Posts tonen met het label Sinterklaas. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Sinterklaas. Alle posts tonen

zaterdag 29 maart 2014

Rutte zegt sorry voor uitspraak Zwarte Piet

Mark Rutte heeft zich tegen minister-president van Curaçao Ivar Asjes verontschuldigd voor zijn curieuze uitspraken over Zwarte Piet. Zijn opmerking dat zijn 'vrienden op de Nederlandse Antillen' blij zijn met het sinterklaasfeest 'omdat zij hun gezicht niet hoeven te schminken', is op de Antillen niet goed gevallen.
Krampus, de Zwarte Piet van Oostenrijk

'Als ik zelf Zwarte Piet moet spelen, dan ben ik dagen bezig om de verf van mijn gezicht te krijgen', zei Rutte zondag. Zijn 'vrienden op de Antillen' kenden dit ongemak tenminste niet.

'Niemand willen beledigen'
'Ik heb daar niemand mee willen beledigen', zei Rutte gisteren na afloop van de ministerraad. Hij heeft zelf met Asjes gebeld om uit te leggen dat het een ongelukkige opmerking was. Asjes zou de excuses van Rutte hebben geaccepteerd.

Het is niet de eerste keer dat Rutte zich mengt in de discussie over Zwarte Piet. Vorige jaar zei hij desgevraagd dat 'Zwarte Piet nu eenmaal zwart is'. 'Daar kan ik niets aan veranderen.'

Geheim overleg
Gisteren onthulde deze krant dat al maanden in het geheim overleg plaatsvindt over de toekomst van Zwarte Piet. Deze zomer willen voor- en tegenstanders een gezamenlijk plan presenteren, waarin ze uiteenzetten hoe het verder moet met de traditie van het sinterklaasfeest.

Vorig jaar liepen de gemoederen hoog op toen critici stelden dat Zwarte Piet een symbool is van racisme. Dit was tegen het zere been van de sinterklaasfans.

[uit Algemeen Dagblad, 29-3-14]


maandag 24 maart 2014

'Ik dacht aan Obama en bad dat dat van die schmink hem niet zou bereiken'

Wereldleiders bijeen in Amstertdam. met witte baard: Rutte from the Netherlands
door Sheila Sitalsing

Sheila Sitalsing wilde geen column schrijven over politiek leiderschap. 'Maar toen stelde iemand zondagmiddag tijdens een persconferentie over de nucleaire veiligheidstop een vraag aan Mark Rutte...'


Eigenlijk zou dit stukje handelen over fatsoen en voorbeeldgedrag en leiderschap in het bedrijfsleven. De Volkskrant had zijn periodieke onderzoek gedaan naar de verdiensten aan de top in Neerlands grootste beursgenoteerde ondernemingen en daar afgelopen zaterdag over gepubliceerd.

Eigenlijk zou dit stukje gaan over enkele bevindingen die uit dat jaarverslagenonderzoek waren gerold. Zoals de loonkloof tussen werkvloer en top, die zich ongehinderd door crisis of ander malheur gestaag verwijdt. Inmiddels verdient een bestuurder van een AEX-bedrijf in Nederland gemiddeld 51 keer zo veel als een doorsneewerknemer, met de onlangs vertrokken Ben Noteboom van Randstad als brullende zilverrug bovenop de rots, 10.237.476 euro stevig in de knuistjes geklemd. Terwijl zijn intercedentes - volgens de Randstadwebsite stuk voor stuk ambitieuze 'matchmakers' boordevol 'salestijgermentaliteit' - daar éénhonderdtweeënzeventigste van verdienen.

Omhoog ellebogen
Eigenlijk zou ik in dit stukje op zoek willen gaan naar antwoorden op vragen als: waarom bezetten die intercedentes de boardroom niet? Of vinden ze het misschien volstrekt terecht dat hun baas bij zijn afscheid ruim twee jaarsalarissen extra mee kreeg, voelen ze zich extra gemotiveerd om zichzelf, met hun salestijgermentaliteit, omhoog te ellebogen, op weg naar de pot met goud? En: maakt het veel uit, een hoge of lage baas-koelieratio, zijn we gewoon jaloers of hebben we hier een misstand te pakken?
  
Eigenlijk had ik iets willen zeggen over leiderschap, over voorbeeldfuncties en over de verantwoordelijkheid die de bestuursvoorzitter draagt voor de cultuur in het bedrijf
Eigenlijk zou dit stukje handelen over andere merkwaardige trends in het beloningsbeleid, zoals de altijd-prijsbonus (een prestatiebonus die bij onderpresteren toch wordt uitgekeerd, want het zou zo sneu en demotiverend zijn voor de bedrijfsbestuurder in kwestie - ook maar een mens die zijn stinkende best doet - om hem zijn bonus te onthouden). En het adviseurschap, een briljante methode om opgestapte voorzitters van de raad van bestuur te blijven voorzien van een inkomen als 'adviseur in dienst van de company', zolang ze nog geen nieuwe nette betrekking hebben gevonden. De bij Imtech weggestuurde financieel directeur Boudewijn Gerner toucheerde na zijn vertrek een half miljoen euro honorarium voor in totaal, zo bevestigde hij zelf, nul adviezen.

Voorbeeldfuncties
Eigenlijk had ik iets willen zeggen over leiderschap, over voorbeeldfuncties en over de verantwoordelijkheid die de bestuursvoorzitter draagt voor de cultuur in het bedrijf.

 Ten overstaan van de internationale pers zei de minister-president niet: 'We praten vandaag over kernwapens.'
Maar toen stelde iemand zondagmiddag tijdens een persconferentie over de nucleaire veiligheidstop een vraag aan Mark Rutte, iets ingewikkelds over Wilders en Marokkanen en Zwarte Piet. En ten overstaan van de internationale pers zei de minister-president niet: 'We praten vandaag over kernwapens.' Nee, hij ademde diep in en dook enthousiast, het hoofd als eerste en zonder perslucht, het diepe in. Iemand probeerde hem tegen te houden, maar Rutte sprak al: 'Mijn vrienden op de Nederlandse Antillen zijn altijd blij wanneer het Sinterklaas is, omdat ze zich dan niet hoeven te schminken. Als ik Zwarte Piet speel, ben ik dagen bezig het spul van mijn gezicht te wassen.'

Ik dacht aan de VVD-wens om minder, minder, minder rijksgenoten uit de Antillen en vroeg me verdwaasd af welke vrienden dan. Ik dacht aan Barack Obama die vandaag in the Beast door Nederland scheurt en bad dat dat van die schmink hem niet zou bereiken. Ik dacht: misschien is het nog niet zo slecht gesteld met leiderschap in het bedrijfsleven. Het kan zo veel erger.


Sheila Sitalsing is columnist voor de Volkskrant


[van devolkskrant.nl, 24/03/14]

Ophef over Zwarte Piet-uitspraak Rutte

Den Haag — Een uitspraak van premier Mark Rutte over de Zwarte Piet-traditie heeft voor ophef gezorgd. De Nederlandse premier deed zijn uitspraak tijdens de persconferentie voor de nucleaire top, die vandaag en morgen in Den Haag wordt gehouden, en een dag na de landelijke anti-racismedemonstratie in Amsterdam.


“Het is een oude kindertraditie, Sinterklaas en Zwarte Piet, en daarin gaat het niet over een groene of bruine Piet. Ik kan alleen zeggen dat mijn vrienden op de Nederlandse Antillen heel blij zijn als het Sinterklaas is, omdat ze hun gezicht niet hoeven te schminken. En als ik zelf Zwarte Piet moet spelen dan ben ik dagen bezig om de verf van mijn gezicht te krijgen”, aldus Rutte.

De premier reageerde op een vraag van een Engelstalige journalist, die het verwarrend noemde dat Rutte enerzijds wel de uitspraken van PVV-leider Geert Wilders over Marokkanen veroordeelde, maar zich anderzijds niet wil mengen in de discussie over Zwarte Piet, terwijl die wel door internationale mensenrechtenorganisaties als racistisch is betiteld.

De uitspraak van Rutte is bij veel mensen in het verkeerde keelgat geschoten. Dichter Quinsy Gario, bekend als een van de initiators van de discussie rondom Zwarte Piet, reageerde op Facebook met: “Dankjewel Mark Rutte. Het racisme achter Zwarte Piet had niet beter vertaald kunnen worden.” Volgens Gario zorgt de uitspraak van Rutte voor een groter bewustzijn – ook bij inwoners uit het Caribisch gebied – dat er wel degelijk sprake is van racisme, ook als het gaat om Zwarte Piet.

“In de kern is het precies zoals je het zegt”, reageerde ook voorzitter Glenn Helberg van het Overlegorgaan Caribische Nederlanders (Ocan). “Jij hoeft slechts je zwarte schmink eraf te doen om vervolgens weer van je witte privileges te genieten. Een zwart kind op school kan de zwarte kleur er niet afhalen om niet te worden beoordeeld op zijn of haar kleur”, aldus Helberg.

De uitspraak wordt door anderen ongenuanceerd, ontluisterend, shockerend en schandalig genoemd, zeker voor een premier die geschiedenis studeerde. Een enkeling merkt op dat het leuk zou zijn als de Amerikaanse president Barack Obama om opheldering over Zwarte Piet zou vragen.

Overigens zijn er ook mensen die het juist schandalig noemen dat er tijdens een persconferentie over de nucleaire top vragen werden gesteld over Zwarte Piet.


[uit Amigoe, 24 maart 2014]

zondag 8 december 2013

Why the Dutch Love Black Pete

by Arnon Grunberg

When I was growing up in Amsterdam in the 1970s, the phenomenon of Santa Claus was relatively unknown. Christmas was celebrated without Santa and mostly without gifts. St. Nicholas — Sinterklaas in Dutch — was the man with the presents.

If one had the good fortune to be Jewish, one received presents not only on Dec. 5, the eve of Sinterklaas’s name day, but also at Hanukkah. Only in recent years has Santa Claus, who comes on Dec. 25, made his rise to stardom in Holland, and today a Dutch child — or a Dutch adult for that matter — no longer has to be Jewish to cash in twice in December.
Illustration Yarek Waszul

Sinterklaas arrives from Spain by steamboat in late November, travels farther on horseback, climbs onto roofs and on Dec. 5, known as “Pakjesavond,” drops presents through the chimney with the help of the Black Petes, a crew of dark-skinned helpers wearing large earrings who cavort and entertain and, as Dutch parents often tell their children, owe their blackness to chimney soot.

Black Pete and Sinterklaas also conspire to form a punitive team. In the traditional holiday songs, Sinterklaas brings gifts for good boys and girls; naughty children get a spanking with Black Pete’s bundle of twigs.

I grew up in a predominantly white neighborhood, and every November, whenever I would come across someone from Suriname — in those days, most black people in Amsterdam were from Suriname, a former Dutch colony in South America — I feared that I had run into a Black Pete in plain clothes.

Until recently, Black Pete was uncontroversial. Not because the Dutch are particularly racist, but because Sinterklaas, like the royal family, is sacred in the Netherlands, perhaps because of a dearth of other, specifically Dutch traditions. A matter, in other words, of conservatism.

Such traditions are even more important today, given the view that, in order to safeguard the Dutch national identity, homegrown culture and folklore must not be tampered with — a view expressed primarily, though not exclusively, by the extreme right wing Party for Freedom, run by Geert Wilders.

But just as the defense of traditions has grown stronger, so has the criticism that Black Pete is a racist holdover from the Netherlands’s colonial past. In January the United Nations High Commission for Human Rights sent a letter to the Dutch government stating that Black Pete perpetuated the image of people of African descent as second-class citizens and constituted a “living trace of past slavery.”
The Dutch government responded by saying that it regarded the Sinterklaas tradition as a children’s celebration, that it was aware of the differences of opinion concerning Black Pete, but that it was highly committed to combating discrimination in all forms.

Both letters received publicity only in October of this year, when the public debate over Black Pete resurfaced. Emotions were running so high that a popular singer, Anouk, who is white and had called for the abolition of Black Pete, received numerous insults and threats via social media. A plan for a Sinterklaas parade with a proposed compromise, Green Petes, had to be canceled after threats were made against its planners.
In The Hague, the seat of government, a demonstration was organized for the preservation of Black Pete, while a pro-Black Pete Facebook page received two million likes almost immediately. Even the nation’s highest-circulation newspaper, De Telegraaf, agreed that the United Nations letter constituted interference in the Netherlands’s domestic affairs.

In a debate in Parliament, Mr. Wilders’s party asked the minister of education, culture and science whether she shared the view held by some that “Dutch traditions” should be made subordinate to “multicultural drivel.” Not to be outflanked, both Prime Minister Mark Rutte and the mayor of Amsterdam recently spoke up in defense of Black Pete, albeit with reservations. Sinterklaas, Mr. Rutte said, would not be Sinterklaas without Black Pete.

Of course, there were Dutch people who saw things differently, and there were many with no opinion either way. Yet the general tenor among the Dutch public was that “they” should keep their mitts off “our tradition,” an opinion you can hear in any number of variations on any street corner. By “them” people mean the United Nations and “unnatural” Dutch citizens, by both birth and naturalization, who want to put an end to this admittedly dubious tradition.

The Black Pete debate underscores how deep within the Netherlands’s prosperous and safe society lies the fear of losing identity, undoubtedly fueled by globalization, migration and the notion that the European Union is gradually doing away with the European nation state.

During the triumphal entry of St. Nicholas into the Netherlands this year, a national happening whereby a sort of street theater is performed on the children’s behalf, the Black Petes were in attendance once again, albeit this time with less ostentatious golden earrings. For security’s sake, the saint himself was accompanied by armed Petes in bulletproof vests.

The truly disturbing thing is the aggression conjured up by this public debate, the thinly disguised xenophobia that roiled to the surface when attempts were made to make Black Pete less black. A civilized person, after all, could say: “Personally, I don’t have much of a problem with Black Pete, but if others do, well, then, why don’t we make him Green Pete or Blue Pete?”
But no. To my utter amazement, at least two million Dutch people have taken the stance: “Black Pete, c’est moi.”
Which once again goes to prove that national identity often boils down to distasteful folklore.

Arnon Grunberg is the author of the novels The Jewish Messiah and Tirza. This essay was translated by Sam Garrett from the Dutch.



[from The New York Times, December 4, 2013]

zaterdag 7 december 2013

De vrolijkste verjaardag van Sinterklaas

door Henna Goudzand Nahar

De vrolijkste verjaardag van Sinterklaas is een boek met illustraties, voor jong en oud. De hoofdpersoon is de zwarte Fer die gevraagd wordt als acrobatenpiet. Eenmaal thuis bij Sinterklaas wacht hem een verrassing. Zwarte pieten blijken geen zwarte mensen maar zijn geschminkte blanken met een pruik, een gedaanteverandering die ook Fer moet ondergaan ondanks zijn uiterlijk. Dit vindt Fer onacceptabel.

Protesten in Nederland tegen de figuur van Zwarte Piet dateren al uit de jaren zestig van de vorige eeuw maar hebben nooit echt de landelijke pers gehaald. Dit terwijl de figuur van Zwarte Piet door veel zwarte mensen ervaren wordt als een discriminerende karikatuur, zoals ook terug te vinden op gebruiksvoorwerpen en in boeken (bijvoorbeeld de strip ‘Sjors en Sjimmie’ uit diezelfde jaren zestig). De figuur van een zwarte knecht bij het sinterklaasfeest is minder oud dan velen denken. In 1850 introduceerde de onderwijzer Schenkman hem om hiermee meer aanzien te geven aan Sinterklaas. Deze knecht groeide uit tot de figuur van Zwarte Piet die met de jaren steeds karikaturaler werd in uiterlijk en gedrag. Met name in de jaren zeventig en tachtig mat hij zich een karikaturaal Surinaams accent aan. Ook hiertegen is toen geprotesteerd, maar de discussie bleef beperkt tot de eigen kring. Dit veranderde toen een groepje jongeren twee jaar geleden tijdens een intocht T-shirts droeg met de tekst ‘Zwarte Piet is racisme’.
Het debat over de figuur Zwarte Piet was de afgelopen weken heftig. Mijns inziens was de belangrijkste vraag wat burgerschap in Nederland inhoudt. Wie mag er in Nederland meepraten over de cultuur: iedere ingezetene of alleen de groep die geregistreerd staat als autochtone Nederlander?
‘De vrolijkste verjaardag van Sinterklaas’ vervulde op die plekken waar er ontmoetingen waren georganiseerd rond het boek een zinvolle rol. Het is namelijk het eerste sinterklaasboek dat het verhaal van het sinterklaasfeest vertelt vanuit de ogen van een zwart kind, maar ook de kant laat zien van de witte mensen via de personages van de schmink- en pruikenpiet.
Zwarte Piet verschijnt voor 't eerst in een boekje
 van Jan Schenkman in 1850

In de Nederlandse boekenbijlagen is het opvallend stil gebleven rond sinterklaasboeken. Ik heb geen enkele recensie gezien hoewel het aantal nieuwe sinterklaasboeken (die allemaal overigens het traditionele sinterklaasverhaal vertellen) niet kleiner leek dan anders.

Het debat staat, landelijk gezien, nog in de kinderschoenen. Maar het lijkt alsof de commercie voorop loopt in een antwoord op de roep om verandering. De grote supermarktketen Albert Heijn heeft nu affiches hangen met witte sinterklazen en witte pieten met alleen een zwarte neus. Ik ben benieuwd naar de ontwikkelingen in 2014.

Henna Goudzand Nahar/Helen Fermate: De vrolijkste verjaardag van Sinterklaas, 2de druk. Te bestellen: www.devrolijksteverjaardag.nl

donderdag 5 december 2013

Nederlands racisme reproduceert zichzelf


door Romeo Grot

De vraag of Nederland racistisch is, wordt door de Nederlander veelal negatief beantwoord. Hoewel jaren geleden er een juweeltje verscheen van de hand van Dr. Philomena Essed onder de titel Alledaagse racisme waarin zij alle vormen van racisme in de Nederlanden op een rijtje zette.

Taal als uiting van het collectief denken van mensen.
Opvallend in de Nederlandse taal is de betekenis die aan het woord zwart wordt gegeven. In geen enkele andere taal kom ik zulke negatieve uitdrukkingen tegen voor het woordje zwart. Denk maar aan uitdrukkingen als: zwart maken, zwarte markt, zwarte schaap, zwarte dag of iemand de zwarte piet toespelen. Vooral de afgelopen maanden, vanaf de val van het kabinet Rutte-I heb ik vaker moeten horen dat mensen, anderen al of niet de zwarte piet toespeelden. Hoe kan een taal op deze manier zichzelf in stand houden, terwijl mensen beweren niet racistisch te zijn.


Enkele maanden geleden toen de discussie over de rol van Johan Cruijff bij Ajax speelde werd ineens de racismekaart getrokken. Opvallend was hoe journalisten hiermee omgingen. Sommigen waren zo openlijk om te zeggen: over racisme wil ik mij niet uitlaten. Maar het vervelende was dat het hier ging om een nationaal icoon, die beschuldigd werd van racisme. De nationale pers wist duidelijk niet welke kant opgekeken moest worden. In een onderonsje met een goede vriend, maakte ik deze een compliment en vertelde dat ik voor hem mijn hand in het vuur durfde te steken, omdat ik bij hem wist dat hij voor en achter mij op dezelfde manier over Zwarten zou praten.  Dit in tegenstelling tot menige Nederlander. Deze vriend die ik heel hoog acht, vertrouwde mij toe: ‘Jongen, ik zou een beetje dimmen als ik in jouw schoenen stond.’  En hij vertelde hoe hij als jonge medische student zichzelf voor zijn kop geslagen had omdat hij Martin Luther King jr. bij zijn bezoek aan Amsterdam in 1964 als student van de UvA een prijs moest uitreiken. Hij had op alle manieren zijn hand naderhand gewassen omdat hij een ‘Neger’ een hand moest schudden. Kon deze jongeman van toen nauwelijks 20  jaren oud, het kwalijk genomen worden dat hij zo dacht over iemand met een andere huidskleur? En natuurlijk de andere vraag: waar zou dit vandaan komen?

Ik heb me als kind van Surinaamse origine altijd vier dingen afgevraagd indien we kijken naar de Nederlandse slavernij-geschiedenis:
  1. Hoe komt het dat het boek van de Schot John Gabriel Stedman Narrative of a Five Years' Expedition against the Revolted Negroes in Surinam in het Nederlands vertaald werd nadat verschillende andere Europese talen waren vooraf gegaan waren w.o. het Frans, Duits  en Deens.
  2. Hoe komt het dat stukken van de klassieke Surinaamse componist J. Helstone in verschillende Europese steden w.o. Leipzig, Wenen, Parijs en Londen zijn opgevoerd, maar nooit in een stad in Nederland?
  3. Waar was de Nederlandse elite en vooral de schrijvende pers toen in Kongo zulke wreedheden door een bondgenoot (koning Leopold I) begaan werden, in de naam van beschaving bijbrengen? Waar was Nederland of waren exponenten van het Nederlands volk? Of kon het hun niets schelen omdat het hier om een rijk gepigmenteerd volk ging? 
  4. Vanwaar komt het Surinaams spreekwoord dat een Nederlander is als een dubbelloops geweer? En hoe komt de Indiaan aan het gezegde dat witte man spreekt met een gespleten tong? Als kleine jongen dacht ik altijd dat de Europeaan net als een slang een gespleten tong had.
Dagelijkse praktijk

Enkele weken geleden stond er een artikel in Het Parool over de ervaringen van migrantenjongeren met de politie. Feit is dat dergelijke artikelen een herhaling zijn van praktijken die migranten dagelijks meemaken. Dan hebben we het nog niet gehad over de ervaringen van migranten die een leidinggevende functie bekleden in de Nederlandse samenleving. Het blijkt dat Nederlanders heel veel moeite hebben met het accepteren van leiding van een migrant, vooral Surinamers. Steeds zal men zoeken naar schriftelijke taalfouten van de leidinggevende. En o wee als deze leidinggevende ooit zo een fout in een schrijven maakt, het zal die nog lange tijd achtervolgen. Terwijl eenzelfde fout door een Hollander met de mantel der liefde bedekt wordt. 

Twee zaken waar migranten ook mee moeten uitkijken in Nederland zijn seksualiteit en geld. Het lijkt erop dat men jou als leidinggevende altijd in de gaten houdt of je niet een paar centen achterover drukt. En owee als je het in jouw hoofd haalt een relatie met een collega aan te gaan.
Ik kijk uit naar de memoires van de gewezen korpschef Martin Sitalsing en zijn belevenissen als politieman en later als commandant van het korps in Groningen.
 
Humberto Tan. Faceboek door Andro Bottse
Media-ervaringen
Ik merk dat in tegenstelling tot de Britse BBC en het Franse TV5 er in Nederland weinig rijk gepigmenteerde mensen op de buis komen. Had J. Raymann de kans gehad om in Nederland door te breken indien hij zo rijk gepigmenteerd was als Clarence Seedorf?  En zou de acteur die voor Bing speelt in GTST die rol ook gekregen hebben indien hij zo rijk gepigmenteerd was als Jandino?
Het valt op dat zwarte mensen op tv altijd in een rol gestopt worden die parallel loopt aan de rol van Piet tijdens het Sinterklaasfeest. Meestal zijn het de narren of Apuku’s die de boel aan het lachen moeten maken.

Oorsprong racisme
De vraag blijft staan, waar komt het Nederlands racisme vandaan? Waar vindt het zijn oorsprong? Vaak wordt betoogd dat slavernij in Nederlandse koloniën racisme heeft voortgebracht. Maar feit is dat het systeem van slavernij voor een belangrijk deel zich afspeelde in de koloniën, ver van het moederland. We zien ook dat de elite in het moederland er alles aan deed om het voetvolk in het moederland onwetend te houden van wat er allemaal in de kolonie gebeurde (Hoe moeten we anders de opmerking interpreteren die elke Surinamer in Nederland ooit hoorde: wat spreek jij goed Nederlands! Dit terwijl het koloniale onderwijssysteem er sinds het begin van de vorige eeuw op gericht was het kind in de tropen volledig wit te maken). De basis van het Nederlands racisme moet dus elders gezocht worden. 

Sint en zijn pieten
Ik meen dat het Sinterklaasfeest een belangrijke bron is, voor het bestaan en de reproductie van racisme in de Nederlanden. In de eerste plaats valt op dat de figuur van Zwarte Piet in de viering opduikt op het moment dat in de Staten-Generaal de eerste discussies beginnen over de afschaffing van slavernij en de consequenties daarvan voor het moederland. Want ofschoon we in verschillende andere Europese culturen een op het Sinterklaas gelijkend feest tegenkomen w.o. Frankrijk, Noord-Duitsland en Denemarken, is het nergens zo dat men een Afrikaan erbij gehaald heeft om de goedheilig man te assisteren.
 
Erwin Olaf - Paradise portrait
Opvoeding in contexten
We weten dat de opvoeding en daarmee de vorming van het kind gebeurt in verschillende contexten, w.o. het gezin als primaire context van opvoeding, de buurt en vrienden als secundaire context en tenslotte de grotere samenleving en de tijd waarin iemand opgroeit als de tertiaire (en zo u wilt quartaire) context. Een veelgehoorde tegenwerping van ouders indien gewezen wordt op het racistisch karakter van het Sinterklaasfeest, is dat Sinterklaas een Nederlandse traditie is die niets  te maken heeft met racisme. Maar wat houden we het kind voor, indien het al op zeer jonge leeftijd een keer per  jaar een zwart of bruin geschminkte persoon als een clown ziet rondhuppelen daarbij allerlei fratsen uithalend die moeten werken op jouw lachspieren? Wat gebeurt er met zo’n kind indien het later leiding zal moeten accepteren van iemand die in veel opzichten associaties oproept aan de clown van weleer?

Naar de toekomst kijkend
Indien wij werkelijk racisme in de Nederlanden willen bestrijden, dan vraagt het van ons volwassenen een andere benadering van het Sinterklaasfeest. We mogen het kind niet langer volstoppen met racistische stereotyperingen. Daarbij het kind allerlei leugens voorhouden die niets met de dagelijkse realiteit te maken hebben. Waar komen we nog anno 2012 schoorsteenpijpen tegen?

Tegen het argument dat het feest gebaseerd is op een Nederlandse traditie, zou ik willen tegenwerpen, waarom bemoeien we ons vanuit Europa met vrouwenbesnijdenis? Immers het systeem van besnijdenis van vrouwen is gebaseerd op een traditie bij verschillende culturen in Afrika waar de man regelmatig voor langere tijd buiten het gezin vertoeft.

De toekomst vraagt van ons dat we het kind iets anders voorhouden als volwassenen. Op de lange termijn komt het kind erachter dat al die tijd voor hem/haar gelogen is. M.a.w. volwassenen vertellen leugens om bestwil van deze of gene. Maar het mes snijdt aan twee kanten, aan de ene kant wordt het Europees kind opgezadeld met een superioriteitscomplex waar die nog lange tijd last van zal hebben. Anderzijds krijgt het kind met o.a. een Afrikaanse origine een minderwaardigheidscomplex die zijn/haar leven lang zich zal continueren.

Neen ouders, het moet anders.

[Tekst van de lezing die E. Romeo Grot hield op de Sinterklaasviering van de Werkgroep Caraïbische Letteren, 6 december 2012.]

Frans Lopulalan - Zwarte Sinterklaas

Sinterklaas bestond wel degelijk in het nog tamelijk verse Indonesië van de jaren 1950.
De Grote Kindervriend – in het dagelijks leven ook wel bekend onder de naam Soekarno – deelde uit de goedheid van zijn bisschoppelijk, heilig hart per presidentieel decreet op 5 december 1957 banen uit aan de kinderen van Merdeka.
Die banen nam de Sint niet eens uit Spanje mee, nee die liet hij door zijn Zwarte Pieten afpakken van weer andere kinderen. Van kinderen die de stommiteit hadden begaan niet over de Indonesische, maar over de Nederlandse nationaliteit te beschikken.
“Maar Lieve Sinterklaas,” dorsten sommige van die stomme kinderen uit te brengen. “Ik ben helemaal geen Nederlander – Zwarte Piet mag mij onbekrompen met de roe geven als ik dat wel zou zijn – ik ben hier geboren en getogen. Het is toch zeker mijn schuld niet dat mijn overgrootmoeder beslapen werd door een Duits/Tsjechische priester uit 's-Hertogenbosch?”
Daar zat de Sint heus wel een beetje mee in zijn maag, want daar hadden die stoute kindertjes toch warempel een punt van heb ik jou daar.
Indische Sint, 1938

“Hoe moet dat nou?” bracht hij naar voren in conclaaf met alle Pieten.
“Ach wat,” sprak dekolonisatie-Piet. “U moet zich niet zo laten leiden door sentimenteel, al te empatisch geleuter.” De maren en de mitsen vlogen als pepernoten over tafel totdat de vloot-Piet met een lumineus plan kwam. Zoals eenieder weet kan de stoomboot onmogelijk uitvaren als niet eerst de boot-Piet daar zijn technisch verantwoorde goedkeuring aan gehecht heeft. Maar een enkele stoomboot is natuurlijk niet voldoende om tussen de derde zaterdag van november en de verjaardag van Sinterklaas alle kinderen zowel op Java als op Sumatra, zowel op Borneo als op Celebes, zowel op Ceram als op Bali van 'twee kaatsballen in een net – een letter van banket' te voorzien. Vandaar dat het ieder jaar weer een armada vanjewelste is die koers zet naar de Indonesische eilanden. Dan gaat het over schepen als de Atlantis en de Asturias. Over de Groote Beer, de Fairsea en het Zuiderkruis.
“Ik leg de vergadering een plan voor,” sprak de armada- ook wel de vloot-Piet. “Als we strakjes toch terugvaren, Sint … dan nemen we ze gewoon voor de aardigheid mee, al die huilebalken.”
“Geweldig, geweldig,” reageerde dekolonisatie-Piet. “Dat zie ik zo voor me, Goedheiligman.”
“Ja maar, ja maar,” probeerde Sint nog, maar voor hij het wist waren zijn knechten al over het ganse land uitgezwermd om al die zogeheten Nederlandse kindertjes naar Tandjoeng Priok, naar Semarang, naar Makassar te dirigeren, waarvandaan zij per boot vertrokken naar het Beloofde Nederland. Waar zij na een pleziervaart van enkele weken de zon boven de schitterende blanke top der duinen mochten zien opkomen. Waar zij in commissie met de Noordzee Neerlands smalle kust mochten begroeten.
Maar of zij daadwerkelijk hebben gezongen “Ik heb u lief, mijn Nee-hee-derland”, dat mag met recht van rede betwijfeld worden. Want wie er samen met hen in Amsterdam en in Rotterdam ook van boord gingen, Sinterklaas was er na die 5e december 1957 – ook wel Zwarte Sinterklaas genoemd – niet meer bij. Daarentegen kregen deze Indo's, deze zogeheten Indische Nederlanders wel heel vaak bezoek van een Inktzwarte Incasso-Piet, die hen kwam vertellen dat Sinterklaas helemaal niet bestaat en dat zij de kaartjes voor de bootreis dientengevolge aan de Staat der Nederlanden dienden terug te betalen.
“Jullie zagen toch de zon boven de blanke top der Hollandse duinen opkomen? Nou, dát lieve kindertjes, dát was voor niets … Maar nu … ” En zoals het een zichzelf maar al te serieus nemende Inktzwarte Incasso-Piet betaamt dreigde hij met roe en zak als men niet jaren achtereen maandelijks 60 % van het inkomen aan de quasi-Sint zou afstaan.
Sindsdien worden er in kringen van Indische Nederlanders ieder jaar rond deze tijd liedjes gezongen zoals “O kom maar niet kijken wat ik in mijn schoentje vind. Alles te danken aan die fijne Sint.”


Jacques Hermelijn - Zwartepiet-filie

Een brave figuur uit Hispanje
Brengt cadeautjes voor Henk en voor Anje
Zijn helpers zijn zwart
En spelen hun part
Snoet vol roet en versierd met een franje.

De doelstelling is meer dan lofwaardig
Kids en middenstand vinden't best aardig
Maar't vervult ook de wens
Bij menig blank mens
Naar de roep van een zwarte uitstraling

Slechts eens per jaar komt het gelegen
De wens, met zwarte schmink verkregen.
Vol trots en plezier
Te roepen: 'Kijk hier!
Ik ben geen blanke meer maar een neger!




dinsdag 3 december 2013

Public Statement on Zwarte Piet

Institutional Racism in the Netherlands

We, as concerned citizens of the Netherlands, are deeply alarmed by the physical and nonphysical violence directed at Black people and critical voices in the Netherlands, most recently displayed in the national public debate about the racist blackface figure Zwarte Piet (Black Pete).

Black people and non-Black allies have been protesting against blackface for decades and have been facing dismissal and marginalization.

This year the backlash against critical voices, especially Black critical voices, has reached a climax. It is in this context of unbridled anti-black racism that we are releasing this statement.

These events are unfolding in 2013, the year in which we are commemorating the 150th anniversary of the formal abolition of slavery in the Dutch colonies.

Dutch politicians across political divides have dismissed critique and protests against the racist caricature of Zwarte Piet. Racist responses, mainly targeting Black critics, have been implicitly condoned by Dutch politicians, from the prime minister to the mayor of Amsterdam.


Prime Minister Mark Rutte stated “Zwarte Piet: the name says it already. He is black. (…) I cannot do much about it.”

On 17 October 2013, a public hearing was held in Amsterdam to consider the formal complaints submitted by twenty one citizens against the permit the municipality had given to the Sinterklaas parade in the city of Amsterdam, due to the racist character of Zwarte Piet.

In a public letter communicating his decision to dismiss the complaints the mayor of Amsterdam Eberhard van der Laan aligned himself with and reinforced public opinion hostile towards Black and non-Black people of colour.

In the letter, the mayor downplays the racist character of Zwarte Piet, stating that the Sinterklaas celebration in its current form is “(usually) not racist (…) and essentially brings people together”.

Van der Laan proposes a gradual change of Zwarte Piet “over the course of 5 to 10 years (…) in order to prevent young children from being confused by abrupt changes and to avoid hurting the feelings of many adults who have fond memories of Zwarte Piet.” In addition, the mayor brands protesting during the Sinterklaas parade as morally unacceptable.

Both Deputy Prime Minister Lodewijk Asscher and Minister of Culture Jet Bussemaker praised Mayor Van der Laan’s letter. Bussemaker further stated this should be the end of political involvement in the Zwarte Piet debate.

We are, therefore, not surprised that politicians across political divides have dismissed the findings of the European Commission against Racism and Intolerance (ECRI) report on the Netherlands.

The report criticizes the lack of political attention for ethnic segregation in schools, discrimination in the labour market, restrictions of the rights of citizens as well as a threatening climate perpetuated by Dutch mass media and present in political discourse. One of the conclusions of the report is: “All political parties should take a firm stand against discourse targeting a group of persons on grounds of their race, religion, nationality, language or ethnic origin.”


Deputy Prime Minister Asscher trivialized the findings of ECRI report. By doing so, the deputy prime minister not only silences critics, but also discredits them. He problematizes minorities who are at the receiving end of racism by reducing racism to hurt feelings on their part. Asscher not only glosses over institutionalised racism, but also fails to acknowledge the effects of the violent political rhetoric on Black and non-Black people of colour.

The National Ombudsman Alex Brenninkmeijer, however, publicly subscribed to the findings of the ECRI report and urged the political establishment in the Netherlands to take the report seriously. He went on to state that Dutch politics is racist and that racism is kept off the political agenda.

Racism is a political and electoral project.

Politicians speak to a White majority. Across the political spectrum politicians regularly show a blatant willingness to pander to racial antipathies and mobilize racial animus for their own electoral benefit.


Politics in the Netherlands is a politics of distraction. Racism is used to distract people from unpopular neoliberal policies. These policies has been consistently framed as ‘taking responsibility’ and ‘making tough decisions’.

Yet, politicians fail to take responsibility, and effectively confront institutional racism in the Netherlands, which is well researched and documented.

We, therefore, call upon our government to take action now.

We are appalled by the irresponsibility and disregard being displayed by the political establishment towards concerns and critique voiced by (inter)national institutions such as the Council of Europe and the Ombudsman, as well as by Black and non-Black Dutch citizens.

It is important to point out the role of Dutch media, which have been framing anti-black racism as solely a problem of the White lower class, who are consistently portrayed as anti-social. Based on the dominant media narrative, one would be led to believe that racism belongs to lower class White people.

However, when the political establishment, mainstream media, and the wider public aggressively attack minorities for exposing institutional racism, it is not merely a White lower class problem, nor one of the extreme right. Rather, racism is present throughout society.

We would like to reiterate that Zwarte Piet is racism and the protests against Zwarte Piet are not a deviation from a wider struggle against all forms of oppression. In addition, the protests against Zwarte Piet are not new. There are and have been countless others who have inspired this struggle and cleared the path long ago.

Anti-black racism, too, is neither a new nor a ‘foreign’ phenomenon. The historical record is crystal clear: the Netherlands was one of the major perpetrators of the transatlantic slave trade. Yet, dominant Dutch discourse dictates that structural and institutionalised racism is a US American problem.  Despite this exceptionalist attitude, the cultural history and social attitudes towards race and ethnicity in the Netherlands are akin to those of other Western colonial powers.


The blackface figure Zwarte Piet is part of a long cultural tradition of anti-black, darkie iconography in the West.

We cannot diminish the gravity of Zwarte Piet, given its overwhelming presence in the lifeworld of Dutch children. The figure is ubiquitous. It is embedded in school curricula, mainstream media and children’s television programmes, and is massively commercialised. The racist caricature of Zwarte Piet inculcates racism in the minds of children.

Zwarte Piet is on par with other forms of dehumanization through racialization, such as racial profiling, racism in the labour market, and the violence inherent in Dutch asylum policy. Our protest against Zwarte Piet is situated in a broader ongoing decolonial anti-racist project.

We are not in support of an adaptation of the racist caricature known as Zwarte Piet. We are calling for a complete removal of the racist caricature from the public sphere. Our goal is to fight racial stereotyping, not to rescue or rehabilitate racist imagery.

As such, we challenge the Dutch political tradition of consensus (the Polder Model) that is rooted in a principled belief in compromise for resolving all matters, which effectively favours the decisions made by the white majority.

In the political debate and in the current instalment of the Zwarte Piet discussion, we are framed as the Other, de facto non-citizens, and are expected to remain in the roles assigned to us. This marginalization and silencing of critical voices stifles the public debate and occurs within an environment in which social injustices grow steadily.
 
Van de blogspot tekenenenzo
We, as Black and non-Black people of colour, position ourselves expressly as citizens, since our right to engage meaningfully in political life is conditional upon our willingness to submit to the perspective of the dominant white majority. True criticism and ownership is implicitly and explicitly denied to us, when our voices are systematically silenced, ridiculed and erased.

We are Dutch academics, activists, Black feminists, parents and queers of colour. We engage in political work within our own networks and in coalition with other progressive groups and movements. We believe that it is important to talk back and talk with, despite the far-reaching consequences of dissent in a culture built on White hegemony.

We, the authors of this public statement, show solidarity and support to all who are protesting against the racist blackface figure of Zwarte Piet. We reiterate that this protest cannot be separated from the struggles against global White supremacy, sexism, homophobia, transphobia, neoliberalism, ableism and all other forms of oppression.

We urge each and every one who subscribes to this statement to show solidarity by signing and sharing it.

Chandra Frank
Egbert Alejandro Martina
Zihni Özdil
Patricia Schor
Hodan Warsame

[Wie het statement wil ondertekenen, kan naar deze site gaan.]

zaterdag 30 november 2013

Paard Sinterklaas aangekomen op Curaçao


Het hoofdkantoor van Sinterklaas in Spanje kreeg gisteren het bericht binnen dat het paard Amerigo, het hoofdpaard van de Sint, veilig is gearriveerd op de internationale luchthaven Hato van Curaçao. Amerigo is vanuit Spanje per luchttransport vervoerd met een transfer in Aruba waar het paard van Sint mee mocht doen aan de internationale paardenwedstrijden die vorige week aldaar gehouden werden. Na een rustpauze op Aruba is het in korte tijd met een vliegtuig van Aerosucre vervoerd naar Curaçao. Sinterklaas was zelf bij de loods van Hato Handling aanwezig om zijn knol op te halen.

[uit Antilliaans Dagblad, vrijdag 29 november 2013]

zondag 17 november 2013

Pijnlijk: Daphne Bunskoek grapt over slavernij en Zwarte Piet

Daphne Bunskoek
Boze reacties op een 'grap' die Daphne Bunskoek maakte in het nieuwe satirische programma Volgende Week op RTL4. Bunskoek besprak de vermissing van de staf van Sinterklaas uit het Sinterklaasjournaal en toonde vervolgens grappig bedoeld de gevolgen voor de Zwarte Pieten: een fragment uit de film Amistad waarin te zien is hoe zwarte slaven worden afgeranseld.

Aan tafel reageerden de prominente cabaretiers die het panel vormen in het programma alsof ze niet wisten waar ze het zoeken moesten naar aanleiding van de grensoverschrijdende humor.

Op sociale media is verontwaardigd gereageerd, temeer omdat Bunskoek eerder dit jaar nog bij de publieke omroep het programma De Slavernij presenteerde, een serie over deze duistere periode uit de Nederlandse geschiedenis en de gevolgen daarvan die generaties later nog doorwerken.


De film Amistad (1997) is gemaakt door Steven Spielberg en vertelt het tragische, waar gebeurde verhaal over een heroïsche opstand in 1839 aan boord van het gelijknamige slaventransportschip. Dit jaar is het 150 jaar geleden dat de slavernij in Nederland, als een van de laatste landen ter wereld, werd afgeschaft.

[van joop.nl, 17 november 2013]

zondag 3 november 2013

Geen twijfel: 'Zwarte Piet stamt af van kindslaven'

Groepsportret door Michiel van Musscher uit 1687, met een zwarte bediende achter de diplomaat Thomas van Hees en zijn neven. Om de hals van de bediende zit een metalen band. @ Collectie Rijksmuseum.


door Michiel Kruijt

Er is niet aan te ontkomen, zegt kunsthistoricus Elmer Kolfin: 'Zwarte Piet moet een andere vorm krijgen.' Als kenner twijfelt hij er niet aan dat de figuur is terug te voeren op kindslaven.

 
Illustraties uit Sint Nikolaas en zijn
 knecht van Jan Schenkman,
 een Amsterdamse onderwijzer die als een
 van de grondleggers van het
 Sinterklaasverhaal wordt beschouwd.
 Eind 19de eeuw.
© Collectie Koninklijke Bibliotheek.
'Fascinerend en huiveringwekkend.' Kunsthistoricus Elmer Kolfin valt even stil als hij de zwarte jongen beschrijft die te zien is op een schilderij in het Rijksmuseum. Op een groepsportret van Michiel van Musscher uit 1687 staat een zwarte bediende achter diplomaat Thomas van Hees en zijn neven. Zijn naam is op de achterzijde van het doek vermeld: 'Thomas de neger 17 jaar'.

'Die jongen bestond dus echt en was een slaaf. Daarop wijst de metalen band om zijn hals', zegt Kolfin, universitair docent kunstgeschiedenis aan de Universiteit van Amsterdam. 'In feite is dit een voorloper van Zwarte Piet.'


Kindslaven
Flink wat theorieën doen de ronde over de ontstaansgeschiedenis van de knecht van Sinterklaas. Hij zou de duivel voorstellen. Hij zou de Ethiopische slaaf zijn van de bisschop die model stond voor Sinterklaas.
In de Volkskrant werd gesuggereerd dat Zwarte Piet een 'hybride wezen' is dat ook op afgelegen plekken in Europa is te vinden. Maar bij Kolfin bestaat geen enkele twijfel over de herkomst van  het uiterlijk van Zwarte Piet: dat zijn 17de-eeuwse afbeeldingen van zwarte pages, kindslaven dus.

De kunsthistoricus heeft hier niet speciaal onderzoek naar verricht, maar is wel een kenner. Hij publiceerde stukken over slavernij en werkte mee aan de tentoonstellingen Black is beautiful (2008) en Slavernij verbeeld (2013). Ook schreef hij een bijdrage voor The image of the black in western art, een standaardwerk van Harvard University Press dat volgend jaar meer dan vierduizend pagina's zal beslaan.
 
Gravure uit 1700 van een onbekende
 kunstenaar. Een 'swarte Moor'
 wast de voeten van De min sieke
 maegt.
© Collectie Rijksmuseum.
Volgens de Amsterdamse wetenschapper was het in een aantal landen vanaf de late Middeleeuwen gebruik om zwarte kinderen als slavenbediende te houden. Op kunstwerken staan ze afgebeeld. De Venetiaanse schilder Titiaan vereeuwigde bijvoorbeeld rond 1520 de vrouw van een hertog, Laura Dianti, met naast haar een kleine, donkere jongen. Van dat doek maakte kopergraveur Aegidius Sadeler tientallen jaren later een prent, die volgens Kolfin wijd en zijd bekend was.

 
Gravure naar een portret uit 1520
 door Titiaan van de vrouw van
 een hertog, Laura Dianti
.
© Collectie Rijksmuseum.









Mode van negerpage
'Aan het einde van de 16de eeuw introduceerden Portugezen en Spanjaarden in Antwerpen de mode om een negerpage te hebben', zegt hij. 'Na de val van Antwerpen werd die mode meegenomen naar het Noorden.' Dat is bijvoorbeeld te zien op een schilderij dat Eglon van der Neer in 1680 maakte. Een dame met een brief in haar handen wordt geflankeerd door een blanke bediende en een jonge zwarte. Nog een staaltje: op een gravure uit 1700 van een onbekende kunstenaar wast een 'swarte Moor' de voeten van De min sieke maegt.

Kolfin wijst op de overeenkomsten tussen de kleding van deze zogeheten Morenpages en het Pietenpak. 'Pofbroek, maillot, vaak ook een molensteenkraag, het is hetzelfde.' De zwarte bedienden werden volgens hem geregeld afgebeeld in pakken met de (felle) kleuren uit het familiewapen van hun meester; naast de stalen band om de nek nog een onmiskenbaar teken van eigendom. Van een Franse bron weten we dat de dragers van deze pakken hun kleding verschrikkelijk vonden.
 
Bundel met Sinterklaasliedjes,
uit de jaren vijftig van de vorige eeuw.
© Collectie Koninklijke Bibliotheek.
Standaard
Op al deze historische beelden is teruggegrepen, stelt de kunsthistoricus, toen in de 19de eeuw een Zwarte Piet werd toegevoegd aan het Sinterklaasverhaal zoals we dat nu kennen. Kijk maar naar de illustraties in het boek Sint Nikolaas en zijn knecht van Jan Schenkman, een onderwijzer uit Amsterdam die als een van de grondleggers wordt beschouwd. In een herdruk uit 1880 lijkt de Zwarte Piet volgens de wetenschapper zoveel op de slavenbedienden van eeuwen eerder dat die wel de bron moeten zijn.

Op de omslag van een Liederenbundel voor Sinterklaas uit de jaren vijftig van de vorige eeuw prijkt een Piet die zo'n beetje de standaard is geworden. Kolfin : 'Illustratoren kozen, misschien zonder het te beseffen, voor het beeld van een kindslaaf. Dat raakte vervolgens gecanoniseerd.'

Tegen deze achtergrond valt volgens de kunsthistoricus niet aan de conclusie te ontkomen dat Zwarte Piet een andere vorm moet krijgen. 'Zoiets begint met een bewustwordingsproces en daar zitten we nu middenin. Dat gaat altijd gepaard met pijn, smart en emotionele betogen. Maar de Zwarte Piet in zijn huidige vorm loopt op zijn einde.'
Het is volgens de docent kunstgeschiedenis alleen niet reëel om een snelle verandering te eisen. 'Uit goed fatsoen moeten blanke mensen de Zwarte Piet niet meer willen. Maar het is ook goed fatsoen van zwarte mensen om de blanken tijd te gunnen. voor een alternatief. Die moeten immers afstappen van een lange traditie.'



[van de Volkskrant.nl, 23/10/13]

Dame met een brief, geflankeerd door een blanke bediende en een jonge zwarte, geschilderd door
 Eglon van der Neer in 1680. 
© Privécollectie.
 

Racisten bedreigen zangeres Anouk

Zwarte Pieten-discussie onthult wederom dat racisme welig tiert
Anouk

Zangeres Anouk heeft zich gemengd in de Zwarte Pieten-discussie. Op Facebook en Twitter spreekt ze zich uit tegen de racistische en conservatieve traditie. Zo schrijft ze onder meer dat gemeenten die weigeren de Black Pete-traditie te veranderen, zich zouden moeten schamen. In het land dat vrijheid van meningsuiting zo hoog in het vaandel heeft staan, betekent dat de racistische wind van voren voor Anouk. Nu we een aantal weken verder in de discussie zijn, zou je denken dat de hardcore racistische uitlatingen zoals we die 'gewend' zijn jegens Quincy Gario wellicht verminderd zouden zijn. Maar niets is minder waar. Anouk toont op haar Facebookpagina een aantal screenshots van berichten die ze heeft ontvangen naar aanleiding van haar standpunt. Als de Zwarte Pieten-discussie één ding heeft aangetoond, is het wel dat racisme welig tiert in Nederland.









[van Joop.nl, 28 oktober 2013]

zaterdag 2 november 2013

De vrolijkste verjaardag van Sinterklaas

‘Een originele kijk op een oud verhaal’
Henna Goudzand Nahar

De vrolijkste verjaardag van Sinterklaas is een geïllustreerd boek van kinderboekenschrijfster Henna Goudzand Nahar en de illustratrice Helen Fermate over het sinterklaasfeest vanuit een ander invalshoek dan bekend. In dit boek wordt het sinterklaasfeest namelijk bekeken vanuit het perspectief van een zwarte jongen.

Het boek wordt gepresenteerd op zondag 10 november bij de Vereniging Ons Suriname in Amsterdam. Er zijn inleidingen en statements van Dr. Philomena Essed, PhD, Professor Critical Race, Gender and Leadership Studies, Antioch University, USA, van Mercedes Zandwijken, initiator Denktanks Sociale Cohesie, initiator 1 juli Keti Koti Tafel, en van Guilly Koster, journalist en publicist. Muziekformatie ‘Vrolijk Feest’ speelt. 
Tijd: van 15.00 uur tot 17.30 uur
Locatie: Vereniging Ons Suriname
Zeeburgerdijk 19-a
1093 SK Amsterdam


Het boek zal te koop zijn (€ 18,00) en Henna Goudzand Nahar en Helen Fermate signeren.

De toegang is vrij.

dinsdag 22 oktober 2013

Nog één keer: voor de allerlaatste keer over Zwarte Piet


‘Zwarte Piet is nooit een slaaf geweest’

door Arnold-Jan Scheer

Zwarte Piet bestaat niet sinds 1850. Jongemannen met zwart gemaakte gezichten kwamen al in de Oudheid voor.  Piet is geen Afro, geen creool, geen negerpage, geen etnisch equatoriale Afrikaan, geen Moor en geen slaaf of zelfs geen knecht van Sinterklaas. Robert Vuijsje schrijft dat Zwarte Piet moeiteloos kan worden vervangen door een rode, gele, blauwe, groene of zwarte (!) Piet. Omdat Kleurenpiet net zo veel lettergrepen heeft. Het valt me op dat iedereen ervan uitgaat dat Zwarte Piet een 19de-eeuwse uitvinding is. Van Andree van Es: 'Tijd om afscheid te nemen van Zwarte Piet' en prof. Stipriaan Luïscius: '150 jaar is nog niet eens zo lang geleden' tot Van Helsloot van het Meertens Instituut: 'Hij is in essentie een racistisch fenomeen'. Ik denk het niet.


Heidense elementen
Maar die oorringen, dat kroeshaar en die rode lippen dan? Ik antwoord: wat doet een negerslaaf met een roe? En waarom ontvoert deze kinderen in een zak, door de schoorsteen? Het klopt gewoon niet. Dat zijn heidense elementen, ouder dan de Bisschop van Myra.
Piet is geen Afro, geen creool, geen negerpage, geen etnisch equatoriale Afrikaan, geen Moor en geen slaaf of zelfs geen knecht van Sinterklaas.

Integendeel. Sinds meer dan dertig jaar bezoek ik Sinterklaas- en nieuwjaarsriten op afgelegen plekken in Europa. Daarnaast verdiep ik me in wat geschiedschrijvers uit de Oudheid (Herodotus, Tacitus) zeggen over in essentie sjamanistische gebruiken en hun betekenis (waaronder het zwart maken van het gezicht en de rest van het lichaam). Ik bezocht, filmde en fotografeerde rond 5 december en jaarwisselingen tientallen Sinterklaas- en winter­zonnewende-riten op ooit zeer geïsoleerde plekken, die alle in een oorspronkelijke vorm de tijd hebben doorstaan. En waar maar weinigen van weten.

Dat is andere speculaas. Tijdens deze Sinterklaasriten, die in modern Europa plaatsvinden, worden kinderen letterlijk doodsbang gemaakt (in onze ogen getraumatiseerd), vrouwen geslagen (waarmee ze geen emotionele problemen hebben) en breken er bloedige gevechten uit onder volwassen mannen (ambulances staan klaar). Overal onder aanvoering van Sint Nicolaas.


Archetype
Ik ontdekte op die afgelegen plekken ook dat die roe veel ouder is dan uit het stereotiep van Zwarte Piet dat wij sinds 1850 kennen van het uiterst populaire prentenboek Sint Nikolaas en zijn knecht, van de Amsterdamse onderwijzer en humorist Jan Schenkman. De slavernij moest door Nederland nog worden afgeschaft.

Zwarte Piet is een archetype, net als Sinterklaas zelf, een hybride wezen, het resultaat van wat ze in de godsdienstwetenschap noemen: syncretisme. Hij speelt een rol, zoals iemand die de nar speelt of in travestie gaat tijdens carnaval. Daarmee worden ook geen vrouwen beledigd. Hij is de ongrijpbare knecht van Sinterklaas, de vrolijke tegenhanger, Tijl Uilenspiegel, Jack Sparrow, Pan, Arlequino (die ook een zwartgemaakt gezicht heeft), de sjamaan, de duivel zoals Rome hem afschilderde, de genezer. Hij is altijd sluwer dan de clerus, de magistraten, de intellectuelen en de mensen op posities, die hem tot slaaf proberen te maken, of met hem proberen te sollen.

Vorig jaar om deze tijd mocht ik een lezing geven op een avond voor Caribische letteren. Op Curaçao hebben de nakomelingen van Afrikaanse slaven geen enkele moeite met Zwarte Piet. Ze verven zich nog zwarter dan ze zijn, inclusief kroespruiken, oorringen, roodgeverfde lippen en pagepakjes, tijdens een uitbundige vrolijke Sinterklaasintocht.


Zwartmaken van het gezicht
En in Cornwall, waar ze hun gezichten ook zwart verven, krijgen ze hetzelfde verwijt over racisme, maar daar hebben nooit slavenschepen aangelegd. Ook daar weten ze dat het gebruik heel oud is.

Het zwartmaken van het gezicht tijdens de jaarwisseling gebeurt van Engeland tot Macedonië, ontdekte ik, tot op heden. En nog verder naar het oosten. In Perzië wordt de komst van het nieuwe jaar, van de tijd van Zara-thustra tot nu, gevierd met zich dwaas gedragende zwartgemaakte jongemannen die dansen in een felgekleurde hansop, een week lang. Wanneer deze zwartgemaakte mannen verdwijnen, verschijnt een grijsaard met een lange baard die geschenken brengt, waaronder kiemen en noten. Deze traditie wordt door de islam bestreden, maar op het platteland gevierd. Ook Iraniërs in Nederland doen dat.

Kleurenpieten in Nederland, belachelijk. Deze discussie is verworden tot een oud-Hollandse geloofsstrijd waarbij de rekkelijken en preciezen, correcten en incorrecten elkaar in de haren vliegen.

De geschiedenis begint niet in 1850. Als je alleen het laatste stukje ervan meeneemt, slaat deze hele discussie nergens op. Zwarte Piet is geen slaaf, integendeel. Hij laat zich niet temmen. Hij duikt steeds weer op. Hij is ongrijpbaar. Hij is van het volk.



Arnold-Jan Scheer is journalist, televisiemaker en auteur van Wild Geraas.

[eerder verschenen in de Volkskrant, 15-1-2013]

vrijdag 11 oktober 2013

Zwarte Piet en racisme: een paar kritische (peper)noten

door Mathijs van de Sande

Quinsy Gario werd met veel geweld gearresteerd omdat hij een shirt droeg met daarop "Zwarte Piet is racisme". Quinsy Gario werd met veel geweld gearresteerd omdat hij een shirt droeg met daarop “Zwarte Piet is racisme”. Toen ik mij een jaar of vijf geleden aansloot bij Doorbraak, was dat een van de weinige linkse organisaties die zich expliciet en zichtbaar verbond met het toenemende protest tegen Zwarte Piet. Eerlijk is eerlijk: destijds vond ik het een verspilling van tijd en energie. Weliswaar hadden Doorbraak en andere critici gelijk, maar ik zag niet direct de meerwaarde of het politieke belang ervan. Nu sinds een paar jaar het debat in alle hevigheid is losgebarsten (en ieder jaar de gemoederen verder lijken op te lopen), ben ik overtuigd. Het debat rond Zwarte Piet is juist nu van onmetelijk belang. Niet in de laatste plaats omdat er veel meer op het spel staat dan alleen de knecht van Sinterklaas.

Lees hier verder op Doorbraak.eu