Posts tonen met het label Pakosie André. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Pakosie André. Alle posts tonen

dinsdag 11 maart 2014

Pakosie blijft vast

door Eric Mahabier

André Pakosie wordt omvangen met een panyi. Foto: dWT Archief  


Utrecht - André Pakosie blijft voorlopig in voorarrest. Dit heeft de rechtbank Utrecht, Nederland, maandag besloten. Pakosie staat terecht voor verkrachting van zijn dochter en kinderporno. Ook twee vrouwen van Pakosie staan in deze zaak terecht wegens medeplichtigheid. Zij zijn echter niet in hechtenis genomen.

Pakosie zit nu al ruim een jaar in voorarrest. Hij was kabitein van de Aukanisi in Nederland. Verder heeft Pakosie zowel van de Nederlandse als de Surinaamse staat een onderscheiding ontvangen.

[uit de Ware Tijd, 10/03/2014]

zondag 15 december 2013

‘André Pakosie (58) vergreep zich aan meer kinderen’

Utrecht – Net als zijn collega ridder Jan Wubbeling, blijkt dat de 58-jarige André Pakosie, een waar seksueel roofdier is. In het geval van André Pakosie is bekend geworden dat hij zijn drie dochters jarenlang en stelselmatig in zowel Nederland als in Suriname heeft misbruikt. De incestzaak rond de invloedrijke intellectueel zou veel groter zijn dan tot nu toe naar buiten is gekomen.
André Pakosie

André Richard Matiematie Pakosie is een Surinaams schrijver, kruidenkenner, natuurgeneeskundige, kabiten van de Okanisi of Ndyuka Marrons in Nederland en kenner van de Aukaanse cultuur. Hij is geboren en opgegroeid in het Surinaams tropische regenwoud en komt uit een Ndyuka Marron familie van genezers en spirituele leiders. Sinds 1977 is hij ‘dobuu-komfo’, één van de hoogste spirituele leiders van de Ndyuka Marrons. In 1980 stichtte hij in Suriname het dorp en spiritueel- en gezondheidscentrum Sabanapeti. André Pakosie schreef proza en poëzie in het Nederlands, Sranan, Saamaka en Ndyuka over de Surinaamse geschiedenis.
André Pakosie zit sinds 19 oktober 2012 in detentie op verdenking van jarenlange verkrachting van zijn dochter. Bij zijn aanhouding werden diverse computers in beslag genomen. Voorts wordt hij ervan verdacht enkele verkrachtingen te hebben laten filmen of zelf op video te hebben vastgelegd. Zijn vrouw Truus en ex-vrouw Suzette zijn medeverdachten. In deze incestzaak is Peter Plasman zijn advocaat. Vandaag kwam in het nieuws dat hij niet alleen een dochter hier in Nederland heeft misbruikt, maar ook twee andere dochters in Suriname.

André Pakosie z’n dochter verteld: “Hij heeft ook mijn twee zussen in Suriname misbruikt. Dat begon toen ze 16 en 17 jaar waren. Hij en mijn stiefmoeder Truus hebben het zelf aan me verteld. Truus ronselde iedereen. Ze woonde vroeger bij ons in de buurt en maakte een soort indeling: de ene dag sliep hij bij mijn moeder Suzette, de andere dag bij mij. Hij had iedereen in zijn macht, en speelde het zo dat mijn broers het misbruik niet konden ontdekken. Het misbruik gebeurde veelvuldig vanaf mijn 12e jaar, zowel thuis in het Utrechtse Kanaleneiland als in een hotel in Vianen waar hij me naartoe nam. Ik moest seks hebben, anders zou ik ziek worden, of doodgaan. Hij deed het ’uit bescherming’. Gaandeweg kwam het filmen erbij. Hij heeft kasten vol.”
Pas toen zij 21 jaar was deed André Pakosie z’n dochter aangifte bij de politie: “Mijn vader leidde aan grootheidswaanzin, werd op handen gedragen. Hij brainwashte iedereen. Ik werd uit het niets beloond met een televisie of 200 euro. Ondertussen mocht ik nergens heen, zelfs niet naar een schoolfeest. Hij was denk ik bang dat ik hem dan zou verraden.”

De strafzaak tegen André Pakosie gaat op 10 maart 2014 verder. Zowel advocaat Peter Plasman, als justitie-woordvoerster van het parket Midden-Nederland, wilde niet op de zaak ingaan. In 2001 werd André Pakosie onderscheiden tot ridder in de orde van Oranje-Nassau.

[van Crimesite Camilleri, 13 december 2013]


woensdag 25 september 2013

Pakosie blijft in voorlopige hechtenis

door Eric Mahabier

Utrecht - Nog deze maand vertrekt een Nederlands politieteam naar Suriname om getuigen te horen in de zedenzaak tegen Andre Pakosie. Dit heeft de officier van justitie woensdag bekendgemaakt bij de voortzetting van de zaak. Pakosie staat bij de rechtbank Utrecht terecht voor verkrachting van zijn dochter en kinderporno.

Hij blijft voorlopig vastzitten. De twee vrouwen van Pakosie staan terecht wegens medeplichtigheid. De meervoudige kamer heeft het onderzoek in de zaak tegen alle drie geschorst naar 11 december. De twee vrouwen van Pakosie die op vrije voeten zijn, waren niet in de rechtszaal.

Op verzoek van de officier van justitie worden de onderzoeksresultaten die het politieteam in Suriname zal verrichten afgewacht. Het onderzoek in Suriname zal in samenspraak met de Surinaamse autoriteiten plaatsvinden. De officier sluit niet uit dat het onderzoeksresultaat in Suriname kan leiden tot nader onderzoek in Suriname. 
De verdediging heeft op de zitting gevraagd naar de schorsing van de voorlopige hechtenis van Pakosie. De rechtbank heeft die afgewezen omdat de verdenkingen tegen Pakosie zwaar zijn. 

[uit de Ware Tijd, 25/09/2013]


Bibliografische gegevens

Titel: André Pakosie: man van twee werelden
Auteurs: M.C. Diemont, Truus Koningsbloem, Suzette Harderwijk
Uitgever: Stichting Sabanapeti, Utrecht 2005
Lengte: 72 pagina's


vrijdag 20 september 2013

Surinamers en incest anno 2013

door Usha Marhé

Er ging een schokgolf door de Surinaamse samenleving heen (zowel in Suriname als in Nederland) toen vorig jaar bekend werd dat André Pakosie was opgepakt wegens het seksueel misbruiken van zijn dochter. Vanaf de eerste berichten is zijn naam voluit genoemd. Zeer waarschijnlijk omdat hij een bekende is in de Surinaamse gemeenschap, van wie je zou denken dat hij beter zou moeten weten. Pakosie is natuurgenezer, eigenaar van een fytotheek in Utrecht, schrijver, marrondeskundige en kapitein van de Aukanisi in Nederland, een functie die hij in december 2012 per brief heeft neergelegd. De verbijstering en het ongeloof in de Surinaamse gemeenschap maken dat men nog steeds niet makkelijk over zijn arrestatie praat. Maar het is toch echt waar. De bewijzen en berichten liegen er niet om.
 
André Pakosie. Foto © Ruud Voest
André Pakosie (58) is op 19 oktober 2012 in zijn woonplaats Utrecht opgepakt en zit sindsdien vast in de gevangenis. Hij is officieel aangeklaagd wegens: 1. verkrachting, 2. ontucht met een minderjarige met misbruik van gezag, 3. verspreiding, vervaardiging, invoer, uitvoer en bezit van kinderporno. Het staat vast dat Pakosie incest met zijn dochter heeft gepleegd: er is op video vastgelegd hoe hij zijn dochter misbruikt, de politie heeft meerdere opnames gevonden in zijn computers, die bij zijn aanhouding in beslag zijn genomen.

Seksueel misbruik is machtsmisbruik. “De essentie van seksueel misbruik is dat een der partijen (het slachtoffer) gedwongen wordt tot seksuele handelingen door een ander (de dader), die vanwege zijn of haar positie fysieke en/of psychologische macht over het slachtoffer uitoefent en hem/haar daardoor kan dwingen de seksuele handelingen te ondergaan. Alle vormen van seksuele handelingen, waarbij het slachtoffer het gevoel heeft dat zij/hij ertoe gedwongen is of wordt, zijn samen te vatten onder de noemer seksueel geweld.” (*)

“Onder seksueel geweld vallen ook incest, verkrachting en aanranding. De handeling waarbij een vrouw door een man met geweld de bosjes wordt ingesleept en fysiek wordt gepenetreerd, wordt doorgaans verkrachting genoemd. Bij aanranding wordt ook geweld gebruikt om ontuchtige handelingen te ondergaan of te plegen. De begrippen incest en verkrachting worden door incestslachtoffers vaak in één adem genoemd, omdat incest nog geen wijdverbreid begrip is. Incest is seksueel misbruik door verwanten.” (*) Het gaat hierbij om het seksueel misbruik van minderjarigen door verwanten. (Ook het misbruiken van meerderjarigen is strafbaar, maar valt onder andere wetgeving.) ‘Verwanten’ zijn zij die ‘het sociale verband van familieleden of personen die de rol van familieleden vervullen’.

Pakosie heeft officieel drie kinderen met zijn – overleden – eerste vrouw. De dochter van Pakosie die aangifte heeft gedaan, is inmiddels 21 jaar oud en afkomstig uit een relatie die na het overlijden van zijn eerste vrouw begon. Het misbruik vond plaats van 2003 tot en met 2010. De incest begon op de twaalfde jaardag van het meisje en heeft zeven jaren geduurd, tot haar negentiende.

De medeverdachten zijn Suzette H. (48), de moeder van het meisje, en Truus K. (52), de tweede vrouw van Pakosie. Zij wisten van het misbruik, hebben Pakosie geholpen door weg te kijken en zijn ook behulpzaam geweest bij het misbruik. Pakosie en Truus K. hebben zelfs samen het meisje misbruikt, wat volgens berichten te zien is op een van de in beslag genomen opnames. Wie de persoon achter de camera is, moet nog duidelijk worden. Suzette H. zou ook actief hebben geparticipeerd en vaker boos zijn geworden als het meisje tegenstribbelde wanneer haar vader haar wilde misbruiken.

Beide dames wordt door het OM (Openbaar Ministerie) verweten ‘gelegenheid, middelen, inlichtingen te hebben verschaft en/of behulpzaam te zijn geweest bij het misbruiken van het meisje’. Suzette H. wordt ook verweten haar dochter tot seks met haar vader te hebben gedwongen. Mogelijk zijn er meerdere mensen bij het misbruik betrokken. Verspreiding, vervaardiging, invoer en uitvoer van kinderporno doe je niet in je eentje. En mogelijk zijn er meerdere slachtoffers. De politie is dat allemaal aan het onderzoeken. Een team van politierechercheurs uit Nederland gaat in september en oktober verder onderzoek doen in Suriname. Het rechtshulpverzoek hiertoe is door de autoriteiten in Paramaribo gehonoreerd.

Pakosie wilde niet bij de zitting van 22 april aanwezig zijn. Op die datum werd besloten dat hij in voorlopige hechtenis blijft zolang de zaak voortduurt. Zijn medeverdachten Suzette H. en Truus K. mogen de zaak in vrijheid afwachten, en zijn op 22 april wel op de zitting verschenen. Suzette H. las – volgens een verslag in dagblad De West – toen een verklaring voor. Ze vertelde de rechter dat ze in 1987 op 22-jarige leeftijd ‘in één keer moeder werd van drie kinderen.’ Suzette H. refereerde aan het begin van haar relatie met Pakosie, die op dat moment al drie kinderen had met zijn inmiddels overleden eerste vrouw, die een tante van Suzette was. Drie jaar later kreeg Suzette een dochter met Pakosie. Die dochter is het slachtoffer in deze zaak. Truus K. wordt als tweede echtgenote van Pakosie genoemd, waaruit geconcludeerd kan worden dat Suzette H. niet officieel met Pakosie is gehuwd.


Volgens het verslag in De West heeft Suzette H. laten weten diep getroffen te zijn en dat haar hart is gebroken door het verwijt van het OM dat ze zich niet goed van haar zorgplicht zou hebben gekweten. Ze verklaarde ook dat haar ouders zwaar lijden onder deze zaak en dat haar moeder in Suriname als gevolg daarvan zelfs een beroerte heeft gehad.

Het OM heeft om hechtenis van Suzette H. verzocht, maar de rechtbank heeft zowel Suzette H. als Truus K. de ruimte gegeven de zaak als vrije burgers af te wachten. Het OM vindt de rol van beide vrouwen in het strafproces even zwaar belast, omdat ze geen informatie prijsgeven en niet meewerken aan het onderzoek. Ook heeft het OM het vermoeden dat Truus K. een machtspositie heeft ten opzichte van Suzette H. Volgens dagblad De West heeft deze zaak veel aandacht onder Nederlandse juristen: de ingewikkelde gezinsconstructie is van grote invloed op deze casus.

De zaak is onlangs op 8 juli voorgegaan en pro forma behandeld, dat wil zeggen dat partijen afstemming hebben gepleegd over de verdere behandeling van de zaak. De volgende pro forma zitting is op 25 september. Het ziet er niet naar uit dat er dit jaar een vonnis wordt geveld, mede vanwege het uitgebreide onderzoek dat in zowel Nederland als in Suriname nog moet plaatsvinden.

Incestdaders zijn gewone, normale mannen, die heel goed weten wat ze doen. Alles wordt goed uitgekiend en voorbereid om het misbruik ongestoord te kunnen laten plaatsvinden, zonder te worden ontdekt. Dat blijkt weer uit deze zaak. Meestal wordt het misbruik niet ontdekt en blijven slachtoffers in stilte lijden. Vooral als het om mannen als Pakosie gaat, met een invloedrijke maatschappelijke positie, is men geneigd eerder de dader dan het slachtoffer te steunen. Men is loyaler aan de bekende figuur, aan wie meer macht wordt toegeschreven. En in de Surinaamse maatschappij is men vanwege de nog steeds zeer traditionele rolpatronen over het algemeen loyaler naar mannen, ook al weet men dat zij daders zijn. Men zou beter moeten weten: integriteit en moreel besef zouden zwaarder moeten wegen dan zaken als maatschappelijke positie en bekendheid.

God zij dank is de dochter van Pakosie en Suzette H. zo sterk geweest dat zij aangifte heeft kunnen doen. Zij zal veel steun en hulp nodig hebben om het misbruik en het verraad te verwerken, daar zal ze de rest van haar leven mee bezig zijn. Want dat is een van de meest pijnlijke dingen in deze zaak: haar vader, haar moeder, haar stiefmoeder, allen hebben haar actief misbruikt en verraden. En zeer waarschijnlijk wisten ook anderen in de naaste familieomgeving hiervan. Laten wij haar met zijn allen veel licht en liefde sturen.

[van De Waterkant, donderdag 11 juli 2013]



(*) Tapu Sjén/Bedek je schande – Surinamers en incest, Usha Marhé, Uitgeverij Van Gennep

woensdag 1 mei 2013

Dit is uw land: een schrijversboot in de Koningsvaartvloot

door Chrétien Breukers

De Koningsvaart. Foto @ ANP
Voordat ze aan tafel gingen, maakten ze eerst nog een rondvaart over het IJ om kennis te maken met hun land. Dit is uw land was het thema van de Koningsvaart. Op een boot van het Amsterdamse havenbedrijf slalomde de nieuwe koning met zijn vrouw en kinderen tussen de drijvende equivalenten van het koekhappen en haring kaken. Vertegenwoordigers van hoge en lage cultuur hoopten dat er een glimp van hen werd opgevangen. Sommigen hadden de pech dat het werkelijk waar is: ‘als u nu naar rechts kijkt, ziet u links niets’. Anderen mochten op oprechte aandacht rekenen.

Tot mijn verbazing bevond zich in de vloot ook een schrijversboot. Of het de koning, zijn vrouw en zijn kinderen ook is opgevallen weet ik niet. Ik heb niet gezien dat ze er langs kwamen, ik heb alleen gezien hoe de reporter van dienst de schrijversboot enterde om de bekendste onder de schrijvers – Renate Dorrestein, voor de gelegenheid verscholen achter een enorme oranje zonnebril – een paar vragen te stellen. De verkeerde vragen.

http://static.typepad.com/.shared:v54a4972:typepad:nl_nl/tiny_mce/3.3.9.4/plugins/pagebreak/img/trans.gif
Was het op het moment zelf al een beetje genant Renate Dorrestein de interviewster terecht te horen wijzen – het ging niet om de taal, de schrijvers waren daar om de verbeelding te representeren (al had Renate Dorrestein het zelf ook niet helemaal goed begrepen: ze zat er niet voor de verbeelding, ze zat er vanwege illustere voorgangers, zo o las ik  later toen ik wilde weten wie op het dwaze idee gekomen was om schrijvers op een boot te zetten en te denken dat daarmee voor iedereen duidelijk is dat het schrijvers op een boot zijn: ‘Nederland heeft een rijke traditie in de literatuur. Om deze te eren zijn schrijvers uitgenodigd om de koningsvaart mee te maken’. 

Geen van deze schrijvers was op de Schrijversboot te vinden. V.l.n.r. Surianto, Louise Wondel, Chitra Gajadin, John Leefmans, Guillaume Pool, André Pakosie.  Prinsestheater Delfshaven, 16 februari 2000. Foto @ Juan Heinsohn Huala.
Nog erger werd het toen ik las hoe de schrijversboot aan haar bemanning gekomen was. Deze oproep van het bedrijf dat de Koningsvaart produceerde plaatste een studentenvereniging op haar Facebookpagina: We zijn trots om te vermelden dat wij een unieke kans voor jullie hebben!
De stad Amsterdam biedt het koningspaar op 30 april a.s. aan het begin van de avond een onvergetelijke vaartocht aan, de Koningsvaart. Doel van deze vaart is het koningspaar te verwelkomen als Koning en Koningin van Nederland. Zij tonen zich dan voor het eerst na de inauguratie aan het volk en wij willen hen dan verwelkomen en Nederland aan hen tonen. Ons land met z’n rijke historie, met z’n diversiteit en eigenaardigheden. Een land vol kennis en creativiteit. Een eigenwijs land met doorzetters en ondernemers. Een land vol grote en kleine helden.


De vaart wordt in zijn geheel door de NOS geregistreerd en live uitgezonden. IDTV is door de Gemeente Amsterdam gevraagd deze Koningsvaart te organiseren. Hiervoor zijn zij op zoek naar tien studenten neerlandistiek, voor op de schrijversboot. Het idee is dat deze studenten dan – als het Koninklijk paar langs komt varen - spanborden ophouden met favoriete dichtregels/zinnen uit de Nederlandse literatuur van de schrijvers aan boord. De schrijvers zijn uitgenodigd door het CPNB, we weten later deze week wie er allemaal bevestigd hebben. De studenten worden vermoedelijk rond 15.00 uur verwacht bij de Ponthaven in Amsterdam Noord, van daaruit worden zij met een veerpont naar het schip gebracht. Er wordt op het schip gezorgd voor een hapje en een drankje. De Koningsvaart is van 19:30 tot 21:00; alle schepen liggen stil, terwijl de Koning langsvaart. Nadat het IJ is vrijgegeven, na 21:30, wordt iedereen weer met de pont naar de ponthaven teruggebracht. Lijkt dit jou wat? Stuur ons zo snel mogelijk een mailtje, vol = vol!


Het was me al opgevallen dat ik opmerkelijk weinig opvarenden van de schrijversboot herkende.  Met knullige omhooggehouden borden en teksten als ‘Denkend aan Holland zie ik breede rivieren traag door oneindig laagland gaan’ bewijs je de literatuur geen dienst.

Maar ja… de directeur van de CPNB schrok er nog niet zo lang geleden ook niet voor terug om voor het oog van de Bananasplitcamera van Frans Bauer gehavend en wel in slaap te vallen voor de literatuur. Ook dat had iets met de nieuwe koning te maken. Ik bedoel maar: het kan altijd erger. Of is dit waar Alessandro Baricco het over heeft als hij het in De barbaren heeft over de democratisering van de cultuur?

[van De Contrabas, 1 mei 2013]

vrijdag 20 juli 2012

Cursus Afáka


Voor beginners en oud-cursisten die hun kennis van het Afáka willen opfrissen

Op zaterdag 15 september 2012 organiseert het Marroninstituut Stichting Sabanapeti weer de cursus Afáka, het syllabeschrift van de Okanisi Marrons. Dit syllabeschrift is ontworpen door da Usa Atumisi Afáka (naar wie het schrift is vernoemd), een Okanisi van de Bilo regio aan de Tapanahoni in het binnenland van Suriname. Da Afáka, die zelf voorheen niet kon lezen en schrijven, maar wel de noodzaak voor zichzelf en zijn volk inzag om te kunnen lezen en schrijven, ontwierp dit schrift in het begin van de 20ste eeuw. Hiermee konden Okanisi Marrons, die overwegend analfabeet waren, in hun eigen taal lezen en schrijven. Met het Afáka-schrift zijn de Okanisi Marrons het enige Creools sprekende volk dat een eigen schrift bezit en Suriname is dus hiermee uniek.

 Het Afákaschrift bestaat oorspronkelijk uit 56 tekens plus 2 extra tekens, één korte verticale streep voor de punt, de komma enzovoort, en één kronkelende lijn om het einde van een pagina te markeren.

Op cursusdag 1 maakt u kennis met de tekens van het Afákaschrift en u leert basiszinnen schrijven en lezen in het Afáka. U krijgt een cursusboek en lees- en schrijfoefeningen mee naar huis. Op cursusdag 2 wordt de basiskennis van het Afáka nogmaals met u doorgenomen. Vervolgens gaat u aan de slag met nieuwe opdrachten. Cursusdag 2 wordt afgesloten met een toets gevolgd door de uitreiking van het bij deze cursus behorende certificaat aan iedereen die met goed gevolg de toets heeft gemaakt.

De cursus wordt verzorgd door André R.M. Pakosie, sinds 1993 de edebukuman, het hoofd van de groep van Afákakenners. Als edebukuman ontwikkelt hij het schrift verder en onderwijst anderen hierin.

Inschrijving
U kunt zich vanaf nu t/m 15 augustus 2012 inschrijven. Stuur uw naam, adres en telefoonnummer per e-mail naar fytotheek.pakosie@planet.nl of naar siboga@maroons-suriname.com en maak vóór 15 augustus 2012 de cursusbijdrage ad € 60,- over op ING Bank nummer 6217534 t.n.v. stichting Sabanapeti o.v.v.: Cursus Afáka. De cursusbijdrage is voor de cursus inclusief cursusboek en oefenmateriaal. U bent pas ingeschreven als uw cursusbijdrage bijgeschreven is op de rekening van stichting Sabanapeti. Toelating tot de cursus vindt plaats in volgorde van inschrijving. Bij onvoldoende aanmelding gaat de cursus niet door en storten wij de door u overgemaakte cursusbijdrage terug op uw rekening. Voorwaarde om deel te kunnen nemen: Tenminste één van de Afro-Surinaamse talen (Okanisi tongo, Saamaka tongo, Sranan tongo, enzovoort) beheersen of daarmee voldoende bekend zijn.
Datum: zaterdag 15 september 2012 Tijd: van 10.30 uur tot 17.00 uur
Plaats: Utrecht
De 2e cursusdag wordt gezamenlijk gepland op cursusdag 1 Lunch: Op beide cursusdagen dient u zelf te zorgen voor uw lunch. Na inschrijving wordt u het adres waar de cursus in Utrecht wordt gehouden en een route-beschrijving toegestuurd.

Portret van Bertus. Foto @ Nicolaas Porter

donderdag 19 juli 2012

Juninummer Siboga

Het juninummer van het tijdschrift Siboga over de Surinaamse Marroncultuur en geschiedenis is uit en bevat de volgende artikelen:
1. De reis naar de voorouders: Leven, dood en bijzetting gaanman Gazon Matodja (door André R.M. Pakosie)
2. Decentralization in district Brokopondo: Collaboration between traditional authority and regional organs (by Thanya Fonkel)
3. De ontwikkeling van leiderschap bij de Marrons van Suriname (door André R.M. Pakosie)

Te bestellen bij het Marroninstituut stichting Sabanapeti (website: www.maroons-suriname.com e-mail: siboga@maroons-suriname.com Tel: 0302943402)

zaterdag 23 juni 2012

André Pakosie


Portret van de Surinaams-Nederlandse schrijver, dichter en fytotherapeut André Richard Matiematie Pakosie, gemaakt door de in Suriname werkzame fotograaf Nicolaas Porter. Nr. 113 in de reeks fotoportretten die Porter in opdracht van de Werkgroep Caraïbische Letteren maakt. Klik op afbeelding voor groter formaat. Voor informatie kunt U mailen naar: nicolaasporter@hotmail.com. Wie de hele reeks wil zien kan hieronder klikken op het label Werkgroepportretten.

zondag 15 april 2012

Kunstenaars over Amnestiewet

Kompe,

Met de aanname van de amnestiewet 2012 in de Nationale Assemblee van Suriname is de periode van willekeur aangebroken in Suriname. De dictatuur van de democratische meerderheid heeft bewezen weinig gevoel te hebben voor de gevoelens van de minderheid, slachtoffers en nabestaanden van geweldadige misdrijven tijdens de militaire periode in de jaren tachtig. Met een zogenaamde democratisch gekozen meerderheid hebben de politieke machthebbers de wet naar hun hand gezet. Er zijn verschillende afkeurende geluiden gehoord over de aanname van de amnestiewet. Meer nog dat het jammer is dat de daders hun straf ontlopen. Echter, zeker naar de jeugd toe, heeft de aanname van de wet wegen vrijgemaakt voor het straffeloos vernietigen van de toekomst van het land. Als vrijdenkers en geweten van de samenleving vraag ik bij deze wat jouw mening is. Wat denk jij ervan? De verschillende meningen wilde ik samenvatten in een stuk/verklaring ter ondersteuning van de stille protestmars die op dinsdag aanstaande in Suriname wordt gehouden. Mijn verzoek is om in maximaal honderd woorden elkaar zowel in Suriname als in Nederland een hart onder de riem te steken.
We hebben allemaal een mening, laat je horen. Alleen dan weten alle Surinamers zich gesteund door de uitdragers van het vrije woord.

Tan bun,
Stuart Rahan

Foto © History of time, Nicolaas Porter



(NB Niet alle reacties konden worden geplaatst, er werd gekozen voor het symbolische getal van 15, zie hieronder)


Ook ik ben met stomheid geslagen. Woorden schieten te kort. Er gaat wel door m'n hoofd: 'wij (wij want dit is grensoverschrijdend) hebben besloten te vergeten' las ik op Facebook. En zo is het. Iets vergeten wil niet zeggen dat het niet heeft bestaan. Een volk dat vergeet, vergeet ook het recht op bestaan. Als je vergeet te bestaan kun je ook niet verder. Verder willen we allemaal, dus laten we niet vergeten. Nooit! We moeten blijven praten. Altijd! Sari odi. Manoushka Zeegelaar-Breeveld (Theatermaker)
Met het aannemen van de amnestiewet heeft Suriname zichzelf neergezet als een kortzichtige natie, die het ontbreekt aan zowel toekomstvisie als historisch besef. In plaats van de nabestaanden van de decembermoorden te steunen in hun verlangen naar rechtvaardigheid, planten wij hen een dolk in de rug. Elke fatsoenlijke Surinamer zou van zich moeten laten horen, zodat de wereld weet dat ons land, ons volk, niet uitsluitend uit boeven, opportunisten en onnozelaars bestaat. Opo kondreman, un opo! Karin Amatmoekrim (Schrijver)

Suriname laat een kans liggen, een kans op waarheid en op recht. Hoe kunnen volksvertegenwoordigers zichzelf zo misleiden? Weten ze niet dat wat ze vandaag aanrichten door de rechterlijke macht opzij te zetten, niet enkel gevolgen heeft voor de slachtoffers en hun nabestaanden van het regime Bouterse, maar ook gevolgen heeft voor de lange termijn? Geven ze hun president (en nog toekomstige machtshebbers) willens en wetens een vrijbrief om het recht naar hun hand te zetten? Dit is een bijna even zwarte dag in de geschiedenis van Suriname als 8 december 1982. Rihana Jamaludin (Schrijver)

Mijn zoon is 8, groeit op in Nederland en krijgt les over de tweede wereldoorlog. Daardoor heeft hij een hekel aan Duitsers. Ik wil mijn zoon leren niet te haten. Bij de Duitsers kan dat, omdat de daders zijn gestraft. Ik zal deze dinsdag met hem meelopen in de stille tocht tegen de straffeloze amnestieverlening voor de daders van de decembermoorden. Ik zal hem vertellen wat er is gebeurd. Als hij daarna de daders haat, kan ik hem begrijpen. Helaas. Als hij na de mars het onvoorstelbaar vindt dat Surinamers een moordenaar als president kiezen, kan ik hem begrijpen. Als hij het daarna moeilijk vindt om te beseffen dat hij Surinamer is, zal ik hem zeggen dat hij niet moet zeuren. We zijn Surinamers in goede en in slechte tijden. Guus Pengel (Schrijver/Theatermaker)

Ik vergeef wel, maar ik vergeet niet. De dag van de decembermoorden zal ik ook niet vergeten! Maar ja, JA IK WIL SURINAME WEL ZIEN VOORUITGAAN EN DIE VRIJHEID EN DEMOCRATIE IS GEBLEKEN...! Razia Barsatie (Kunstenaar)
Een volk van ongeveer een half miljoen Surinamers is wakkerder dan ooit dankzij de Amnestiewet en de democratische processen zoals die zich in onafhankelijke naties als Suriname ontvouwen. Als je de stille tocht in Amsterdam, Rotterdam, Den Haag, Utrecht en Groningen zou laten plaatsvinden, krijgen nabestaanden van slachtoffers van Nederlandse willekeur en terreur ook een podium om zich tegen dwaling van de rechtstaat Nederland uit te spreken. Gelukkig is de kans klein dat de falende rechtspraak in Nederland onder vergelijkbare loupe wordt bekeken want dan zou men een permanente stille tocht langs zien komen van slachtoffers van falende rechtstaat principes. Forward ever! Laat de geschiedenis geen strop voor de toekomst worden. Soso lobi. Tide tamara Sranan e stree gi wan moro switi tratamara. Martha Tjoe Nij (Dichter/Theatermaker)

Opportunisten en lafaards, die zich bestuurders noemen, beseffen niet dat zij met ondertekening van de barbaarse Amnestiewet Suriname buiten de gemeenschap van beschaafde landen plaatsen. Het isolement waarin ons land zal geraken treft dan helaas ook de goedwillende Surinamers. Wat men hiermee komende generaties meegeeft is dat leugen, lafheid, bedrog en egoïsme wapens zijn die gebruikt mogen worden in de strijd om zelfverrijking en nepotisme: het doel heiligt immers de middelen. Dit is het absolute dieptepunt van Sranan. Lydia Emanuels (Schrijver/Radiomaker)
Ik zou graag willen reageren. Ik heb ook wel een mening maar mijn woorden zijn verstomd. De borst van Suriname brandt van pijn en niemand lijkt iets te kunnen doen. Toch gebeurt er veel. Ik zou zeker wat willen zeggen maar… Ik wens ons allen veel troost en kracht toe. Brasa! Raj Mohan (Zanger/Dichter)

Den man di a Sranan pipri piki meki wi sabi fa den e denki. Suma na mi? Ala di a de so taki mi no agri taki suma di kiri no e kisi den strafu, mi feni taki wi no mu waka leki fowru sondro frustan na Ptata baka. Wi mu sabi wi historiya. Dan te wi luku wi historiya wi e syi taki ten biten suma ben e kiri trawan, dan kaba den no ben kisi den pai. Mi ati de na den pitani di gro tron bigiman nanga -uma sondro papa na den sey. Ma ete efu a Sranan pipri no agri nanga san e pasa nownow, dan na fu tra leysi te den musu poti den sten, den sorgu taki den man disi no kon moro. Dan mi sabi taki awinsi na baka dritenti yari, den man di kiri brada fu soso o kisi den pai. Sranan pipri sabi yu historiya, dan na a kaba yu o de winiman nomo nomo. Romeo Grot (Skrifiman)

Wat gaat er gebeuren, Met mijn kinderen, Die de geschiedenis van hun land niet kennen? Wat gaat er gebeuren, Met mijn dochter en mijn zoon, Die ik nooit iets heb verteld, Van die nacht in december, Een nationale schande. Wat is er gebeurd die nacht, Wacht, wacht, wacht…, Ik weet het, je bent nog niet gehoord, Je bent nog niet verhoord, Je hebt nog niemand vermoord. Wat doe je met de dood, Van mensen op je geweten, Wat doe je met je eigen lafheid, Wat rijmt er op lafheid… SCH… verwijt. A bun, mi e stop, Onze woorden zijn nog niet op, Maar er zijn grenzen aan mijn zinnen, M’e begi un alamala, Laten wij ons bezinnen. SLOTWOORD 2012: GAAT ALLES (HOPELIJK NIET ALLES) ZICH HERHALEN? Thea Doelwijt (Theatermaker)

Het verleden waar zij het over hebben, is ook het verleden waar méér dan 15 mensen...
mensen van alle rangen en standen, van elke kleur, uit de stad en het binnenland, genadeloos en zonder vorm van proces werden vernederd, gemarteld en vermoord. Dat moeten we vanaf nu gewoon vergeten. De rechter mag daar niet meer over oordelen. De 28 parlementariërs hebben dat namens u, volk van Suriname, besloten. Voordat deze wet er was, wisten we wie er verdacht werden van de gruwelijkheden uit dat verleden. Zekerheid hadden we (nog) niet, want je bent onschuldig tot het tegendeel wordt bewezen. Dat is in een rechtstaat zo. Maar nu? Nu weten we wie de daders zijn, omdat ze er alles aan hebben gedaan om aan het oordeel van de rechter te ontkomen. Het lukte ze in drie dagen. Jessica Dikmoet (Journalist)
Als we onszelf niet de hoogste waarde toekennen, kunnen we ook niet het hoogste goed in de wereld bereiken: Liefde en Rechtvaardigheid! Nu wordt in ons geliefd Suriname de Rechtvaardigheid geweld aangedaan. Waar eerst, als in een echte democratie, de verdachten van bloedbaden (Moiwana) en moordpartijen (Fort Zeelandia), via de rechtsgang ter verantwoording werden geroepen, wordt nu, middels een politiek machtsspel, de rechtsstaat terzijde geschoven. Surinamers, waar ook ter wereld, het is onze taak en onze plicht dat licht brandende te houden. Het licht van de menselijke waardigheid, de rechtstaat, de democratisch bepaalde grondwet, de gemeenschappelijke idealen van onze voorouders uit India, Afrika, Java en waar ook ter wereld. Gezamenlijk tegen rechtsongelijkheid en moreel verval - geen tropische, morele, duisternis meer! Felix Burleson (Acteur)

Surinames internationale reputatie is verkwanseld door opportunisme en eigenbelang, onder het mom van"volksvertegenwoordiging". Ik schaam me diep. Vast staat nu wel dat de coalitie zó zeker was van een op handen zijnde veroordeling -dus schuldigverklaring!- van hun grote leider dat alles op alles gezet is om een vonnis te voorkomen. Onze grootste opdracht nu is om de woorden “Recht en Waarheid maken Vrij” weer zeggingskracht te geven, door met name de jongeren te doen inzien dat de nu gepredikte rechteloosheid slechts een teken is van moreel verval en absoluut niet deugt. Opgeven is geen optie. Die –vele!- zielen verdienen rust! Gado blesi wi kondre... Denise Jannah (Jazz zangeres)

Hoe laag kan een land, een volk, een parlement geraken, dat koelbloedige moorden legitimeert, om behoud van macht? Hoe gemeen, laag, laf kunnen parlementariërs zijn die doden in klassen verdelen, door voor amnestie te stemmen ter vrijwaring van de moordenaars van de ene (december 1982) koelbloedige moorden terwijl zij tegen amnestie zijn voor de moordenaars van de andere (Moiwana, 1986) koelbloedige moorden, alsof de slachtoffers van de ene koelbloedige (Moiwana, 1986) moorden, menselijk waardiger zijn dan de slachtoffers van de andere koelbloedige (december 1982) moorden. Hoe gemeen, laag, laf kunnen parlementariërs zijn die een dergelijk amnestiewetsvoorstel indienen, die zo een wet verdedigen, die voor zo een wet stemmen. Maar ook, hoe gemeen, laag, laf kunnen parlementariërs zijn die niet krachtig TEGEN de amnestieverlening stemden, maar zich slechts van stemming onthielden. En dus stilzwijgend instemden. André Pakosie (Fytotherapeut)

Makandra Sranan, Brudu ben lon pasa skin, Miti goron.
Mama Aisa, Mi afo kruderi, Lontu miti, Libi suma kondre, Pe surdati e go barpuru, Rumuru sa e tan degedege na ini den ede, Fu sribi kondre no e tan tiri, Uma nanga bere de bari na uma ede, Di no ben sabi sondu pe pasa, Di brada du, No ben de, fu syi.
No frigiti, Te yu du wan sani, Na ini dungru, pe alasani tiri, Dungru, e tyari nyun siri, Prani wi sa prani, Baka, sibibusi, Oten a siri sa gron?, Meki wi ala sa nyan!
Makandra Sranan, Kreiwatra na ai, Di wi famiri, Sof´ den nanga nen, Ma sof´ den n’abi nen, Oten den sa drai kon na oso baka?, Makandra Sranan, Makandra Sranan.
Grontapu sondu alontu a de, Winsi tori e draitapu, Makandra Sranan, Drei yu krei ai, Sabi tamara, na esde nanga tide wi sa de. Orsine ‘Hansé Muye’ Walden (Spoken word Artist)

vrijdag 6 april 2012

Sranan e krei watr'ai



Nicolaas Porter - De schreeuw

door André Pakosie


Het is triest wat zich heeft afgespeeld in Suriname de afgelopen nacht/dag. Een parlement dat mensenrechtenschendingen met de voeten treedt. Dat de harten van de directe nabestaanden van de 8 decembermoorden met een spies heeft doorboord: de weduwen, de zonen, de dochters, de vaders, de moeders, de broers, de zussen, de neven, de nichten, die allen moeten ervaren hoe hun geliefden in 2012 opnieuw zijn vermoord. Dit keer door het democratisch gekozen parlement van hun land. Hoe laag kan een land, een volk, een parlement geraken, dat koelbloedige moorden legitimeert, om behoud van macht? Hoe gemeen, laag, laf kunnen parlementariërs zijn die doden in klassen verdelen, door voor amnestie te stemmen ter vrijwaring van de moordenaars van de ene (december 1982) koelbloedige moorden terwijl zij tegen amnestie zijn voor de moordenaars van de andere (Moiwana, 1986) koelbloedige moorden, alsof de slachtoffers van de ene koelbloedige (Moiwana, 1986) moorden, menselijk waardiger zijn dan de slachtoffers van de andere koelbloedige (december 1982) moorden. Hoe gemeen, laag, laf kunnen parlementariërs zijn die een dergelijk amnestiewetsvoorstel indienen, die zo een wet verdedigen, die voor zo een wet stemmen. Maar ook, hoe gemeen, laag, laf kunnen parlementariërs zijn die niet krachtig TEGEN de amnestieverlening stemden, maar zich slechts van stemming onthielden. En dus stilzwijgend instemden. Hoe gemeen, laag, laf kunnen jongeren zijn, die beweren dat zij geen weet hebben van wat zich tijdens de militaire dictatuur in Suriname heeft afgespeeld, en daarom de dictator in zijn nieuw jasje ondersteunen. Vandaag vloeien de tranen langs de wangen van Mama Sranan, Sranan e kré watra ai. En als doden ook zouden kunnen huilen, zouden de 15 slachtoffers van de decembermoorden vandaag opnieuw huilen. Om hun dood om niets, om hun land, om hun volk.

donderdag 1 maart 2012

André Pakosie scherp tegen Christendom; Marrontradities moeten hooggehouden worden

door Euritha Tjan A Way

Elk nadeel in een voordeel omzetten. Dat is wat kabiten André Pakosie zichzelf heeft aangeleerd. De natuurgeneeskundige en geschiedschrijver is in Suriname om de overleden granman Matodja Gazon te begeleiden naar zijn laatste rustplaats. “Ik was op Drietabbetje toen Pai Amatodya overleed. Ik heb al de ceremoniën toen genoteerd en ga mijn bijdrage nu leveren om zijn opvolger Matjodja Gazon, te begeleiden naar zijn laatste rustplaats.”

Pakosie werd in 1955 geboren op Drietabbetje. Hij was altijd bij de ouderen en speelde zelden met leeftijdsgenoten als hij in het dorp was. “Dat mocht als ik mijn mond maar hield. Dat vond ik nier erg, ik leerde veel. Ik was tot mijn vijfde jaar overwegend in Paramaribo met mijn vader, waar de kok van mijn vaders werkgever mij bezighield door mij het alfabet te leren. Maar terug in het dorp mocht ik niet naar school. Mijn moeder en vooral mijn oma wilden niet dat ik naar school ging. In de omgeving van de Tapanahonyrivier waren de EBG-scholen waar kinderen werden geslagen. Het onderwijs was gericht op het leren lezen en begrijpen van de Bijbel. Mijn moeder en oma wilden dat niet voor mij. Zij geloofden dat als ik het christendom zou leren, ik mijn cultuur en daarmee mezelf zou verliezen. Ook geloofden ze dat ik dan in de militaire dienst zou belanden en zou moorden. Iets dat absoluut niet met mij mocht gebeuren!” Dat de lessen van de kok effectief waren, bewees Pakosie op tienjarige leeftijd toen hij uiteindelijk toch naar school mocht in Albina in 1965. Hij doorliep in een jaar het eerste, tweede en derde leerjaar van de basisschool en mocht op dertienjarige leeftijd naar Paramaribo voor vervolgonderwijs.
Gaanman Matodja Gazon.
 Collectie André Pakosie


Discriminatie
In Paramaribo werd Pakosie voor het eerst geconfronteerd met discriminatie tegen de marrons. “De onderwijzers en leerlingen plaagden ons vanwege ons accent en het gevolg was dat je als marron geen initiatieven meer durfde te nemen. Ik vond hun gedrag dom, want wie niet beseft dat iedereen gelijk is en alles aan kan leren, is in mijn ogen dom.” Pakosie ondernam actie tegen dit onrecht. Hij slaagde als enige van de Zuiderstadsschool voor de muloschool. “Daarmee heb ik een statement gemaakt. Ik ging daarna van huis naar huis in Paramaribo om marronjongeren op te roepen, om ze aan te leren hoe je in de stad kon presteren zonder je cultuur en de daarmee gepaard gaande tradities te grabbel te gooien. Zo richtte ik de Algemene Binnenlandse Jongeren Organisatie (Abjo) op. We hadden ons clubgebouw aan de Calcuttastraat met een ledental van bijna 3000.”


André Pakosie wordt ceremonieel ontvangen voor het geven van zijn keynote speech
 over zwart leiderschap. Foto © Irvin Ngariman

Wis wasi
Pakosie stimuleerde ook het behoud van de marroncultuur door op zijn schooluniform een pangi te dragen en zelfs naar recepties op het Presidentieel paleis toog hij in traditionele kledij. “Na lang vragen kreeg ik ook zendtijd op de STVS en de SRS om de marroncultuur en tradities te promoten. Ik heb echt mijn best gedaan”, legt Pakosie kalm uit, terwijl zijn blik gericht is op het voormalige clubgebouw naast de Fatimakerk op Abra Broki. Op de vraag of Pakosie gezien zijn inzet toentertijd tevreden is met de ontwikkeling die de marrons nu doormaken, is het antwoord verbazingwekkend. “Ja en nee. Ja, omdat ik zie dat marrons en vooral vrouwelijke marrons hoge opleidingen en functies hebben en nee omdat ik zie dat de traditionele sociale structuur nu te grabbel is gegooid. De sociale controle van de familie die via de moederlijn (matrilineair) liep en die van de totale marrongemeenschap, is weg komen te vallen.” Pakosie meent dat de oom bijvoorbeeld niet meer de centrale figuur is in de families, mensen zijn individualistisch geworden. “Nu vindt niemand het erg als hij of zij een wis wasi man genoemd wordt. Dat was vroeger anders. Je hele familie maakte je te schande als je iets deed dat niet toegestaan was. Je dacht twee keer na omdat je wist wat de gevolgen zouden zijn.”

Kunu
Op de vraag of de kerk nu de sociale en controlerende rol van de gemeenschap heeft overgenomen is Pakosie keihard. “Nee, de kerk is in mijn ogen de brenger van alle kwaad. Ik heb op jonge leeftijd bijbelstudie gedaan bij zowel de Baptisten, de Rooms Katholieken als de EBG-ers. Daarbij kwam ik tot de conclusie dat de Bijbel een systeem is voor de blanken om onderdrukking te rechtvaardigen. De missionarissen kwamen met de Bijbel in één hand en met de zweep in de andere. Het christendom is in mijn ogen datgene wat de cultuur van de Afro-Surinamers vernietigt.” Als voorbeeld noemt Pakosie de giften die hij van de Baptisten gemeente kreeg toen hij tijdens de Binnenlandse Oorlog in Frans-Guyana was bij vrienden.

“We kregen voor de derde keer giften. Echter, deze keer zei de geestelijke mij dat Jezus ervoor gezorgd had dat ik de gift kon ontvangen en dat ik Jezus moest aanvaarden voordat hij me ze gaf. Hij zei dat Jezus voor mij aan het kruis was gestorven. Ik zei hem dat ik de kunu van Jezus niet wilde. Hij mocht alles weer wegbrengen. Dat soort godsdienst noem ik promotiegodsdienst. En dat deden ze ook in de vluchtelingenkamp. Weet jij hoeveel mensen daar toen het eten zo nodig hadden dat zij daarom alleen al bekeerden? Ik zie nu in de stad nog steeds hoe de kerk een splitsing brengt in familierelaties. De ene zuster gaat naar de kerk en bemoeit niet met de andere die niet naar de kerk gaat. Dat is toch verschrikkelijk”, zegt Pakosie mijmerend. De kabiten roemt de stadscreool voor het feit dat zij zich toentertijd uit noodzaak ook bekeerden, maar hun cultuur kibri kibri toch uitoefenden.” De marron echter gooit alles overboord. Zo zie ik deze mooie cultuur verdwijnen en dat vind ik erg.”

Biografie
Pakosie werd in Suriname vooral bekend om de biografie die hij schreef over het leven en werk van granman Matodja Gazon. Maar hoe kwam hij daarop? “Ik schreef mijn eerste boek, De dood van Boni, toen ik zeventien jaar was. Ik wilde het perspectief van de marrons vertellen. Ik verdeelde driehonderd van die boeken uit in het binnenland, want ik wilde aanpassingen horen. De granman was één van de mensen die aanpassingen voor mij had. Hij zei dat hij niemand anders had in het Tapanahonygebied met wie hij dit soort dingen kon bespreken.” Eenmaal in Nederland werd het contact met de granman frequenter. Dat gebeurde door ingesproken boodschappen. Pakosie wilde de granman al heel lang vragen om zijn biografie te schrijven. “Maar door mijn opvoeding die leerde respect te hebben voor ouderen, durfde ik het hem niet te vragen. In 1996 vroeg hij mij het zelf en in 1999 had ik het boek af.”


Foto © Nicolaas Porter, Aukaanse vrouw

Nederland
Pakosie heeft ook in het buitenland de achterstand van de marrons weten te keren in hun voordeel. Zo zette hij in Utrecht een fytotheek en het marroninstituut stichting Sabanapeti op dat een documentatiecentrum beheert voor marronculturen. Hij legde zich ook toe op het schrijven van artikelen in het blad Siboga [Wegwijzer]. In 1974 stelde hij in Nederland de Dag van de Marrons in waarop de Surinaamse marrons gezamenlijk de strijd van hun voorouders tegen slavernij en voor vrijheid, herdenken en vieren. Hij ontving als eerste de Gaanman Gazon Matodja Award en in 2000 werd André Pakosie door Gazon benoemd tot kabiten in Nederland. Dat is niet niks. De eerste kabiten in een land die geen in stamverband wonende marrons kent. Waarom dat instituut? “ Er is enorm veel behoefte aan dit liefdeswerk. Ik zal een tipje van de sluier lichten. Veel overledenen moesten in Suriname begraven worden en als een vrouw haar man had verloren, moest zij door de familie in Suriname in rouw gedompeld worden, om na zes maanden eruit gehaald te worden. Dat kostte veel op en neer reizen met als gevolg verlies van veel geld en in het uiterste geval je baan. Door het instituut van Kabiten in 2000 in te stellen, kunnen deze zaken op verzoek van familie in Suriname in Nederland afgehandeld worden door het aanwezig gezag aldaar.”

De cirkel is nu rond. Pakosie die toen ook de ceremoniën van de dood van Pai Amatodya meemaakte, mag nu middels zijn geschriften over die gebeurtenis, bijdragen aan de begrafenis van Matodja Gazon. Hij beschrijft zijn heengaan dan ook als het einde van een era voor de Aucaanse gemeenschap. Over de opvolging van Gazon wil Pakosie het traditiegetrouw niet hebben. “Daar praat je pas na de rouwperiode over”.

[uit de Ware Tijd, 24/02/2012]

vrijdag 23 december 2011

Gaanman Gazon Matodja herdacht

door Carry-Ann Tjong-Ayong

De zaal in Trefcentrum Oase stroomt vol. Uit het hele land komen zij, de Marrons van Suriname, de Okanisi vooral, die wij stadscreolen, Aukaners of Ndyuka noemen. Maar ook de Pamaka, Aluku, Saamaka en de andere stammen zijn vertegenwoordigd om eer te betuigen aan de grote der grootsten, de koning van de binnenlandbewoners, zoals een van zijn onderdanen hem jubelend bezong toen hij zijn gouden kroon en staf van hem kreeg eerder dit jaar.


André Pakosie en Carry-Ann Tjong-Ayong

Ik ben een bewonderaar van deze charismatische, visionaire leider met zijn prachtige tradities. Natuurlijk speelt mijn leeftijd een rol. De jeugd van tegenwoordig heeft het treurigmakende schisma niet te weten waar zij staan in deze chaotische wereld die hen verwart en tot daden dwingt. Hoe kun je dan de leiders volgen die leven volgens de wetten van een andere eeuw?
Dat is voor hun ouders en grootouders. Later, veel later zullen zij pas inzien wat de waarde hiervan is. Maar zij, die nu aanwezig zijn, hebben toch van hun ouderen iets meegekregen van de bewondering voor een groot man, een gaanman, een groot leider, wat de juiste vertaling is, leren wij.

Ik word begroet door André Pakosie, de edekabiten in de diaspora. Hij wijst mij op het kleed waarop iedere aanwezige zijn naam en een laatste groet mag schrijven, zodat alle goede wensen straks door hem worden meegenomen naar Diitabiki. Wij krijgen een plaats aangewezen in de 2e rij van de genodigden, zodat ik de rituelen goed kan volgen.

Erna Aviankoi is de gastvrouw die de avond presenteert, wat zij met flair, humor en respectvol doet. Zij leidt André Mosis in die vakkundig de apinti bespeelt, verrassend van achter een gele muziekstandaard met bladmuziek. De kabiten en basya tegenover mij gezeten voor de Toowewataa lachen mij vriendelijk toe, ook degenen die mij nog niet kennen.

Na het rituele water in de kalebas gieten, gevolgd door rum, gaat de kalebas rond onder al de aanwezige kabiten en basya. Wij genodigden krijgen een bekertje water.

Mooie woorden recht vanuit het hard zweven door de lucht, blijven hangen bij de met prachtig geborduurde en geappliqueerde pangi aan de wand bij de foto van Gaanman Gazon met gouden kroon. Hij is niet meer, na 107 jaren. Een rijk gevuld leven met ook tegenslagen, de binnenlandse oorlog, de massamoorden bij Moi Wana, de wijze, waardige beslissingen die hij vaak moest nemen.

Anekdotes over de zware regeringsdelegatie die onder aanvoering van premier Johan Adolf Pengel, door de Marrons “Pen Pen” genaamd, de heer Gazon kwam installeren tot Gaanman. Volslagen ongepast en respectloos. Immers, de Marrons beëdigen altijd eerst zelf hun leider na een langdurend ritueel van opvolging in hun eigen tradities. Pas dan brengen zij hun Gaanman naar de stad om hem door de regering te laten erkennen. De regeringsdelegatie moest dus na een beleefd verzoek onverrichterzake te vertrekken.....

André Mosis en Carry-Ann Tjong-Ayong

Dat geeft aan hoe weinig de stadscreool zich, zelfs nu nog, op de hoogte stelt van de traditionele normen en waarden in het binnenland.

De afgevaardigde van de Surinaamse Ambassade, spreekt met respect over de grote diplomaat die voor hem summa cum laude is geslaagd in zijn missie.

Het meest indringend is het betoog van edekabiten André Pakosie, die de Gaanman als persoonlijke vriend regelmatig bezocht en meermalen in zijn woning in Utrecht ontving. In 2000 vroeg Pakosie mij de Gaanman voor te stellen aan burgemeester Annie Brouwer. Ik was toen lid van de gemeenteraad en kon dit snel realiseren, na een paar telefoontjes en een opgestuurd C.V. We zaten in vol ornaat in de ontvangkamer van de burgemeester, die zich zichtbaar onder de indruk liet informeren over zijn onderdanen, zijn plannen en de ontwikkelingen in het binnenland. Deed de regering van ons eigen land het maar op deze wijze dacht ik treurig.

De dvd over het leven van de grootste, oudste, langstzittende Gaanman geeft ons inzicht in zijn bijzondere leven. Zo was hij. Zo is hij opgegroeid om te worden wie hij was. De gekroonde koning van de Marrons.


Vandaag wordt de Gaanman met veel respect herdacht. De oude tradities herleven. De onderdanen en vrienden lachen vrolijk, zingen, dansen, slaan de apinti, drinken uit de kalebas.
Geen tijd voor tranen meer. Gaanman Gazon Matodja leeft altijd voort in onze harten.

cat 17 december 2011

dinsdag 13 december 2011

Herdenkingsbijeenkomst Sokoton Gazon Matodja


Op donderdag 1 december 2011, is de zeer gerespecteerde leider van de Okanisi Marrongemeenschap in Suriname Gaanman Sokoton Gazon Matodja heengegaan. Hij heeft de reis naar de voorouders aanvaard. De raden van Marron traditionele gezagdragers in Nederland:
* Raad van Kabiten en Basiya van de Okanisi Marrons;
* Raad van Kabiten en Basiya van de Pamaka Marrons; en
* Collectief van Saramakaanse Gezagdragers,
nodigen u hierbij uit voor het bijwonen van de traditionele Sidonbookodé (herdenkingsbijeenkomst) ter nagedachtenis van deze markante persoonlijkheid.


Programma

19:30 – 20:00 uur Ontvangst
20:00 – 20:05 uur Welkomstwoord door Kabiten Erna Aviankoi
20:05 – 20:20 uur Ceremoniële opening met de Apinti door
basiya André Mosis
20:20 – 20:30 uur Towéwataa-ceremonie (plengoffer), door: Kelepisi Theo Adang, basiya Marius Nengdisi, basiya Frans Weewee, basiya Johannes Papotto
20:30 – 20:35 uur Toespraak kabiten Cornelis Sanna van de Pamaka
20:35 – 20:40 uur Toespraak vertegenwoordiger Surinaamse Ambassade
20:40 – 20:45 uur Toespraak hedikabiteni Mutu Poeketie van de Saamaka
20:45 - 21:00 uur Een in memoriam van gaanman Gazon Matodja, door kabiten André R.M. Pakosie van de Okanisi
21:00 - 21:20 uur Videodocumentaire over gaanman Gazon Matodja
(onder voorbehoud)
21:20 - 21:30 uur Ceremoniële afsluiting officieel gedeelte met de Apinti door basiya André Mosis
21:30 - 22:00 uur Pauze
22:00 - 00:30 uur Gelegenheid voor o.a. Anainsi-verhalen en Marron traditionele zang en dans die bij een Sidonbookodé horen
00:30 – einde

Datum: Zaterdag 17 december 2011
Tijd: 20:00 uur
Adres: Trefcentrum Oase, Cartesiusweg 11, 3534 BH Utrecht
Namens de raden van Marron traditionele gezagdragers in Nederland, Kabiten André R.M. Pakosie der Okanisi Marrons in Nederland

donderdag 18 augustus 2011

Met een glimlach naar school

Sinds 2002 doneert het Marroninstituut, stichting Sabanapeti uit Utrecht jaarlijks aan zeventig kinderen uit Paramaribo en omgeving een schoolpakket. Ook dit jaar: De schooltassen met inhoud (taal-, teken- en rekenschriften, potloden, pennen, liniaal, gum, slijper en voor de middelbare scholieren een calculator en passerset) worden op 30 juli 2011 verscheept naar Suriname, waar deze vanaf vrijdag 19 augustus worden gedistribueerd.

"Het doel van ons project 'Help een kind in Suriname het nieuwe schooljaar goed te starten' is om jongeren in de leeftijd van zes tot twintig jaar en met verschillende culturele achtergronden te ondersteunen. Zij komen uit gezinnen in Paramaribo en omgeving, die armlastig zijn. Vaak moeten deze kinderen hosselen om naar school te kunnen gaan. Daarom zijn wij erg blij met de donatie van firma Koks Gesto uit Ochten (Nederland) en Fytotheek Pakosie uit Utrecht (Nederland) die ons project een warm hart toedraagt. De kinderen kunnen nu met een glimlach op hun gezicht naar school?", aan het woord is kabiten André R.M. Pakosie, voorzitter van stichting Sabanapeti en kabiten van de Ndyuka of Okanisi in Nederland. Al twintig jaar zet stichting Sabanapeti zich in voor Suriname.

Speerpunt van haar beleid is het behoud van de Marroncultuur en geschiedenis, waarvoor de stichting inmiddels een indrukwekkend documentatiecentrum (archief en bibliotheek met boeken, video's, DVD, foto's, landkaarten en gebruiksvoorwerpen) inrichtte. Wereldwijd maakt men gebruik van de expertise (orale en geschreven kennis) van dit unieke Marroninstituut. Er zijn diverse deelarchieven opgenomen in de collectie van de stichting, zoals het archief van André R.M. Pakosie, wijlen dr. Silvia de Groot, wijlen Thijs Ornstein, Terry Agerkop en de Marronkunstenaar, wijlen Sten Pieka.

Ook is de stichting de uitgever van het tijdschrift Siboga over de Marroncultuur en geschiedenis, dat onder andere in Suriname te verkrijgen is bij drs. Henna Guicherit (vertegenwoordiger van stichting Sabanapeti). Ook zijn alle nummers vanaf 1990 in de bibliotheek van de afdeling Cultuurstudies van het ministerie van Onderwijs en Volksontwikkeling aan de Zeelandiaweg 3, te lezen.

Daarnaast heeft stichting Sabanapeti in de afgelopen twintig jaar diverse projecten in het binnenland van Suriname opgezet op het gebied van werkgelegenheid (Houtbewerkingproject), onderwijs (herinrichting van de Granman Akontoe Velantieschool bij Diitabiki, jaarlijkse schooltasproject, gereedschappen voor PAS), vrouwenprojecten (borduurgaren, pinda-dopmachine, cassavemolens, handnaaimachines), woningbouw (20 woningen in het nieuwe dorp Agidipaandasi aan de Tapanahoni) en drinkwatervoorziening (Durotanks voor Agidipaandasi).

Adres: Marroninstituut Stichting Sabanapeti

Postbus 3024, 3502 GA Utrecht, Nederland

E-mail: siboga@maroons-suriname.com

Site: www.maroons-suriname.com

vrijdag 10 juni 2011

Reisverslagen in Siboga

Siboga, het cultuurhistorische tijdschrift over de Surinaamse Marronsamenlevingen is een uitgave van stichting Sabanapeti, het instituut voor Marrongeschiedenis en –cultuur in Utrecht. Het juninummer van Siboga (jaargang 21, nr. 1, 2011) staat in het teken van drie reisverslagen, die door verschillende Marrons gemaakt zijn. André R.M. Pakosie beschrijft in het artikel ‘Een zeer ontroerende ervaring. Mijn reis door Europa en het Midden- en verre Oosten’ zijn acht weken durende halve wereldreis in 1985 maakte samen met 138 andere vertegenwoordigers van negen grote wereldreligies. Dit gebeurde op uitnodiging van de International Religious Foundation in Barrytown in de staat New York. Pakosie vertegenwoordigde zelf tijdens dit seminar op een indrukwekkende wijze de Orale Religies (religies zonder boek). De landen die hij bezocht waren de V.S., Israël, Turkije, Italië, India, Thailand, Hongkong, Volksrepubliek China, Japan en Zuid-Korea. Hij bezocht vele historische en religieuze plaatsen.

De Marronvrouw Sherida Asinga groeit op in Paramaribo, ver weg van het woongebied van haar voorouders. Zij beschrijft in het artikel ‘Nieuwe herinneringen. Een reisverslag naar de Tapanahoni’ hoe zij oktober 2010 voor de eerste keer per boot vanaf Albina naar het binnenland van Suriname gaat, om kennis te maken met de cultuur en woongebied van de Ndyuka Marrons. In Diitabiki ontmoette zij de leider van de Ndyuka, de hoogbejaarde gaanman Gazon Matodja en maakte de festiviteiten mee rond de Dag van de Marrons, de dag waarop men de heldendaden van de Marronvoorouders herdenkt, waarmee zij de koloniale overheid dwongen om vredesverdragen met hen te tekenen. Inmiddels is deze dag een nationale feestdag in Suriname.

De bekende Surinaamse theatermaker Tolin Alexander van Marron afkomst beschrijft in het artikel ‘Zie waar vrijheid en risico een mens brengen kunnen’ zijn avontuurlijke, maar niet ongevaarlijke reis naar Ecuador, nabij de grens van Colombia in 2010. Hij was daar om theater te maken voor en workshops te geven aan mensen in dorpen en steden, die geteisterd worden door aanvallen van de Farc en andere rebellerende groeperingen.

Siboga is te bestellen via siboga@maroons-suriname.com

zondag 27 februari 2011

André Pakosie - Tide na wan mekunu dei

Tide na wan mekunu dei


Tide mi e sari
Mekiman fu revolutie e tyari noya a moro hei lenti fu grani
Gran fesa gi revo
Wan bondru fu nyun guduwan fu a revo
Ini den denki, lasiman fu a revo no e teri
Tide den di a revo ben kiri e si agen fa den be kiri den
na Moiwana
na Atyoni
na Fort Zeelandia
ofu wan tra presi
Skreki no sa de efu den di revo be kiri, sa drai now ini den grebi, efu den ben abi wan

No kori mi yeye, tide a no dei fu prisiri
Tide na mekunu dei
Na dei fu meki pikiadutrobi
gi den di revo be kiri kaba
Gi den di revo sa kiri ete
Mi ati e brudu fu a afrontu san den lasiman fu a revo e kisi ete, te tide



Today is a cursed day


I'm sad today
Revolution makers are now bearers of the highest honourable decorations
Great celebration for revolution
A regrouping of the new rich from the revolution
In their mind the victims of the revolution don't count
Today those who were murdered by the revolution, experience once again their murdering
in Moiwana
in Atyoni
in Fort Zeelandia
or somewhere else
It will not surprise if those who were murdered by the revolution turn in their graves now, if they have had one

Don't tainted my mind, today is not a day to celebrate
Today is a cursed day
A day for a vendetta for those who were murdered by the revolution
For those who will be murdered yet, by the revolution
My heart blood by the insult to the address of the victims of the revolution, even today



Vandaag is een vervloekte dag

Vandaag ben ik verdrietig
Revolutiemakers zijn nu dragers van de hoogste eretekens
Grote feest voor de revolutie
Een hergroepering van nieuwe rijken uit de revolutie
In hun geest tellen de slachtoffers van de revolutie niet mee
Vandaag beleven zij die door de revolutie werden vermoord, nogmaals hun moord
in Moiwana
in Atyoni
in Fort Zeelandia
of ergens anders
Het zal niet verbazend zijn als zij die door de revolutie zijn vermoord vandaag omdraaien in hun graven, als zij er een hadden gehad

Belazer mijn geest niet, vandaag is geen dag om te vieren
Vandaag is een vervloekte dag
Een dag voor een vendetta voor zij die de revolutie heeft vermoord
Voor zij die nog door de revolutie zullen worden vermoord
Mijn hart bloed door de belediging aan het adres van de slachtoffers van de revolutie, zelfs op vandaag





Foto: @ Michiel van Kempen

dinsdag 1 februari 2011

André Pakosie - Mijn reis naar India

Mijn deelname aan het programma van het Youth Seminar on World Religions in 1985 - waar ik een aantal historische religieuze plaatsen van het Jodendom, de Islam en het Christendom in Israël bezocht - leidde mij ook naar andere landen, zoals India. Hier bezocht ik New Delhi en verschillende historische religieuze plaatsen van het Hindoeïsme, Sikhisme, Jainisme en Islam zoals, de Taji Mahal in Agra.

De Taj Mahal in Agra
De Taj Mahal is in opdracht van de Indiase Grootmogol (keizer) Sha Jahan, gebouwd als grafmonument voor zijn hoofdechtgenote Mumtaz Mahal, die in 1631 in het kraambed overleed. Later, na zijn dood in 1666, werd het lichaam van Sha Jahan ook erin bijgezet. Dit mausoleum staat majestueus aan de oever van de Yamuna rivier in de Noord-Indiase stad Agra (Uttar Pradesh). Taj Mahal betekent "Kroon van de gebouwen". Het is het beroemdste gebouw van India en sommigen vinden het zelfs het mooiste gebouw ter wereld. De bouw van dit prachtige mausoleum, door ruim 20.000 bouwvakkers, duurde van 1632 tot en met 1653, zo'n 22 jaar.
Het volkomen symmetrische gebouw, bestaande uit wit marmer, is rijk versierd met ingelegde stenen. Aan de westzijde van het gebouw die gericht is naar Mekka, bevindt zich een moskee. En aan de oostkant van het gebouw, een gastenverblijf.

Varanasi
Ook bezocht ik Varanasi aan de oevers van de Ganges-rivier. Varanasi, ook wel bekend onder de namen Kashi en Benaras, is in feite de culturele hoofdstad van India. Het is een smeltkroes, waar beide, de dood en het leven werkelijk bij elkaar komen. Varanasi wordt zowel door Boeddhisten en Jaïns beschouwd als een heilige stad, en door de Hindoes als de heiligste plaats ter wereld en tevens, in de hindoeïstische kosmologie, als het centrum van de Aarde.

De Ganges-rivier
Ik maakte een boottocht op de Ganges. De Ganges is in feite de belangrijkste, heiligste rivier van India, en wordt door Hindoes vereerd als de godin Ganga. Veel Hindoes geloven dat het leven onvolledig is als men niet ten minste eenmaal in het leven, een bad heeft genomen in de Ganges. Miljoenen Hindoes nemen dan ook hun dagelijkse bad in de Ganges, terwijl op datzelfde moment ontbindende lijken langs drijven. En op de oevers, in de open lucht, de doden worden gecremeerd. Werkelijk, hier komen beide, de dood en het leven bij elkaar.

Calcutta en Moeder Teresa
In Calcutta had ik een afspraak om Moeder Teresa te ontmoeten, maar helaas, dit ging niet door omdat ze ziek werd.

India, een vreemde bedgenote
India omarmt en omringt je bij binnenkomst met een grote sluier van spiritualiteit. Tijdens mijn verblijf voelde het ook alsof ik in een sub-ultieme spirituele omgeving dwaalde. India fascineert absoluut. Dat land is net als een vreemde bedgenote. Je kunt van haar genieten. En ik heb van haar genoten. Je kunt van haar houden. Zelfs nu nog houd ik van haar. En ik beloofde haar dat ik haar nogmaals zou bezoeken voordat ik sterf.

Een land van grote contrasten
Maar India is ook een land van grote contrasten. Rijkdom en armoede gaan hand in hand. Dat zie je in al haar straten, hoeken en gaten. Er zijn mensen die stinkend rijk zijn en er zijn mensen die zeer arm zijn, armer nog dan een kerkrat. Op het moment dat ik het land bezocht, leefde ten minste 36 procent van de bevolking in absolute armoede. En toch, geeft India ook ontwikkelingshulp aan andere landen. En nu is India hard op weg om een van 's werelds belangrijkste economieën te worden.



Bij de Taj Mahal, een mausoleum op de oever van de Yamuna Rivier in Agra



Een boottochtje op de Ganges



Met een Indiase deelneemster aan het YSWR 1985 programma



Met een Indiaas model en deelneemster aan het YSWR 1985 programma



Een ontmoeting in New Delhi met links van mij Dr. Karan Singh (de voormalige Governor of Jammu and Kashmir, Minister of Tourism and Civil Aviation, Minister for Health and Family Planning, Minister for Education and Culture and Ambassador of India in the U.S.)


Uitwisseling van boeken met een Indiase collega-schrijver

dinsdag 11 januari 2011

Mijn bezoek aan Bijbelse plaatsen in Israël en Palestina

door André Pakosie

Vijfentwintig jaar geleden kreeg ik de gelegenheid een kijkje te nemen in de historische kant van de verschillende wereldreligies. Ik kreeg namelijk van een organisatie in Amerika een uitnodiging voor deelname, op hun kosten, aan een ongeveer zes weken durend religieus studieprogramma, het Youth Seminar on World Religions. Deze gelegenheid bracht mij naar Israël/Palestina, Italië (Rome, Anzio, Vaticaanstad), Turkije (Istanbul en Ankara), India (New Dehli, Agra, Varanasi, Calcutta), Hong Kong, Volksrepubliek China (Guangzhou, Shanghai, Beijing), Thailand (Bangkok, Chiangmai), Zuid Korea en Japan, waar ik vele historische plekken van verschillende wereldreligies bezocht.

Deze impressie betreft mijn bezoek aan een aantal historische plekken in Israël, uit de Joodse geschiedenis. Ik bezocht onder meer, Tel Aviv, Jeruzalem, Bethlehem, Jericho, Tiberias, het meer van Tiberias, Haifa, Hebron en de ruïnes van het paleis van koning Herodes en de Hizkia's Tunnel, ook bekend als de Siloam Tunnel. Deze is gegraven tijdens het bewind van koning Hizkia, onder de Stad van David in Jeruzalem vóór 701 v.Chr. De tunnel werd ontworpen als aquaduct om Jeruzalem te voorzien van water gedurende een belegering door de Assyriërs, geleid door Sanherib. De gebogen tunnel is 533 m lang. Verder bezocht ik de Klaagmuur, de Tempelberg, de hof van Gethsemane, de Olijfberg, Golgotha en het graf van Jozef van Arimathea waar volgens de Nieuwe Testamentische verhalen het lichaam van Jezus, na de kruisiging, zou zijn neergelegd.
.





Op de Olijfberg, kijkend in de richting van Jeruzalem, een stad die op de Berg Zion is gebouwd, de hof van Gethsemane ertussen



Hezekiah's tunnel



De plaats waar Jezus in een schuur werd geboren




De Via Dolorosa op weg naar de Calvarieberg; hier zou Jezus zijn kruis hebben gedragen op weg naar zijn kruisiging.

zaterdag 1 januari 2011

Dyeniya Kofoala 2011


Winsi fa a dondru e bari psa noya nanga ala en krakti
blaka wolku e tapu un son
No lasi ati! Un man tapu a ogri
No frigiti a boskopu fu a Apintidron
Dyonsron wan nyun dei o broko opo
pe a son o piri en tifi agen, yagi ala dungru gwe
Mi e winsi yu nanga yu oso, wan bun Bedaki nanga
Dyeniya Kofoala 2011


Zelfs als de bliksem in alle hevigheid door de lucht flitst
De zon overschaduwd wordt door donkere wolken
Verlies de moed niet! Wij kunnen het tij keren
Vergeet de boodschap van de Apinti drum niet
Spoedig zal een nieuwe dag aanbreken
waarop de zon weer fel zal schijnen en de duisternis verjaagt
Ik wens u en de uwen een goed Bedaki en een gelukkig 2011 toe


Even if the lightning flashes through the sky in its full force
the sun is overshadowed by dark clouds
Do not lose heart !We can turn the tide
Never forget the message of the Apinti drum
A new day soon will dawn
where the sun will shine brightly and dispels the darkness
Wishing you and yours a good Bedaki and a happy 2011



Kabiten André R.M. Pakosie

dinsdag 28 september 2010

Marroninstituut Stichting Sabanapeti vierde 20-jarig bestaan

Op 21 september 1990 werd het Marroninstituut stichting Sabanapeti in Utrecht opgericht. Nu, na twintig jaar, kijkt het bestuur tevreden terug op het werk dat de stichting realiseerde voor de Marrongemeenschappen in Suriname, Frans-Guyana en de diaspora. Stichting Sabanapeti vierde haar verjaardag samen met haar vrienden en genodigden op 25 september 2010 in de aula van het Trajectum College in Utrecht.

.


In de 30 minuten durende videodocumentaire Realisatie van het mogelijke, gemaakt door de voorzitter, kabiten André R.M. Pakosie, zagen de aanwezigen wat stichting Sabanapeti in de afgelopen twintig jaar realiseerde: Bewaarder van de hoogste Marrononderscheiding, de Gaanman Gazon Matodja Award, voor personen die zich verdienstelijk maakten voor Suriname en met name voor de Marrongemeenschappen. Het uitgeven van het tijdschrift Siboga, het cultuurhistorische tijdschrift over de Marronsamenlevingen. Het realiseren van kleinschalige duurzame ontwikkelingsprojecten in Suriname op het gebied van onderwijs, werkgelegenheid, cultuur en gezondheidszorg. Het verrichten van onderzoek op het gebied van Marrongeschiedenis en –cultuur. Het verzamelen, inventariseren en documenteren van geschreven, audio(visuele) documenten en (kunst)voorwerpen. De totstandkoming van een archief- en documentatiecentrum. Het begeleiden van studenten, het overdragen van kennis en het ondersteunen van Marrons om met behoud van de eigen culturele identiteit een positie te verwerven en een positieve bijdrage te leveren in de samenleving waarin zij wonen. En natuurlijk de talrijke lezingen en cursussen aangaande de Marroncultuur en -geschiedenis, die kabiten Pakosie in Suriname, Nederland en daarbuiten verzorgde.

Na de pauze, waarin iedereen genoot van de heerlijke Marronkeuken, droeg Saamaka dichteres Orsine Walden ter ere van het twintigjarig bestaan een aantal van haar gedichten voor in het Saamaka en Engels. Hierna was het woord aan kabiten Pakosie. Hij verzorgde een indrukwekkende lezing over Het ontstaan en de ontwikkeling van de Afro-Surinaamse Creooltalen’. Hij ging daarbij niet alleen in op het ontstaan van het Sranan, Ndyuka, Saamaka, Matawai, Aluku, Kwintii en Pamaka, maar ook op de klassieke talen die vroeger gewoon in het dagelijks leven van vooral de Marrons gebezigd werden: Loangu, Anpuku, Papa, Kumanti, Anklibenda, Amanfu en Akoopina. Nu gebruikt men deze alleen nog maar binnen de religie. Daarnaast onderscheidt Pakosie de instrumentale talen - Wanwi-apinti, Kumanti-apinti, Kwadyo, Agbado, Benta, (Botoo) Tutu en Abaankuman -, die volgens hem, net zoals dat het geval is bij gebarentaal, bij de verbale communicatie ingedeeld dienen te worden. Elke slag vertegenwoordigt immers een onuitgesproken woord of een heel verhaal.

De aanwezigen luisterden aandachtig naar de verschillende fragmenten, die kabiten Pakosie van elke taal liet horen. Omdat hijzelf de zeven Afro-Surinaamse Creooltalen en op één na de klassieke talen spreekt én ook de instrumentale talen verstaat, kon hij deze unieke geluidsfragmenten onder andere verzamelen door zelf met mensen te converseren die deze talen nog beheersen. Bijzonder zijn ook de opnames van toespraken van verschillende reeds overleden gaanman van de Marronsamenlevingen, die elk in hun eigen taal spreken. Een Inheemse taal komt vervolgens aan bod, die de Marronleiders spraken om met de Inheemse leiders te kunnen communiceren.

.


Na zijn lezing ontstond een levendige discussie over het gebruik van de klassieke talen binnen de Wintireligie. Een van de eyeopeners die kabiten Pakosie zijn publiek meegaf, was het gegeven dat de klassieke talen normale talen zijn, die aangeleerd kunnen worden – zoals dat ook het geval is bij het Latijns dat gebezigd wordt binnen de christelijke religie, met name in de Rooms-katholieke kerk.


Het belang van het Marroninstituut


Op de vraag wat het belang is van het werk van Sabanapeti, antwoordde een van de genodigden: “De informatie die ik krijg van Sabanapeti over de Marroncultuur en geschiedenis is geweldig. Ook volgde ik de Afáka-cursus en leerde daardoor weer meer over mijn eigen cultuur”. De bekende Apinti masterdrummer, André Mosis, vertelde dat stichting Sabanapeti hem onder andere ondersteunde toen hij in Nederland kwam om zijn leven op te bouwen met behoud van zijn eigen Marronidentiteit. Een jonge toehoorster vond het juist erg goed dat de stichting arme mensen in Suriname helpt, bijvoorbeeld door het schooltasproject. Onder de aanwezigen bevond zich ook de bekende zangeres Denise Jannah, die de kracht van Sabanapeti roemt en haar standvastigheid gedurende de afgelopen twintig jaar. Zij hoopt dat dit unieke Marroninstituut nog groter wordt en nog meer mensen aantrekt dan dat het nu al doet.