. Want in tegenstelling tot Bernadetta wil kleine Hillegonda wel meer weten over haar roots. Iets waar Bernadetta niet zo blij mee is. "Ja, ik ben trots op mijn voorouders dat ze slaven waren. Ik wil er alles van weten." Sade Rozenblad zet het personage van Hillegonda op een uitstekende volwassen manier neer.

Geschiedenisles
Oma haalt wrede herinneringen op. Herinneringen van vernedering, verkrachtingen en wrede afstraffingen. Hoe haar geliefde Nicodemus moest toezien hoe zij het product van de verkrachting, een 'tweebloedige' baby, de borst moest geven. Hoe hij werd uitgehuurd aan andere plantages en niet kon genieten van zijn vrouw. Hoe hij na zijn vluchtpoging werd gevangen 'als een dier' en gegeseld 'tot zijn rug aan flarden hing'. "Ik kon de schaamte en pijn in zijn ogen zien." Een geschiedenisles over het gezonken slavenschip Leusden werd ook gegeven. Over hoe de 650 slaven de dood vonden - het ruim waarin zij waren opgesloten werd niet geopend toen de bemanning het schip verliet. "Uit angst, angst voor de zwarte kracht, hebben ze hen laten sterven."
Oma is een scherpgebekte vrouw die vooral niet wil dat men al die mensen vergeet. Dat de slaven geen nummers zijn. "Ik ken hun namen niet. Al die mensen die overboord zijn gegooid, omdat zij te ziek waren om door te gaan. Zij die verkozen liever te springen dan slaaf te worden." Ook het onrecht aan Louis Doedel gedaan kwam aan de orde. Er wordt ook gezongen. De geoefende powerhouse Cornett, in combinatie met de jeugdige Rozenblad, blijkt het publiek bijzonder te bekoren.

Vergeving
Na de vele verhalen te hebben aangehoord laat Bernadetta haar antipathie los en vraagt daar vergeving om. Wellicht een sentiment dat velen zal overvallen na Fri Yeye te hebben gezien. Het stuk is wellicht onbewust een bewustwordingscampange in theatervorm. De oproepen van oma aan de zwarte mens om zich in te zetten, na te denken, door te duwen, meer te willen en vooral meer samen te werken, zijn indringend oprecht. Een staande ovatie bleef dan ook niet uit. Regisseur Tolin Alexander was zeer tevreden en glom van trots.

[uit de Ware Tijd, 27/05/2013]

donderdag 27 december 2012

Moengonese acteergroep launcht film Miamba

door Hugo den Boer


Moengo - De acteergroep ‘The 4 messengers’ heeft deze week haar eerste film met de titel Miamba op de markt gebracht. Voor het maken van de half uur durende film hebben The 4 messengers, Mudji Amatdaklan in de hand genomen voor het schrijven van het script. Andwele Rozenhout deed het camera- en montagewerk.

Moengo

The 4 Messengers bestaat nu ruim een jaar en Furgill Raafenberg is de trekker. "Wij willen met het acteerwerk jongeren bewust maken van maatschappelijke thema's." Miamba gaat over het gelijknamige meisje dat tegen haar zin door haar vader Raafenberg gedwongen wordt om een relatie aan te gaan met de welgestelde Simba Gari. Ze is echter verliefd op de skere Tofie.


Raafenberg zit in de derdeklas van de Barronschool en wil later acteur worden. "Mijn interesse voor het acteren werd gewekt toen ik op de lagere school in een toneelgroep zat. Na enkele jaren pauze heb ik het acteren samen met personen uit die groep opgepakt en hebben we een acteergroep gevormd." Raafenberg speelde al eerder de hoofdpersoon in de film Wan dei Spijbel (2010) en in Kapting Da Palong. Afgelopen jaar was hij hoofdrolspeler in de I Write film You have to know who your enemies are. Hij kreeg voor het eerst een professionele training. Momenteel krijgt hij persoonlijke begeleiding van theateracteur Erwin 'Tolin' Alexander. Omdat straatverkopers er geen heil in zagen, neemt de groep de verkoop zelf ter hand. De film is momenteel alleen bij de acteurs verkrijgbaar in Moengo en wordt op straat in Marowijne en St. Laurent verkocht.

[uit de Ware Tijd, 22/12/20]


zondag 18 november 2012

Ken Doorson verkent de diaspora met expo Mothership

Beeldend kunstenaar Ken Doorson presenteert aan de vooravond van 37 jaar Srefidensi de expositie Mothership: een artistieke verkenning van onze identiteit. Deze solo-expositie wordt van 21 tot en met 24 november in Fort Zeelandia in Paramaribo gehouden. Doorson zegt dat hij de expo in Fort Zeelandia houdt omdat "het een bijzondere plek gaat, waar voor mij gevoel het verleden en heden samenkomen".
Eén van Doorsons portretten

De levensgrote portretten van Doorson brengen je in verwarring: de zwaarmoedige uitdrukking op de gezichten contrasteert sterk met de uitbundige kleuren waarmee die zijn weergegeven. Doorson schildert in zichzelf gekeerde mensen - de ogen gesloten, een uitdrukking van pijn, woede, vertwijfeling of verdriet op hun gezicht.

Zijn Mothership voert de kunstenaar - en de toeschouwer - naar het verleden. Het doorkruist de geschiedenis van de kunstenaar, diens familie en hun land Suriname, maar begeeft zich ook ver daarbuiten; het universele thema, diaspora, laat zich niet beperken tot grenzen in plaats of tijd. 'Mothership' is de virtuele inspiratiebron die je meeneemt", zegt de kunstenaar.

Inspiratie 
Inspiratie vindt Doorson in gesprekken, verhalen, beelden, de natuur en literatuur. Historische beschrijvingen van mensen geven niet alleen inzicht in voorbije tijden, maar helpen ook om hen neer te zetten als personen van vlees en bloed. Een intrigerend drieluik van de verzetshelden Kodjo, Mentor en Present is een duidelijk resultaat van deze aanpak.
"Het gaat om heel beladen onderwerpen. Dit is een manier om deze emoties abstract te benaderen", verduidelijkt de kunstenaar zijn niet-alledaagse portretten. "Op deze manier probeer ik dramatiek te creëren."

Boni, een schilderij van de legendarische vrijheidsstrijder, is in 2009 aangekocht door het Nationaal instituut Nederlands slavernijverleden en erfenis (NiNsee). Dit doek is deel van een tweeluik, waarvan het andere deel te zien is in hotel Cottica du Maroni aan de Van Sommelsdijckstraat.
Ken Doorson. Foto © Harold Sietaram

Keramiek
Doorson vertelt zijn verhaal niet alleen met schilderijen. In Fort Zeelandia staan ook tientallen ongepolijste, ruwe koppen van klei. Van de meeste gezichten is de neus, kin, mond, een oor of oog opgeblazen tot onevenwichtige proporties. De pastoor van dit bonte gezelschap parochianen is door Doorson geschilderd. Keramiek en schilderij vormen samen de installatie "Mea Culpa", die draait om de vraag welke rol het geloof heeft gespeeld in de slavernij en de handhaving daarvan.

"Dit is werk met een ziel; het gaat spreken!" zegt de maker, die van 1994 tot 2006 buiten Suriname woonde, studeerde en werkte. Na zijn remigratie is Doorson zich ook gaan toeleggen op boetseren. Hij werkt met Surinaamse klei en bakt de koppen in de oven van Soeki Irodikromo.

Opening
Last Song, een gedicht van de kunstenaar, wordt bij de opening vertolkt door theatermaker Erwin Tolin Alexander. Dichter/zanger Djinti opent de avond op muzikale wijze.

In Fort Zeelandia vertoont Doorson de documentaire Katibo Ye Ye van regisseur Frank Zichem. Hierin zien we hoe de Surinaamse Nederlander Clarence Breeveld in Suriname en Ghana op zoek gaat naar sporen van de slavernij. Deze documentaire sluit qua onderwerp, invalshoek en betrokkenheid goed aan bij de thematiek van de expositie Mothership.

[uit Starnieuws, 18 november 2012]

zondag 9 september 2012

Weg!, theater gebaseerd op afscheid en weerzien

door Tascha Samuel

Paramaribo - “Afscheid nemen van mensen, geliefden, dingen waar we van houden is een universeel gegeven. Iedereen doet dat en op gegeven moment moet je vaak ook weer de confrontatie aangaan met wat je hebt achtergelaten.”

Dat is zoals Tolin Alexander het thema weergeeft van zijn nieuwe theaterstuk Weg, Afscheid en Weerzien. Vanuit zijn Forum Tolin Toli Masanga presenteert hij in verband met ‘Het Jaar van Het talent’ de eerste in een reeks van interdisciplinaire theatervoorstellingen. Weg! is op zaterdag 8 en zondag 9 september om 20:00 in het CCS te zien.


Een beeld van Weg! De meisjes in het opvangt tehuis met hun koffers. (Foto: collectie FTTM)



Het stuk wordt geregisseerd door Nynke de Ruigh. Als gastdocent aan de Hogeschool voor de Kunst in Utrecht (HKU) heeft Alexander de mogelijkheid om te zoeken naar mensen die les kunnen komen geven in Suriname in verschillende theaterdisciplines. “Ik had Nynke op het oog maar zij zag enorm op tegen drie maanden Suriname. Het heeft veel motivatiegesprekken gevergd, maar nu is ze hier en doet de regie. Door haar houding is het thema ontstaan. Afscheid en Weerzien”, legt Alexander uit. Het thema is toen gelegd tegen de achtergrond van een kindertehuis. Kinderen die vanwege allerlei redenen afscheid hebben moeten nemen van hun thuisfront, familie en ouders. “Hoe gaat een kind om met deze emotionele aspecten van zijn leven? Een kind dat wacht op een ouder om haar te komen halen om naar Nederland te gaan. Maar waarvan dat ‘halen naar’ wel heel erg lang duurt”, licht Alexander toe.

Metaforen
Dat het best een zwaar onderwerp is, geeft hij toe, maar het is luchtig door het simpele taalgebruik, beweging en spelelementen in het stuk te verwerken. De hoofdrollen worden gespeeld door zeven meisjes die elk vanuit hun pijn spreken en handelen. “Ik heb getracht om door het gebruik van veel metaforen de hardheid te doorbreken.

Weg! heeft zoveel betekenissen. De ouder die is weggegaan, de dood, maar ook weg uit moeilijke situaties.” Het element weerzien komt ter sprake wanneer de meisjes uit het tehuis moeten en de realiteit van het echte leven weer aan moeten. “Deze meiden hebben murengebouwd, als schild om pijn en verdriet af te weren. Deze muren dreigen om te vallen als zij voor de zoveelste keer weer afscheid moeten nemen van iemand die zij onmisbaar vinden”, legt Alexander uit. Het stuk gaat over één nacht in het leven van deze meisjes.

[uit de Ware Tijd, 05/09/2012]

zondag 6 mei 2012

Thalia 175 jaar: Opera Fatu Doro, ‘De prijs van Vrijheid’

door Els Moor

Thalia, midden 19de eeuw

Op 27 april 1837 werd het Toneelgezelschap Thalia opgericht. De eerste voorzitter was N.G. Vlier. Er waren vier bestuursleden, belangrijke heren in de koloniale maatschappij van toen. Doel was dan ook: ‘de uitbreiding van beschaving en verlichting’. Thalia is genoemd naar de Griekse godin Thaleia, de Muze van het blijspel. In 1840 was het theatergebouw gereed, een houten gebouw. Er konden 700 mensen in de zaal. Tussen toen en nu zijn er vaak verbouwingen geweest. Het gebouw was soms zo verwaarloosd dat men overwoog het af te breken. Maar Thalia bestaat nog, is een aan de eisen van deze tijd aangepast toneelgebouw en vierde de afgelopen week haar jubileum met Opera Fatu Doro De prijs van Vrijheid.

In de 19de eeuw werden er soms echt Italiaanse opera’s opgevoerd in Thalia. Toen was het repertoire Nederlands en Europees en het publiek wit of lichtgekleurd. Geen kinderen, geen slaven.

In de 20ste eeuw ging dat allemaal veranderen en na 1950 dekoloniseerde ook Thalia. Het publiek werd steeds breder en het repertoire Surinaamser. Een bijzondere opvoering was, al in 1956, Watra Mama, een bewerking in het Surinaams-Nederlands door Albert Helman van een Engelstalig stuk. Vanaf 1972 trad het Doe Theater van Thea Doelwijt en Henk Tjon regelmatig op. Thalia heeft een geschiedenis van vallen en opstaan, maar is rechtovereind gebleven en biedt nu voor ‘elck wat wils’. Het jubileumstuk De prijs van Vrijheid - libretto en regie: Alida Neslo - mag best een topper genoemd worden, een eigentijdse volksopera, wel geïnspireerd door de echt Italiaanse opera, maar tegelijkertijd wordt daarmee de spot gedreven.

Op het toneel staan ‘fatu banyi’, zoals de van restmateriaal in elkaar getimmerde banken, die men in volkswijken aantreft en waar de bewoners elkaar de laatste roddels en andere zaken uit de buurt vertellen. Vanaf twee zulke fatu banyi wordt de Opera Fatu Doro verteld en gezongen. Dat is een prachtige vondst: iets elitairs wordt volks gemaakt.

 De thematiek is gericht op de jonge mens. ‘Maar het is niet makkelijk om vrij te zijn’, zegt de hoofdfiguur Ogriboi vaak, nadat hij na opsluiting in de gevangenis de vrijheid gekregen heeft. Oudere en jonge mensen spelen in het stuk. Wilgo Baarn en Mavis Noordwijk, kopstukken op het gebied van cultuur, volkstoneel en film (Wilgo Baarn) en muziek (Mavis Noordwijk) en de superactieve Nederlandse acteur Guy Sonnen spelen samen met acteurs en musici van verschillende leeftijden. Jongeren vormen de meerderheid. Het vakmanschap van Clinton Kaersenhout die de rol van Ogriboi vertolkt is groot, maar ook alle anderen vervullen hun rol bewonderenswaardig en met veel enthousiasme. Het geheel is een moksi patu van toneel, muziek, beweging en beeldende kunst, met veel herkenbare symboliek.



De ‘Opera Fatu Doro’ bestaat uit veertien ‘Bewegingen’, gebaseerd op de veertien staties van de kruisweg. Een rake symboliek! Ogriboi ziet het leven in vrijheid immers alsof hij iets zwaars moet torsen. Bij elke ‘Beweging’ hoort een psalm die als inspiratiebron dient van de uiteindelijke tekst. Die is voor een groot deel gebaseerd op waar gebeurde feiten. Jongeren, pupillen van Santo Boma, die deelnamen aan het een jaar durende Resocialisatieproject, schreven teksten over hun problemen en daar komt veel tekst uit deze voorstelling vandaan. Ook vinden we in de teksten invloeden van Surinaamse culturen en situaties.

In de eerste ‘Beweging’ komt ‘Deurman’ van de gevangenis op. Met zijn gigantische sleutel is hij de enige die de deur mag openen, zodat de ‘vrijen’ de wereld weer kunnen betreden. Hij begint met: ‘Een nieuwe dag/ zoals alle andere/ Voor mij geldt alleen: Vandáág/ Gisteren is voorgoed verdwenen/ Voorbij/ Morgen bestaat niet’. Dit doet me denken aan de kinderen van de vijfde klas van de school in een inheems dorp in het verre binnenland, aan wie ik de tijden van het werkwoord zou uitleggen. ‘Verleden’ en ‘toekomst’ zijn lege begrippen voor hen; ze kennen alleen ‘vandaag’. Zelfs de woorden ‘gisteren’ en ‘morgen’ zeggen hun niks.

De tekst wordt onderbroken door percussie en zang terwijl Deurman danst met zijn sleutel. ‘Een deurman is een vroedvrouw die je veilig van de ene naar de andere wereld helpt.’


Santo Boma


Ook de vader van Ogriboi wordt bevrijd uit de gevangenis. Pa en zoon proberen te communiceren, maar het wordt niets. Pa is een egocentrische grappenmaker met veel bombarie. ‘Voor mij is het te laat/ Ik ben een soldaat van het kwaad/ Denk aan mijn eigen belang.’ Boi heeft niets aan hem en wil naar zijn moeder, maar eerst ‘skypt’ hij met een Hollandse meid, die ook nog eens ‘Stagaire’ heet!

Mati van Ogriboi komen dansend en zingend op. Ze willen hem helpen met veel godsdienstige dyugudyugu, met ook nog een aalmoezenier erbij, maar Boi wil dat niet. Hij wil concrete zaken, werk en de liefde van een vrouw... dan ziet hij zijn moeder (met veel gevoel gespeeld door Sandra Goedhoop) die in opera-achtige aria’s tot hem zingt. Het wordt allemaal niks: vader en moeder maken ruzie (om geld), moeder is emotioneel en sterft ten slotte. Ogriboi is alleen, met zijn vader aan wie hij helemaal niets heeft. De enige in het stuk die met de vrijheid kan omgaan is Deurman met zijn enorme sleutel.

En dan sluipt ‘Schaduw’ tussen alles door (Tolin Alexander), die helemaal behangen is met stropdassen - symbool van de dood - die kwaad is, maar ook goed, en van de tijd. Voordat de mens er was, was hij er al. Deze figuur geeft aanknopingspunten met een Afrikaanse cultuur.


Stagiaires


Het einde is een filmbeeld: Schiphol: De stagiaire zal het vliegtuig naar Suriname nemen. Loopt het goed af met haar en Ogriboi? We weten het niet... er blijft twijfel... En het koor zingt, alsof het uit de verte komt: ‘Te wan doro e tapu/ Wan fensre e opo.’

Thalia, de oude Muze, geeft ons een mooi jubileumcadeau met dit stuk dat het doel van 1837 - ‘beschaving en verlichting’ - een modern  jasje geeft. Een oude Muze kiest voor de jeugd van nu, laat zien hoe problematisch het kan zijn om als jongere je ‘vrijheid’ te krijgen. Is dat wel vrijheid? Hebben jongeren geen werkelijke steun nodig? Een actueel thema, ook als we Ogriboi zien als symbool voor ons land. Zogenaamd ‘vrij’, onafhankelijk. Maar kan het land dat aan? Pa is egocentrisch, ma gaat dood, de godsdienst helpt niet echt... Zo kun je overal symboliek in zien als kunst daarvoor open staat. De prijs van Vrijheid is onbetaalbaar!

maandag 30 april 2012

Opera Fatu Doro


door Carry-Ann Tjong-Ayong

Thalia brengt ter gelegenheid van haar 175ste verjaardag een opera. De regie, het libretto zijn in handen van de getalenteerde Alida Neslo. De perfect uitgevoerde muziek is van Pablo Nahar, Liesbeth Peroti en Marcia Reumel. Er is ook een fragment uit de Sroto Symfonia van Herman Snijders te horen.

Alida Neslo heeft hiermee bewezen dat Thalia en Suriname toe zijn aan nieuwe artistieke uitdagingen. De eerste Surinaamse opera  gebaseerd op een maatschappelijk probleem, de vrijlating van een criminele jongere en zijn vader uit de Santo Boma gevangenis en de moeizame terugkeer naar de maatschappij.

In 14 Bewegingen die parallel lopen met de 14 Kruiswegstaties van Jezus  wordt het verhaal van Ogri Boy weergegeven. Voor het libretto werd gebruikgemaakt van waargebeurde feiten, die werden opgeschreven door jongeren van het Resocialisatieproces te Santo Boma. Herkenbaar voor de toeschouwer, zoals de 300 seniore burgers die de generale repetitie bijwoonden opmerkten.

Het complexe stuk vraagt er eigenlijk om meerdere malen te gaan kijken en luisteren. Dan vallen pas de teksten op die als inspratiebron psalmen hebben, de toegevoegde teksten van Ignatius de Loyola, de Stabat Mater en de Westafrikaanse schrijver-filosoof A. Hampate B. Uit alle Surinaamse culturen zijn de invloeden merkbaar.

De hoofdrollen worden vertolkt door de speciaal uit Nederland overgevlogen Guy Sonnen (De Vader); Clinton Kaersenhout (De Zoon); Sandra Goedhoop (De Moeder). Tolin Alexander heeft een intrigerende rol als De Schaduw, die alle 14 Bewegingen met elkaar verbindt. Het koor, geleid door Mavis Noordwijk, zingt prachtig.

Alida Neslo laat zien hoe je met een minimum aan middelen decor en costuums overtuigend kan waar maken. De muziek ondersteunt het geheel volkomen.



Cat 29/4 2012

woensdag 11 januari 2012

Grote afsluiting Verenigde Dierenvergadering


Paramaribo - Het theaterstuk Verenigde dierenvergadering van de theatermaker Tolin Alexander zal voor een allerlaatste keer worden opgevoerd en wel op 14 januari in Theater Unique voor de vierdeklassers van Mulo Latour en de Calorschool. Het theaterstuk is geïnspireerd door het boek Animal Farm van George Orwell. Alexander wil de leerlingen middels dit stuk tonen wat er allemaal gedaan kan worden met een verhaal. De theatermaker koos speciaal voor deze doelgroep, omdat het volgens hem nu de periode is dat leerlingen literatuurboeken voor het mondelinge examen moeten lezen. Voor een vlot verloop heeft Alexander vooraf lesbrieven naar de desbetreffende scholen gestuurd.

Ondanks het feit dat de 20-jarige Syronne Selisi, een van de hoofdspelers uit zijn theaterploeg, een beenblessure heeft opgelopen, zal het theaterstuk gewoon worden opgevoerd. “De groep is groot, dus er zou indien nodig een andere speler kunnen invallen” bevestigt Alexander. Maar Selisi wil er niets van weten. “Al is dat hinkend, ik wil graag meedoen”, reageert zij. “Ik heb me er lang op verheugd, dus wil dit voor geen goud missen.”

Dankzij Alexander is zij meer van het theater/toneel gaan houden. “Ik ben door hem gemotiveerd. Vooral tijdens de workshop ‘impact’ waardoor ik meer in mezelf ben gaan geloven. Het was een geweldig leerproces met name het onderdeel improvisatie was een enorme eyeopener.”

Zij stond te popelen van ongeduld voor ‘het jaar van het talent’ dat nu voor de deur staat. De theatermaker noemt 2012 een jaar van talent, omdat hij in een nieuw muziektheaterstuk de talenten van de spelers verder zal uitdiepen.

25 spelers die dit project (Verenigde Dierenvergadering) succesvol hebben afgerond en tien spelers die hebben deelgenomen aan de gehouden workshops en productietrainingen krijgen op 18 januari een certificaat. “De certificaatuitreiking is naast een teken van erkenning ook bedoeld om het jaar 2012 goed in te luiden.” Aldus de regisseur.

Zondag organiseerde Alexander een evaluatiemiddag waarbij er gesproken werd over het afgelopen jaar en de nieuwe aspecten die de acteurs zullen toepassen. Volgens hem hebben zijn spelers een dosis aan theaterkennis opgedaan. Tolin belooft dat het eerste muziektheaterstuk voor 2012 een totaalpakket zal zijn.

11/01/2012

dinsdag 20 december 2011

Tihá/Troost nu ook in Suriname

Paramaribo - In ontspannen sfeer vertelde Raj Mohan zaterdagavond in Tori Oso in gesprek met Lila Gobardhan over zijn nieuwste gedichtenbundel Tihá/Troost. De in Nederland wonende zanger, dichter en componist is in Suriname voor de promotie van zijn nieuwe cd Daayra en de presentatie van zijn gedichtenbundel.

Tihá/ Troost is de tweede bundel van Mohan. Hij debuteerde in 2008 met Bapauti/Erfenis. Zowel in zijn eerste als tweede bundel speelt Sarnami, de moedertaal van de hindostanen in Suriname en Nederland een grote rol. De thema’s die in de nieuwe publicatie aan de orde komen zijn troost, ouderdom, dementie en spiritualiteit. In tegenstelling tot Bapauti heeft Mohan in het tweede boek niet alleen Nederlandse vertalingen van zijn Sarnami gedichten. Het boek bestaat uit twee delen: troost en ontwaken. Het tweede deel bevat zestien gedichten in het Nederlands die voornamelijk gaan over spiritualiteit. Het eerste deel telt zeventien gedichten en begint met ‘oma’. Op de vraag waarom hij per se in Sarnami schrijft, antwoordde Mohan dat hij een eigen stijl wilde creëren en iets wilde toevoegen aan de bestaande poëzie.



Raj Mohan in gesprek met Erwin Tolin Alexander. In zijn handen houdt hij zijn nieuwste gedichtenbundel Tiha/Troost. (Foto: @ Claudio Barker)

“Ik verdiepte me in de Surinaamse poëzie en miste een zekere mate van scherpte over thema’s in de taboesfeer zoals incest en vrouwenmishandeling. Zo kwam ik op het idee om in Sarnami te schrijven.” Volgens Mohan begrijpen mensen wat hij zegt als hij voordraagt en zingt in het Sarnami. “Maar het is inderdaad zo dat mensen niet graag in die taal lezen.” Mohan zei ook dat het niet zijn doel is om de taal te redden. “Ik volg mijn gevoel en probeer daarmee goede kunst te creëren. Maar ik ben geen taalredder. Sarnami is mijn moedertaal. In Suriname praten hindostanen geen Hindi, ze verstaan het wel redelijk. Maar als je iemand een microfoon in de hand stopt, dan zal hij er alles aan doen om in het Hindi te spreken, hoe moeizaam dat ook gaat. We hebben het idee dat Sarnami niet goed klinkt en plat is. Maar taal is niet beperkt, de mens is beperkt.” Zijn inspiratie om Sarnami te tillen naar een hoger niveau, put Mohan van Rabindrenath Tagore en Lieve Hugo. “Wat Tagore heeft gedaan met Bengali en Lieve Hugo met Dorina, dat wil ik bereiken met Sarnami.” Na het korte vraaggesprek droeg Mohan enkele gedichten uit de nieuwe bundel voor. Ook zong hij liedjes van zijn nieuwe cd.

[van de Ware Tijd, 20 december 2011, taalfouten verbeterd)

vrijdag 16 december 2011

Rudi Spa leidt Sranan Akademiya

Paramaribo - Na een lange inactieve periode heeft de Sranan Akademiya eindelijk een voltallig bestuur. De nieuwe voorzitter, Rudi Spa (foto rechts), noemt het een ‘alen sribi’ (Surinaamse omschrijving voor winterslaap) die de stichting heeft meegemaakt. Jarenlang stond ex-voorzitter Eddy van der Hilst er alleen voor om de organisatie te leiden.

De Sranan Akademiya die in 1983 officieel werd opgericht, stond voor het bevorderen van het Sranantongo, maar richtte later ook haar aandacht op het gebied van cultuur en de ontwikkeling van de eigen taal bij andere bevolkingsgroepen. Grondgedachte van de stichting verdeelt ‘fositen edeman’ van Sranan Akademiya, Hein Eersel, in drie colleges: wetenschap, cultuur en verspreiding van kennis. De introductie van het nieuw bestuur vond afgelopen woensdag plaats in Tori Oso. ‘Puwema uma’ Celestine Raalte deed een serie voordrachten uit haar nieuwste bundel Sapatiya, ‘dron man’ Henk Sako gaf een hoogstaande apinti performance en Eddy van der Hilst las een ludiek verhaal voor, geschreven door Ané (André Doorson).

In het filmpje gemaakt door Tolin Alexander vertelde Hein Eersel over het begin van Sranan Akademiya, dat ook een tijdje werd geleid door wijlen Hugo Overman. Van der Hilst, die later erbij werd gehaald als linguïst, leidde de organisatie vanaf 1988 tot twee dagen geleden. In de jaren tachtig werd de televisiecursus Skrifi Sranantongo verzorgd, maar van een Surinaams woordenboek is het tot heden niet van gekomen. Wel was het bestuur onder Van der Hilst er al ver mee gevorderd toen zij werd geconfronteerd met de moeilijke periode van SAP. Meer dan één baan, vertrek naar Nederland en het pro Deo werk, waren de gevolgen dat alleen Van der Hilst en Robert Wijdenbosch in het bestuur overbleven.

Laatstgenoemde kwam later te overlijden. In het nieuw bestuur komt Van der Hilst terug, maar dan als commissaris. De overige ‘tiri man’ en ‘tiri uma’ zijn: Helmut Gezius, Celestine Raalte en Rinaldo Tanawara. Voorzitter Rudi Spa noemde de punten waarop het bestuur zich de komende tijd wil gaan richten: radioprogramma, krant, kinderopstel en -gedichten, komediespel en verandering aan de negatieve teksten in de Surinaamse muziek. Hein Eersel geeft aan dat niet alleen in ‘alen ten’, maar ook in ‘drei ten’ het slapen kan gebeuren. “Dit is het jaar van de Afrikaanse Diaspora, grijp dit aan om te beginnen, maar begin niet aan een aantal projecten tegelijk,” liet Eersel weten. Hij gaf er de voorkeur om het ‘wortu buku’ (woordenboek) te hervatten. Hoewel de bevolking dagelijks Surinaams spreekt, weet niet iedereen dit correct te doen. Linguïst Van der Hilst: “Mensen denken teveel in het Nederlands, vanwaaruit ze het Sranantongo woord voor woord vertalen. Een spelling van een taal gebruiken voor een andere, dat kan niet!” Hij gaf een voorbeeld van verkeerd Sranantongo: ‘Mi si yu tap tv’. Vertaald betekent dit: ‘Ik heb je de tv zien dichtmaken.’

[uit de Ware Tijd, 12/12/2011; alle taalfouten rechtgezet]


zondag 23 oktober 2011

Muziektheaterstuk over Jozef

Paramaribo - Het eerste muziektheaterstuk The Battle Is Not Yours van het jongeren gospelkoor Hope & Togetherness, is gebaseerd op het bijbelsverhaal van Jozef, vertaald naar de hedendaagse situatie. Zowel de première, op vrijdag 28 oktober als de volgende voorstellingen (op 29 en 30 oktober), vinden in de Kathedraal aan de Henck Arronstraat plaats.

“We zochten naar een passend verhaal voor ons stuk en dat hebben we in ‘Jozef’ gevonden. Persoonlijk vind ik hem een van de leukste verhalen van de Bijbel”, vertelt Melisa Pocorni een der commissieleden belast met de organisatie. “Onze doelgroep is iedereen. Hebt elkaar lief en vergeldt geen kwaad met kwaad is de boodschap”. Het stuk is door de leden van Hope & Togerness zelf geschreven. De bekende toneelmaker Tolin Alexander doet de regie en voor de muziek zorgt het koor zelf, ondersteud door een band onder leiding van Diego Donk.


De cast van het eerste muziektheaterstuk van het jongeren-gospelkoor Hope Togetherness.

The Battle Is Not Yours vertelt het verhaal over een gezin van vijf, twee ouders en drie kinderen namelijk Rafael, Pareltje en Steven. De ouders zijn trouwe kerkgangers. Rafael volgt hen perfect op. Pareltje en Steven vertonen echter een tegenovergesteld gedrag. De titel van het muziektheaterstuk is afgeleid van het lied met dezelfde naam vertolkt door de gospelzangeres Yolanda Adams. Hope & Togetherness bestaat al 12 jaar.

[uit de Ware Tijd, 21 oktober 2011]

dinsdag 30 augustus 2011

Drama workshop

Op maandag 5 september verzorgt Tolin Alexander een drama workshop speciaal voor schrijvers of a.s. schrijvers in Suriname. Leer jezelf en je werk te presenteren.
Plaats: Kennedyschool, Paramaribo
Opgave en info: 8687763

zaterdag 2 juli 2011

Interguyanees Cultuurfestival

In verband met het door de OAS uitgeroepen jaar van de cultuur organiseert de Surinaamse overheid samen met Guyana en La Guyane een Interguyanees Cultureel Festival van 26 – 28 augustus 2011 in Suriname. De vervolgfestivals zullen in Guyana (2012) en La Guyane (2014) worden georganiserd. In 2013 wordt Carifesta in Suriname gehouden.


Tolin Alexander

Er worden zes aspecten van de respectievelijke nationale culturen belicht op dit festival: Podiumkunsten, Beeldende Kunsten, Literatuur, Mode, Crafts en Culinair. Voor Suriname is Schrijversgroep ’77 gevraagd als counterpart te fungeren voor het literair gedeelte. Op het literaire programma staan drie workshops, een paneldiscussie, algemene presentaties, tafelpresentaties en boekenverkoop. Voor de workshops wordt er een voorregistratie gehouden.


Registratie

De eerste dag van het festival, vrijdag 26 augustus, wordt besteed aan educatie. Literatuur, Beeldende vorming en Fashion verzorgen dan workshops. De workshops worden simultaan gegeven. De tijd is van 9.00 – 13.00u. De lokatie wordt nog aangewezen door Cultuur.

Literatuur heeft drie workshops, namelijk proza, poëzie en drama. Elke workshop wordt verzorgd door een Surinaamse schrijver samen met een Frans-Guyanese en een Guyanese schrijver, bijgestaan door tolken. Van Surinaamse kant zijn bij de workshops betrokken Sombra (Poëzie), Tolin Alexander (Drama), Ismene Krishnadath (Proza). Het maximaal aantal deelnemers is 20 per workshop. Geinteresseerden kunnen zich nu reeds registreren (Voor meer info email: schrijversgroep77@hotmail.com of telefonisch 520513/ 8912005).

zondag 12 juni 2011

Bami Cola, een oerknal!


door Els Moor

Voor de laatste voorstelling van Bami Cola was ik uitgenodigd door schrijfster Tessa Leuwsha en regisseur Tolin Alexander. Veel jongeren waren er in Theater On stage en dat ze genoten van het stuk was duidelijk hoorbaar in de donkere zaal. De titel, Bami Cola, eten en drinken waar jongeren van houden, geeft het al aan: de sfeer is helemaal van de moderne jeugd, met lekkere creatieve humor, veel liedjes met muzikale begeleiding en in het verhaal veel herkenbaars zoals onzekerheden over jezelf, het aftasten van liefde en vriendschap, het ‘buitengaatse’ liefdeleven van ouders en twijfel of Sranan wel zo ‘switi’ is.

De personages waarom het draait zijn Erich, een onzekere 14-jarige jongen, Mara, zijn buurmeisje en klasgenote op wie hij ook nog eens verliefd is, maar zij vindt hem een bobo, en Erichs moeder. Het stuk laat ons het leven van moderne jongeren zien, waarin ook veel traditioneels opduikt.

Een leidmotief is ‘de oerknal’. Erich moet voor geschiedenis een historische presentatie houden en hij kiest voor het ontstaan van onze aarde. Zijn moeder helpt hem met de voorbereiding. Ze doen het vanuit de visie van de evolutie, vanuit de ‘oerknal’. Zo zingt Erich het later voor Mara:
‘ Er was in ’t begin een grote knal/ The big-bang/ En dat was al/ Om de aarde te laten draaien/ Onze wereld te verfraaien/ Deze evolutie, een ware revolutie/ De oerknal/ En dat was al/ 't begin van donker, ‘t begin van licht/ Fossielen en reptielen, ze kwamen in zicht/ Di-nosaurus, ty-rannosaurus/ Rex/ De oerknal/ En veel veel later/ Ai, het is een kater/ Een grote aap/ zonder staart/ De mens [...]

Erich krijgt een 1 voor deze spreekbeurt van meester Godlieb (de naam alleen al). Hij is een vurig christen: ‘God heeft de wereld geschapen.’ Ma van Erich gaat naar de ouderochtend om bij meester Godlieb te klagen over deze ongenuanceerde aanpak. Weer een ‘oerknal’, ze worden verliefd op elkaar. Stof tot denken geeft het stuk dus ook, stof tot discussie over een onderwerp waarvan de verschillende kanten hier nog niet zo bespreekbaar zijn vanuit het voornamelijk godsdienstige denken. Bami Cola is wat dit betreft een kleine ‘ oerknal’.

vrijdag 10 juni 2011

Theaterstuk Verenigde dierenvergadering naar Djumu

door Claudine Saaki


Het theaterstuk Verenigde dierenvergadering, dat vorig jaar veel belangstelling genoot in theater On Stage in Paramaribo, maakt morgen haar doorreis naar het dorp Djumu. Veertig man, spelers en begeleiders, gaan naar het dorp.

In de pinkstervakantie die van 11 tot en met 14 juni duurt zal het project Brommen en Gieren met een theaterkaravaan die een onderdeel is van het Forum Tolin Toli Masanga (FTTM) haar doorreis maken naar de dorpen Asindonhopo, Bende Kondee, Godo en Bofukule.



Dit project heeft tot doel jongeren uit verschillende gezinsituaties door middel van theater meer zelfvertrouwen te geven. De jongeren kunnen op deze wijze veel van elkaar leren. Op alle locaties zal ook een workshop gegeven worden aan de plaatselijke jongeren. Kortom theater door het volk, voor het volk en naar het volk. “Een theaterstuk is een medium bij uitstek waar mensen zichzelf beter leren kennen, maar ook een hulpmiddel om zichzelf vrijer te kunnen uiten”, laat de theatermaker en projectcoördinator Tolin Alexander weten.

Het theaterstuk is een verhaal dat geïnspireerd is door de film The Animal Farm. Het stuk handelt over de dieren die op de boerderij zijn beland en om de beurt aan de macht komen om de boerderij in stand te houden. Maar ze maken er allemaal een potje van. Het is een jeugdvoorstelling met een ‘waarschuwing’ voor volwassenen, omdat zij herkenbare universele politieke systemen vertoont, maar daarnaast ook maatschappelijke issues uit de samenleving belicht.

Het voorbereidingswerk te Djumu is ook al geschied. “Er zijn eerder al lesbrieven over het theaterstuk naar de scholen te Djumu gestuurd en na de voorstelling zullen wij workshops verzorgen aan leerlingen”, verklapt Tolin. De theatermaker zegt voor deze dorpen gekozen te hebben, omdat hij de ‘achtergestelde positie’ van binnenlandbewoners wil doorbreken. “Als het in Paramaribo lukt, waarom dan ook niet in het binnenland? Het is wel een hoop werk, omdat wij sowieso ook met de ouders moeten afstemmen”, benadrukt hij.

Alexander werkt samen met HKU (Hogeschool voor Kunsten in Utrecht) aan het project. Van deze groep hebben de spelers nieuwe theatertechnieken aangeleerd: de manier waarop zij in het stuk met maskers kunnen acteren. Ook motoriek, dans en zang worden belicht. Zij worden begeleid en getraind door lokale theatermakers en deskundigen daarbuiten. Speciaal voor dit project is naar Suriname afgereisd de kinderpsycholoog en tevens theaterdocent Nienke van Sprang en Maarten Woestenburg die theaterwetenschappen en kunstbeleid hebben gestudeerd. Behalve de HKU werken ook mee aan het project Stichting COCON (Communicatie, Cultuur en Ontwikkeling), Theatre Embassy (TE), Pater Alhbrinck Stichting (PAS), Maria School en Stichting JOTA. Het project wordt voor een groot deel gesponsord door de Nederlandse Ambassade.

[uit de Ware Tijd, 10 juni 2011]

Reisverslagen in Siboga

Siboga, het cultuurhistorische tijdschrift over de Surinaamse Marronsamenlevingen is een uitgave van stichting Sabanapeti, het instituut voor Marrongeschiedenis en –cultuur in Utrecht. Het juninummer van Siboga (jaargang 21, nr. 1, 2011) staat in het teken van drie reisverslagen, die door verschillende Marrons gemaakt zijn. André R.M. Pakosie beschrijft in het artikel ‘Een zeer ontroerende ervaring. Mijn reis door Europa en het Midden- en verre Oosten’ zijn acht weken durende halve wereldreis in 1985 maakte samen met 138 andere vertegenwoordigers van negen grote wereldreligies. Dit gebeurde op uitnodiging van de International Religious Foundation in Barrytown in de staat New York. Pakosie vertegenwoordigde zelf tijdens dit seminar op een indrukwekkende wijze de Orale Religies (religies zonder boek). De landen die hij bezocht waren de V.S., Israël, Turkije, Italië, India, Thailand, Hongkong, Volksrepubliek China, Japan en Zuid-Korea. Hij bezocht vele historische en religieuze plaatsen.

De Marronvrouw Sherida Asinga groeit op in Paramaribo, ver weg van het woongebied van haar voorouders. Zij beschrijft in het artikel ‘Nieuwe herinneringen. Een reisverslag naar de Tapanahoni’ hoe zij oktober 2010 voor de eerste keer per boot vanaf Albina naar het binnenland van Suriname gaat, om kennis te maken met de cultuur en woongebied van de Ndyuka Marrons. In Diitabiki ontmoette zij de leider van de Ndyuka, de hoogbejaarde gaanman Gazon Matodja en maakte de festiviteiten mee rond de Dag van de Marrons, de dag waarop men de heldendaden van de Marronvoorouders herdenkt, waarmee zij de koloniale overheid dwongen om vredesverdragen met hen te tekenen. Inmiddels is deze dag een nationale feestdag in Suriname.

De bekende Surinaamse theatermaker Tolin Alexander van Marron afkomst beschrijft in het artikel ‘Zie waar vrijheid en risico een mens brengen kunnen’ zijn avontuurlijke, maar niet ongevaarlijke reis naar Ecuador, nabij de grens van Colombia in 2010. Hij was daar om theater te maken voor en workshops te geven aan mensen in dorpen en steden, die geteisterd worden door aanvallen van de Farc en andere rebellerende groeperingen.

Siboga is te bestellen via siboga@maroons-suriname.com

maandag 23 mei 2011

Vrolijke tienervoorstelling Bami Cola biedt volop hoop

door Diederik Samwel


Zaterdagavond is het muzikale toneelstuk Bami Cola in première gegaan in de uitverkochte zaal van theaterschool On Stage. Ook al ontbreekt het de jongeren op het toneel aan ervaring, de bezoekers komen vrijwel zonder uitzondering vrolijk grijnzend weer naar buiten.

Scène uit Bami Cola met links Giovanni Foort en rechts Eva Beeldsnijder.
Foto © Sirano Zalman

Bami Cola is een stuk voor en door jongeren vanaf tien jaar, geregisseerd door Tolin Alexander. Schrijfster Tessa Leuwsha baseerde het script op stukken die ze verzamelde na een training voor jong Surinaams schrijftalent, twee jaar geleden. Actrice Hylkia Lobmann is eigenlijk de enige ervaren kracht op en rond het podium. Haar twee tegenspelers Eva Beeldsnijder en Giovanni Foort debuteren in een grote rol, terwijl ook de muzikanten Arsenio Seedorf en Nephille Stekkel voor het eerst optreden in een grotere productie.

De drie acteurs weten niet altijd te overtuigen. Soms blijven ze te veel steken in gebaartjes en maniertjes, op andere momenten schort het aan timing en intonatie. Zo gek is dat niet want er wordt veel van hen gevraagd. Behalve acteren moeten ze ook nogal eens zingend, dansend of springend over de bühne. Maar het verhaal en ook de regie biedt hen niet altijd genoeg houvast. Want wanneer gaat een dialoog precies over in een liedje? En is het gedrag van de hoofdpersoon eigenlijk wel in overeenstemming met het karakter van een 14-jarige puber?

Bami Cola vertelt een verhaal over liefde, hoop en verlangen, “kortom over het leven zelf”, zoals de makers het zelf aankondigen. Daarin heeft de 14-jarige Erik (Foort) het zwaar. Zijn vader is ervandoor met een nieuwe vriendin, zijn moeder legt het aan met zijn geschiedenisleraar Godlieb en zijn liefde voor buurmeisje Mara (Beeldsnijder) blijft vooralsnog onbeantwoord. Wat kan hij anders dan lusteloos in zijn hangmat hangen? Maar ook dan is het oppassen geblazen voor Erik. Voor hij het in de gaten heeft, raakt hij verzeild in de zoveelste droom over een draak met vijf koppen en een grote sabaku die verdacht veel weg heeft van meester Godlieb.

Het tempo ligt aangenaam hoog en het publiek laat zich graag meevoeren met de plotselinge wendingen van het stuk. Dat ligt niet in de laatste plaats aan actrice Hylkia Lobmann. Ze heeft de zaal vrij snel voor zich gewonnen. Haar rol van bedrogen echtgenote ligt in het verlengde van haar recente optreden in het toneelstuk Onder vrouwen. En ook zonder vette tjoeries, uitdagend wiegende heupen en wellustig smakkende lippen zit die rol haar als gegoten.


Acteurs, regisseur en schrijfster Tessa Leuwsha (geheel links) nemen het applaus in ontvangst.
Foto © Sirano Zalman

Onder begeleiding van de jonge muzikanten Seedorf en Stekkel wordt het toneelspel voortdurend afgewisseld met liedjes. Dat blijkt overigens wel degelijk een functie te hebben. Want daar ligt uiteindelijk de redding voor hoofdpersoon Erik, die al zingend een volgepakt NIS aan zijn voeten weet te krijgen. De jonge cast van Bami Cola slaagt er nog niet in om de zaal volledig plat te krijgen. Maar met al hun durf, enthousiasme en talent is dat een kwestie van tijd.

Bami Cola is op zaterdag 28 en zondag 29 mei te zien in theater On Stage.

[tekst van Starnieuws, 23 mei 2011]