Posts tonen met het label Shrinivasi. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Shrinivasi. Alle posts tonen

maandag 19 mei 2014

De dichter en het woord

door Jerry Dewnarain

Bij uitgeverij In de Knipscheer is Tiri fu den wortu ... di no taki. De Stilte van het Ongesproken Woord verschenen, een multimediaal eerbetoon aan drie Surinaamse dichters: Trefossa, Shrinivási en Dobru.
In een opstel ‘Over nationale letterkunde’, gepubliceerd in Sticusa-Journaal van 1974 ontvouwde Albert Helman zijn visie op de vijf ontwikkelingsfasen in het ontstaan van een eigen literaire productie in de dekoloniserende landen. In de derde fase kenmerkt Helman de Surinaamse poëzie als volgt: ‘Er ontstaan sterker op het lokale milieu betrokken gedichten en echte streekverhalen en streekromans, al dan niet in de algemeen gangbare cultuurtaal of in een van de “vernaculars”. Gemakshalve worden beide taalsoorten (het Nederlands en het Sranan) vaak dooreengemengd, of opzettelijk, terwille van de lokale kleur, incidenteel of exclusief gebruikt. De gedichten zijn meest van lyrisch-protesterende aard of illustreren populaire slogans.’ De derde fase is de periode van eind jaren ’50 en de jaren ’60: veel protestliteratuur, volop ontplooiing van de volkstalen, verdieping in de historische anekdotiek. Voorbeelden hiervan zijn: ‘gronmama’ (Trefossa), ‘Suriname’ of ‘De dichter en het woord’ (Shrinivási) en ‘Holi Phagwa 1973’ of ‘geen plaats’ (Dobru).

Buste van Trefossa op de hoek van het Onafhankelijkheidsplein in Paramaribo.
Foto © Michiel van Kempen

Met andere woorden de periode 1957-1975 stond in het teken van het engagement met het volk, de strijdliteratuur en de nationale of nationalistische literatuur. Daarbij moet ook worden aangetekend dat deze periode verrassend veel werk opleverde dat meer dan een kwart eeuw later als gecanoniseerd zou gelden. Trefossa, Shrinivási en Dobru maken zeker deel uit van de Surinaamse poëziecanon. Dat bewijst ook de keuze van de dichters. Maar deze drie ‘groten’ zijn niet de enige grote Surinaamse dichters... er zijn er veel meer in dit poëzieland. In de inleiding van Cynthia Abrahams staat: ‘De gedichten zijn gekozen uit het werk van de drie meest geliefde dichters van Suriname, Trefossa, Shrinivási en Dobru.’ (p. 12) En Mavis Noordwijk zegt in een interview: ‘De manier waarop Trefossa typische Sranan-woorden en uitdrukkingen in zijn poëzie gebruikt, geeft een meerwaarde aan het Sranan. Hij is voor Suriname van buitengewoon grote betekenis zowel voor de literatuur als voor de cultuur geweest. Trefossa gebruikte in zijn vertalingen vaak beelden die aansluiten bij de Surinaamse belevingswereld’. (p. 28)

Shrinivási, april 2014
Foto © Michiel van Kempen
Shrinivási is de dichter die tegenstellingen overbrugt of met elkaar verzoent: die tussen het district en de stad of die tussen religies (hindoeïsme en christendom). Maar hij brengt ook talen bijeen, want hij schrijft in het Nederlands, Hindi, Sarnámi, wat hij steeds vergezeld doet gaan van een eigen vertaling in het Nederlands. Shrini is eigenlijk ook de dichter van ballingschap en vervreemding. Een terugkerend thema is de pijn van ballingschap en vervreemding. Het gedicht ‘Deháti’ uit Anjali is zo een voorbeeld (p. 48). Dobru is het Sranan-woord voor dubbel en is afgeleid van zijn initialen R(obin) R(aveles). Terugkerende thema’s in zijn werk zijn: vaderlandsliefde, het bekritiseren van sociale wantoestanden, de eenwording van het Surinaamse volk, liefde en armoede. Al in 1965 schreef hij zijn gedicht ‘Wan’ of ‘Wan bon’, geïnspireerd door het nationaal jeugdcongres dat in Paramaribo werd gehouden. Dit gedicht is intussen uitgegroeid tot het nationale gedicht en neemt in de multiculturele Surinaamse maatschappij een centrale plaats in (p. 76). De boom staat symbool voor Suriname en de bladeren voor de diverse bevolkingsgroepen in het land, dat één moet worden.

Saxofoniste Sanne Landvreugd speelt mee op de cd.
Foto © Michiel van Kempen
Kortom Tiri fu den wortu ... di no taki. De Stilte van het Ongesproken Woord is een mooie, informatieve en zeer creatieve uitgave waarin poëzie van drie stonfutu Surinaamse dichters Trefossa (Henny de Ziel), Dobru (R. Raveles) en Shrinivási (Martinus Lutchman) is verwerkt tot prachtige muziek op dvd. Dave MacDonald (singer/songwriter) componeerde muzikale gedichten die worden vertolkt door een groep artiesten, onder wie Desiree Manders, Claudio Ritfeld, Julya Lo’ko, Martin Buitenhuis, Zanillya Farrell, Raj Mohan, Sim’Ran, Norman van Geerke, Sarah-Jane Wijdenbosch en Sanne Landvreugd. Er is gestreefd naar een harmonieus samengaan van woord en muziek, een ‘blend’ van literatuur en muziek; zo verwoordt Cynthia Abrahams het in haar inleiding (p. 12). Het is ongetwijfeld een bijzondere manier van documenteren van de rijkdom van gemeenschappelijk Surinaams cultureel erfgoed. Ieder van de drie dichters heeft zijn eigen prachtig vormgegeven deel van het boek gekregen, met veel foto’s, informatie over hun leven en werk door kenners en uiteraard een keuze uit hun gedichten.

De invloed van de drie behandelde dichters op de Surinaamse literatuur is bijzonder groot. Tiri fu den wortu ... di no taki. De Stilte van het Ongesproken Woord is een sieraad voor elke liefhebber van de Surinaamse literatuur. Ook jongeren kunnen op een moderne manier kennis maken met dit muzikaal bewerkte culturele erfgoed en zelfs aangespoord worden werken van Surinaamse dichters te gaan lezen en deze creatief te gebruiken.
Cynthia Abrahams

Cynthia Abrahams, Hein Eersel, Geert Koefoed (samenstelling en inleidingen): Tiri fu den wortu ... di no taki. De Stilte van het Ongesproken Woord. Dobru, Shrinivási, Trefossa. Drie Surinaamse dichters op muziek gezet. Boek en dvd. Haarlem: In de Knipscheer i.s.m. IKO Foundation, 2014. ISBN 978 90 6265 852 7


Shrinivási - De dichter en het woord (Kavi aur shabd)

Wat zijn woorden eigenlijk?
Een land.
Het vaderland van de dichters.
De woonplaats van de dichters.

Wat zijn woorden eigenlijk?
Een mond.
Zij schenken troost
en scheppen geluk.
Vrucht van de gedachten
en uiting van het hart zijn zij.

Wat zijn woorden eigenlijk?
Een ploeg.
De menselijke gemeenschap is de grond.
De dichter de ploeger ervan.

Wat zijn woorden eigenlijk?
Een krans.
Van dankbaarheid
de toetssteen.
Het kenmerk van dichters geheim.
Teken en schepping van zijn mond.

Wat zijn woorden eigenlijk?
Een land.
Het dierbare Vaderland van
de dichters.
Zij vormen de grootheid van de dichters.



[in: Pratikshá, 1968]


maandag 7 april 2014

De stilte van het ongesproken woord

Een fotoreportage van de première in het Bijlmerparktheater, 6 april 2014



door Johan Janssen

De Stilte van het Ongesproken Woord is een programma gewijd aan de Surinaamse dichters Dobru, Trefossa en Shrinivási. Teksten van deze dichters zijn verwerkt tot muzikale composities door Dave Mac Donald en Robin van Geerke.



Deze muziek is in diverse stijlen, wereldmuziek, kaseko, R&B, jazz en soul. Daarnaast is er Spoken Word, beeld en ook meer theatrale uitingen.
Deze mix is moeilijk te beschrijven, maar het heeft mij zeer geboeid.
Ga het daarom zelf zien: nog op 8 april in Theater Corrosia Stad in Almere (20:30)


Vocals: Chy-Kyria Mezas, Robert Harman en Lucas Sheperd
Spoken Word: Zanillya Farrell
Spoken Word/Vocals: Raj Mohan
Gitaar: Dave MacDonald
Saxofoons: Sanne Landvreugd
Piano/Keyboard: Robin van Geerke
Tabla: Suresh Sardjoe
Bas: Pat Winterdal
Beeld: Antoinette van Maarschalkerwaart
















Nazaten van Dobru en Trefossa ontvangen de eerste exemplaren van het boek met dvd.










dinsdag 25 maart 2014

Musical Lezen verbindt schrijver en kind

Sandra Purperhart
door Jetty Polanen

De Nationale Stichting Kinderboekenfestival Suriname heeft als goede gewoonte om ieder festival te openen en af te sluiten met een musical. De musicals worden geschreven, samengesteld, geproduceerd, ingestudeerd en verzorgd door Sandra Purperhart die zo al heel wat prachtige musicals op haar naam heeft staan. Sommige musicals gaan over het district waar ze worden opgevoerd. Er is een prachtige musical over Brokopondo met als hoofdrolspeelster Kopro Kanu. Er is er een over Sipaliwini, Commewijne en Nickerie. Maar Sandra heeft ook musicals gemaakt naar aanleiding van een boek. Twee jaar geleden werd Alleen op de wereld opgevoerd, het thema van het Kbf was toen de klassiekers, boeken die altijd gelezen zullen worden en die nooit uit de tijd raken.

Dit jaar heeft Sandra Purperhart voor het Kbf-Paramaribo het boek Lezen verbindt schrijver en kind als uitgangspunt gekozen. Het boekje is door de Stichting Projekten uitgegeven in 2000, inderdaad 14 jaar geleden, en het wordt nog steeds gelezen!!! Een Surinaamse klassieker dus.

Lezen verbindt... is een bundel met een aantal gedichten en korte verhalen van verschillende schrijvers. De kinderen die de lezertjes uitbeeldden, noemden in het kort een paar werken, maar de musical ging over het verhaal ‘De groente-oorlog’ van Orlando Emanuels. U kent het verhaal allemaal vast nog wel: de groenten, het ei en de kokosnoot vechten over wie het belangrijkst in de keuken is. Wie kan absoluut niet gemist worden? Wie is de smaakmaker? Het gevecht is oeverloos want iedereen vindt zichzelf net even belangrijker en net een beetje meer onmisbaar dan de ander. De kleine rode peper doet daar nog een schepje bovenop maar dan zegeviert het gezonde verstand: ‘Iedereen is even belangrijk en we kunnen niet zonder elkaar. Samen zorgen we ervoor dat mensen gezond kunnen opgroeien.’

Maar hiermee was de musical nog niet afgelopen. Het prachtige, unieke, klassieke en zeer actuele gedicht van Shrinivási werd toen niet alleen belicht maar ook uitgebeeld: een grote Surinaamse vlag omhulde alle kinderen op het podium. Het was werkelijk een aangrijpend moment dat in woorden minder duidelijk is dan in beeld. En met dit prachtige gedicht sloot de musical ‘Lezen verbindt schrijver en kind’ af:

Ik zou jullie willen binden
tot één volk
zonder dat dit een sprookje blijft
want in woord zijn wij surinamer
maar in daad nog steeds neger
hindoestani, javaan of chinees

kon ik jullie huid veranderen
je hart genezen
in één volmaakt gebed
het zoveelste verzoek:

loop niet blind door dit land meer
speel met kinderen die je bloedgroep niet dragen
spreek de talen van al onze volken
zoals je eet het menu van de wereld

ik zou jullie willen binden
tot één volk
zonder dat dit een sprookje blijft.

Shrinivási (in: Een weinig van het andere. In de Knipscheer, 1984)


maandag 17 maart 2014

dinsdag 11 maart 2014

Muzikaal Educatief Dichtersproject Silence of the unspoken Word

De band met tweede van links Dave MacDonald en rechts Robert-Hardam Sordam
Foto © Michiel van Kempen
Binnenkort wordt het project Silence of the unspoken Word wereldkundig gemaakt. Het project werd in 2006 geïnitieerd door componist Dave MacDonald en wordt gerealiseerd onder auspiciën van de IKO Foundation in nauwe samenwerking met de R. Raveles Dobru Stichting, de H.F. de Ziel Trefossa Stichting en Dhr. M. Lutchman.

Het project bestaat uit de vervaardiging en distributie van een dvd-in-boek (Tiri fu den wortu di no taki), en Theater- en Schoolconcerten (De Stilte van het ongesproken Woord) gebaseerd op gedichten van Dobru (R. Raveles), Trefossa (Henri de Ziel) en Shrinivasi (Martinus Lutchman).

IKO Foundation erkent het belang van de drie dichters bij het ontstaan van het geloof in eigen kunnen en onafhankelijkheid, en wil deze voor het voetlicht plaatsen.

Dave MacDonald. Foto © Michiel van Kempen
DVD
Door componist Dave MacDonald en arrangeur Robin van Geerke zijn gedichten van de drie roemrijke Surinaamse dichters verwerkt tot prachtige muziekcomposities en deze zijn vertolkt door een unieke en zeer diverse groep artiesten, waaronder DesRay Manders, Claudio Ritfeld, Julia L’oko, Martin Buitenhuis, Zanillya Farrell, SimRan, Raj Mohan, Norman van Geerke, Robby Harman, Sanne Landvreugd, Sarah-Jane Wijdenbosch. Onder regie van Vincent Soekra is een concertregistratie met deze artiesten met vier camera’s vastgelegd voor DVD.

Shrinivasi en Giselle Ecury
Boek
Onder eindredactie van Cynthia Abrahams is een Boek tot stand gekomen waarin de dichters en hun werken worden gekarakteriseerd door een aantal prominente kenners en liefhebbers van literatuur, waaronder Ismene Krishnadath, Hans Breeveld, Cynthia McLeod, Satya Jadoenandansing, Mavis Noordwijk, Lila Gobardhan, Geert Koefoed, Hein Eersel, Rutu Raveles, Gerrit Barron, Chandra van Binnendijk.

Educatie
Doel van dit muzikaal bewerkte cultureel erfgoed is om - via het onderwijs in de Nederlandse taalgebieden – vooral jongeren op interactieve wijze kennis te laten maken met literatuur en dichtkunst in het algemeen en met de drie grote dichters in het bijzonder, zodat zij het op hun beurt weer over zullen willen dragen aan volgende generaties. In Nederland wordt een “De Stilte”-Lesbrief gemaakt in samenwerking met de School der Poëzie. Het plan is om in samenwerking met locale deskundigen ook in Suriname een Lesbrief te laten vervaardigen en door middel van workshops docenten te ondersteunen bij het verzorgen van het “Tiri”-lesprogramma.

R. Dobru
Release
Lange tijd is gestreefd naar simultaneïteit in de implementatie van het project in Nederland en Suriname. Omdat er op dit moment in Suriname nog hard geïnvesteerd moet worden in de relatie met sponsors en onderwijsinstellingen, is besloten alvast een 1e oplage dvd-in-boek te persen speciaal voor de Nederlandse markt.

Op 6 april 2014  hopen wij het eerste exemplaar dvd-in-boek te overhandigen aan de portefeuillehouders Onderwijs en Cultuur van het Stadsdeel Amsterdam Zuidoost, tijdens een muzikale presentatie van het “Silence”-project in het Bijlmerpark theater.
Saxofoniste Sanne Landvreugd
Foto © Michiel van Kempen

Optredens
4 april, MC Theater, Amsterdam  20:30 uur
 www.mconline.nl  € 12,50 / €10,- 
6 april, Bijlmer Parktheater, 15:00 uur 
Première en release DVD-in-Boek
 www.bijlmerparktheater.nl  € 13,50 
8 april, Corrosia Stad, Almere 20:30 uur
 www.corrosia.nl  € 15,- / €13,-


www.unspokenwordcrossover.nl
www.iko-foundation.nl
IKO Foundation
Postbus 2725
1000 CS Amsterdam
+31(0)653157596

zondag 16 februari 2014

‘Poëzie is een mysterie’

door Jerry Dewnarain
  
Remco Campert.
Foto @ Klaus Koppe
Iedereen weet wat film of muziek is. Maar wat poëzie is, dat is kennelijk moeilijk. Afgebroken regels met veel wit eromheen? Het hoeft niet per se te rijmen. Een bijzondere vorm van taalgebruik? Ook niet, er zijn ook dichters die heel gewone spreektaal schrijven zoals in de moderne Surinaamse poëzie Karin Lachmising dat doet. Veel mensen hebben het idee dat poëzie moet rijmen en over gevoel gaat, iets wat haaks staat op wat de meeste moderne Nederlandse dichters sinds het begin van de vorige eeuw beogen. Maar binnen de kring van mensen die ervoor hebben doorgeleerd kan zelfs moeilijk overeenstemming worden bereikt over wat poëzie nu precies is. Het onderstaande gedicht is van de bekende Nederlandse dichter Remco Campert (1929), lid van de vernieuwende dichtersgoep ‘De Vijftigers’. De bundel Het huis waarin ik woonde (1955) bevat het meest geciteerde gedicht van Campert. Het gedicht ‘Poëzie is een daad...’ is een verklaring van wat poëzie is en kan zijn:

Poëzie is een daad
van bevestiging. Ik bevestig
dat ik leef, dat ik niet alleen leef.

Poëzie is een toekomst, denken
aan volgende week, aan een ander land,
aan jou als je oud bent.

Poëzie is mijn adem, beweegt
mijn voeten, aarzelend soms,
over de aarde die daarom vraagt.

Voltaire had pokken, maar
genas zichzelf door o.a. te drinken
120 liter limonade: dat is poëzie.

Of neem de branding. Stukgeslagen
op de rotsen is zij niet werkelijk verslagen,
maar herneemt zich en is daarin poëzie.

Elk woord dat wordt geschreven
is een aanslag op de ouderdom.
Tenslotte wint de dood, jazeker,

maar de dood is slechts de stilte in de zaal
nadat het laatste woord geklonken heeft.
De dood is een ontroering.

[Remco Campert in ‘Het huis waarin ik woonde’ (p. 29)]

In dit gedicht zit veel minder zelfkritiek dan in andere bundels van deze dichter. Het gaat niet over de moeilijkheden van het dichten, maar de mogelijkheden en de betekenis die poëzie kan hebben. De bundel sluit dan ook beter aan bij Camperts eerdere werken. De poëzie kan iets betekenen, ook al is het maar tijdelijk. Er komt geen overwinning op de dood, maar poëzie kan wel een gooi doen naar de eeuwigheid, precies zoals Shrinivási dat ook bedoelt in zijn vele gedichten.

Shrinivási op Curaçao
Shrinivási: ‘Er is veel wonderlijks te zien’
De Surinaamse dichter Shrinivási (1926) woont al enige jaren op Curaçao. Na een langdurig ziekbed is de dichter weer goed opgeknapt. In een interview in januari 2014 vertelt Shrini diepgaand over zijn jeugd en zijn dichterschap. Volgens hem begint alles met verwondering: de eerste woordjes, grote liefde, de ontdekking van het nog ongekende of het ‘Andere’. Wie zich openstelt en onbevangen naar de wereld kijkt, verbaast zich: er is veel wonderlijks te zien, er is veel verrassends te beleven. Daarover gaat poëzie, vindt Shrinivási. Poëzie heeft de kracht om je onverwacht de verrassende andere kant van dingen te laten zien. Hij heeft de bewondering voor dat wat alledaags is, het gewone menselijke en het ‘Andere leven’, het leven ná dit leven, het transcendente.

Lotusblad
dat het water
raakt
en
niet raakt
van deze wereld
en
niet van deze wereld

[in Hecht en Sterk, 2009, p. 11]

 Shrini overstijgt zichzelf met dit gedicht of met het gedicht ‘Curaçao, 2009’:

Strakke wind
in de kroon van een kokospalm zijn takkenstelsel
achterwaarts gedrukt
door de passaat.

Shrinivási zegt dat hij zijn gedichten op eenzelfde manier maakt, vanaf het begin tot het einde en met dezelfde thema’s. Zijn gedichten beginnen als een verhaal over verlangen, over dromen, over een visioen en eenheid. Thema’s over pijn in het persoonlijk leven en de extase van het samenzijn (harmonie) treft de lezer ook aan. Maar al die dromen over eenheid en de verzoening tussen mensen komen niet altijd uit. Er is ook desillusie, woede, machteloosheid. De dichter heeft een ‘open’ oog voor alles wat hij nu meemaakt. Het zijn als het ware herinneringen in de maak, bijzondere kleine dingen die hij nu, hier en op Curaçao meemaakt. Hij is ontvankelijk voor het bijzondere, voor het ‘Andere’ in de dingen van deze wereld:

In banen zonlicht
door spleten in de plankenwand
draaien en dansen
stofdeeltjes
als in een vrolijk, opgewonden
ban ban pasa un rondo

[Hecht en Sterk, p. 25]

 Zij die de werken van Shrini kennen, weten dat hij ook beschouwelijk dicht: gedichten met vragen over het leven, de dood en het samenzijn.

Met dank aan Shrinivási voor zijn medewerking.


Shrinivási - Iets en zijn waarom

Zie je
alles ontvalt je
de details ben je vergeten.

De boom laat
elke dag
een blad los.

Rondom de stam
versteent de grond.

Alles ontgaat je
De kinderen zeggen:
dat weten wij allang…

Je kunt het niet overdenken.
Een lach verraadt
iets en zijn waarom.
Maar verder kom je niet.
Je bent het gelijk weer kwijt.
En je vertelt
van vroeger
en verzwijgt
de boom in bloei
waaraan de vruchten
tot takkenbrekens toe
hingen te lonken.

En nu
zo laat in het seizoen
tegen de mond van
een nieuw gebeuren
tasten de handen
naar het eerste wonder.


[uit Shrinivási, Hecht en sterk, Haarlem: In de Knipscheer, 2012]


Boom in Suriname. Foto @ Nijssen

woensdag 18 december 2013

Cultuur Top Vijf 2013 Werkgroep (4)

Het eind van het volle jaar 2013 zit er bijna op. Caraïbisch Uitzicht vroeg alle leden van het Bestuur, de Adviesraad van de Werkgroep Caraïbische Letteren en de mensen die dit jaar een opdracht kregen om hun top-vijf van culturele evenementen die zij het afgelopen jaar hebben bijgewoond of de beste boeken die zij lazen. Vandaag de vierde aflevering: verhalenstrijfster, directeur van de Schrijversvakschool Paramaribo en Adviesraadslid Ruth San A Jong.

Michael Slory bij Ruth San A Jong aan huis

1.
Het voorrecht Michael Slory in m’n huiskamer te hebben bij de lancering van zijn dichtbundel Torent een man hoog met zijn poëzie (uitgegeven door In de Knipscheer) op 23 september 2012 (het jaar 2013 duurde lang…) bij de Vereniging Ons Suriname te Amsterdam, live via skype.

2.
Ook het boek van Shrinivási, de pionier in de dichtkunst, Hecht en sterk (In de Knipscheer), te mogen verkopen en er iets mee doen samen met Geert Koefoed die het nawoord deed en een hele tournee rond het boek in Nickerie en Paramaribo verzorgde. Shrini woont op Curaçao en is niet meer in staat te reizen.

3.
André Loor
De laatste uitgave van Suriname’s nationale historicus: André Loor vertelt (VACO).

4.
De opening van de Faculteit Humaniora van de Anton de Kom Universiteit van Suriname in december 2010 (jaja, het jaar 2013 wordt nog langer).

5.
Shrinivási en Karin Lachmising op Curaçao
De literaire avond van de Schrijversvakschool, de enige in het Nederlandstalig Caribisch gebied bij gelegenheid van de viering van haar vijfjarig bestaan, met het sterke debuut van Karin Lachmising, Nergens groeit een boom die haar aarde niet vindt (In de Knipscheer), en het afstuderen van twee veelbelovende student-auteurs Iraida van Dijk-Ooft en Sakoentela Hoebba. Ook de start van een jeugdproject waar kinderen in de leeftijdscategorie 9-14 creatief leren schrijven. 

donderdag 7 november 2013

Dave MacDonald's band sluit lustrumviering af

Dave MacDonalds band tijdens Keti Koti 2012 in Amsterdam


Dave MacDonald met zijn elfkoppige Tiri Fu Bari band zal het slotoptreden verzorgen van de lustrumviering van de Werkgroep Caraïbische Letteren op 6 december a.s. David MacDonald nam poëzieteksten van Trefossa, R. Dobru en Shrinivási en zette die op muziek, telkens met een geheel andere klankkleur, soms intimistisch, soms op een spetterende kaseko. Het belooft een waar spektakel te worden in het Theater van 't woord, dat is de grote theaterzaal op de zevende verdieping van de Openbare Bibliotheek Amsterdam, want aan MacDonald's band gaan drie andere, zeer uiteenlopende groepen en één pianosolist vooraf.

En alsof het niet op kan: Na de formele afsluiting van de viering in de grote zaal speelt Dave MacDonald nog zelf in de foyer enkele nummers samen met de saxofoniste van zijn band, Sanne Landvreugd. Voor het complete programma: klik hier.


Dave MacDonald

Sanne Landvreugd
*