Posts tonen met het label Amazone. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Amazone. Alle posts tonen

zondag 30 maart 2014

Amazone-stam ziet voor 't eerst vliegtuig


Eens in de paar jaar duiken er beelden op die de verbeelding tarten. Zo ook vandaag. Beelden van een Amazone-stam die zo afgelegen woont dat er onlangs voor het eerst beelden van zijn gemaakt. De foto's laten zien dat de leden van de stam nog nooit een vliegtuig hebben gezien.

De foto's zijn gemaakt op 25 maart, vlakbij de grens met Peru. In de streek is veel illegale houtkap. Organisaties die opkomen voor de rechten van lokale stammen zijn bezorgd dat de oprukking van de westerse samenleving het voortbestaan van de leefwijze van de stammen in gevaar brengt. © reuters

[van DeMorgen.be, 30 maart 2014]

dinsdag 11 maart 2014

Defending giant anteater kills man

Paramaribo – Green Heritage Fund Suriname (GHFS) was saddened to hear about the unfortunate incident in which a man is alleged to have been killed by a giant anteater on Saturday afternoon. While GHFS extends its sincere condolences to the family of the deceased man, it also wishes to state that Giant anteaters do not attack people without provocation. Giant anteaters are toothless mammals, that use their claws to harvest their food found in termite mounds, and other rotting forest debris. In rare cases giant anteaters will use these claws to defend themselves. Only two other cases are known globally in which giant anteaters have killed humans.

Dr. Steenland-Smit and Monique Pool caring for a giant anteater juvenile.



Chase to kill giant anteater
According to a Police Statement a man was killed by a giant anteater in Suriname on Saturday. The police preliminary investigation revealed that the victim named Ramesh Tamesser (43 years) saw from his car a giant anteater cross the road while driving over the Henri Fernandesweg, in North-West Paramaribo, with three colleagues. The man stopped the car, took a cutlass and chased after the animal apparently with the intention of killing it. The anteater continued its course running into a swampy area. When the three colleagues decided to follow the man they found him seriously injured and in the immediate vicinity of the animal. The animal appeared to be dead, but when the men arrived, the animal got up and ran off into the wetland. The man had injuries in his neck area, arms and shoulders. His colleagues immediately brought Tamesser to the emergency room by car, where the attending physicians established his death.

Police Investigation
The neighbourhood investigation that was carried out by the police as part of the technical investigation at the scene after the incident brought to light that the anteater had been seen in the area for some time. People living in the neighborhood estimated the animal to be two meters, and it is suspected to have killed two calves in the past period. The case is still under investigation by the Police at Derde Rijweg (Kwatta).

Giant anteaters are insectivores
“I have never heard of an anteater proactively and aggressively attacking a person or an animal,” according to a statement of Mariella Superina, Chair of the IUCN/SSC Anteater, Sloth and Armadillo Specialist Group. “I am only aware of two other deadly attacks of giant anteaters. One was a poacher whose dogs attacked a giant anteater, and the animal defended itself with its claws, eventually inflicting deadly wounds to the poacher. The other one was an accident at an Argentinean zoo, where the animal was cornered and feeling threatened by a caretaker who did not follow the basic safety protocols. In both cases, as well as in the one that just occurred in Suriname, the giant anteaters felt threatened and tried to defend their life, which is something you would expect from any wild animal (and even domestic animals).”
Mariella Superina further adds that: “Giant anteaters are not top predators but insectivores, so it would make absolutely no sense for them to kill a calf - they do not feed on mammals. They are adapted to ingesting ants and termites, and therefore the size of their mouth opening, as well as the absence of any teeth (among other specific anatomical and physiological adaptations), would make it impossible for them to feed on a dead calf.”
Flávia Miranda, Anteater Specialist, and Deputy Chair of the IUCN/SSC Anteater, Sloth and Armadillo Specialist Group, confirms the statement by Superina. She says its is impossible that a giant anteater attacks cattle. “I work over 10 years in an area that has anteaters and cattle living together.” Flávia Miranda also states that for as far as the attack of the man by the giant anteater is concerned, this could have actually occurred if the man tried to grab the animal by the tail. “Only then the animal would have access to the arm, shoulder and neck.”

Giant anteaters are protected animals
In Suriname giant anteaters are protected species under the 1954 Game Law. Many mammals and especially these very special ones, like anteaters and sloths are protected by law. This means that people are not allowed to hunt or kill them, or to harass them in any other manner. These animals can also not be kept as pets. In Suriname 3 species of anteaters can be found, including the giant anteater. Green Heritage Fund Suriname is involved in the shelter, care, rehabilitation and release of these animals in areas in which they can live freely without encroachment by humans. This means that orphaned animals and animals in need are temporarily sheltered and adopted. The mission of the GHFS in respect of anteaters, sloths and armadillos is to conserve and protect these animals and their habitat in Suriname by means of shelter, rehabilitation, release, education and information.


[from Green Heritage Fund Suriname, 10 March 2014]

vrijdag 20 december 2013

Grootste landzoogdier van de afgelopen decennia ontdekt

Waarschijnlijk de grootste zoölogische ontdekking van de 21ste eeuw, is aangekondigd door wetenschappers, met de bekendmaking van de ontdekking van een nieuwe tapir (bofru) in de Amazone. De tapir kreeg de wetenschappelijke naam Tapirus kabomani naar de naam voor ‘tapir’ in de lokale taal van de Inheemse stam Paumari: ‘arabo kabomani’. De gangbare naam zal Kobomani tapir zijn en is de vijfde in zijn soort die in de wereld ontdekt is sinds 1865, toen de eerste tapirs door de wetenschap beschreven werden. Het is het grootste landzoogdier dat sinds decennia ontdekt is.




Door de lokale Karitiana-stam wordt het de ‘kleine zwarte tapir’ genoemd. Het werd vaak gerapporteerd als ‘een andere soort tapir’. De wetenschappelijke wereld heeft hier geen aandacht aan besteed omdat lokale kennis niet gewaardeerd werd en de mening leefde dat de stammen de wetenschappelijke indeling niet begrepen. In de beginfase van de ontdekking werd genetisch materiaal afgenomen van de tapirexemplaren die de lokale stammen brachten. Ondanks de sterke gelijkenis met andere tapirsoorten bleven de lokale jagers keer op keer dezelfde soort meebrengen, en wisten precies de soort te onderscheiden van andere soorten. Verbazingwekkend is dat Theodore Roosevelt in 1912, nadat hij zijn functie als president van Amerika had neergelegd en zijn jachtgeweer had opgepakt, al een exemplaar had geschoten tijdens zijn reis door de Amazone. Dit staat nog steeds in het Natural History Museum in New York. Toen noemde de lokale jagers het al een apart type tapir.
Een Karitiana-vrouw bereidt voedsel

Het Amazonegebied en de Guyana Shield-regio staan onder grote druk van intense landschapsaanpassingen, met ontbossing en de groei van het aantal mensen in de regio. Het gebied is kwetsbaarder voor klimaatsopwarming en wordt gezien als een belangrijke plaats van biodiversiteit. Door de grote hoeveelheid diersoorten is de Amazone en het Guyana Shield een bron van nieuwe diersoorten die uitwaaieren over Zuid-Amerika. Grote projecten waarbij wegen worden aangelegd dwars door het gebied zorgen voor een grotere druk en tasten in een versnellend tempo het gebied aan. Nu de nieuwe tapirsoort zich bekendgemaakt heeft aan het wereldpubliek, zien onderzoekers en natuurbeschermers de weg voor zich die genomen moet worden om de diersoort te beschermen. In het vervolgonderzoek moet er bepaald worden wat de eigenlijke verspreiding en voorkomen is van de tapirsoort. Wetenschappers vermoeden dat de soort ook in landen als Suriname en Frans-Guyana voorkomen, gezien de lokale kennis uit het gebied.

[uit Dagblad Suriname, 20-12-2013; alle taalfouten verbeterd]


maandag 18 november 2013

Amazon Gold moet eye opener zijn: ‘Ons huis staat in brand met onze kinderen er nog in’

Zonsondergang boven het Brokopondostuwmeer. Foto © Charl Danoe

door Astrid van Oosterum

WWF Guianas confronteerde woensdagavond een bioscoopzaal vol betrokkenen uit de goudindustrie met de bekroonde film ‘Amazon Gold’. Deze speelt zich af in het laagland van Peru en legt op verontrustende herkenbare wijze de gevolgen van goudwinning bloot.
"Niemand van ons zou met opzet zijn eigen grond vervuilen of bewust verontreinigd voedsel eten. De realiteit is dat we dat al doen." Zo leidde Conservation Director van het World Wildlife Fund (WWF) Guianas, Mark Wright, de film in. "De goudindustrie zal, terecht, niet verdwijnen." De goudsector pompt jaarlijks miljoenen US dollars in de economie en is de belangrijkste bron van inkomsten voor het binnenland.
Foto © Charl Danoe

Peru's inferno
Peru heeft, zoals Suriname, een geschiedenis van goudindustrie. Hoewel de omvang van kleinschalige goudwinning in Peru vele malen groter is, blijkt de achterliggende problematiek overeenkomsten te hebben. Een symptoom van armoede, ontwikkelingsachterstand in vergelegen gebieden en een gebrek aan alternatieve banen en toekomstbeelden.
In de recente geschiedenis is goud het enige metaal dat in waarde is gestegen. "Voor één gouden trouwring wordt 250 ton aarde vernietigd", aldus de directeur van het Carnegie Amazon Mercury Ecosystem Project, Luis Fernandez, die veel onderzoek heeft gedaan. De producer van Amazon Gold, Sarah Dupont, was ook aanwezig bij de vertoning. "Deze Amazonebossen hebben miljoenen jaren geëvolueerd in een perfect uitgebalanceerd systeem. Peru laat zien wat verstoring daarvan inhoudt. Het is alsof ik naar mijn brandende huis sta te kijken, terwijl ik realiseer dat mijn kinderen nog binnen zijn."

Luchtfoto boven het Brownsberg Natuurpark genomen in 2012. Foto © WWF Guianas.

Wat 'Amazon Gold' laat zien, is moeilijk te beschrijven. Het dichtst dat in de buurt komt zijn de in 2012 door WWF gepubliceerde luchtfoto's van goudmijnen in het Brownsberg Natuurpark en dat vermenigvuldigen met tien. Inferno, het eerste deel uit het veertiende eeuwse gedicht van Dante Alighieri dat de hel beschrijft, heeft vele creatievelingen geïnspireerd tot grote kunstwerken. Het maanlandschap, de verdorde hectares regenwoud, het vervuilde water en het geronk van machines maken van Peru het inferno op aarde. "Een oorlog die plaatsvindt in een verraderlijke idyllische omgeving en waarvan het aantal slachtoffers nog lang niet bekend zal zijn", waarschuwt Fernandez.

De Tapanahony. Foto © Johan Landmeer


Spiegelen
WWF Guianas vertoont de film deze week in alle drie de Guiana's. De vertoning wordt gevolgd door een debat met vijf panelleden; antropoloog Marieke Heemskerk, de directeur van Conservation International Suriname's, John Goedschalk, Luis Fernandez, de voorzitter van de School of Mining van de Ordening Goudsector (OGS), John Courtar, en de waarnemend directeur van het Nationaal Instituut voor Milieu en Ontwikkeling in Suriname (Nimos), Cedric Nelom.
Kan dit scenario in Suriname nog voorkomen worden? "Suriname moet zich niet gaan spiegelen aan Peru", waarschuwde Fernandez. Kwikwaardes in bodem, vissen en Peruanen zijn schrikbarend hoog gebleken, met waardes tot acht keer hoger dan de norm van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO). "De schaal is kleiner, maar verder is het niet veel anders", betoogde Heemskerk. Onderzoek heeft al aangetoond dat kwikbesmetting in het Tapanahoygebied, Lawagebied en Paramaribo ook te hoog ligt. Heemskerk ontkomt niet aan de indruk dat Suriname te lang draalt. "Sinds 2010 wordt het einde van kwik aangekondigd en tot nog toe wordt het gebruikt in de goudvelden."
De kwikvervuiling in Suriname

Minamata
De onderzoekster ziet geen valide reden waarom het Minamataverdrag nog niet ondertekend is. Dit verdrag is onlangs van kracht gegaan en wordt na ondertekening mondiaal bindend. Gefaseerde uitbanning van kwik is het uiteindelijke doel. "Dit is niet uit de lucht komen vallen, maar op basis van jarenlange voorbereiding ontstaan", meent Heemskerk. WWF Guianas is helder. "De eerste stap is het tekenen van de conventie", stelt de milieuorganisatie.

Nimos-directeur Nelom is nog geen voorstander van tekenen, hij doet liever eerst het huiswerk. Suriname heeft echter altijd een bijdrage geleverd aan de inhoud van het verdrag; "En wij staan achter de inhoud". WWF Guianas Conservation Director Wright, stelt dat de Surinaamse regering, via OGS, positieve stappen zet om de goudsector en het gebruik van kwik te reguleren. "Ik hoop dat er in de nabije toekomst een positieve beslissing komt over ondertekening." Fernandez, hoewel niet voldoende op de hoogte van de Surinaamse situatie, meent ook dat het verdrag doelen in het vooruitzicht stelt. De wetenschapper heeft meegewerkt aan de inhoud van het Minamataverdrag en geeft aan dat er juist voor de landen met een kleinschalige goudsector veel ruimte is voor invulling van het verdrag naar eigen inzicht.

Paloemeu. Foto © Chr. Hernandez


Bevolking inzetten
Wat de keuze ook is, feit blijft dat controle een pijnpunt is. Kwikimport en verhandeling is al verboden. Toch komt het ongezien de goudvelden binnen. Goedschalk, nauw betrokken bij het REDD+ proces, meent dat veel afhangt van de binnenlandse gemeenschappen. REDD+, een bosbeheermechanisme waarvoor finan- ciering te ontvangen is, kan niet slagen zonder de tribale leefgemeenschappen. "Uitbannen van kwik ook niet." Via REDD+ kunnen binnenlandbewoners betaald worden om de goudactiviteiten neer te leggen en terug te keren naar wat deze volken van oudsher doen. "Laat hen de ogen van het bos zijn."

[uit de Ware Tijd, 18/11/2013] 

dinsdag 12 november 2013

Felisi houdt lezing over Wet Bosbeheer

 
Kabalebo
De gewezen minister van Regionale Ontwikkeling (RO) Michel Felisi houdt op vrijdag 15 november  2013 een lezing met als titel: Artikel 41Wet Bosbeheer; Bescherming of bedreiging. De lezing wordt gehouden in het Guest House Anton de Kom Universiteit van Suriname en start om 19.30 uur. In het panel zullen zitting nemen: Mr. E. Limon LL.M., Mr. M. Misidjan en Mr. Narsingh–Abdul.

Felisi was van 2005 – 2010 minister van RO en heeft in die hoedanigheid veel te maken gehad met de implementatie van art. 41 Wet Bosbeheer met name de instelling van gemeenschapsbossen. Op 3 oktober 2013 studeerde hij af van de Bacheloropleiding Rechten van de Anton de Kom Universiteit van Suriname. De titel van zijn afstudeerthesis luidde Artikel 41 Wet Bosbeheer; bescherming of  bedreiging


zaterdag 17 augustus 2013

Suriname: 50 nieuwe plant- en diersoorten ontdekt

door Astrid van Oosterum
De 'chocolate tree frog'. Foto: Conservation International Suriname

Paramaribo - Onderzoekers hebben tijdens een expeditie in Zuid-Suriname weer vijftig nieuwe plant- en diersoorten ontdekt. Dat meldt Conservation International Suriname (CIS) in een persbericht. Tussen de ontdekte dieren zit wederom een aantal zeer wonderlijke exemplaren, zoals de 'chocolate tree frog'.
In 2012 haalde Suriname al internationaal het nieuws toen het CIS in de buurt van Kwamalasamutu meer dan veertig diersoorten ontdekte. Dinsdag worden de resultaten van de expeditie in Zuidoost-Suriname bekendgemaakt.

Een team van Surinaamse en internationale wetenschappers heeft in maart 2012 veldonderzoek gedaan in het gebied rond de Boven-Paloemeurivier, het Grensgebergte en Kasikasima. Vervolgens zijn deze gegevens verwerkt in een boek waarin de onderzoeksresultaten worden weergegeven. CIS publiceert met dit boek het vierde rapport in negen jaar tijd en zal de resultaten ook internationaal bekendmaken. 

De Paloemeu


Het bergachtig gebied in Zuidoost-Suriname is met dit onderzoek voor het eerst zo grondig onderzocht door wetenschappers op het gebied van natuurlijk kapitaal. Met name de culturele waarde is in kaart gebracht. Uit de bevindingen is gebleken dat er maar liefst vijftig nieuwe plant- en diersoorten zijn ontdekt, waaronder zeer unieke exemplaren.

[uit de Ware Tijd, 17/08/2013]


maandag 27 mei 2013

WWF Guianas bezorgd om aantasting biodiversiteit

Siksiyuru

De afdeling Guianas van het Wereld Natuurfonds, WWF Guianas maakt zich bezorgd om de aantasting van de bio-diversiteit in Suriname door activiteiten van allerlei aard die onder meer in de kleinschalige goudsector ontplooid worden. Dit blijkt uit het Living Guianas Report 2012: State of the Guianas, dat enkele weken geleden is uitgekomen. Ook wereldwijd bezien spreken milieu-organisaties hun bezorgdheid uit over de toenemende bedreigingen van de biodiversiteit, zoals het toenemend urbanisme, de vervuiling en de overmatige bezoekersdruk in sommige natuurgebieden. Gezien het feit dat 22 mei de Internationale Dag van de Biodiversiteit is, wordt vandaag de gelegenheid aangegrepen om zich te buigen over de grote diversiteit aan plant- en diersoorten wereldwijd.

[uit De West, 22-5-2013]

dinsdag 7 mei 2013

Theo Hiemcke - In Memoriam

Ik heb het regenwoud gedood waarin
verborgen krachten wonen, de aarde
ligt nu kaal en bloot, de grond spoelt
weg in modderstromen -

toen zijn de dieren weggegaan of van
de honger omgekomen - de vissen konden
er niet leven, de zee was door het slib
vervuild - ze zijn al spoedig weggebleven,

de ranke vogels in de lucht vlogen
hen achterna - ik zag ze in hun laatste
vlucht boven de einder zweven,

toen - zijn de wolken heengegaan en ook
de regens weggebleven...
het was het eind van mijn bestaan.

Goudmijn. Foto © Theo Hiemcke

maandag 29 april 2013

Illegale houthakkers bedreigen Amazonestam

De Awá-stam in Brazilië wordt met uitsterven bedreigd door houtkappers en uitheemse inwoners. De groepering voor rechten van inheemse volkeren Survival International trekt aan de alarmbel, want de immigranten zouden al sinds het eind van maart uit het gebied gezet moeten zijn.

Foto © Survival International

 De Awá-indianen zijn de meest bedreigde stam ter wereld. Ze zijn nog ongeveer met 450, waarvan er een honderdtal nog nooit in contact gekomen zijn met de buitenwereld. Ze leven als jager-verzamelaars in afgelegen gebieden in het regenwoud. 

Het gebied waar ze wonen, in de Noord-Braziliaanse deelstaat Maranhão, heeft duizenden houtkappers en nieuwe inwoners aangetrokken. Het territorium is 120.000 hectare groot. Dertig procent van het gebied is al ontbost door de houtkappers.

In de jaren ’80 legde de Braziliaanse regering een spoorweg door het gebied van de Awá. Dat bracht nieuwe bewoners en boeren naar het land en wakkerde de ontbossing van het gebied aan. Het honderdtal Awá die in afzondering leven zijn steeds op de vlucht voor de houtkappers.

Vrachtwagens rijden dag en nacht op en af. ‘De Awá vertellen dat ze kettingzagen horen,’ zegt Alice Bayer van Survival International (SI) aan de BBC. ‘Dat lawaai jaagt hun prooien weg. De Awá merken ook op dat er minder dieren zijn door het lawaai.
Recht op hun land
Het recht op inheems land is een fundamenteel recht in de Braziliaanse grondwet. De Awá hebben al dikwijls de juridische strijd voor het recht op hun land gewonnen. In maart vorig jaar besliste een rechter, Jirair Aram Meguerian, dat alle immigranten  het gebied binnen de twaalf maanden moesten verlaten.

Die deadline is nu voorbij en er is nog steeds niemand uit het gebied gezet, zegt Survival International. Het Braziliaanse overheidsdepartement voor inheemse zaken (FUNAI) is verantwoordelijk voor het beschermen van inheemse volkeren, zoals de Awá-stam.

‘Als de nieuwe inwoners uit het gebied gezet worden en het land van de Awá beschermd wordt, dan zou alles in orde zijn met hen,’ vertelt Bayer van SI. ‘Er zijn heel wat inheemse volkeren in Brazilië die beschermde gronden bezitten en zij stijgen in aantal en maken het goed.’

Nu het regenseizoen in het Amazonegebied naar zijn einde loopt en de houtkap weer oprukt, slaat Survival International alarm. Ondanks het feit dat er geen vooruitgang zit in het nakomen van de gerechtelijke deadline vindt de groepering dat er toch hoop is voor de Awá. ‘Indien er genoeg druk gezet wordt op de Braziliaanse autoriteiten, kan de toekomst van de Awá verzekerd worden,’ stelt de drukkingsgroep.

Er werden al bijna 50.000 e-mails naar de Braziliaanse minister van Justitie gestuurd, nadat de Britse acteur Colin Firth, het gezicht van de campagne van Survival International, opriep om de Awá te redden. Het FUNAI wacht nog steeds op de steun van het Braziliaanse Ministerie van Justitie, de federale politie en de centrale overheid om de indringers uit te zetten.

[van Mondiaal Nieuws, 23 april 2013]

dinsdag 16 april 2013

Nieuwe stekelvarkensoort ontdekt in Brazilië


Onderzoekers in Brazilië hebben een nieuw soort stekelvarken ontdekt. De nieuwe diersoort werd gevonden in een bebost gebied in de noordoostelijke deelstaat Pernambuco. Antonio Rossano Mendes Pontes van de Federale Universiteit van Pernambuco heeft het nieuwe diertje, dat in bomen leeft, de naam Condou speratus gegeven. De ontdekking van het stekelvarken, dat donkerbruine stekels met rode puntjes en een lange neus heeft, werd afgelopen week bekendgemaakt in het zoölogisch vakblad Zootaxa. (Lees hier.)

[van Novum]

maandag 25 maart 2013

Inheemsen en Marrons krijgen eigen goudader


Paramaribo – Inheemse en Marrongemeenschappen krijgen binnenkort eigen gebieden waar naar goud mag worden gemijnd. Volgens minister Ginmardo Kromosoeto van Ruimte Ordening Grond & Bosbeheer, gaat het om speciale afgebakende gebieden. Voorkomen moet worden onder andere dat de leefgebieden van deze gemeenschappen nog langer worden bedreigd.
Door de toename van het mijnen naar goud de afgelopen jaren, komt milieuvernietiging er steeds vaker voor. Een goed voorbeeld is het natuurpark Brownsberg, dat dicht bij een aantal Marrongemeenschappen staat. Het natuurpark is lelijk verminkt door goudwinning, illegale wel te verstaan. “We willen community gold mining concessies uitgeven”, zegt Kromosoeto tegenover de Ware Tijd. Als model gelden de generaties oude gemeenschappelijke houtkapvergunningen.
Volgens dit model mogen alle leden van de gemeenschap hout kappen in nabijgelegen bosgebieden. Het idee van gemeenschappelijke goudwinning wordt samen met het Wereld Natuurfonds, WWF, uitgewerkt. Ook de gemeenschappen zelf worden betrokken bij de uitvoering. De gemeenschappen rond Brownsberg zeggen geen moeite te hebben met de natuurbescherming. Wel moet de centrale overheid helpen zoeken naar alternatieven.

[van De Waterkant, maandag 25 maart 2013]

donderdag 18 oktober 2012

Suriname in Boedapest


Verentooi van de Piarao, Venezuela
door Michiel van Kempen

Als ik uitgenodigd word om colleges te komen geven in Hongarije, dan weet ik dat ik me erop moet voorbereiden dat alles wat ik over Suriname en de Antillen (jaja, de voormalige…) ga vertellen volstrekt nieuw is voor het toeluisterend publiek, voor de studenten evenzeer als voor de docenten. Wat creolen zijn en waar die vandaan komen, wat hindostanen zijn en dat die de meerderheid van de Surinaamse bevolking uitmaken, dat boeroes en protestant blanku niet hetzelfde zijn als witte Nederlanders, wat het verschil is tussen Papiamentu en Sranantongo enz. enz. enz. Het lijkt daar waarachtig Nederland wel!


Hoe veraf en vreemd ook in tal van opzichten, er is ook heel veel dat de Hongaren herkennen in de positie van landen met een kleine cultuur aan de periferie van de grote culturen. Grote groepen landgenoten buiten het land van herkomst: de Hongaren weten er alles van. Wat nationalisme is en wat dan kan teweegbrengen: vraag het de Hongaren. Het speet me dat er daags voor mijn aankomst een opvoering was van een zwaar-romantische opera van Erkel, maar mijn gastvrouwe, prof. Judit Gera van de Eötvös Lórand Universiteit in Boedapest, smeet direct het lid op mijn neus: die vreselijke opera’s van Erkel worden alleen misbruikt door rechts-nationalistisch Hongarije. Toen ik in de metro de affiches voor de opera zag met een agressieve adelaar, begreep ik dat mijn vraag of er nog sprake was van een enigszins kritische enscenering, volstrekt buiten de orde was. Dan hadden ze die afgrijselijke adelaar wel de kleuren van Greenpeace gegeven.
Prof. dr Judit Gera

De colleges lopen zoals wel te voorzien was: met een gretig-nieuwsgierig publiek en weinig respons; het Nederlands is een lastige taal voor Hongaarse studenten. Ze vinden het fascinerend om Pierre Lauffer te horen en Edgar Cairo en Michael Slory in beeld te zien. Hilariteit is er als ik vermeld dat in 1910 de Hongaar Franz Pavel Killinger een staatsgreep in Suriname wilde plegen. (‘Waar Hongaren komen, komt er chaos,’ reageerde twee jaar geleden een glunderende Gabór Pusztai van de universiteit van Debrecen al.) En grote verbazing is er als ik iedereen uitnodig naar zijn schoenen te kijken, voordat ik Slory’s gedicht over Jan Ernst Matzeliger behandel, de Surinaamse uitvinder van de schoenmachine.


Hoofdtooi Piaroa, Venezuela

Ik had niet verwacht dat ik in een van de tientallen musea of honderden boekwinkels van Boedapest enig spoor van de Caraïben zou vinden. Het zou wel weer blijven bij de cuba libre of de Curaçao blue in een cocktailbar. Op mijn eerste dag trof ik niets aan, behalve een tag op de rots achter het beroemde mineraalbadhotel Gellert: ‘Quito Nicolaas was here.’
Maar de tweede dag pakte heel anders uit. Ik stond wat besluiteloos op de Kosuth Tér, het plein voor het indrukwekkende gotische parlementspaleis aan de Donau: er waren geen kaartjes meer voor de rondleiding, en ik besloot het plein over te steken naar het Volkenkundig Museum. De kassajuffrouw keek mij enigszins meewarig aan toen ik vroeg of het museum ook  iets tentoonstelde over Zuid-Amerika. Ja, er was wel een tentoonstelling over Amazone-Indianen, mompelde ze enigszins gegêneerd, maar (nu brak er licht door in haar stem) ik zou toch zeker niet vergeten de prachtige collectie Hongaarse volkskunst te gaan zien, met hetzelfde ticket van 8 euro? Ik beloofde het, met twee vingers zwerend op de adelaar van Erkel.

Lajos Boglár tussen de Piaroa in Venezuela, 1967-1968

Al direct in de eerste zaal van de Amazone-tenoonstelling sta ik perplex van verbazing: zekere Lajos Boglár is geboren in Sao Paulo als zoon van de Hongaarse consul. Hij zal als antropoloog zijn hele leven wijden aan onderzoek naar de Zuid-Amerikaanse Indianen en komt te werken bij dezelfde universiteit waar ik nu gastcolleges geef. Omdat hij familie heeft in Brazilië, krijgt hij als een van de weinige wetenschappers tijdens de communistische periode toestemming om veldwerk te doen in het buitenland. Hij verzamelt gegevens, maakt foto’s en films en brengt een enorme collectie voorwerpen bijeen, waarvan een honderdtal uit Suriname, vooral van de Wayana! Het is zijn collectie,  samen met de verzameling van het Volkenkundig Museum, die het fundament van de tentoonstelling vormt. Suriname prominent aanwezig in het gigantische Romeins-pompeuze museumgebouw in hartje Boedapest!
Dansmasker van de Piaroa, Venezuela
Natuurlijk gaat de tentoonstelling over de bedreigingen voor de inheemse stammen in het Amazonegebied. Maar het lijkt alsof dat maar een side-line is, die de actualiteit nu eenmaal vraagt om sshoolkindertjes naar het museum te krijgen. De expositie geeft een volwaardig beeld van het leven van de Amazone-volkeren. Tal van pottenbakkersvoorwerpen zie ik voorbijkomen, voornamelijk uit 1896 maar bijna alsof ze door dezelfde hand zijn gebakken als de Karaïbse schaal uit Galibi van een eeuw later die ikzelf in huis heb staan. Er zijn prachtig geconserveerde hoofdtooien van kleurrijke vogelveren, er zijn armbanden, voetversieringen, halskettingen. Er zijn kunstige maskers, jachtvoorwerpen, landbouwwerktuigen, kledingstukken, danskostuums, draagbanden, voorwerpen voor het bereiden van cassave en ander eten. En al legt de begeleidende tekst me uit dat zowat elke stam en elk dorp zijn eigen karakteristieken heeft, mij valt toch ook vooral op hoezeer de techniek en de versieringen van volkeren die vaak heel ver uit elkaar wonen, met elkaar overeenstemmen.

Dansmasker van de Wayana, grensgebied Frans-Guyana/Suriname

Merkwaardig is dat de catalogus die de expositie begeleidt, met geen woord van Suriname rept, alsof de collectie van Lajos Boglár pas goed is bekeken toen de catalogustekst al af was. Maar wat geeft het: de prachtige kleurenfoto’s vermelden dan wel dat dit of dat voorwerp uit Venezuela komt, mijn hoofd is zo vrij om erbij te denken: het had evengoed uit Suriname kunnen zijn. Wetenschappelijk is dat niet, maar ik ben dan ook geen antropoloog, al zou ik graag een hele middag hier college geven aan die gretige Hongaarse studenten. Want als je enthousiast kunt worden voor het schoeisel van Jan Ernst Matzeliger, dan toch zeker ook voor de kolibriveertjes in de Indianentooien.

Het gebouw van de Letterenfaculteit van de Eötvös Lórand Universiteit, Rakoczi út 5, Boedapest

Alle foto's © Michiel van Kempen

vrijdag 6 april 2012

Reuzenslang



Zo zou de Titanoboa eruit hebben gezien zo’n 58 miljoen jaar geleden.


Hij kroop zo’n 58 miljoen jaar geleden uit de moerassen van Zuid-Amerika, en zaaide 10 miljoen jaar dood en verderf. Tot voor kort wisten wetenschappers niet van zijn bestaan af. Met een gewicht van meer dan een ton en een lengte van zo’n 14 meter was deze prehistorische slang, Titanoboa genaamd, echter een waar monster.

“Zelf in je wildste dromen kun je je geen boa constrictor voorstellen van 14 meter”, zegt Carlos Jaramillo van het Smithsonian Tropical Research Institute. Net als zijn hedendaagse familieleden, de boa en de anaconda, was de Titanoboa niet giftig. Het dier verpletterde zijn prooi in een dodelijke omstrengeling. “Alsof je anderhalf keer de Brooklyn-brug op je hebt liggen.”

De overblijfselen van het enorme dier werden gevonden in het noorden van Colombia. Daar, in een open kolenmijn, vonden onderzoekers in 2002 de resten van wat mogelijk ooit ‘s werelds eerste regenwoud moet zijn geweest. Naast gefossiliseerde bladeren en planten troffen de wetenschappers de reusachtige resten van reptielen aan.

[uit Amigoe, 4 april 2012]

zaterdag 28 januari 2012

Brommerstad Bolivia kiest visvrouw van het jaar


visvrouw2.jpgDansend in voor de gelegenheid speciaal gemaakte klederdracht streden vijftien Indiaanse vrouwen afgelopen zondagavond in het Boliviaanse oerwoudoord Trinidad – de hoofdstad van de noordelijke provincie Beni – om de titel visvrouw 2007. Het was een spannend spektakel. Vijftien exotische vrouwen hielden een parade met tropische riviervissen. Ondertussen staken leden van de gemeenschap die de vrouwen vertegenwoordigden vuurwerk af en speelde het orkest Los Ases del Beni opzwepende muziek. Het publiek langs de kant genoot van heerlijk Boliviaans bier en veel gegrilde vis zoals pacú of tambaquí. En aan het eind van de avond slingerde iedereen zich op zijn brommer. Want in het ongeveer 90.000 inwoners tellende Trinidad verplaatst vrijwel iedereen zich op een knalpot. Het is heel gewoon om een voltallig helmenloos gezin op één motorfiets voorbij te zien flitsen.
visvrouw3.jpgBeni is indianengebied. De inheemse bewoners leven van hun kostgrondjes en van de vis die ze vangen in de grootste Amazone rivier van Bolivia de Rio Mamore. Daar zwemt ook de prachtige roze rivierdolfijn Inia geoffrensis humboldtiana die af en toe puffend aan de oppervlakte verschijnt. De indianen leven in kleine gemeenschappen zonder stromend water of elektriciteit. Hoewel, bij sommige bamboehutten hangt een zonnepaneel. De elektriciteit die zo wordt opgewekt, gebruiken de indianen onder meer om op een televisie naar DVD films te kunnen kijken.
Vooral door de aanwezigheid van vele verschillende indianenstammen is Bolivia een van de kleurrijkste landen van Zuid-Amerika. Het afgelopen weekeinde vierde Aymara indiaan Evo Morales dat hij anderhalf jaar aan de macht is. Hij is de eerste indiaan die het in Bolivia tot dit ambt heeft geschopt. Een feit waarop de meeste Bolivianen nog steeds reuze trots zijn.
evo1_5.jpgMaar in Beni valt het wel mee met de bewondering voor Evo. De inwoners klagen over inflatie, gebrek aan werk en de falende hulpverlening nadat deze provincie begin dit jaar onder water liep. De indianen van Beni sluiten zich in meerderheid aan bij de relatief rijke buren in de provincie Santa Cruz die naar meer autonomie streven. In het centrum van Trinidad zijn de pilaren voor het gebouw van het openbaar ministerie vol gekalkt met teksten waarin Evo dood wordt gewenst. Evo is een hond, staat er. Evo is een communist. En Evo is een teringindiaan.
Het racisme is groot in Bolivia. Veel indianen leven nog steeds in grote armoede en worden uitgebuit als dienstmeisjes of boerenknechten. Moralesvisvrouw4.jpg zei dit weekeinde dat hij voor het einde van zijn ambtstermijn in 2011 een einde wil maken aan de slavernij waarin indianen op sommige plekken leven.
In het zuiden van het land – in de regio Chaco – wonen volgens onderzoek van de Organisatie van Amerikaanse Staten nog zo’n duizend Guaraní families onder middeleeuwse omstandigheden. Ze werken op boerderijen als landbouwers, hoeden het vee of zijn kindhoertjes. Tegen de grootgrondbezitters moeten de slaven papa of mama zeggen en meestal genieten ze alleen kost en inwoning en geen salaris. Ze hebben geen bewegingsvrijheid.
Veel indianen hebben de achternaam van hun ‘eigenaren’. Als ze hun werk niet naar behoren uitvoeren, krijgen ze zweepslagen. Sommige boerderijen worden in de Chaco verkocht met inbegrip van de slaven.
De strategie van de Boliviaanse regering bestaat eruit om land te onteigenen en ter beschikking te stellen aan de indianen. Zo krijgen ze niet alleen een eigen plek terug maar worden
visvrouw5.jpg
ook in staat gesteld hun eigen voedsel te verbouwen.
Maar indianenpresident of niet, volgens de Interamerikaanse Commissie voor de Mensenrechten van de OAS zijn de autoriteiten nog veel te laks in het
uitvoeren van maatregelen die een einde moeten maken aan de indianenslavernij.
,,Apoita aiko chepiaguive cheyambae”, heet de studie waarin het treurige lot wordt beschreven. Het is guaraní en betekent: ik wil vrij zijn, zonder eigenaar.
Zo en nu gaan we weer het donkere, internetloze bos in. Kijken of het echt zo makkelijk is
piranha’s te vangen.

Commentaar van de redactie van CU:

Let op de frappante overeenkomst tussen de foto hierboven en de gravure uit Stedmans Narrative of a five year's expedition against the revolted negroes of Surinam, 1796, hieronder:

woensdag 25 januari 2012

Surinaams regenwoud: weer 46 nieuwe diersoorten ontdekt


Waterkever uit Venezuela die sterk lijkt op een nieuwe soort uit Suriname


Drie weken onderzoek in een oerwoud in het zuidwesten van Suriname heeft 46 nieuwe diersoorten opgeleverd. De meest opvallende nieuwe dieren zijn de 'cowboykikker', de 'gepantserde meerval' en de 'gekleurde sabelsprinkhaan'.

Drie afgelegen gebieden aan de Kutari- en Sipaliwini-rivier werden onderzocht. Hier zijn geen wegen en er komen nauwelijks mensen. In totaal troffen de onderzoekers van Conservation International ongeveer 1300 diersoorten aan in het oerwoud, waarvan er dus 46 nooit eerder waren gezien.



Eén van die 46 dieren is de 'gepantserde meerval' (foto hierboven). Bijna was deze vis in de pan beland, tot een van de onderzoekers het dier in de gaten kreeg en tot de conclusie kwam dat het een nieuwe soort is. De meerval heeft een pantser met scherpe punten. Volgens de onderzoekers geen overbodige luxe als je in een rivier zwemt samen met enorme piranha's.

Aansporen

De 'cowboykikker' heeft zijn naam gekregen vanwege een spoor op iedere hiel, dat lijkt op de metalen prikkers aan de hiel van de laars waarmee cowboys hun paarden aansporen. Ook vonden de onderzoekers een prachtig gekleurde sabelsprinkhaan (foto hieronder). Het is de enige sprinkhaansoort waarvan bekend is dat ze een chemische stof afscheiden om zichzelf tegen vogels en roofdieren te beschermen.



Het gebied bleek een paradijs voor entomologen, met prachtige en bijzondere insecten waar je maar keek. "Ik hoefde niet eens op zoek te gaan naar mieren, ze sprongen gewoon bovenop me", vertelt Dr. Leeanne Alonso. "Ook de andere onderzoekers waren onder de indruk van de grote diversiteit van vogels en zoogdieren in het gebied. Je kunt heel dichtbij de dieren komen. Een camera legde zelfs een jaguar vast op zo'n 100 meter buiten ons kamp."

Naast bijzondere diersoorten bestudeerden de onderzoekers ook rotstekeningen van de vroegste bewoners van het gebied. Uit recent onderzoek is gebleken dat er 5000 jaar geleden al mensen woonden in dit gebied.

[tekst van NOS.nl]

zondag 22 januari 2012

Baanbrekende Surinaamse bosbouwkennis gebundeld



door Eliézer Pross

Paramaribo - De rijkdom aan wetenschappelijke kennis die in Suriname sedert de zestiger jaren van de vorige eeuw is opgedaan op het gebied van duurzame bosbouw, is nu eindelijk vastgelegd in het boek Sustainable Management of Tropical Rainforests: The Celos Management System (CMS). Het gaat om baanbrekend werk dat internationaal wordt erkend en zijn verdiensten reeds bewijst.

“Het is inderdaad baanbrekend werk. Wij waren naar Brazilië in 2009 toen ik nog geen minister was. En daar mochten wij een groot bosbedrijf bezoeken dat geheel volgens het Celos Management Systeem werkt”, zei minister Simon Martosatiman van Ruimtelijke Ordening en Grond- en Bosbeheer (RGB) in gesprek met de Ware Tijd.

De bewindsman legt uit dat CMS, ondermeer, een strategie inhoudt waarbij bossen verantwoord worden geoogst en zodanig worden herbeplant dat er sprake is van “verbetering”. Het CMS-systeem is vooral in buurlanden en de regio bekend, en is over de jaren heen gezamenlijk ontwikkeld tussen Nederlandse en Surinaamse deskundigen. Het boek is de afgelopen vijf jaren voorbereid, en is tot stand gekomen uit de samenwerking tussen diverse organisaties als Tropenbos International Suriname, World Wildlife Fund (WWF) en het Centrum voor Agrarisch Onderzoek in Suriname (Celos).

Tijdens de officiële presentatie van het boek gisteren, waren naast Martosatiman en toppers van zijn ministerie, ook de Nederlandse Ambassadeur in Suriname, Aart Jacobi, de top van Celos, de Anton De Kom Universiteit van Suriname en ondernemers uit de bosbouwwereld aanwezig. De minister zegt dat er in Suriname vrij duurzaam wordt gewerkt in de bosbouwsector. “De meeste vernieling van bos vindt plaats in de kleinschalige goudwinning”, aldus de bewindsman die verder ervoor pleitte dat de onderzoekswerkzaamheden worden voortgezet.

[naar de Ware Tijd, 21/01/2012]

dinsdag 10 januari 2012

Rio +20

Foto © New 7 Wonders of Nature

door Nina Jurna

Brazilië had de jaarwisseling nog niet eens achter de kiezen of het thema van 2012 werd via de media al stevig gelanceerd: Rio +20 daar draait het dit jaar om. Rio +20 wordt in juni gehouden en is een grote internationale aarde conferentie georganiseerd door de Verenigde Naties. Alle lidlanden doen mee en buigen zich een week lang over belangrijkste milieu thema’s zoals de klimaatsverandering, ontbossing, duurzame energie. Hopelijk wordt er niet meer alleen gepraat maar ook echt iets ondernomen want de klimaatsverandering is wat mij betreft duidelijker dan ooit. Ik overdrijf niet als ik zeg dat het vanaf mei 2011 tot nu nauwelijks twee weken achter elkaar volop zonning is geweest in Rio. Nu is juni, juli en augustus ook wintertijd en kan de temperatuur zakken tot dertien graden.

Maar het had nu toch vanaf oktober al lekker warm moeten zijn. En dan heb ik het niet over een dagje zon, nee wekenlang hadden de stranden bezaait moeten zijn. Ik was deze afgelopen week voor werk in Peru en ook daar klaagden de bewoners. ‘Het klimaat is helemaal in de war. Het is nu zomer, maar voel je niet hoe koud het s’ avonds is?’ Kerst in Suriname, hoorde ik ook veel mensen hun bezorgdheid uit te spreken de vele regens. ‘Je weet tegenwoordig echt niet meer wanneer het droge of regentijd is. De kleine of grote regentijd zoals die in de reisgidsen beschreven staat kunnen we wel schrappen’, zei een kennis. Terwijl Brazilië organisator is van deze zeer belangrijke aarde summit is het land beschermer maar ook vernietiger van het grootste bos ter wereld: de amazone. Het leek de goede kant op te gaan met de amazone maar het laatste jaar is de ontbossing weer toegenomen.

Dat komt vooral omdat Brazilie op hetpunt staat om de zogenoemde ‘forest code’ te versoepelen. Hierdoor kunnen kleinere boeren meer houtkappen dan nu is toegestaan. Dit, zodat ze de concurentie aan kunnen met de grootgrondbezitters. Funest voor de houtkap, maar voor de boeren een manier om economisch te overleven omdat ze nu de dupe zijn van de regels die het hen moeilijk, en juist de grootgrondbezitters makkelijker maakt te kappen.-. Vorig jaar was ik met een undercover actie mee van greenpeace in de amazone. Een trip aan de vooravond van een grootschalige campagne tegen adidas en nike, die van leer van vee dat gefokt wordt in de amazone en waar voor gigantische hectares bomen worden gekapt, hun sportschoenen maken. Greenpeace activisten die mee gingen en de tocht organiseerden deden zich zelf ook voor als journalisten want de organisatie is niet echt geliefd bij de grootgrondbezitters.

Eerder berichte ik al over het gevaar voor milieuactivisten in Brazilie, de moorden en de dreigementen die nog altijd toenemen. In een interview met een grootgrondbezitter werd me al snel duidelijk waarom zij niet van plan zijn te stoppen met ontbossen. ‘ Waarom zouden we? Jullie in Europa hebben eerst je eigen bossen vernietigd en daar fabrieken voor in de plaats gezet. Jullie zijn grote industrielanden geworden. En nu zitten wij in de lift. We hebben grote veehouderijen, produceren vlees en leer, en nu willen jullie dat wij onze bossen bewaren terwijl wij nu aan de beurt zijn om te groeien? ‘ Het is misschien een beetje kort door de bos, maar ik begrijp de redenering wel.


San Rafaelwaterval, provincie Tena, Ecuador, foto © Drriss

Alleen is het behoud van de amazone niet alleen belangrijk voor het westen maar voor de hele wereld omdat het nu eenmaal de longen van de wereld zijn, en daarom invloed heeft op de gezondheid van ons allemaal. Het bombastische en de show met sambadanseressen en al waar Rio +20 nu al mee gelanceerd wordt heeft wat mij betreft alleen maar zin als er ook echt kritisch gekeken wordt naar de realiteit in Brazilie zelf: meer ontbossing en een toename van moorden op milieuactivisten, terwijl de daders (vaak zijn de opdrachtgevers grote houtkapbedrijven) buiten schot blijven. Daar lijkt me weinig show aan.

Reageren? brasileirosdwt@hotmail. com

[uit de Ware Tijd, 10/01/2012]

zondag 1 januari 2012

Een verdwenen stad in het Surinaamse regenwoud

door Renzo S. Duin


Recent archeologisch onderzoek toont aan dat het Amazonewoud niet zo ongerept is als het lijkt, maar ook dat de ‘verloren steden in het Amazonegebied’ anders zijn dan Hiram Binghams Machu Picchu in Peru of kolonel Percy Fawcetts ‘Stad Z’ in Brazilië (Heckenberger 2009). Cheryl Ngwenyama, die tegenwoordig publiceert onder de naam Cheryl White, onthult in haar proefschrift, Material Beginnings of the Saramaka Maroons; An Archaeological Investigation, dat er ook in het oerwoud van Suriname overblijfselen gevonden zijn van een verloren stad. Een artikel dat haar proefschrift samenvat werd in 2010 gepubliceerd in Antiquity. Deze verloren stad is Kumako, de eerste nederzetting die de Saramaka Marrons, een gemeenschap van gevluchte slaven en hun nakomelingen, opbouwden in het binnenland van Suriname. Op zoek naar deze stad verrichtte een onderzoeksteam samengesteld uit Marrons, student-vrijwilligers en academici archeologische opgravingen in het kader van het Maroon Heritage Research Project, dat werd opgezet door Dr. Kofi Agorsah van de University of the West Indies en momenteel onder leiding staat van Dr. White. Wat overigens opvalt is dat de samenstelling van dit team duidelijk maakt dat de archeologie in Suriname niet langer het monopolie is van de bakra, de blanke man uit Nederland. Het archeologisch onderzoek naar de materiële oorsprong van de Saramaka is tegenwoordig een echt gemeenschappelijk archeologisch project.

Marrondanseres maakt zich klaar voor de dans (foto Arno Briers)

Cheryl White is geboren in Kingston, Jamaica, en opgegroeid in New York waar ze een bachelor antropologie/archeologie deed. Haar master en Ph.D. werden verkregen bij de University of Florida in Gainesville, Florida, in de Verenigde Staten. De University of Florida is een van de laatste universiteiten met de zogenaamde ‘Four-Field’-benadering. Haar Ph.D.-begeleider, Dr. Peter Schmidt, is bekend om zijn historische archeologie en etno-archeologisch werk onder de Buhaya van Oost-Afrika. White past deze combinatie van historische archeologie en etno-archeologie toe op de Afrikaanse diasporagemeenschappen van Zuid-Amerika, en dan in het bijzonder op de Surinaamse Saramakaanse Marrons. In tegenstelling tot Jamaica en andere Marronenclaves in het Caribische gebied, zijn de Surinaamse Marrons behoudender in plaatsen en praktijken. Overigens zullen de welingelichte lezers ontdekken dat dit boek geen enkele verwijzing telt naar het werk van Silvia de Groot, die destijds aan de wieg stond van het Instituut ter Bevordering van de Surinamistiek. De Groot was dan ook gefocust op de Ndjuka en Boni, twee andere Marrongroepen in Suriname, en haar werk werd meestal gepubliceerd in het Nederlands. Wel refereert deze dissertatie systematisch naar het werk van Richard en Sally Price. Terwijl Richard en Sally Price sinds het midden van de jaren zestig van de vorige eeuw historisch-antropologisch onderzoek hebben uitgevoerd naar de Saramaka en andere Marronpopulaties in Suriname en Frans Guyana, is dit de eerste keer dat er op de locatie van Kumako archeologische opgravingen zijn gedaan.

Het doel van dit onderzoek was niet zozeer om de achttiende-eeuwse Marronnederzetting van Kumako nader te lokaliseren in de buurt van de bron van de Pikien Saramakarivier, maar om te reconstrueren hoe deze plek als een punt van samenkomst functioneerde in de eerste tijd dat de Saramaka in de binnenlanden van Suriname leefden. Uit het huidige historisch en etno-archeologisch onderzoek is duidelijk geworden wat het karakter was van zo’n vroege nederzetting bestaande uit gemeenschappen van weggelopen slaven en hun nakomelingen. Algemeen werd aangenomen dat historische Marrondorpen een kort bestaan kenden en gelegen waren in afgelegen gebieden. Dat maakte het moeilijk om definitieve conclusies te trekken. Maar deze keer zijn er verschillende objecten aangetroffen, waaronder voorwerpen van aardewerk en fragmenten van stenen bijlen. Ook waren er enkele radiokoolstofmonsters genomen om de vindplaats te dateren. Bovendien werden te Kumako elementen gevonden die duiden op traditioneel Inheems landgebruik, het gebruik van een vorm van technologie en een eigen materiële cultuur. Een 123 pagina’s tellende appendix bevat een overzicht van de wetten die in Suriname ten aanzien van de Marrons zijn uitgevaardigd, opgegraven vondsten, en radiokoolstofrapporten.

Archeologisch onderzoek toont bijna altijd aan dat de lokale historie afwijkt van de veronderstelde geschiedenis. Dat is ook in het geval bij de opgravingen te Kumako. Ten eerste bleek de vindplaats, anders dan vermeld in de orale tradities, te liggen op een ronde heuvel van ongeveer 270 bij 180 meter – een oppervlakte van in totaal ongeveer 3,8 hectare – met steile hellingen van ongeveer twee meter hoog. Hierbij moet worden opgemerkt dat de afbeeldingen en tekeningen in het boek niet van de hoogste kwaliteit zijn en soms zelfs vervormd zijn. In de omringende greppel werden vier uitsparingen voor wegen waargenomen. Een uitholling van ongeveer drie meter in doorsnee werd aangetroffen ten noorden van de heuvel. Fragmenten van aardewerk, gevonden in de buurt van een opgravingsput, werden door Saramakaanse teamleden geïdentificeerd als ahgbang-kommen. Ahgbang of bungu (afb. rechts( zijn grote aardewerken kommen, die oorspronkelijk verkregen werden van Inheemsen (p. 194), maar vervolgens door de Marrons gebruikt werden – en tot op vandaag gebruikt worden – voor rituele baden met gekookte geneeskrachtige planten en andere krachtige kruiden. Dit laat zien hoe lokale teamleden kunnen helpen bij de interpretatie van een archeologische vindplaats. In de tweede plaats roept archeologisch onderzoek meestal meer vragen op dan het beantwoordt. Dat is ook het geval met de koolstofmonsters uit de omliggende greppel. Zij resulteerden in een datering vóór 1620. Deze vroege datering kan een gevolg zijn van natuurlijke bosbranden of van eerdere bewoning door de Inheemse bevolking. Een derde koolstofmonster, verkregen ten noorden van de heuvel, resulteerde in een mogelijke datering uit de vijftiende tot de twintigste eeuw. Deze cirkelvormige heuvel met wegen naar de vier hoofdwindrichtingen, de radiokoolstofdateringen en de aardewerkfragmenten maken gezamenlijk duidelijk dat de geschiedenis van Kumako zeer complex is geweest. Het is mogelijk dat de bewoners zich op deze plaats van voorwerpen voorzagen die oorspronkelijk van Inheemsen afkomstig zijn. Overigens was dit laatste heel gangbaar in andere Marrongemeenschappen, zowel in Suriname zelf als elders in de Guyana’s en het Caribische gebied. Dit proefschrift beschrijft overigens niet enkel het materiële begin van de Saramaka Marrons, maar roept tevens vragen op over de onderlinge relaties tussen de Marrons en de Inheemse volkeren.

Hoewel Kumako in de mondelinge overlevering van de Saramaka een vaste plaats heeft gekregen, lijkt de cirkelvormige heuvel met een greppel, soms onderbroken voor wegen naar de vier windrichtingen, op de zogenaamde montagne couronnée van Yaou nabij Maripasoula (Frans Guyana). Die meet ongeveer 304 bij 154 meter – een oppervlakte van in totaal ongeveer 3,7 hectare – en heeft steile hellingen van ongeveer twee meter hoog (Mestre in voorbereiding; Petitjean-Roget 1991). In 1999 vertelden Wayana-Inheemsen van de Boven-Marowijne mij de lokale Wayana-naam voor dergelijke ronde heuvels met greppels: ïpï ëtonam toponpï (een heuvel om te verbergen van lang geleden). Volgens de huidige Wayana, waren dit versterkt heuveltoppen waar in het verleden mensen hun toevlucht konden zoeken. Mogelijk waren dit plaatsen waar Inheemsen zich schuilhielden tijdens de invallen die de Taira (Cariben van de kust) eventueel in samenwerking met Marrons deden om zogenaamde ‘rode slaven’ te verkrijgen. De datering van de montagne couronnée van Yaou komt overeen met die van de monsters 1 en 2 (cal. AD 80 - 390 en cal. AD 260 tot 560) van Kumako en duidt daarmee op een oudere voorgeschiedenis van deze ‘verloren stad’ in het oerwoud van Suriname.

Kortom, archeologisch onderzoek, en dan vooral de historische archeologie in de binnenlanden van Suriname, is nog grotendeels terra incognita. De mondelinge overlevering van de Marrons en de Inheemsen wijken af van de algemeen aanvaarde geschiedenis die spreekt van kleine gemeenschappen die proberen te overleven in het ongerepte oerwoud. Het lijkt erop dat de Marrons bezit genomen hebben van een (verlaten) nederzetting van de Inheemse bevolking, maar tegelijkertijd hun nieuwe stad versterkten met wat hen ter beschikking stond vanuit hun eigen erfenis aan middelen tot genezing en zuivering van een bepaald gebied. Een dergelijke dynamische onderlinge relatie tussen Marrons en Inheemsen is zeer in overeenstemming met wat bekend is van Afrikaanse diasporagemeenschappen elders in de regio, zoals in Cuba en Brazilië. Bovendien tonen hedendaags historisch onderzoek en archeologische opgravingen aan dat de tijdelijkheid van dergelijke betwiste gebieden veel complexer is dan tot nu toe wordt aangenomen. Het tegenwoordige multidisciplinaire onderzoek is een combinatie van archeologie, geschiedenis, orale traditie en etnografie, in samenwerking met lokale Marrons en Inheemsen, met als doel om meer inzicht te krijgen in de geschiedenis van de binnenlanden van Suriname en de andere landen in de regio. Material Beginnings of the Saramaka Maroons toont aan wat voor potentieel een gezamenlijk onderzoeksprogramma bezit om inzicht te krijgen in hoe een zelfbewuste gemeenschap als de Saramaka bereid is om het beste te maken van de natuurlijke en culturele omgeving.

Cheryl N. Ngwenyama, Material Beginnings of the Saramaka Maroons; An Archaeological Investigation. Gainesville: University of Florida, 2007. 432 p., ISBN 978 05 4945 683 4. [http://etd.fcla.edu/UF/UFE0020093]

Literatuur

Heckenberger, Michael J., 2009

‘Lost Cities of the Amazon; The Amazon tropical forest is not as wild as it looks.’ Scientific American 301(4): 44-51.

Mestre, Michaël, in voorbereiding

Montagnes couronnées en Guyane.

Petitjean-Roget, Hugues, 1991

‘50 sites de montagnes en Guyane française: contribution à l’inventaire des sites archéologiques d’Emile Abonnenc.’ Actes du 12ième congrès de l’A.I.A.C., 241-257.

White, Cheryl, 2010

‘Kumako; a place of convergence for Maroons and Amerindians in Suriname, SA’, Antiquity 84: 467-479.

White, Cheryl, 2010

‘Maroon Archaeology Is Public Archaeology.’ Archaeologies: Journal of the World Archaeological Congress 6(3): 485-501.



[uit Oso, 2011, nr. 2]

dinsdag 15 november 2011

LA Chispa 358 over het bos in Suriname

In het oktobernummer van LA Chispa staat het thema ‘bos’ centraal. Dit extra dikke nummer met prachtige foto's is begin oktober 2011 verschenen.

Het jaar 2011 is door de VN uitgeroepen tot ‘jaar van het bos’. Juist in Latijns Amerika bevindt zich het meeste bos. Het Amazonegebied is niet alleen voor het continent zelf, maar voor de hele planeet van levensbelang.

Tegelijk staat het bos bloot aan bedreigingen: wegen, dammen, houtkap, mijnbouw, sojaplantages en jacht. Maar ook levert het bos duurzame producten en leven er mensen in harmonie met de natuur. Over al deze aspecten leest u in LA Chispa.



Suriname uitgelicht

Bij deze LA Chispa vindt u een uitgebreid dossier Suriname. Het is tot stand gekomen door de samenwerking van onderzoekers in Suriname en Nederland. De biologen, antropologen, economen en ingenieurs hebben één ding gemeen: ze houden zich allemaal bezig met het analyseren van ontwikkelingen in het binnenland van Suriname. Het onderzoek is een initiatief van Pitou van Dijck, als econoom verbonden aan het Centrum voor Studie en Documentatie van Latijns Amerika (Cedla) aan de Universiteit van Amsterdam.

Twee jaar geleden, in de Surinamespecial van LA Chispa (december 2009) berichtte het blad al over op handen zijnde veranderingen in de infrastructuur van het land. De Surinaamse overheid geeft steeds uitdrukkelijker aan te streven naar verbetering van infrastructuur om het land beter aan te sluiten op de buurlanden in Zuid-Amerika. Zo sprak president Bouterse over de aanleg van een weg en spoorlijn naar Brazilië. Ook de vergroting van hydro-energie door de bouw van dammen en omleiding van rivieren staat op het programma.

In het 'Dossier Suriname' laat LA Chispa met reportages, interviews, kaarten en foto’s zien wat het bos te wachten kan staan.

woensdag 9 november 2011

Medicinale planten goed voor 2,4 miljard US dollar

door Astrid van Oosterum

Paramaribo - Geneeskrachtige planten zouden Suriname op jaarlijkse basis een geschatte 2,4 miljard US dollar kunnen opbrengen. Er dient nog wel veel onderzoek gepleegd te worden voordat het land kan profiteren van deze inkomstenbron. Dat stelt Dennis Mans op de dertiende RedLAC General Assemblee, waar verschillende milieufondsen uit de regio vergaderen en informatie uitwisselen. Het Amazonegebied kent ongeveer 33.000 verschillende planten.

Slechts 10 procent daarvan is bekend en daarvan wordt slechts 1 procent geëxploiteerd. “Er is dus een aannemelijke kans dat er een groot aantal onontdekte planten is met medicinale krachten.” Hoogleraar Mans van de Faculteit der Medische Wetenschappen van de Anton de kom Universiteit verklaart dat geneeskrachtige planten al sinds eeuwen een economisch belangrijke bron van inkomen vormen. “Al sinds de oudheid worden planten door mensen gebruikt als eten, voor kleding, onderdak, jaagactiviteiten, voor cosmetica en als medicatie. De conclusie is: planten hebben een economische waarde.”

Er is een groeiende belangstelling voor de economische waarde van biodiversiteit, inclusief geneeskrachtige planten. De reden achter deze interesse is, volgens Mans, bezorgdheid over ernstige dreigingen waar de natuur onder te lijden heeft zoals opwarming van de aarde en ontbossing. De wereldwijde economische waarde van medicinale planten is sinds jaren alleen maar gegroeid. In 1997 hadden geneeskrachtige planten een waarde van 20 miljard US dollar in 2004 kwam de waarde al op 80 miljard US dollar. De verwachtingen voor 2050 zijn dat de wereldwijde economische waarde van medicinale planten op 5.000 miljard komt.

“Zijn deze verwachtingen wel realistisch?”, vraagt Mans zich af. “Mogen wij anticiperen op de identificatie en ontwikkeling van baanbrekende medicijnen die wij van planten onttrekken? En wat zijn de kansen dat moderne technologie snel met een goedkopere synthetische variant op de markt komt waardoor de duurdere medicinale plant overbodig wordt?” Hoewel deze vraagstukken nauw bestudeerd moeten worden, gelooft Mans in de kansen die landen uit de regio, en dus ook Suriname, voor zich hebben liggen. “De Amazone beschikt over een biodiversiteit van onschatbare waarde. De mogelijkheden om economisch te profiteren van onze rijke natuur zijn er en dienen nader onderzocht te worden”, besluit Mans zijn betoog.

[uit de Ware Tijd, 09/11/2011]

Foto © Jim Healy