Posts tonen met het label Tula. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Tula. Alle posts tonen

zaterdag 12 april 2014

Meindert Fennema en Tula

door Fred de Haas

Onlangs - 17 maart jl -  luisterde ik naar een reportage van de journalist Dick Drayer. Hij sprak in Museum Tula met Meindert Fennema over Toussaint Louverture en Tula. Dat wil zeggen, Meindert doceerde en Dick luisterde. Samen met die sympathieke Mildred Rafaela die het tweetal rondleidde en te aardig was om Meindert tegen te spreken.
 
Tula - Edsel Selberie
Foto © Michiel van Kempen
Tegenspreken was ook een beetje moeilijk, hoewel Meindert maar wat uit zijn nek liep te kletsen. Zijn geruststellend stemgeluid en - terechte -  autoriteit als emeritus hoogleraar hadden zo’n impact dat het tweetal geneigd was om eerbiedig te luisteren.

Fennema was op dreef. Hij had die ochtend of middag zijn wetenschappelijke akribie maar even in de ijskast gezet en trok onverdroten de conclusie dat Curaçao hetzelfde ellendige lot beschoren zou zijn geweest als Haïti, indien Tula, net als Toussaint en Dessalines, had gewonnen van de Nederlanders.

Die Meindert!

Dick Drayer bood nog zwakjes wat weerstand en vroeg hoe hij die lijn zo kon doortrekken.
Nou, zei Meindert, dat zie je toch aan wat er is gebeurd na de Sovjet revolutie en de Cubaanse revolutie? Van al die gewelddadigheid komt niks goeds.
Volgens Meindert, maar dat zei ie niet, hadden de Tsaar en dictator Batista dus nog lekker een tijdje moeten blijven zitten en hun eigen gewelddadigheid op hun gemak moeten kunnen uitleven…

Wat Meindert in feite ook impliceerde was dat Curaçao blij mocht zijn dat de Nederlanders hun heilzame kolonisatie nog zo’n tweehonderd jaar hadden voortgezet. Zaten ze immers nu niet gezellig en ontspannen te praten? Nee, die Hollanders hadden het maar goed gedaan. Duizenden Afrikanen geïmporteerd en er flink de wind onder gehouden!

Nou, Meindert, misschien kan je een volgende keer wat voorzichtiger en wetenschappelijker zijn in je uitspraken. Professorale kletskoek hebben we niet nodig. Dat moet je haast wel met me eens zijn. Sterker nog: je bént het met me eens!

dinsdag 4 februari 2014

Tula The Revolt wint tweemaal op filmfestival in San Diego

Scène uit Tula, the revolt

door Shelley Tjauw-Foe

Curaçao – De speelfilm Tula The Revolt heeft op het filmfestival in San Diego in de Verenigde Staten twee prijzen in de wacht gesleept. Zo won hij de award voor de beste film. Daarnaast werd Obi Abili geëerd voor zijn rol als beste hoofdrolspeler.

Volgende week is de film te zien op het Pan African Film Festival in Los Angeles. Daar is de film genomineerd in de categorie Best Director-First Feature.

Eerdere onderscheidingen
Tula The Revolt werd eerder al bekroond met de grote juryprijs bij de London Film Awards. Daarnaast kreeg de film een speciale vermelding in de categorie Best Caribbean Film op het Trinidad & Tobago Filmfestival. De filmmakers hebben eerder al de Rayo di Solo ontvangen.


[van Versgeperst.com, 3 februari 2014]

dinsdag 3 december 2013

Leinders over Tula


Schrijver en cineast Jeroen Leinders houdt op donderdag 19 december een lezing in de Bibliotheek Bijlmercentrum over zijn boek en film Tula: Verloren Vrijheid/Tula, the Revolt.

Tula: Verloren vrijheid vertelt het op ware feiten gebaseerde verhaal over de leider van de Grote Slavenopstand op Curaçao in 1795. Het boek werd in 2013 verfilmd.
Locatie: Bibliotheek Bijlmercentrum, Frankemaheerd 2, tel: 020-6979916
Donderdag 19 december, 20.00 uur
Reserveren aanbevolen via brc@oba.nl / 020-6979916

Gratis toegang

dinsdag 3 september 2013

Inleiding tot debat “Van slavernij tot moderne slavernij”

Slavenboei
door Rose Mary Allen

UNA, 4 augustus 2013


Ik wil in mijn bijdrage aan dit debat ingaan op een aspect van de erfenis van de slavernij en dat is de doorwerking hiervan in de moderne hedendaagse samenleving. De vraag is dan op welke wijze het slavernijverleden de nieuwe generaties nog steeds beïnvloedt? Of beter gezegd: In hoeverre geeft de oudere generatie aan de jongere generatie denkbeelden en gedragingen door die te maken hebben met een slavernijerfenis?

Bijvoorbeeld: is het groot aantal tienerzwangerschappen en alleenstaande moeders in het Caribisch gebied,  het gevolg van de  mogelijke aangespoorde losse man-vrouwverhoudingen die er heersten tijdens de slavernijperiode? Is de huidige achterstandspositie waarin een groot deel van de gezinnen zich bevindt een gevolg van de slechte startpositie die deze groep had na de afschaffing van de slavernij in 1863? Een heel vaak gestelde vraag is of de zogenaamde afkeer voor handwerk en landbouw ook een afspiegeling van dit verleden is?
 
Curaçaose schone: Kabei malu?
Voor wat betreft de onderlinge verhoudingen in de maatschappij, zijn er ook vragen die gesteld worden. Is het feit dat hier op het eiland mensen elkaar beoordelen op basis van ras en etniciteit ook een gevolg van dit slavernijverleden? Jandi Paula sprak over deze culturele trauma’s en het intergenerationeel doorgegeven van superioriteits- en inferioriteitsdenkbeelden en gedragingen in zijn boek From objective to subjective social barriar. Nog steeds worden mensen gediscrimineerd op basis van hun ras door gebruikmaking van termen zoals Pretu mahos (zwart en lelijk), Jacombeinchi (voor een uiterst blanke uiterlijk), Kabei malu (kroeshaar), nanishi promenton (voor de brede neus van de zwarte persoon) en lep di tayer (bandenlippen, of dikke lippen). Colorism is nog steeds een van de redenen voor pesten onder jongeren op het moment. Als laatste wil ik ook het fenomeen bijvoegen wat ik Anancyism noem. Van de figuur Nanzi hebben wij een paradoxaal figuur overgehouden, een figuur die deels spin deels mens is, deels held en deels schurk, zowel empowerend  maar ook enorm egoïstisch. Anancyism is een gedragspatroon, waarin schijnbaar machteloze mensen constant mazen zoeken om in situaties toch als winnaar uit de bus te komen.

Tula - Edsel Selberie

Racisme en discriminatie, stereotypen en sociale ongelijkheid lijken nog steeds de politieke sporen van de slavernij. Het trieste van de zaak is dat slavernij niet helemaal verdwenen is. Wereldwijd ervaren mensen slavernij of omstandigheden die er dicht bij in de buurt komen. Ik denk bijvoorbeeld aan mensenhandel waarin voornamelijk vrouwen en kinderen de  slachtoffers worden. Alhoewel het hier om een andere soort slavernij gaat, op een andere schaal en in een heel andere historische,  politiek-economische en sociologische context, zou men kunnen stellen dat wij in het Caribisch gebied kennelijk geen lering hebben getrokken uit ons verleden, want wij doen flink mee aan deze moderne vorm van slavernij.

Rose Mary Allen (achter de microfoon) voert het woord. Naast haar Cynthia Mc Leod


We hebben dus een maatschappelijke verantwoordelijkheid. Daarom denk ik ook dat, ondanks de gevoeligheid van het onderwerp, we hierover vooral niet moeten zwijgen. Wij dienen de stiltes te overstijgen, waarmee het thema slavernij altijd omringd is. Deze stiltes hebben als gevolg dat wij nog steeds niet met elkaar in harmonie kunnen leven. Voor de doorbreking van deze stilte is onder andere empirisch wetenschappelijk onderzoek noodzakelijk, want onze kennis op het terrein van slavernij en slavernijverleden is nog steeds beperkt. De onjuistheden in de historie werken maatschappelijk door en zorgen voor een verkeerde beeldvorming.

Ik denk dan ook de stiltes rondom slavernij doorbroken dienen te worden op grond van goed geïnformeerde dialoog gebaseerd op goed onderlegde feiten.

Hedendaagse vormen van slavernij en marteling komen niet minder voor dan in vroeger eeuwen, in tegendeel zelfs



woensdag 21 augustus 2013

Tula en de taal van georganiseerde opstand

Tula - pastel van Edsel Selberie. Foto Michiel van Kempen

door Quinsy Gario

De film Tula. The Revolt van Jeroen Leinders heeft veel stof doen opwaaien. De film over de opstanden op Curaçao in 1795 is een belangrijk ijkpunt in wat men over de Nederlandse slavernijverleden wil vertellen. En belangrijker nog hoe men dat wil vertellen. Met uitzondering van historicus Sandew Hira loven alle recensenten de in hun ogen goede bedoelingen om eindelijk een Nederlandse speelfilm over de slavernij te zien. Maar daar houdt het dan ook op qua goede woorden over de productie.

Een greep uit de recensie toont dat door de houterigheid van de acteurs Annet de Jong de film in de Telegraaf een met liefde gemaakte verfilmde amateurtoneelstuk vindt. De film is een aaneenschakeling van cliche’s volgens Shelley Elmers van Cinemagazine. Berend Jan Bockting laat in de Volkskrant weten de film als een verfilmde Wikipedia pagina te beschouwen en volgens Sandew Hira heeft de hele film eigenlijk meer met ideologie dan geschiedenis te maken. En Jochem Geerdink stelt dat de grootste afbreuk van de film de Engelse voertaal is.


Brons van Edsel Selberie. Foto Michiel van Kempen

Toen ik zelf de film zag zat ik mezelf heel lang af te vragen waar ik nou precies naar had gekeken. Ik had al te horen gekregen dat het script te wensen over liet en had ook m’n bedenkingen bij het feit dat dit het speelfilmdebuut zou zijn van Leinders. Niet omdat hij wit is, maar door het ontbreken van een Nederlandse traditie van historische en epische films zou het des te moeilijker zijn voor een beginnende filmmaker om het historische en epische goed uit de verf te laten komen. Het is nog afwachten of de openingsfilm van het Nederlands Film Festival, Hoe duur was de suiker van Jean van de Velde en Cynthia McLeod, het is gelukt. Van de Velde was namelijk ook verantwoordelijk voor dat gedrocht van Marco Borsato: Wit Licht.
  
De recensenten slaan over het algemeen de spijker op de kop filmtechnisch, maar vooral door de openingszin van de recensie van Elmers ‘Bij slavernij denk je niet snel aan Nederland.’ was het duidelijk dat het overgrote gros van recensenten oppervlakkig over het onderwerp van de film zouden blijven. Ik zelf zag naast de alom gedeelde mening van de recensenten, dat de film gewoonweg niet goed in elkaar zat, nog een aantal rare verwijzingen naar de hedendaagse georganiseerde chaotische situatie van de voormalige Nederlandse Antillen en Curaçao in het bijzonder.

Slavernij/Tula - pastel van Edsel Selberie. Foto Michiel van Kempen

De film zit vol met scènes waarin Tula de rechtvaardigheid van de Nederlandse regels en wetten ophemelt. Hij wil alles via de bestaande regels en wetten doen, terwijl diezelfde wetten en regels hem niet als volwaardig mens aanzien. Door de revolte op St. Domingue aan te halen weet hij ook dat de tot slaaf gemaakten op die eilanden de wetten en regels aan hun laars hadden gelapt en hun vrijheid zelf hadden bevochten. Als hij daardoor geïnspireerd zou zijn zou hij toen zelf niet de regels gaan opvolgen.

Ook al had Tula kritiek op het systeem wilde hij via het systeem voor zijn vrijheid pleiten volgens de makers. Hij wordt neergezet als een naïeve man die er vanuit gaat dat de gouverneur op het eiland in principe een rechtvaardige entiteit is. Dat is een complete contradictie die je nu nog steeds tegenkomt in stukken die tegen het bespreken van ons slavernijverleden, over herstelbetalingen of onderzoek erover gaan. Het ontmenselijken van anderen wordt gerechtvaardigd door bagatelliserende stellingen als ‘zo was het nou eenmaal toen’ en ‘ze wisten niet beter’ en mijn favoriet ‘toen was het allemaal legaal’.

Tula - brons van Edsel Selberie. Foto Michiel van Kempen


Nadat de film met kritiek was overladen stelde Leinders stellig in interviews dat hij niet een Tula heeft neergezet die de Curaçaose bevolking van hem heeft gemaakt. Hij wilde hem niet langer als een strateeg of een charismatische leider verbeelden. Want daarin was hij gezien zijn dood duidelijk in gefaald volgens Leinders. Volgens de film was hij gewoon een ontevreden werker die zich van het ene op het andere moment aan het hoofd van een beweging bevindt. Leinders wilde Tula een mens van vlees en bloed maken dat ook angsten en onzekerheden kende.
Maar terwijl hij het symbool Tula probeerde te vervangen met de persoon Tula gebruikte hij ook wel middelen om hem los te koppelen van het idee van solidariteit en groepsbelang. In de film is de interne drijfveer tot actie van Tula niet zozeer liefde voor alle tot slaaf gemaakten maar de liefde voor Speranza en zijn broer. Het is nu niet de persoon Tula, maar het individu Tula die losstaat van de rest. Ook Speranza wordt neergezet als speciaal en anders en halverwege de film doet zij als enige tot slaaf gemaakte vrouw een Europese jurk aan. Haar aspiraties zijn dan ook duidelijk gemaakt: zij wil net als de onderdrukkers zijn. Het beeld deelt een klap uit richting de tot dan toe zelf geconstrueerde groepsidentiteit en verwijst ook naar de opkomst van een elite die zichzelf naar Europees model gaan stileren. Op het einde van de film voordat Tula wordt opgepakt zegt zij ook tegen hem dat ze beter samen kunnen wegrennen. Als ze los staan van de rest zullen ze er beter voor staan volgens deze logica. De weerstand tegen georganiseerde opstand is luid en duidelijk.

Tula - pastel van Edsel Selberie. Foto Michiel van Kempen


In de film krijgen we namelijk te horen dat Tula’s vrouw Speranza, voor zover hun relatie werd gedoogd door de plantage-eigenaren en de Nederlands slavernijwetgeving, zwanger was. De film eindigt ook heel wrang met een idyllisch beeld van Speranza op een strand met hun kind een aantal jaren later. Het wegvallen van Tula als vader van zijn eigen kind is een knipoog naar een van de redenen die men gretig aanhaalt om aan te geven waarom het slecht gaat met Curaçao: het ontbreken van vaders. Maar vaders zijn de zondebokken en bliksemafleiders in het verhaal waarom Curaçao haar ‘huishoudboekje’ niet op orde kan krijgen. Het gaat slecht met Curaçao omdat Shell het eiland had omgeschoold in 1918. De opstand van 30 mei 1969 ging om gelijkwaardigheid en de eilandbewoners zijn daar gewoon voor bestraft, net als Tula. Toen Shell in 1982 zijn raffinaderij op het eiland sloot en het eiland verliet zonder een cent belasting te betalen, viel ook de werkgelegenheid voor een groot deel van het eilandbevolking weg met alle gevolgen van dien.
Dat het individu er beter af is wanneer hij losstaat van de groep heeft te maken met de drang om verschil tussen groepen weg te poetsen en dus de historische handelingen waaruit die groepen zijn ontstaan onder het tapijt te vegen. Het over de brede linie genomen sociaal-economisch succes of falen van afstammeling van tot slaaf gemaakte ligt niet aan het feit dat hun voorouders voor lange tijd politiek, sociaal, economisch en cultureel niet voor mens werden aangezien volgens deze redenering. Het ligt aan hun eigen toewijding. Of het ligt aan de moeders. Of de vaders. Of ze zijn niet intelligent genoeg. Of de elite is corrupt. Of zij zijn nog niet volwassen genoeg. Of ze moeten blij zijn dat ze niet in Afrika wonen want we weten allemaal hoe het er daar aan toe gaat nu.
Die laatste werd begin deze maand nog door de linkse held Thomas von der Dunk geuit in de Volkskrant nadat bekend werd dat de Caricom, waar Suriname lid van is, herstelbetalingen gaan eisen van de voormalige koloniale moederlanden, waaronder Nederland. Zelfs de links georiënteerde en zichzelf progressief wanende medemens in Nederlands is zot op het witte superioriteitsgevoel dat de geracialiseerde samenleving heeft voortgebracht. De georganiseerde opstand van de Caricom landen moest daarom meteen met doorwrochte zinnen en ombuigingen en beledigingen de kop ingedrukt worden. Hierover meer in een volgend stuk, maar juist dat taalaspect is belangrijk. Het communiceren van wat je dwars zit en hoe je dat doet is belangrijk.

Brons van Edsel Selberie. Foto Michiel van Kempen

  
Het meest opzienbarende aan de hele film is dan ook dat de complexe en intrigerende taal Papiamentu compleet terzijde wordt geschoven. Deze taalvervlakking is dan ook het meest in het oor en oog springende productionele keuze van Leinders. De taal, waarmee communicatie tussen de tot slaaf gemaakten van verschillende Afrikaanse volkeren mogelijk werd gemaakt, wordt niet eens goed uitgesproken of überhaupt ondertiteld in de film. De taal is ook een van de elementen waarmee men zichzelf organiseerde en een natie vormde. Het idee van de natie gaat uit van het kunnen inbeelden van mensen die jij niet in levende lijve meemaakt maar wel alsnog beschouwt als onderdeel van jouw groep. De natie van tot slaaf gemaakten op Curaçao werd mogelijk gemaakt door de taal.

Tula - pastel van Edsel Selberie. Foto Michiel van Kempen


Dat de taal tot de jaren 60 en 70 van de 20ste eeuw niet op speelpleinen op de lagere of middelbare school gesproken mocht worden toont aan hoe bang de gevestigde koloniale orde voor de kracht van de taal. Voor een succesvolle internationale film hoef je al een tijdje niet Engels als voertaal te hebben. Zijn argument dat Engels als voertaal het mogelijk maakte om een internationale cast en crew samen te stellen geeft aan dat de productie belangrijker was dan het uiteindelijk product zelf.

Leinders te hoog gegrepen ambitie om op een internationaal toneel in het jaar van de slavernijfilms mee te dingen naar aandacht heeft een uiterst Curaçaos verhaal van zijn Curaçaose identiteit bestolen. Door te streven naar een universele waarheid dat internationaal gedeeld kon worden heeft hij juist de kracht en de specificiteit van deze opstand uit het oog verloren. Wat overblijft is een internationale cast dat banen van Curaçaos talent heeft ingepikt simpelweg omdat de maker het Papiamentu niet herkende als een belangrijk onderdeel van waarom er nu nog steeds over de actie van Tula wordt gesproken op Curaçao.

[van de blogspot Roet in het eten]

zondag 18 augustus 2013

Overal Tula in Amsterdam

Amsterdam stond op zondag 18 augutus in het teken van de Curaçaose vrijheidsheld Tula. Een fotoreportage.

De dood van Tula - Edsel Selberie
Slaaf - Edsel Selberie

Tula aan de Kloveniersburgwal; foto Glen Helberg
Liberta Rosario presenteerde de vertaling van de Tula-roman van haar vader, Guillermo Rosario; foto Glen Helberg


Tambu-groep
Tula-Manifestatie CEC Amsterdam Zuidoost
Alle foto's, tenzij anders vermeld © Michiel van Kempen

vrijdag 16 augustus 2013

Drie speciale Tula-concerten op het Grachtenfestival Amsterdam


Tijdens het jaarlijkse grachtenfestival in Amsterdam wordt aandacht besteed aan de Tula-herdenking en het slavernijverleden met drie speciale concerten. Deze zijn:

15.00h-15.45h: Gebroeders Jorge en Jaime Martina (duo M’Artistics), Waalse Kerk, Walenpleintje 159. Licht klassieke muziek en Antilliaanse volksliederen.

16.15h-17.00h: Leerorkest Amsterdam Bijlmer (groep 5-8) met Izaline Calister, ponton Kloveniersburgwal 50.

19.00h-20.00h: Muziektheatervoorstel Geen liefde zonder Vrijheid, onder de Curaçaose slavenlegende van Buchi Fil; met onder meer Izaline Calister, Jongerendansgroep Untold Empowerment en Raymi Sambo, ponton Kloveniersburgwal 50.


zaterdag 10 augustus 2013

Tula met boeken herdacht



Op zondag 18 augustus 2013 vindt er in C.E.C. Gebouw, Amsterdam Zuidoost, een boekenmanifestatie plaats bij wijze van Tula Herdenking. Klik op de afbeelding voor een groter formaat.

Leinders verdedigt 'zijn' Tula

door Otti Thomas

Den Haag - In aanloop naar de herdenking van de slavenopstand van 17 augustus 1795, kropen tientallen mensen afgelopen weekend in de huid van Tula. Sprekers, publiek en dichters zochten in Den Haag naar de gedachten die de beroemde vrijheidsstrijder destijds had en naar manieren om in zijn voetsporen te strijden tegen moderne vormen van onderdrukking. De bijeenkomst werd georganiseerd door de Dutch Caribbean Book Club en was de tweede in een reeks activiteiten waarmee de Openbare Bibliotheek in Den Haag aandacht schenkt aan de afschaffing van de slavernij, 150 jaar geleden. De opkomst was niet zo groot als tijdens de officiële opening op 19 juli, maar met 170 tot 200 bezoekers toch hoger dan verwacht.

Ronnie Martina © foto Henk Looman


Afgewisseld met de voordracht van gedichten over Tula en een tekst uit de voorstelling Op zoek naar oom Tom door Raymi Sambo, gaven drie sprekers hun visie op de slavernij. Voormalig Antillenhuis-voorlichter Ronnie Martina sprak onder meer over de obstakels die er nog zijn voor er daadwerkelijk gesproken kan worden over vrijheid, waaronder het gevoel van minderwaardigheid waar veel Caribische Nederlanders nog mee kampen en gebrek aan liefde voor het Papiaments, maar ook overdreven vaderlandsliefde, de armoede op de eilanden en vooral onverschilligheid en onwetendheid.

Initiatiefneemster en mede organisator Guiselle Starink-Martha
 en acteur Raymie Sambo 
© foto Henk Looman


Letterkundige Aart G. Broek analyseerde de wijze waarop dichters en schrijvers sinds 1863 de slavernij hebben verwoord, variërend tot dankbaarheid voor de afschaffing tot hernieuwde aandacht voor de creoolse cultuur. Een belangrijke rol was weggelegd voor Pierre Lauffer, die als een van de eerste schrijvers aandacht vroeg voor Tula en waardering voor al het moois van de Curaçaose cultuur, gevolgd door Pacheco Domaccassé die in 1972 het toneelstuk Tula bracht.

De meeste aandacht ging echter uit naar Jeroen Leinders. De regisseur van Tula the Revolt kreeg veel vragen over zijn keuzes bij de verfilming van het verhaal. ‘Tula lijkt een lulletje rozenwater, die achter de feiten aanloopt. U gaat voorbij aan het historisch feit dat de opstand was voorbereid,’ zei bijvoorbeeld Rubin Severina, voorzitter van belangenorganisatie Splika. Een ander vroeg waarom de marteling van Tula en zijn medestrijders niet in beeld is gebracht.

Aart G. Broek © foto Nico van der Ven


‘Er zijn veel verschillende Tula's,’ antwoordde Leinders. ‘Als je kijkt naar de blanke visie die er was over Tula, dan was hij een misdadiger en oproerkraaier, die zo snel mogelijk moest worden opgepakt, maar in de ogen van de lokale bevolking was Tula een groot krijgsheer. Als je je erin verdiept, is er geen andere conclusie mogelijk dan dat beide verhalen niet kunnen kloppen,’ aldus Leinders.
De filmmaker stelde vervolgens dat uit Tula's historisch feitelijke voorkeur voor een staking een veel vredelievendere houding sprak dan bij de vrijheidsstrijders op Haïti. ‘Als Tula een bloeddorstige strijder zou zijn geweest, dan had de plantage-eigenaar dat nooit overleefd.’ Leinders zei verder dat er wel bronnen zijn waarin gesproken wordt over een voorbereiding van de opstand, maar dat er geen eenduidig en geloofwaardig bewijs is over die wijze van voorbereiding of het belang daarvan tijdens de opstand. ‘Als we het wel hadden meegenomen in het verhaal, dan zou het voor discussie hebben gezorgd en daarmee de aandacht hebben afgeleid van Tula's strijd.’

Jeroen Leinders

Leinders bracht de marteling van Tula en zijn medestrijders niet in beeld omdat daarmee de indruk kon ontstaan dat het een specifiek vonnis was voor de opstandelingen, terwijl het een gebruikelijke straf was in die tijd. ‘Het was geen daad van agressie, maar een straf. We hebben het vonnis laten uitspreken, zelfs twee keer, omdat de verbeelding vele malen sterker is dan ik kan tonen. Zeker vanwege de kilheid waarmee het vonnis wordt voorgelezen,’ aldus Leinders.

Panel met: Aart Broek, Jeroen Leinders en Ronnie Martina © foto Henk Looman


De keuzes waren er uiteindelijk allemaal op gericht om het verhaal van Tula geloofwaardig en feitelijk te vertellen en daarmee de huidige generatie Curaçaoënaars en vooral Nederlanders bewust te maken van het verleden en het trauma dat daarmee gepaard gaat, zei Leinders. ‘Onze intentie met de film was om voor discussie over het onderwerp te zorgen. Voor en tijdens de herdenking van de slavernij op 1 juli was er in Nederland wel aandacht voor de slavernij, maar de meeste Nederlandse media schrijven er niet meer over. Een film heeft gelukkig een langere looptijd.’

[Ontleend aan Amigoe, 6 augustus 2013.]

donderdag 8 augustus 2013

Van boektitel tot filmscript

Het gaat goed met de verfilming van het Nederlandse boek. De Nederlandse bioscopen draaiden het afgelopen jaar onder meer De VerbouwingAlleen Maar Nette Mensen en Koning van Katoren. Waar komt deze hype vandaan? Nieuwsuur is op de set van Dorsvloer vol confetti, de omstreden roman die nu in Zeeland wordt verfilmd.

Streng gelovig
In Zeeland zijn de opnamen voor de nieuwe film Dorsvloer vol confetti in volle gang. Producent Column kocht de filmrechten enkele jaren geleden al aan, maar deze zomer is regisseuse Tallulah Schwab echt begonnen met draaien. Schrijfster Franca Treur brak in 2009 door met haar debuutroman en won er de Selexyz Debuutprijs mee.
Het werk vertelt over Katelijne, een meisje dat opgroeit in een streng gelovig boerengezin uit Zeeland. Ze is het enige meisje tussen zes broers en voelt zich vaak buitengesloten. Daarom trekt Katelijne zich terug in haar wereld van fantasie en verhalen.

Weerstand
Volgens de schrijfster stuit de verfilming op weerstand vanuit de gereformeerde Zeeuwse gemeenschap: "Ze willen dat ik de film tegenhoud."
"Er wordt een subcultuur in beeld gebracht, nota bene een woordcultuur, die veel mensen niet kennen", aldus Treur. "Het zou mooi zijn als dat heel precies gebeurt." Vanavond vertelt zij over de rechten van auteurs in binnen- en buitenland en geeft Treur adviezen aan haar collega's.

Financiering
Het project kost zo'n 2 miljoen euro. Eind 2012 richtte producent Gijs van de Westelaken een filmfonds op om de resterende financiering van vier ton rond te krijgen. Nieuwsuur spreekt de producent, ook over het proces dat aan verfilmingen vooraf gaat en het huidige enorme succes in Nederland.

Tientallen projecten
In totaal lopen er nu zo'n 50 boekverfilmingen, die verkeren in alle stadia van het maakproces; van een optie op de rechten tot het daadwerkelijk verfilmen. Uitgeverij Atlas/Contact had zojuist, met vijf boekverfilmingen, twee zeer succesvolle maanden.
Nederlandse film- en literatuurfans kunnen zich de komende maanden nog verheugen op onder andere Hoe duur was de suiker van Cynthia McLeod (gaat op het Filmfestival in première), Het Diner van Herman Koch en Soof, de verfilming van een verzameling columns van Sylvia Witteman.

Nieuwsuur, Ned. 2, 8 of 9 of 10 augustus 2013, 22.00 uur


maandag 5 augustus 2013

Vlam di Libertat bij Museo Tula


Museo Tula vierde afgelopen zaterdag met een groot vuur, de Vlam di Libertat, dat in de maand augustus 1795 de slavenopstand onder leiding van Tula plaatsvond. Dit jaar stond het museum stil bij het thema ‘Hoe bevrijden we onze geest?’. De activiteit werd naast het magazijn gehouden om te herdenken dat de slaven niet zonder toestemming in de tuin van het landhuis mochten komen maar wel naast het magazijn.


[uit Antilliaans Dagblad, zondag 4 augustus 2013]

maandag 29 juli 2013

Verfilming van een nobele vrijheidsstrijder

Scène uit Tula, the Revolt

door Diana Lebacs

Enkele dagen geleden keerde ik terug uit het buitenland en deze week was het tijd om de film Tula te bezoeken. Nog helemaal in de ban van alle reisindrukken zijn alle recente opinies over de film mij ontgaan. Wellicht maar gelukkig ook, want zodoende kon ik me leeg en onbevangen, zonder verwachtingen en vooropgestelde ideeën van hoe het zou moeten zijn, overgeven aan het verhaal.

Literatuur en kunst zijn per definitie fictie. Dit kreeg ik te horen toen ik begon te publiceren, maar ook op alle internationale literatuur-, film- en theatercongressen werd standaard verkondigd dat dit de norm is, wil een werk in aanmerking komen. Ik heb dit altijd in mijn oren geknoopt en het is ook de eerste waarheid die ik doorgeef in mijn workshops verhaal-, theater- en filmschrijven. Daarnaast heb je natuurlijk ook een ander soort schrijven: documentaires, biografieën, docudrama’s, educatief theater en ga zo maar door. Had ik ten minste één verwachting ten aanzien van de film, dan was het wel genoemd universeel criterium: kijken naar de schepping van een kunstenaar op filmgebied, die op basis van onderzoek – dat iedere schrijver doet – aan de hand van de echte geschiedenislijn een kunstwerk schept, dat grenzen overschrijdt.

Het is daarom ook gebruikelijk dat filmmakers werken creëren die gebaseerd zijn op een roman of op een waar verhaal, en dit ook vertellen en vermelden: ‘based on the novel x’, en ‘based on a true story’. Degenen die bekend zijn met deze processen weten waarom een film nooit hetzelfde kan zijn als de roman of het waargebeurde verhaal, zonder dat dit betekent dat aan beide geweld is aangedaan.

De film Tula, the Revolt tilt inderdaad een waargebeurd stuk uit de geschiedenis van Curaçao over de vrijheid van de mens als hoogste recht en goed naar grote universele hoogte. Het begint al bij de opening van de film, die je meteen onderdompelt in het gruwelijke lot van de hoofdpersonages, en gaat dan meteen over naar wat bij Tula het innerlijke vuur aanwakkerde om op basis van logische argumentatie, geïnspireerd door de idealen en nieuwe gedachten van de Franse Revolutie, op te komen voor de mensenrechten van de slaven op Curaçao. Tula’s intrinsieke motivatie blijft als een rode lijn door de film heen lopen. Tula, mens en leider, heeft een hoogstaande visie, wil onder geen voorwaarde dat deze visie besmet wordt als een opstand of revolutie, maar stuit op weerstand door de onverlichte en starre opvattingen van de gevestigde orde. De situatie van Tula wordt daardoor diep menselijk, maar tegelijkertijd ook intens schrijnend neergezet. Wie dit aspect niet ziet of voelt via de teksten en hun onderliggende betekenis, wie maar niet begrijpt waarom men niet een stoere vechtersbaas te zien krijgt en geen op effect beluste executiescènes, die gewelddadigheid gedetailleerd uitbeelden in de stijl van de huidige misselijkmakende actie- en horrorfilms (zoals 2 Fast 2 Furious, Fast Five, Death Race en I wish you were dead) om de verdoofde zintuigen te prikkelen, zou zich wellicht kunnen herbezinnen door meerdere keren naar de film te kijken en die dan rechtvaardiger beoordelen.

Iedereen heeft zijn eigen Tula geromantiseerd, vanuit zijn of haar wereldbeeld, en dat mag. Maar de scheppend kunstenaar heeft een andere, hogere taak, tenminste als het diens uitgangspunt is om een universele boodschap uit te dragen in de wereld: in dit geval de boodschap van de mensenrechten, gegoten in een vorm die iedereen ter wereld kan volgen en begrijpen, met als toegevoegde waarde de promotie van Curaçao.

In dit kader wil ik de producenten, adviseurs, regisseur, filmmaker, acteurs, figuranten en sponsors dan ook van harte feliciteren met het resultaat. Door de inhoud en de vormgeving is het verhaal nog steeds schokkend actueel. Het verraad van Koro jegens Tula komt aan als een dolkstoot, de verdraaiing van Tula’s motieven door de machthebbers om zo de executie van Tula en zijn compagnons te kunnen rechtvaardigen, beneemt je de adem van ontzetting. Zonder dat dit het doel is van de film, zou men het verraad zo kunnen doortrekken tot de hedendaagse worsteling met onze staatkundige structuur en tragische situatie sinds het uiteenvallen van de Nederlandse Antillen en de (wan)geboorte van Pais Kòrsou.

Vermeldenswaard is ook het subtiele neerzetten van mevrouw Lesire, als tegenkracht, om ons te behoeden voor generalisatie en vooroordeel, zonder echter het hardvochtige denken van de kolonisator te willen verdoezelen.

De film eindigt heel mooi met Speranza en haar zoontje, het kind van Tula. 68 jaar oud zou het kind zijn geweest toen de slavernij op Curaçao eindelijk werd afgeschaft, als laatste in de rij, decennia later dan in de Britse en Franse koloniën!

Dit jaar vierden wij 150 jaar afschaffing van de slavernij. Zijn wij zover? Is het allemaal echt voorbij? In de eerste week van augustus zijn de muziektheaterproducties van de stichting Julius Leeft! te zien in het WTC: Hoe duur was de suiker van Cynthia McLeod en Geniale Anarchie van Boeli van Leeuwen. Thema: Van Slavernij tot Moderne Slavernij. Een stuk bewustwording en nieuw ontwaken zet zich voort.

[ingezonden brief in Amigoe, vrijdag 26 juli 2013]


zondag 28 juli 2013

Tula: Beeldschone verfilming van Curaçao

Gevechtsscène uit Tula the Revolt

door Mario Kleinmoedig

Laat ik dan ook maar iets schrijven over Tula The Revolt: Vooropgesteld: ik vind de film een mooi verhaal na 2 keer zien. Critici als Sandew Hira vinden dat schrijver Leinders een zwakke Tula historische neerzet [zie Hira's stuk hieronder].


De tragiek is dat mijn inziens die Tula vrij goed overeenkomt met de 'officiële' geschiedschrijving op Curaçao. Dus, als deze Tula historisch niet klopt, dan is het probleem niet Leinders. Leinders kon mogelijk niet anders dan de versie volgen, die iedere Curacaoënaar in de geschiedenisles krijgt, gebaseerd op het boek van Charles Do Rego, dat weer gebaseerd is op het boek van Prof Yandi Paula. Ikzelf zag ooit glimpsen van een ander mogelijk verhaal waar Sandew aan refereert door niet naar het betoog van Paula te kijken, maar naar de citaten en anekdotes en ze dialectisch te lezen in de stijl van Eduardo Galeano. Ja dan zie je een andere Tula. En misschien is de meest gegronde kritiek wel dat de martelingen tijdens het verhoor en de executie zelf niet zijn weergeven, want die zijn in alle versies hetzelfde.

Giovanni Abbath, hier op de première met zijn vrouw, speelt Bazjan Karpata

Ik heb nooit het boek van Hira gelezen, lijkt me machtig interessant. Maar ook Hira meldt niet, neem ik aan, dat volgens Venezolaanse historici Bazjan en Mercier 4 maanden eerder nog meegedaan hadden met de slavenopstand van Chirino in Coro. En hij weet misschien ook niet van de theorieën van Bernard Marchena van de Brion Stichting over de betrokkenheid van republikeins en fransgezinde blanken (anti oranje) in Otrobanda, waaronder Pierre Brion, de vader van Luis, die de slaven met wapens geholpen zouden hebben. En ook niet van het smaldeel dat klaarlag in Guadeloupe om naar Curaçao te zeilen, en het eiland te bezetten voor de Bataafse Republiek, als Tula de stad had bereikt.

Als ik ooit zo'n boek zou schrijven, moet ik dan Hira's boek een mislukking noemen? Ik denk niet, ik dank Hartog, ik dank Paula, ik dank Do Rego, ik dank Domacassé, ik dank Hira en Caine, ik dank Leinders en van Stapele en alle anderen van goede wil. Als ik ooit een boek zou schrijven noem ik het: Tula Rewritten, maar of dat het echte verhaal zou zijn weet ook ik niet.. In ieder geval zou ik voor de verfilming wel Dolph van Stapele erbij halen. In tegenstelling tot een recensie van Caribisch Uitzicht [bedoeld is het stuk van Dick Gilsing, dat is overgenomen uit moviescene.nl - zie hier, red. CU] vind ik het een beeldschone en herkenbare verfilming van Curaçao zonder de stereotiepe landmarks...

Commentaar van Ini Statia:
Ik stelde gisteren bij het NAAM een vraag hierover aan het panel; ik wees op het verhaal van Pierre Lauffer dat mijns inziens uit de orale traditie komt. Lauffer voert een personage op (een oude man) in Westpunt die het verhaal over Tula aan kinderen doorvertelt. De oude man is dan zogenaamd aan het woord over Tula. Zelfs de 'verbeelde'(?) afkomst van Tula wordt door Lauffer genoemd: hij zou de zoon van een prins uit Mali zijn en behoren tot een bepaalde etnische groep (de naam ben ik nu even kwijt). Ik vroeg of dit een fantasie van Lauffer was of dat dit echt zo in de orale geschiedenis werd verteld. Maar dit bleef toch nog onduidelijk voor me. Gisteren werden ook onder andere bronnen in Venezuela en Spanje genoemd.

Commentaar van IetekeWitteveen:
Ini, terecht doe je recht aan ook de orale geschiedenis. Of Tula van koninklijk oorsprong is, weet ik niet. Er is meer bekend over de grote cimarron van Curacao, de man achter de mei revolt in 1795 in Coro en achter Leonardo Chirino, Jose de La Caridad Gonzalez. Hij hielp Leonardo Chirino en Ik schreef daar in de jaren 90 over na raadplegen van o.a. Antillas y Tierra Firma van Carlos Gonzalez Batista en enkele Venezolaanse achiefstukken. Hierbij een fragment uit mijn artikeltje van 2006, dat ook in het Papiamentu en Engels verscheen (….) José Caridad Gonzalez Van José Caridad Gonzalez is bekend dat hij ‘een neger uit een belangrijk voorgeslacht’ was, die behalve zijn moedertaal, het Luango, ook Papiamentu, Frans en Spaans sprak. Hij was zeer belezen en werd aangesproken als ‘Doctor’. Deze ‘Doctor’ hielp vele slaven uit Curaçao te vluchten. Jose Caridad Gonzalez vertoefde vaak in wijk La Guinea. Hij bemiddelde regelmatig, ten gunste van de zwarte bevolking, bij conflicten om landbezit. Caridad Gonzalez en Chirino onderhielden contacten met Haïti, waar in 1794 de onafhankelijke staat Haïti was afgekondigd met als principes Vrijheid, Gelijkheid en Broederschap, met Curaçao en Europa. De Venezolaanse vrijheidsstrijders waren, in tegenstelling tot hun lotgenoten in Curaçao onder leiding van Tula drie maanden later, bij de opstand slechts gewapend met stokken en machetes. De wapens die José Caridad had bemachtigd werden onderschept. De opstand werd binnen een dag neergeslagen; de gewonde en gevangengenomen vrijheidsstrijders werden ter plekke zonder vorm van proces onthoofd, onder wie als eerste José Caridad Gonzalez. De koloniale troepen vermoordden daarna ook bewoners van de buurt La Guinea. José Leonardo Chirino ontkwam, maar werd daarna gevangen genomen en op 10 december 1796 na een proces in Caracas ter dood veroordeeld en opgehangen. (eind fragment artikel serie Cultureel Erfgoed, I. Witteveen, 25 mei 2006). Bastiaan Carpata was vermoedelijk ook bij de Coro opstand afwezig en vluchtte met een tiental anderen naar Curaçao.

Bastian Carpata
Uit Nederlandse documenten over de slavenopstand van 1795 op Curaçao weten we dat een van de voornaamste leiders van de Curaçaose slavenopstand, Bastian Carpata, samen met negen andere slaven, gevangen heeft gezeten in Coro en gedeporteerd werd naar Curaçao. Waarschijnlijk gebeurde dit vlak voor de opstand van 17 augustus 1795 op Curaçao, want een slaaf met de naam Jean Forcade werd tot gevangenisstraf veroordeeld, omdat hij het naliet de Nederlandse autoriteiten te informeren dat hij Bastian Carpata had gezien in Venezuela.
Bronnen:
- Dr. A.F. Paula: Slave Revolts: the cases of Curaçao and Saint Martin, paper UNESCO African Diaspora: The Making of the Atlantic World. 28 June – 1 July 2003, Curaçao
- L. de Palm, E lantamentu di 1795, Datos Oral, Curaçao, 1995 - Luis Arturo Domínguez, Rebelión en la Sierra. Caracas, Venezuela, 1995
- Idem: Vivencia de un Rito Loango en el Tambú, 1988
- Carlos Conzalez Batista, Antillas y Tierra Firme, Caracas, Venezuela, 1995
- Jose Millet y Manuel Ruiz Villa: Proyecto de investigación socio-cultural cubano-venezolano, april 2006

Commentaar Louis Philippe Römer:
Yes, het is goed om de Spaanstalige bronnen meer aandacht te geven.

Commentaar Gladys J. Do Rego-Kuster:
Wat Louis Philippe Römer hierboven schrijft klopt. Ook ik wacht al jaren op die documenten. Stukken die bijvoorbeeld om wat voor reden dan ook zijn overgeslagen, bijv. vanwege "niet relevant genoeg" voor de archivaris en speurder. Ook in andere archieven ligt nog wat braakliggend terrein, zoals bijv. die van andere koloniale mogendheden die direct of indirect een band hadden met ons eiland. Het ziet er dus naar uit dat voor de volgende generatie historici nog best wat werk te verzetten is. Hierbij wat aantekeningen: 1) Het is aan te raden om alle documenten cq bewijsmateriaal dat nog naar boven mag komen, zoals Mario Kleinmoedig hierboven stelt, vanuit het dialectisch perspectief te analyseren, dan wel te beoordelen. Beoordeel de scibent als een kind van zijn tijd (eind 18e-begin 19e eeuw). Blijf de vraag stellen uit wiens brein en pen het kwam. Wat was zijn/haar maatschappelijke positionering in die periode en voorál: wat was het doel van die reportage? In de nu toegankelijke documenten (notulen van verhoren en de rechtsgang) valt nogal eens te bespeuren hoe getuigen hun rol in het geheel trachtten af te schermen door plotselinge geheugenverlies, valse verklaringen, dan wel rechtstreekse meineed. Ook in die tijd waren, met name gezien de toegepaste verhoormethoden, menselijke verdedigingsmechanismen niet zeldzaam noch vreemd. 2) Orale overleveringen zijn zonder meer zeer belangrijk en ook vaak het laagje goud dat de wens van elke onderzoeker in vergulling doet gaan. Maar het eerste gebod van elke onderzoeker, dus zeker ook van de orale geschiedkundige, is het kritisch toetsen van de waarheid, dwz de vervuilingsgraad daarvan. Ook moet worden nagegaan uit welke bron de orale overleveraar zijn/haar informatie en of mening oorspronkelijk vandaan heeft. Het zou best kunnen dat de 90 jarige man die Inchi (Witteveen Ieteke) rond 1990 heeft gesproken, het theaterstuk van Pacheco Domacasse/Tone Brulin (1971) had gezien, of de voor die tijd indrukwekkende media campagne, tegenslag en heiza daaromheen had gevolgd. De leuze - Liberté, Egalité, Fraternité-, kwam in het theaterstuk zeer prominent voor en werd ook door jongeren die het stuk hadden gezien als politiek leidraad overgenomen. De respondent van Inchi zou in de periode dat dit stuk werd uitgevoerd ± 50 jaar zijn geweest. Dit stuk was zonder meer een 'landmark'. Beelden van dit theaterstuk staan in het boek Tula (1973) van historicus dr. Johan Hartog afgedrukt. Het research en de productie van het boek van dr. Hartog gebeurde overigens in opdracht van het Eilandgebied Curaçao omdat, quote "... een nauwkeurige vastlegging van het geschiedkundig verloop noodzakelijk is, omdat wij anders verzanden in een discussie over een begrip waaraan de grondslag ontbreekt".... Lees het boek en met name di Inleiding van Hartog er rustig op na, want TULA still LIVES on...

Commentaar Gilbert Bacilio:
Puntonan fuerte di Tula 'The Revolt: "Un pida istoria importante, esensial i di reperkushon spiritual, mental, físiko i sosial INMENSO di Kòrsou ta skibí komo skrept pa pelíkula. E istoria akí awor ta filmá i a drenta mundu, partikularmente e mundo sinematográfiko. Globo por sera konosí awor ku Kòrsou, ku un parti importante di istoria di Kòrsou i ku e gran heroe nashonal di Kòrsou, TULA. Paisahenan presioso di Kòrsou ta filmá. Ora bo mira e pelíkula bo mester rekonosé ku Kòrsou ta un pèrla den Karibe! Diferente aktor lokal ta partisipá den un pelíkula di taye profeshonal i internashonal. E ta enfoká riba temanan di vital importansha manera: Vishon, Ideal, Diálogo, Lucha, Kurashi, Perseveransha, Liderasgo, Amor i Traishon.Puntonan débil: A pèrdè un oportunidat pa pone na mi pareser un Tula ainda mas fuerte mentalmente i spiritualmente, ainda mas vishonario, mas audas i mas inteligente riba pantaya, manera semper mi a lesa i siña di dje. A pèrdè un gran oportunidat pa laga mundu tende i sera konosí ku nos idioma Papiamentu. Mi a spera sikiera un esena kaminda Tula i Bazjan por ehèmpel ta reuní den sekreto i ta interkambiá idea òf ta planeá strategia na Papiamentu. Ta bon pa kòrda ku Tula tabata papia diferente idioma. Lo tabata tremendo pa laga mundu, via di e gran pelíkula akí, tende e presioso i heróiko idioma aki ku a vense ya pa siglo diferente opstákulo, manera opstákulo polítiko, legal/hurídiko,religioso i sosial kultural. Bazjan Carpata mester a profilá na mi opinion mas prominente den e pelíkula akí, mas 'man drechi' di Tula i na mas okashon den diálogo kuné. Nos Giovanni Abath tambe e ora ei lo por a profilá mihó komo aktor, representando Bazjan Carpata. Si a skohe mes pa duna Tula un muhé, ku pa ami no tabata nesesario, aunke e ta un eskoho konosí i tradishonal pa duna un istoria mas liña i mas karni i wesu, ami lo a preferá di mira un muhé mas fuerte, mas vishonario, realmente un sosten na su banda, den kama pero tambe pafó di kama. E punto fuerte di e eskoho aki si ta ku e pelíkula por kaba ku un fruta di nan dos. Esaki ta duna bèrdat, speransa pa un mihó futuro i ku mas Tula lo nase pa sigui ku e proseso largu i importante di emansipashon di hende en general i di e Yu di Kòrsou en partikular. En todo kaso un bon pelíkula, bon filmá, bunita paisahe, informativo i edukativo i ku sigur ta bale la pena pa mira. Pabien na tur ku a aportá di un òf otro manera na su realisashon. Ken ta sigui ku e siguiente pelíkula òf obra di teatro riba Tula?

Landhuis Karpata


Commentaar Artwell Cain:
Ik heb de film Tula de revolt vanavond gezien. Het is oké. De makers lijken zich aan het beschikbare historische materieel te houden. Het verhaal komt bekend voor. Hier en daar zijn scènes gedramatiseerd. Dat maakte het geheel spannender, maar de uitkomst was al bekend. De film heeft een zeker documentaire gehalte . Ieder die over Tula gelezen heeft, kan slechts zeggen dat het min of meer zo is gegaan, volgens het historische relaas. Uiteraard zal het verhaal anders te vertellen zijn op het moment dat meer informatie en gegevens worden ontdekt. De rol van Louis Mercier gaf veel dekoloniaal plezier. Dit in tegenstelling tot de rol van Koro, de verrader die slechts aan zijn eigen vrijheid dacht en zodanig handelde. Het spreekt voor zich dat er meer Koro’s dan Tula’s in de samenleving te vinden zijn toen en nu.

[overgenomen van Facebook]

Tula de mislukking

door Sandew Hira

Afgelopen weekend ben ik vol hoop en verwachting naar de bioscoop gegaan om de film Tula the revolt van Jeroen Leinders te gaan zien. Met een budget van $ 3,5 miljoen dollar en een acteur als Danny Glover in de vooraankondiging kan het niet missen. Dit is de film waar veel Curaçaoënaars en mensen die slavernij bestuderen op hebben gewacht. In Nederland was de lat niet erg hoog. Na de mislukte documentaire-reeks van de NTR over slavernij – die neer kwam op het witwassen van de Nederlandse misdaad tegen de menselijkheid – moet alles wat hierna komt beter zijn. Deze film is geen documentaire, maar drama, maar ook drama kan een goede weergave zijn van de historische werkelijkheid. Dat heeft de film Django van Tarantino, bewezen. Die heeft wel de lat hoog gelegd en slavernij laten zien zoals die in werkelijkheid was.
 
Scène uit Django van Tarantino: Jamie Fox en Leonardo di Caprio
Enkele jaren geleden ben ik gedoken in de gepubliceerde archiefbronnen over de opstand van 1795 op Curaçao onder leiding van Tula en heb een drietal artikelen gepubliceerd in een reader onder redactie van Artwell Cain. Ik ben redelijk goed op de hoogte van wat er toen gebeurd is.

De film is één grote teleurstelling. Als je niets weet van het onderwerp, dan zou je tenminste naar een spannend verhaal willen kijken en naar de grote rol van Danny Glover. Maar Glover speelt geen grote rol in de film. Hij speelt niet de rol van Tula. Daarvoor is hij te oud. Hij speelt gewoon een oude man in de zin van: “Ik ben Danny Glover en ben heel bekend. En ik speel een oude man in de film over Tula.” Daar moet je het mee doen wat Glover betreft.
 
Scène uit Tula the Revolt: Danny Glover als oude slaaf
De spanning is ver te zoeken. Het verhaal wordt op een saaie manier verteld. Voor een kijker zonder kennis van zaken is het teleurstellend. Maar als de film nou enigszins in de buurt van de waarheid kwam, dan zou je kunnen zeggen: het is saai, maar het brengt wel in beeld wat er gebeurd is. Het tegendeel is waar. De film is een complete verdraaiing van de historische feiten. Die feiten zijn vooral gebaseerd op verhoren van de mensen die gearresteerd zijn tijdens de opstand.

In die historische feiten is het verhaal als volgt. Tula is de leider geweest van een opstand. Hij heeft gedurende lange tijd een organisatie opgezet om die opstand voor te bereiden. Uit het verhoor van de rebel Christopher blijkt dat hij enkele maanden voor de opstand naar plantage Knip was gegaan “om de slaaven te zeggen dat zeekere fransman genaamt Rigeaud stont te komen om hun alle vrij te maken, en dat zij zig maar moesten klaar houden teegens de blanken te vechten.”. Rigeaud was één van de leiders van de Haïtiaanse revolutie.
Uit een verhaal van een andere Afrikaan bleek dat 14 dagen voor de opstand, Tula en zijn mensen op verschillende plantages zijn geweest om de opstand in detail voor te bereiden. Hun organisatie zorgde voor het verzamelen van inlichtingen over wat de slavenhouders deden, het opzetten van ontmoetingsplekken en het organiseren van een sweri, een eedaflegging.

Klik voor groter formaat

In Haïti waren de Afrikanen in 1789 al in opstand gekomen. In 1804 zou Haïti een onafhankelijke republiek worden. Tula was geïnspireerd door de Haïtiaanse vrijheidsstrijd. Wat wilden Tula en zijn lotgenoten?De bronnen zijn duidelijk hierover. De predikant G. Bosch, die de kolonie bezocht na de opstand en sprak met mensen die het hadden meegemaakt schrijft: ”Zij namen nu voor, den blanken de gewone titels niet meer te geven; dezen alle gehoorzaamheid te weigeren; zich zelven vrij te verklaren; en zelven opperhoofden aan te stellen, die hen regeren zouden.” Anders gezegd: ze eisten vrijheid, menswaardigheid, respect én onafhankelijkheid net als in Haïti. Ze wilden een einde aan de onderdanigheid.

De openbare aanklager Pieter Teylingen, die het verhoor van Tula afnam, schrijft in zijn verslag, dat Tula “heeft beleeden in alles als hun opperhoofd te hebben geageerd en dat niets dan op zijn ordre was geschied, hij belijd dat het voorneemen der neegers was de blanken te vermoorden en een Gouvernement van neegers op te regten waarvan hij dan ook verwachten Gouverneur te zijn.” Anders gezegd: Tula was de bewuste leider die desnoods met geweld een zwarte onafhankelijke staat vrij van slavernij nastreefde.
 
Acteurs bij de première van Tula. Foto:  Theo Meijer
Wat heeft Jeroen Leinders van Tula gemaakt? Een lulletje rozenwater, een zwakke man die geen opstand en geen revolutie wilde, maar alleen maar een gesprek met de gouverneur. Hij had geen organisatie opgebouwd, maar werd verrast door mensen die zich zomaar aanboden om mee te doen met de opstand. De hele film door zeikt deze Tula maar steeds dat hij een gesprek wil met de gouverneur in plaats van een opstand en revolutie. Niks onafhankelijkheid. Niks organisatie. Niks goed voorbereide opstand.

Leinders gaat een stapje verder. Wat wilden de tot slaaf gemaakte Afrikanen echt? Ze wilden dat de slavenwetgeving goed werd nageleefd. In die slavenwetgeving mocht er niet op zondag gewerkt worden. In 1795 werden ze gedwongen om ook op zondag te werken. Aan eind van de film wordt gezegd dat de opstand wel is neergeslagen, maar Tula toch bereikt heeft dat de slavenwetgeving beter werd nageleefd. Vrij vertaald was de leuze volgens Leinders dus: “We willen in slavernij leven van maandag tot en met zaterdag, maar zondag niet! Als jullie dat maar weten!”

En Leinders verkondigt wat de ideologen van het wetenschappelijk kolonialisme schrijven: er is daarna geen opstand geweest, omdat de mensen beter behandeld werden. In mijn analyse van de bronnen laat ik zien dat er geen opstand is geweest omdat de onderdrukking scherper en effectiever was. Eén van de belangrijke lessen voor de slavenhouders was dat ze alle gaten in het systeem moesten dichten die zouden leiden tot een opstand, zoals: het terrein op Curaçao schoonmaken en wegen aanleggen zodat de beweging van de Afrikanen beter kon worden geobserveerd, de geest koloniseren door ze te dwingen onderdanig en nederig te zijn voor de meester en de basja, het gebruik van selectieve terreur om potentiële leiders angst aan te jagen en het bevorderen van de eenheid onder de blanken.

Het staat allemaal in de beleidsstukken van de slavenhouders, die gepubliceerd zijn. Leinders heeft ze gezien, net als ik. Maar hij koos voor het koloniaal verhaal van Tula als lulletje rozenwater en niet een echte leider. Zijn Tula had geen grotere visie dan een gesprek met de gouverneur aanvragen. De enige krachtige persoon in zijn film is een witte vrouw, Johanna Lesire. In zijn film is zij degene die zwarten aanspoort om voor hun rechten te vechten. Zij is de onbevreesde strijdster voor vrijheid van zwarte mensen,
Henriëtte Tol speelt de rol  van Johanna Lesire

Wat zeggen de archieven over deze Lesire? Dat ze gewoon een schijtluis was. Ze was opgebracht voor verhoor, omdat de koloniale raad had gehoord dat ze onderdak had geboden aan vrijheidsstrijders. Maar Lesire verdedigde zich door te zeggen dat ze van niets wist. Zij had “haar huis in bewaring gegeven aan een oude kreupele negrin, die ook de sleutels heeft.” Ze wilde niets met de opstand te maken hebben en is erin geluisd door zwarte mensen. De raad liet haar gaan. Niks heldhaftigs, gewoon een bange schijter die heel goed wist dat een blanke die zich solidair verklaart met zwarten de doodstraf riskeert. Leinders voert haar steeds op als een moedige vrouw die vrijuit over haar ideeën over vrijheid van zwarten kon praten zonder dat haar iets werd aangedaan.
 
Een pijnbank voor het rekken van de ledematen (Tower of London)
Als witte mensen zwarte geschiedenis schrijven of filmen krijg je meestal een verdraaiing van de historische werkelijkheid, Tarantino is een witte man met een gedekoloniseerde geest. Daarom kon zijn film de harde werkelijkheid van slavernij weergeven.
Leinders maakt een film waarbij de wreedheid van slavernij is weggemoffeld. Niemand wordt gezweept tijdens slavernij op Curaçao. De pijnbank is bij Leinders verdwenen bij de verhoren.
De openbare aanklager Van Teylingen vertelt dat de verhoren werden uitgevoerd met de pijnbank: “Hoe zeer ik dan ook een vijand, ja een doodvijand ben van dat verschrikkelijk wangedrogt bij ons den pijnbanke genoemt, en dat niet alleen in onze republicq als een verfoeijelijk instrument werd aangemerkt, maar ook bij alle geciviliseerde natien afgeschaft, zoo ben ik onder zeer eerbiedige correctie van gevoelen dat in casu quo (mits de grootste voor en omzichtigheid gebruikende) hetzelve tot een zeer weezenlijke nut voor dit eiland en derzelve ingezeetene zoude kunnen worden gebruik gemaakt.” Een pijnbank kent graden van pijniging. De eerste graad was de psychologische marteling (dreigen met martelen). De tweede graad was het rekken van de ledematen met touwen en een draairad. Verder worden er toortsen, tangen en allerlei ander marteltuig gebruikt. De derde graad was dezelfde behandeling als de tweede, maar de duur was een half uur. In de vierde graad werd de duur langer en werd de persoon continu geslagen. In de vijfde graad werden naast het slaan gewichten aan de benen gehangen en andere instrumenten ingezet om fysieke pijn te veroorzaken zodanig “dat de beschuldigden dikmaal liever soude sterven, als soodanige pijn uytstaan.”.

Tijdens de verhoren wordt Tula alleen maar geklapt in zijn gezicht. Dat is het ergste dat in beeld wordt gebracht. In werkelijkheid werd hij op de pijnbank gelegd.
 
Radbraken op een oude afbeelding
Iedere zichzelf respecterende filmer zou de meest dramatische momenten van de opstand in beeld brengen. De executie van Tula en de andere leiders van de opstand is gegrift in het geheugen van alle Curaçaoënaars. Hij werd geradbraakt (botten kapot geslagen), aan een kruis gespijkerd, zijn gezicht met een toorts verbrand en zijn hoofd afgehakt. Tot twee keer laat Leinders het vonnis horen, maar niet zien. Wat voor filmer is dit? Hij had gewoon een artikel moeten schrijven. Dan was het effect nog groter geweest, dan het laten voorlezen. Maar de nazaten van de misdadigers willen niet graag de misdaden van hun voorouders in beeld brengen. Ze willen wel de geschiedenis verdraaien waardoor zwarte helden worden omgetoverd tot zielige zwarte figuren die slavernij willen van maandag tot en met zaterdag, maar zondag niet.

Tula The revolt is geworden: Tula de mislukking. Wasted time, wasted money, wasted energy.


[van Starnieuws, 22 juli 2013]

Het Tula-tumult


door Elodie Heloise

Ik zeg ‘Tula’… en heb inmiddels het idee dat ik of direct mijn schild op moet zetten om mij te verdedigen tegen de lading ‘rotte’ tomaten die mijn kant op geslingerd worden of dat ik het op een lopen moet zetten om te ontkomen aan een venijnige groep opgeschoten historici die op mijn nek uit zijn. Voordat ik ‘Tula’ zeggen mag, moet ik tegenwoordig, zo lijkt het althans, eerst heel erg goed te rade gaan bij mijn historische kennis en kunde. Wanneer ik heb vastgesteld dat ik in elk geval drie van de naar verluid vijf boeken over Tula gelezen heb, het toneelstuk van Pacheco Domecassé ken, met daarin overigens een hele jonge Diana Lebacs en Laura Quast, stijgen mijn kansen om iets over de film Tula The Revolt te mogen zeggen. Maar we zijn er nog niet, de eerste rotte tomaat ligt al in de aanslag bij de een of andere Curaçao-expert al dan niet van eigen bodem, ik moet namelijk ook nog even heel goed kijken welke kleur ik heb en waar ik geboren ben. Hoe verder mijn wortels verwijderd zijn van de Curaçaose bodem, hoe meer mijn recht van spreken slinkt… tot op het punt waar ik eigenlijk netjes met mijn armen over elkaar behoor te zitten met bij voorkeur duct-tape op mijn mond.

Scène uit het toneelstuk Tula van Pacheco Domacassé


Zo moet het voelen voor de filmmakers Dolph van Stapele en Jeroen Leinders die het waagden een film over de nationale held van Curaçao te maken en die een stroom van kritiek over zich heen hebben gekregen sinds de film in premiere ging. Triest is het dat een van hen in een interview aanhalen moet: ‘Ik heb 18 jaar op Curaçao gewoond’. De ander, en dat weet ik, heeft alle documenten en stukken geraadpleegd. Zo ook de experts om vooral niet af te wijken van de historisch vastgelegde gebeurtenissen rondom de slavenopstand van 1795. Genadeloos wordt hij ‘aangepakt’ op een omissie in de feiten… die hij in overleg met experts heeft ingevuld met de meest voor de hand liggende interpretatie. Nee, de redelijkheid en de doorgaans daaraan voorafgaande objectiviteit over Tula The Revolt is ver te zoeken. En dat laatste intrigeert me.

Het filmboek van Leinders had ik al gelezen ruim voordat ik de film zelf zag.  Ik vond het een strak boek. Weinig ‘speelruimte’ zat erin, het was al een half filmscript dat zeer dicht op de feitelijke gebeurtenissen van 1795 vastgenageld zat. En ik begreep ook waarom… dit ging over Tula en daar kun je niet zomaar iets mee doen. Niet op Curaçao. En al helemaal niet als ‘niet-Curaçoënaar’.  De argusogen van de historici keken daarom ook zeer nauwlettend mee. In mijn optiek is daarmee elke mogelijkheid om van Tula een heldenverhaal te maken op voorhand al gesneuveld. Daar was ik dan ook bang voor toen ik het boek van Leinders las.

 
Op de set van Tula the Revolt

Stel je voor: een schip vaart de Annabaai binnen. Het komt uit Haïti en heeft een verstekeling  annex halve crimineel bij zich. Mercier genaamd. De man is veroordeeld en moet zijn tijd ‘uitzitten’ op een plantage alwaar hij onder de slaven het bericht van de Franse strijd brengen kan. Stel je voor dat Madame Johanna Lesire een echte française was die het nieuws uit eigen bronnen ook al vernomen had. Stel dat het stadsleven van Curaçao van rond 1795 meer in beeld was gebracht, of het leven op de plantages….? En dat de historische route niet met een animatie in beeld was gebracht, maar gewoon op de kaart, op tafel, tussen soldaten die een strategie uitzetten om de opstand te beteugelen? Ja, op het plot of script van deze film is zeker het een en ander aan te merken, maar alleen wanneer je als schrijver ervan de vrijheid ook echt hebt gehad.  En die was er vrees ik niet. Die was al eerder om zeep geholpen, door de feitelijke geschiedenis en haar vaandeldragers.

Kritiek op een plot rechtvaardigt echter naar mijn smaak niet het tumult dat over deze film is ontstaan. Het tumult erover is emotioneel. ‘Want Tula komt niet uit de verf zoals hij had moeten zijn’. En daar zit de angel, denk ik. De plaats van Tula als nationale held van Curaçao. Welke plaats? Voor zover ik weet, alle historici kunnen nu heel hun gewicht in de schaal gooien en met titels van proefschriften smijten, is Tula nog altijd niet in het collectieve besef van de bevolking van Curaçao doorgedrongen als held, of iemand om trots op te zijn. Waar zijn de kinderen die Tula heten? Dit in tegenstelling tot de duizenden die zijn vernoemd naar Martin Luther King, Malcolm X of Rosa Parks, allemaal voorvechters van gelijke rechten voor iedereen en in het bijzonder voor de Afrikaanse afstammelingen. Sterker nog: een kind dat op Curaçao op het schoolplein ‘Tula’ wordt genoemd, ervaart dat als een vernedering. ‘Ik ben geen slaaf’. Waar is de Tulaschool? Er is een museum, dat wel. En er is een straat naar hem vernoemd. Maar daar houdt het wel zo’n beetje mee op. Wat betekent dat?
Elodie Heloise

Ik denk dat Tula The Revolt voor Curaçao te vroeg is verschenen. Curaçao is er nog steeds niet klaar voor om Tula echt als een held tot zich te nemen. Het maakt niet uit wie de film gemaakt heeft of welke megasterren erin hebben gespeeld. Alle boekjes, historici en standbeelden ten spijt. Dat is de echte reden van de emotie die achter de reacties zit. Zolang dit stuk verleden niet in ons denken en voelen wordt omgezet tot een trots op wie we zijn en waar we vandaan komen, dansen we om de hete brei heen. Misschien is Tula The Revolt toch precies op tijd verschenen. De discussie erover is in elk geval al gestart.

En Tula? Die wacht al 218 jaar op rehabilitatie en erkenning… hij zal, vrees ik, nog wat langer geduld moeten hebben.


[van de blog van Elodie Heloïse]


Toelichting van Ini Statia:
Elodie, prachtig verwoord! Heel mooi en treffend. Eén kleine correctie: Tula is bijna vier jaar geleden (in oktober 2009) OFFICIEEL gerehabiliteerd als 'held.' Dit gebeurde tijdens een plechtig en serieus symposium in Kurá Hulanda. Ik was daarbij aanwezig. Echter, het was een handjevol mensen, dezelfde groep als altijd. Bijna alleen Curaçaoënaars. Een commissie die onder anderen uit mr. Suzy Camelia-Römer en prof. dr. Jandi Paula bestond, had zich hierover gebogen en heeft in een juridisch document vastgelegd dat Tula officieel gerehabiliteerd is.