Dit is de vroegere versie van Caraïbisch uitzicht van de Werkgroep Caraïbische Letteren. Sinds vrijdag 23 mei 2014, 18.00 uur wordt deze blogspot niet meer geüpdate. U kunt deze plek nog wel blijven bezoeken, maar voor actuele berichten dient u te gaan naar de nieuwe site!
Posts tonen met het label Noré Annel de. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Noré Annel de. Alle posts tonen
maandag 14 mei 2012
Annel de Noré
Portret van de Surinaamse schrijfster Annel de Noré, gemaakt door de in Suriname werkzame fotograaf Nicolaas Porter. Nr. 48 in de reeks fotoportretten die Porter in opdracht van de Werkgroep Caraïbische Letteren maakt. Klik op afbeelding voor groter formaat. De foto op groot formaat is ook te bestellen bij de fotograaf; voor informatie kunt U mailen naar: nicolaasporter@hotmail.com. Wie de hele reeks wil zien kan hieronder klikken op het label Werkgroepportretten.
donderdag 21 juli 2011
De slechtste mens heeft nog iets goeds
De rubriek Herlezen vraagt aandacht voor boeken die langer geleden zijn verschenen en de moeite van het herlezen waard zijn. Suggesties? Laat het ons weten via ons emailadres. Vandaag Annel de Noré en Erich Zielinski.
door Jos de Roo
Hoe schrijvers in het Nederlandstalig Caribisch gebied tegen hun omgeving aankijken, weten we eigenlijk niet, omdat hun werk nauwelijks tot Nederland doordringt. Er is hier wel een uitgebreide migrantenliteratuur, maar daaruit komen we vooral te weten wat de migrant in Nederland ervaart. Twee nieuwe boeken uit het Caribisch gebied zelf laten zien dat schrijvers dáár heel andere oriëntatiepunten hebben.
De Surinaamse Annel de Noré bewijst met de bundel Het kind met de grijze ogen dat haar mooie debuutroman De bruine zeemeermin van vier jaar geleden geen toevalstreffer was. Haar verhalen kennen één opvallende constante: geen van de personages is wat hij lijkt te zijn. Slachtoffers worden daders en keiharde zakenlui veranderen in romantische kunstenaars. Mensen kennen hun ware aard niet, suggereert De Noré, want die begeeft zich tussen tegenpolen: ,,Er is zoveel goeds in de slechtste van ons en zoveel slechts in de beste van ons, dat geen van ons iets kan zeggen over één van ons.''
Een verklaring voor dit antipodisch gedrag is te vinden in het titelverhaal 'Het kind met de grijze ogen'. Daarin wordt verteld over de Indiaanse, mythologische figuur Amanna, symbool voor het leven dat telkens in een andere vorm doorgaat. Toen de Europeanen Zuid-Amerika veroverden, kreeg Amanna een kind van een conquistador en dat heeft ze bij hen achtergelaten. ,,Dit weeskind met onzuiver dubbel bloed werd alleen gelaten bij en tussen zijn bloedeigen vijanden. Maar hij was de eerste van een nieuw volk. Hij zat vol leven.'' Zo maakt De Noré duidelijk dat die mysterieuze spanning tussen tegengestelde polen Surinamers een vitale levenskracht verleent.
Die mengvorm van mythe en alledaagse realiteit tekent ook het verhaal 'De zwarte wolk'. Het speelt zich af tijdens de militaire dictatuur van Bouterse en begint bij een uit de hand gelopen arbeidsconflict, waarbij de sergeanten de macht grijpen. Al gauw krijgt het verhaal een mythologische dimensie. Dat de armoede niet verdwijnt, zou door de bosgeesten komen, die als zwarte wolken de hoofden van hebzuchtige types binnendringen. Pas tijdens een expeditie die bedoeld is om deze geesten uit te schakelen beseft Boss, de expeditieleider, dat het kwaad uit de expeditieleden zelf voortkomt.
Realistischer is De Engelenbron, het debuut van de 62-jarige Curaçaose advocaat Erich Zielinski. Met duidelijk plezier beschrijft hij het bruisende leven in de Curaçaose volksbuurt Otrobanda. Centrale figuur is Monchín, een voormalig motoragent, die ontslagen is omdat hij naakt uit een bordeel de straat opliep. Dat was op zichzelf niet zo erg, maar de kranten gingen erover schrijven, zodat het een politiek gevoelige zaak werd. De macho Monchín heeft groteske trekken die hem onvergetelijk maken. Zo heeft hij zijn motor verankerd op een cementen sokkel, elke maand start hij hem om denkbeeldige ritten op de stilstaande motor te maken. Zielinski's levendige debuut is ook een eer
betoon aan een volk dat zelf de handen uit de mouwen steekt om rond te komen, ook al gaat dat op een manier die de officiële wereld niet accepteert - bijvoorbeeld via de handel in drugs.
Kennelijk leeft bij deze twee Caribische schrijvers het besef dat goed en kwaad met elkaar zijn verbonden. Ze omarmen hun werkelijkheid, al zien ze de fouten van hun landgenoten ook. Ze wijzen niet met een beschuldigende vinger naar Nederland: die werkelijkheid speelt in hun verhalen geen rol.
[uit Trouw, 14-8-2004]
door Jos de Roo
Hoe schrijvers in het Nederlandstalig Caribisch gebied tegen hun omgeving aankijken, weten we eigenlijk niet, omdat hun werk nauwelijks tot Nederland doordringt. Er is hier wel een uitgebreide migrantenliteratuur, maar daaruit komen we vooral te weten wat de migrant in Nederland ervaart. Twee nieuwe boeken uit het Caribisch gebied zelf laten zien dat schrijvers dáár heel andere oriëntatiepunten hebben.
De Surinaamse Annel de Noré bewijst met de bundel Het kind met de grijze ogen dat haar mooie debuutroman De bruine zeemeermin van vier jaar geleden geen toevalstreffer was. Haar verhalen kennen één opvallende constante: geen van de personages is wat hij lijkt te zijn. Slachtoffers worden daders en keiharde zakenlui veranderen in romantische kunstenaars. Mensen kennen hun ware aard niet, suggereert De Noré, want die begeeft zich tussen tegenpolen: ,,Er is zoveel goeds in de slechtste van ons en zoveel slechts in de beste van ons, dat geen van ons iets kan zeggen over één van ons.''
Een verklaring voor dit antipodisch gedrag is te vinden in het titelverhaal 'Het kind met de grijze ogen'. Daarin wordt verteld over de Indiaanse, mythologische figuur Amanna, symbool voor het leven dat telkens in een andere vorm doorgaat. Toen de Europeanen Zuid-Amerika veroverden, kreeg Amanna een kind van een conquistador en dat heeft ze bij hen achtergelaten. ,,Dit weeskind met onzuiver dubbel bloed werd alleen gelaten bij en tussen zijn bloedeigen vijanden. Maar hij was de eerste van een nieuw volk. Hij zat vol leven.'' Zo maakt De Noré duidelijk dat die mysterieuze spanning tussen tegengestelde polen Surinamers een vitale levenskracht verleent.Die mengvorm van mythe en alledaagse realiteit tekent ook het verhaal 'De zwarte wolk'. Het speelt zich af tijdens de militaire dictatuur van Bouterse en begint bij een uit de hand gelopen arbeidsconflict, waarbij de sergeanten de macht grijpen. Al gauw krijgt het verhaal een mythologische dimensie. Dat de armoede niet verdwijnt, zou door de bosgeesten komen, die als zwarte wolken de hoofden van hebzuchtige types binnendringen. Pas tijdens een expeditie die bedoeld is om deze geesten uit te schakelen beseft Boss, de expeditieleider, dat het kwaad uit de expeditieleden zelf voortkomt.
Realistischer is De Engelenbron, het debuut van de 62-jarige Curaçaose advocaat Erich Zielinski. Met duidelijk plezier beschrijft hij het bruisende leven in de Curaçaose volksbuurt Otrobanda. Centrale figuur is Monchín, een voormalig motoragent, die ontslagen is omdat hij naakt uit een bordeel de straat opliep. Dat was op zichzelf niet zo erg, maar de kranten gingen erover schrijven, zodat het een politiek gevoelige zaak werd. De macho Monchín heeft groteske trekken die hem onvergetelijk maken. Zo heeft hij zijn motor verankerd op een cementen sokkel, elke maand start hij hem om denkbeeldige ritten op de stilstaande motor te maken. Zielinski's levendige debuut is ook een eer
betoon aan een volk dat zelf de handen uit de mouwen steekt om rond te komen, ook al gaat dat op een manier die de officiële wereld niet accepteert - bijvoorbeeld via de handel in drugs.Kennelijk leeft bij deze twee Caribische schrijvers het besef dat goed en kwaad met elkaar zijn verbonden. Ze omarmen hun werkelijkheid, al zien ze de fouten van hun landgenoten ook. Ze wijzen niet met een beschuldigende vinger naar Nederland: die werkelijkheid speelt in hun verhalen geen rol.
[uit Trouw, 14-8-2004]
Foto's van Annel de Noré en Erich Zielinski: @ Michiel van Kempen
Labels:
Herlezen,
Noré Annel de,
recensie,
Roo Jos de,
Zielinski Erich
woensdag 11 mei 2011
Leesbevordering op het SPI
door Usha Balessar
Aangezien het Surinaams Pedagogisch Instituut een opleiding is die studenten tot leerkrachten vormt, is het vak Nederlands heel belangrijk op deze school. Literatuur is een van de onderdelen die wij niet zomaar voorbij laten gaan. Litera
tuur wordt op een levendige manier verzorgd op het SPI. In het eerste leerjaar houden de studenten een expositie over een Surinaamse schrijver. Er wordt van alles over de schrijver of dichter uitgezocht. De klas wordt helemaal versierd en de studenten komen met boeken, gedichten, foto's en artikelen over hun schrijver. Ze worden gestimuleerd om zo creatief mogelijk te zijn. Waarom een Surinaamse schrijver en niet van een ander gebied? Wij vinden dat je de studenten op zo een manier stimuleert om te lezen, want deze schrijvers spreken hen eerder aan dan de schrijvers van de andere streken. Het is ook gebleken dat vele studenten niet weten wie onze schrijvers zijn en op deze manier worden ze dan geïntroduceerd in onze Surinaamse schrijverswereld. Verder is het voor de student ook interessant om een schrijver zelf te interviewen, wat bij een buitenlandse schrijver veel lastiger is. Bij de expositie stelt de docent samen met de rest van de medestudenten het publiek voor. Als ze klaar zijn met dit onderwerp van literatuur, mogen ze voor de volgende keer een bekroond jeugdboek in groepsverband lezen en dat presenteren. Bij de presentatie wordt erop gelet dat ze een inleiding, kern en slot hebben. Bij de inleiding moeten ze het boek aankondigen, bij de kern het verhaal weergeven op een creatieve manier en bij het slot moeten ze nagaan of de medestudenten begrepen hebben waarover het verhaal gaat. Dit doen ze middels een opdracht of een spel. De inleiding kan een lied, een gedicht of wat dan ook zijn. Het moet alleen wel passen bij het boek. De kern kan door middel van een toneelstuk, interview of welke ander creatieve manier dan ook naar voren gebracht worden. We leggen de nadruk op creativiteit, omdat we het zo leuk mogelijk voor de studenten willen maken. Studenten lezen al niet graag en als je ze het boek gewoon laat vertellen, dan wordt het al gauw saai. Ze weten dan ook hoe om te gaan met literatuur, zodat ze het ook op een even leuke manier naar hun toekomstige leerlingen kunnen brengen.
Daarom hebben we in het eerste leerjaar de nadruk gelegd op Surinaamse auteurs van jeugdboeken,
in het tweede leerjaar stappen we over op romans. In dit leerjaar letten we meer op de technische aspecten van literatuur. Bijvoorbeeld wat is het thema van het boek en waarom vind je dat de hoofd- en bijfiguren, ruimte, tijdsverloop belangrijk zijn in een verhaal en een korte analyse. Ook mogen ze hun eigen mening geven over het boek. Het boek dat ze kiezen is niet aan regio gebonden. De ervaring is wel dat meestal wordt gekozen voor een roman uit de derde wereld. Erg populair bij ons op de opleiding zijn: De bruine zeemeermin van Annel de Noré (foto links), De koningin van Paramaribo van Clark Accord en Dubbelspel van Frank Martinus Arion. Er zijn voornamelijk jonge vrouwen op de opleiding; dus boeken over liefde en vrouwen zijn in: dicht bij je eigen hart. Leesbevordering loopt via herkenning van je eigen wereld, en als je al veel leeservaring hebt opgedaan, kun je je in andere werelden verplaatsen. Een Surinaams verhaal over spin Anansi zegt onze kinderen toch meer dan het sprookje over het meisje met de zwavelstokjes in de winterkou.
Aangezien het Surinaams Pedagogisch Instituut een opleiding is die studenten tot leerkrachten vormt, is het vak Nederlands heel belangrijk op deze school. Literatuur is een van de onderdelen die wij niet zomaar voorbij laten gaan. Litera
tuur wordt op een levendige manier verzorgd op het SPI. In het eerste leerjaar houden de studenten een expositie over een Surinaamse schrijver. Er wordt van alles over de schrijver of dichter uitgezocht. De klas wordt helemaal versierd en de studenten komen met boeken, gedichten, foto's en artikelen over hun schrijver. Ze worden gestimuleerd om zo creatief mogelijk te zijn. Waarom een Surinaamse schrijver en niet van een ander gebied? Wij vinden dat je de studenten op zo een manier stimuleert om te lezen, want deze schrijvers spreken hen eerder aan dan de schrijvers van de andere streken. Het is ook gebleken dat vele studenten niet weten wie onze schrijvers zijn en op deze manier worden ze dan geïntroduceerd in onze Surinaamse schrijverswereld. Verder is het voor de student ook interessant om een schrijver zelf te interviewen, wat bij een buitenlandse schrijver veel lastiger is. Bij de expositie stelt de docent samen met de rest van de medestudenten het publiek voor. Als ze klaar zijn met dit onderwerp van literatuur, mogen ze voor de volgende keer een bekroond jeugdboek in groepsverband lezen en dat presenteren. Bij de presentatie wordt erop gelet dat ze een inleiding, kern en slot hebben. Bij de inleiding moeten ze het boek aankondigen, bij de kern het verhaal weergeven op een creatieve manier en bij het slot moeten ze nagaan of de medestudenten begrepen hebben waarover het verhaal gaat. Dit doen ze middels een opdracht of een spel. De inleiding kan een lied, een gedicht of wat dan ook zijn. Het moet alleen wel passen bij het boek. De kern kan door middel van een toneelstuk, interview of welke ander creatieve manier dan ook naar voren gebracht worden. We leggen de nadruk op creativiteit, omdat we het zo leuk mogelijk voor de studenten willen maken. Studenten lezen al niet graag en als je ze het boek gewoon laat vertellen, dan wordt het al gauw saai. Ze weten dan ook hoe om te gaan met literatuur, zodat ze het ook op een even leuke manier naar hun toekomstige leerlingen kunnen brengen.Daarom hebben we in het eerste leerjaar de nadruk gelegd op Surinaamse auteurs van jeugdboeken,
in het tweede leerjaar stappen we over op romans. In dit leerjaar letten we meer op de technische aspecten van literatuur. Bijvoorbeeld wat is het thema van het boek en waarom vind je dat de hoofd- en bijfiguren, ruimte, tijdsverloop belangrijk zijn in een verhaal en een korte analyse. Ook mogen ze hun eigen mening geven over het boek. Het boek dat ze kiezen is niet aan regio gebonden. De ervaring is wel dat meestal wordt gekozen voor een roman uit de derde wereld. Erg populair bij ons op de opleiding zijn: De bruine zeemeermin van Annel de Noré (foto links), De koningin van Paramaribo van Clark Accord en Dubbelspel van Frank Martinus Arion. Er zijn voornamelijk jonge vrouwen op de opleiding; dus boeken over liefde en vrouwen zijn in: dicht bij je eigen hart. Leesbevordering loopt via herkenning van je eigen wereld, en als je al veel leeservaring hebt opgedaan, kun je je in andere werelden verplaatsen. Een Surinaams verhaal over spin Anansi zegt onze kinderen toch meer dan het sprookje over het meisje met de zwavelstokjes in de winterkou.
Labels:
Accord Clark,
Arion Frank Martinus,
lezers,
Noré Annel de,
onderwijs
maandag 19 juli 2010
Boekhandel Schippers verandert van eigenaar
Frits en Ineke Schippers waren er al een poos mee bezig: het vinden van een koper voor hun boekwinkel in het winkelcentrum De Amsterdamse Poort (Amsterdam-Zuidoost, oftewel de Bijlmermeer). Begin juli was de overname rond, en toen ging het razendsnel. Op 15 juli is de winkel overgenomen door Ivo Donkersloot (neemt de dagelijkse leiding) en Gijs Barends. De winkel blijft voorlopig Boekhandel Schippers heten. De nieuwe eigenaren hebben enthousiaste plannen om van het deel Surinaamse en Antilliaanse schrijvers nog meer te maken. Zaterdag 17 juli was de laatste dag van Frits en Ineke Schippers, de dag waarop ze met pensioen gingen.

In een rondschrijven zeggen ze: “We hebben de afgelopen 15 jaar met veel plezier gewerkt aan de boekhandel die het is geworden. Het is nu tijd voor een jongere generatie om dat weer op te pakken en verder uit te bouwen. We denken in Ivo en Gijs daarvoor de juiste opvolgers te hebben gevonden.”
Boekhandel Schippers was/is een van de heel weinige Nederlandse boekhandels die op eigen intitiatief boeken uit het Caraïbisch gebied importeren, en actief proberen ook het nieuwe Caraïbische boerk dat in Nederland verschijnt altijd in de schappen te hebben. Boekpresentaties en signeersessies luisterden het bestaan van de boekhandel op. Laten we hopen dat dat zo blijft. Frits en Ineke: het ga jullie goed!
Op de foto v.l.n.r. dichter John Leefmans, cineast John Albert Jansen en schrijfster Annel de Noré bij een boekpresentatie in 2006 in boekhandel Schippers.

In een rondschrijven zeggen ze: “We hebben de afgelopen 15 jaar met veel plezier gewerkt aan de boekhandel die het is geworden. Het is nu tijd voor een jongere generatie om dat weer op te pakken en verder uit te bouwen. We denken in Ivo en Gijs daarvoor de juiste opvolgers te hebben gevonden.”
Boekhandel Schippers was/is een van de heel weinige Nederlandse boekhandels die op eigen intitiatief boeken uit het Caraïbisch gebied importeren, en actief proberen ook het nieuwe Caraïbische boerk dat in Nederland verschijnt altijd in de schappen te hebben. Boekpresentaties en signeersessies luisterden het bestaan van de boekhandel op. Laten we hopen dat dat zo blijft. Frits en Ineke: het ga jullie goed!
Op de foto v.l.n.r. dichter John Leefmans, cineast John Albert Jansen en schrijfster Annel de Noré bij een boekpresentatie in 2006 in boekhandel Schippers.
Abonneren op:
Posts (Atom)
