![]() |
| Alicia Martin - Installatie Museum Meermanno |
Zonder fantasie geen roman. Zelfs de meest autobiografische
roman kan niet zonder verbeelding. Je
zult immers je uiterste best moeten doen om met woorden iets op te roepen voor
het geestesoog van je lezers – of het nu het brilletje van je opa is of een
ruimtestation bij Alpha Centauri.
De ambitie om een roman te schrijven is van jou. Kijk uit:
als je het aan de grote klok hangt zullen sommigen je een snoever vinden. Beter
is het daarom om in stilte te dromen – niet van succes en eeuwige roem maar van
een prachtig, onthutsend of ijzersterk verhaal. Verbeeld je je soms wat? Ja,
heel wat. In je eigen hoofd.
2. Zoek het conflict
op – loop er niet bij weg
Als gewetensvolle burgers proberen we in het dagelijkse leven zo veel mogelijk conflicten te vermijden. Tegenstellingen strijken we glad en extremen gaan we uit de weg. In een roman doe je het omgekeerde: je zoekt ze juist op. In het hart van elke roman schuilt een conflict – soms een openlijke strijd zoals die tegen Sauron en het rijk Mordor in In de ban van de ring, soms een verborgen strijd zoals Frits van Egters in De avonden met zichzelf voert. Het conflict is de motor van elk verhaal: het zet alle verwikkelingen in gang. Begin niet te schrijven voordat je begrijpt of voelt waar het conflict van je verhaal zit.
Als gewetensvolle burgers proberen we in het dagelijkse leven zo veel mogelijk conflicten te vermijden. Tegenstellingen strijken we glad en extremen gaan we uit de weg. In een roman doe je het omgekeerde: je zoekt ze juist op. In het hart van elke roman schuilt een conflict – soms een openlijke strijd zoals die tegen Sauron en het rijk Mordor in In de ban van de ring, soms een verborgen strijd zoals Frits van Egters in De avonden met zichzelf voert. Het conflict is de motor van elk verhaal: het zet alle verwikkelingen in gang. Begin niet te schrijven voordat je begrijpt of voelt waar het conflict van je verhaal zit.
Ze lijken er heel veel op, maar ze zijn het niet: mensen van
vlees en bloed. Personages in boeken zijn – zie tip 2 – extremer, minder
uitgebalanceerd en eenzijdiger dan de meeste personen die je kent. Van de
tientallen eigenschappen die mensen in het echte leven bezitten, hoef je er namelijk
maar een of twee te gebruiken. Reves Frits van Egters is een getergde pestkop,
die alleen liefde voor zijn speelgoedkonijn lijkt te kunnen opbrengen (totdat
ook deze straf krijgt). Reve zelf was ook een pestkop, maar kon daarnaast ook
hartelijk, fijnzinnig en openhartig zijn. Door dat allemaal weg te laten bij
zijn personage maakte hij van Frits van Egter een echt personage: iemand die
groter is dan het leven waar hij uitkomt.
Als je begint schrijf je een verhaal, niet een thriller,
chicklit, streek-, sciencefiction- of fantasyboek. Als je je verhaal hebt bedacht en uitgewerkt in een synopsis –
een soort samenvatting vooraf – kun je altijd nog bedenken in welk genre je
roman thuishoort. Maar blokkeer je creativiteit niet bij voorbaat door er een
label op te plakken. Die labels zijn namelijk vooral belangrijk voor uitgevers,
boekhandelaren en lezers. Zoek eerst naar je eigen verhaal, je conflict en je
personages. De rest komt daarna wel.
Een van de allermoeilijkste en tegelijkertijd
allerbelangrijkste aspecten van een roman is de stem van de verteller. Wie gaat
jouw verhaal vertellen en hoe praat deze figuur? Nederlanders zijn daar vaak
niet zo goed in, maar pak een willekeurige Amerikaanse roman op en hoor hoe een
verteller tegenover je op een stoel is gaan zitten om je een fabelachtig
verhaal uit de doeken te doen. Stijl, dat vinden Nederlandse schrijvers en
critici vaak veel belangrijker, maar uiteindelijk staat de stijl in dienst van
de stem en het verhaal – en niet andersom.
Talentvol zijn, lumineuze ideeën verzinnen, mooie zinnen
schrijven – het is allemaal belangrijk, ware het niet dat je er niet veel mee
kunt als je geen doorzettingsvermogen hebt. Een roman schrijven doe je immers
niet in een week of een maand (uitzonderingen als Multatuli en Georges Simenon
daargelaten). Een flinke roman telt al snel zestigduizend woorden en dat gaat
je – zelfs als je alle tijd van de wereld hebt – minstens een à twee jaar
van je leven kosten, zeker als je weet dat je zo’n vier à vijf versies moet
schrijven voordat het echt goed is. Besef dat van tevoren, neem de tijd, houd
haast op afstand en zorg dat je het vol kunt blijft houden.
Deze tips zijn in uitgebreide vorm te lezen in het boek Het Grote Schrijf Doe-boek van Louis
Stiller. Zie www.augustus.nl/schrijfbibliotheek.asp
Louis Stiller (1959) is journalist, schrijver,
hoofdredacteur en uitgever. Hij schreef diverse boeken als Stillers omgang (de Prom) en Wachtland
(album). Hij voerde de hoofdredactie van de Schrijfbibliotheek van Augustus
en was jarenlang hoofdredacteur van Schrijven
Magazine. Stiller won ooit de ECI Essayprijs en ontving het Belcampo
Stipendium van de Provincie Groningen.






