Posts tonen met het label Albina. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Albina. Alle posts tonen

zaterdag 10 mei 2014

Reacties op het kinderboekenfestival Albina

Reacties van medewerkers en bezoekers
 
Dorus Vrede
(Dorus Vrede, bekend om zijn verhalen over het binnenland en zijn gedichten, was medewerker op het Kinderboekenfestival te Albina. Samen met anderen maakte hij onder meer muziek.)

‘Je zou toch vandaag in Saint Laurent moeten zijn!’ Moeder keek Sherida boos aan. ‘Voorlopig gaat het niet, mama.’ ‘Waarom niet? Je moet de groenten aan de Franse kant verkopen. Daar verdienen we euro’s mee.’
‘Het Kinderboekenfestival is in Albina. Ik moet erbij zijn. Dus na Kinderboekenfestival.’ Moeder maakte een tyuri. Maar ze liet Sherida met rust. Misschien had haar dochter toch gelijk.
Sherida trok haar schoolkleren aan en ging naar school. Met haar klas ging ze naar het festival. Ze bezochten verschillende stands. In een van ze werd over groei gesproken. ‘Met groeien bedoelen we niet alleen maar lichamelijke groei. Het is je verstand dat ook moet groeien. Dan ben je in staat om jezelf beter te ontwikkelen’.
Aan het eind van de bijeenkomst vormde Sherida een groep met andere meisjes. Ze zouden met jongeren in Albina praten over onderwijs, kinderarbeid, tienerzwangerschap en hiv-aids.
Na het festival vertelde Sherida haar moeder wat ze van plan was te doen. Ze zou vooral nooit meer verzuimen. Moeder glimlachte en zei: ‘Pikin y’a leti ye’ (kind, je hebt gelijk, hoor).

(Ine van Niel, poppenkastspeelster op alle festivals:)
Ine van Niel

2014,  poppenkastspel: thema groeien
Een vrolijk en blij meisje zingt, met vijf vingers hier en vijf vingers daar, het groeiliedje. De meeste kinderen kennen het en zingen dus mee. Na drie keer zingen komt er een pestkop en plaagt haar om d’r grote neus en lange oren, bigi noso nanga langa yesi. Ze jaagt hem weg en daarna wordt ze nog door twee anderen geplaagd. Huilend loopt het meisje weg en gaat het aan de juf vertellen. Ze zegt erbij dat mama haar gezegd heeft aan de juf te vertellen als ze geplaagd wordt. De juf houdt later de kinderen in haar klas voor dat het belangrijk is om het aan grote mensen te vertellen als je geplaagd wordt of lastig gevallen. Dan volgt het ‘groeiverhaal’ van juf: wat heb je nodig om te groeien? Eten en drinken, slapen en spelen, boeken en vooral elkaar om te groeien en dus mag je niet pesten maar moet je juist lief zijn voor elkaar.
In de pauze valt een van de plaaggeesten, en door wie wordt die geholpen? Door het meisje! En juf gebruikt dit weer om het samenwerken, samen doen, samen delen aan de kinderen voor te houden en ze laat alle kinderen beloven dat ze niet meer zullen pesten!
(In de poppenkastvoorstellingen van Ine zijn mensen dieren. Hier is het meisje een awari, de pestkoppen een meisjes-koe en twee hondjes en de juf (uiteraard) een konkoni!)

(Meningen van enkele leerlingen die het Kinderboekenfestival bezochten:)
Stephany Biswane: Wel, ik vond het leuk en alle onderwerpen waren interessant om te luisteren en om mee te doen aan de spelletjes die men ons leerde. En ik was met de klassenvoogd naar verschillende stands gegaan en het was leuk om nieuwe dingen bij te leren.
Gabriella: Ik vond het erg leuk, vooral de stand van de vlinders en stand 21, ‘Lees je wijs!’. Voor mij is tot nu toe alles best. Ik hoop dat ze alle jaren naar Albina komen om dit te organiseren en eigenlijk moeten ze niet alleen boeken verkopen, maar ook spelletjes.
1 hoogwaardigheidsbekleder met kinderen

Joann Sabajo: Ik vond het leuk en het was spannend en we hebben verschillende spelletjes gedaan en we deden mee. Ze vonden ons geweldig flink en ze waren trots op ons. In de ochtenduren zijn we met onze klassenvoogd gegaan. En in de middaguren was de officiële opening en iedereen was aanwezig. De ‘hoge’ gasten waren de districtscommissaris van Marowijne en de directeur van de SVB-Bank van Moengo.
(Bestaan er wel ‘hoge’ gasten? Zijn alle geïnteresseerde gasten niet even hoog? - Red. ‘dWTL’)


zaterdag 19 april 2014

Door lezen leer je het leven kennen!

Albina aan de Marowijnerivier

door Els Moor

Van 2 tot en met 4 april was het Kinderboekenfestival in Albina. Het was, net als de twee vorige in Nickerie en Paramaribo, weer een groot succes. Veel, veel scholen uit Albina en omstreken, zelfs helemaal van Stoelmanseiland, waren gekomen en de leerlingen genoten.

Het was héél goed dat het festival ook in Albina gehouden werd. Sinds het geweld en de vernielingen tijdens de Binnenlandse Oorlog (1986-1992), is Albina - eens een mooi en rustig grensplaatsje aan de Marowijnerivier tegenover het Franse Saint Laurent - erg veranderd en niet in positieve zin. Met de wederopbouw werden de verschillen tussen arm en rijk, commercie en criminaliteit steeds groter. Albina is nu een druk plaatsje met veel chinese winkels, maar ook veel werklozen en kinderen en jongeren die niet naar school gaan. De criminaliteit is enorm gegroeid, waarbij drugsgebruik en illegale drugshandel een grote rol spelen. Liefde en zorg voor de eigen plaats heeft men verloren. Albina is een slordig dorp geworden met hopen vuil en afval op straat, op het strand bij de rivier en wat helemaal verschrikkelijk is, veel glasscherven op de bodem van de rivier. Een lekker bad nemen is gevaarlijk geworden! Albina heeft zijn aantrekkingskracht volledig verloren.
Albina

De vele schoolklassen, ook veel van het mulo, die in de ochtenduren het festival bezochten voor activiteiten waren over het algemeen wel positief. Het zijn de kinderen die het wél zullen redden, mede dankzij veel goede leerkrachten. Zij genoten, gingen zitten lezen in een stand met boeken en kochten ook boeken.

Tussen vijf en acht uur liepen de bezoekers rond, veel gezinnen, loslopende jongeren, maar ook geïnteresseerde volwassenen. Ze bezochten stands, deden mee aan activiteiten en konden de eerste en laatste avond de musical van Sandra Purperhart en Annelies den Boer (uit Albina) bezoeken, getiteld Marwina gaat naar school, die aansluit bij de problematiek van Albina van vuil in het dorp en niet naar school gaan. Marwina gaat uiteindelijk wel naar school... en bereikt heel veel! Veel kinderen werkten enthousiast mee, van klein tot groot, en dansten en zongen. De gespeelde dc, ditmaal van Marowijne, in wit pak, ontbrak weer niet!
Op een van de avonden, het was rustig, kwam een moeder van vier dochters een praatje maken in mijn stand, ‘Lees je wijs!’, waar veel Surinaamse kinder- en jeugdboeken liggen uitgestald. ’s Morgens komen er klassen en wordt met boeken gewerkt, ’s middags kunnen bezoekers ze bekijken of ze gaan zitten lezen.

Ravage na rellen in Albina


Met deze bezoekster raak ik in gesprek. Meteen al vertelt ze dat een van haar dochters meedoet aan de musical. Wat vindt ze van het Kinderboekenfestival? Is lezen belangrijk voor kinderen? Haar hoofd schiet omhoog bij deze vragen. ‘Ja, lezen is heel belangrijk. Je gaat het leven begrijpen en zo kun je meewerken aan de ontwikkeling van je dorp of stad. Je ziet verschillende kanten van de maatschappij. Hier in Albina is heel veel nodig om de criminaliteit te verminderen. Van buitenaf moeten jongeren kunnen leren hoe ze zich moeten gedragen. Ik vind het erg goed van al die mensen van het Kinderboekenfestival dat ze ons weghalen van de slechte kanten van het dorp.’ Deze vrouw maakte me een belangrijke doelstelling op een kernachtige manier duidelijk!
Hilli Arduin

De volgende ochtend, weer werkend met leerlingen en leerkrachten, veel van de muloschool ook, werd me bevestigd dat het lezen van en het samen praten over boeken en verhalen een sterk middel tot bewustwording is. In een nog in ontwikkeling verkerend land als Suriname is dit van groot belang. Door over situaties te lezen en erover na te denken of met elkaar erover te praten, leer je je eigen situatie beter kennen. Als een boek of verhaal je echt boeit, kom je erop terug. Wat me op geen enkel Kinderboekenfestival overkwam, noch in de stad, noch in andere districten, gebeurde hier: kinderen, jongeren en leerkrachten kwamen ‘s middags terug om in de stand, rustig op een stoel zittend, boeken te lezen. Enkele kinderen kwamen iedere middag. Zelfs een paar jongens! Ze lazen eenvoudige, herkenbare boekjes, zoals de Amaisa-serie. Een meisje las alle vijf Amaisa-boekjes op één avond. Ook het prachtig uitgevoerde boek van Hilly Arduin, Aboikoni, ging door veel handen en werd gelezen.

Kinderen bezoeken het kinderboekenfestival Albina

Heel jammer is het dat de scholen, ook in de dorpen, over het algemeen geen of weinig Surinaamse kinder- en jeugdboeken hebben. Geen schoolbieb hebben ze, of een met Nederlandse boeken die de kinderen nog niet begrijpen. Zelfs het prachtige boek van Ismene Krishnadath, Seriba in de schelp, dat nota bene op Galibi speelt, kennen ze niet. Ook Okorié en Agambé, over een jongen uit een inheems dorp en een uit een marrondorp ontbreekt. En indiaanse verhalen, boeken waarin ze al vastgelegd zijn, hebben ze niet en veel vooral Kalinha-verhalen zijn nog niet uitgegeven.
Daar moet gauw verandering in komen! Alle Surinaamse kinderen moeten hun eigen boeken kunnen lezen!

zaterdag 5 april 2014

Kinderen Marowijne leven zich uit tijdens boekenfestival

Kinderen van Marowijne tonen hun talenten op het podium. (Foto © KBF)


Talentvolle jeugdigen uit Marowijne hebben op het podium laten zien wat ze kunnen. Onder hen waren er presentatoren, vertellers, zangers, drummers, toneelspelers, rappers, dansers, muurschilders, musicalspelers, dichters en schrijvers. Ook ouders die met hun kinderen zijn meegereisd vanuit verschillende dorpen in het Boven Marowijne- en Tapanahoniegebied hebben tijdens het kinderboekenfestival kennis genomen van educatieve activiteiten die hun kinderen doen groeien, meldt het Kinderboeken Festival (KBF).

Meer dan drieduizend kinderen hebben het festival in de ochtenduren bezocht - van peuters, kleuters, basisschoolleerlingen, VOJ- en VOS-leerlingen. In het middagprogramma participeerden woensdag ruim 800 bezoekers, donderdag 1000 en op de slotmiddag vrijdag bezochten 1200 kinderen en volwassenen het kinderboekenfestival op Albina. Enkele festivalactiviteiten waren opvoering van de musical Marwina gaat naar school onder leiding van Annelies den Boer-Aside en Sandra Purperhart, de activiteiten van het Nucleus Centrum Albina, de gastschrijver Peter Vervloed en filmproducent Peter Lammerts van Stichting Mondiall. Eftee Books verzorgde een Karaoke-activiteit, Gerrit Barron van Boekhandel Afaka leverde een bijdrage aan het festival. Er was een workshop voor opvoeders 'In liefde opgroeien doet levenslang bloeien'.

Geconstateerd is dat de jeugd van Marowijne weinig educatieve activiteiten heeft, waardoor hun belangstelling vaak naar minder positieve bezigheden uitgaat. Yvonne Caprino, Agnes Ritfeld en Karin Blufpand van het KBF uitten hun ernstige zorg hierover tegenover districtscommissaris Theodorus Sondrejoe en gaven aan dat als er niet onmiddellijk geïnvesteerd wordt in educatieve activiteiten die op structurele basis in het district plaatsvinden, er een gebrek aan goed gevormde, voorbeeldige jeugdigen zal zijn, die leidinggevende posities kunnen overnemen! De verwachting is dat beleidsmakers en functionarissen van het ministerie van Onderwijs, van Jeugdzaken en van Regionale Ontwikkeling zich ernstig over groei en ontwikkeling van Marowijne zullen buigen, stelt de organisatie.

[van Starnieuws, 5 april 2014]


woensdag 2 april 2014

Albina fleurt op met komst kinderboekenfestival

Jongeren van Albina lopen langs het versierde terrein voor het Kinderboekenfestival in Albina dat woensdag begint. Foto © Hugo den Boer 

door Hugo den Boer

Albina - Albina is altijd levendig, maar met de komst van het Kinderboekenfestival (kbf) van 2 tot en met 4 april ziet het centrum er voor een week fleurig uit. Het voetbalveld naast de kazerne is in zes dagen omgetoverd tot een kleurrijk festivalterrein met tenten en vlaggen.

Het dagelijkse leven van Albina is even uit zijn ritme. Op het veld dat doorgaans wordt gebruikt voor voetbaltrainingen en ontspanning, werden vanaf vorige week onaangekondigd meerdere tenten geplaatst. Vooral veel volwassenen dachten dat er een groot muziekevenement of kermis werd opgebouwd. De kinderen waren echter op de hoogte van het boekenfestival dat vooral via de scholen was gepromoot.

De organisatie verwacht naast duizenden leerlingen, vanuit Albina en Moengo ook ruim vierhonderd leerlingen van scholen langs de Marowijne-, Tapanahony- en Lawarivier. De leerlingen worden opgevangen in nieuw gebouwde lokalen die nog niet in gebruik genomen zijn vanwege afwezigheid van elektriciteit.

Het kbf heeft vandaag al een 'soft' opening. De vertelwedstrijden worden dinsdag afgewerkt. Ook komen de eerste groepen van kinderen uit verre dorpen al overnachten om woensdag vroeg te kunnen deelnemen. De officiële opening met genodigden vindt woensdagmiddag op vijf uur plaats.


[uit de Ware Tijd, 01/04/2014]

woensdag 5 juni 2013

Theo Hiemcke - Voorouders

Albina 1929. Uit het familiealbum van Theo Hiemcke



Ik ben met je in verleden, heden en toekomst,
mijn verlangens, hoop en gebeden vergezellen je,
mijn daden schenken je moed en volharding.

Geloof in het jonge land dat ik je nagelaten heb,
vervolg de rechte weg die ik voor je heb uitgezet,
die ik je ben voorgegaan.

Loop in mijn voetstappen, sta op mijn schouders,
hoor mijn stem in de regen en voel mijn adem in de wind.

Oogst wat ik gezaaid heb, pluk mijn vruchten,
leef mijn droom van vrijheid en gedenk mij met
eerbied en ontzag.


05.06.13

donderdag 20 december 2012

"Echter kiest men ervoor tegen het beeld te urineren"


Christusbeeld RK-kerk Albina gebruikt als pispaal

door Isaak Poetisi

Het Christusbeeld op het terrein van de rooms-katholieke gemeente te Albina wordt gebruikt als pispaal. De gemeenteleden zijn niet te spreken over de gang van zaken. Starnieuws sprak met Marion Agardin, lid van het kerkbestuur, tevens ressortraadslid van Albina, tijdens schoonmaakwerkzaamheden in verband met de komende kerstviering.

Het Christusbeeld bij de RK-kerk te Albina.

"Bezoekers aan de stad en de markt maken zich hieraan schuldig", beweert Agardin. Ze zegt dat er bij de markt, die op een steenworp afstand van de kerk staat, de mogelijkheid bestaat tegen betaling van SRD 2, een toilet te bezoeken. "Echter kiest men ervoor om zonder enig ontzag te urineren tegen het beeld en op het voorperceel", klaagt het kerkbestuurslid. Het beeld dat tijdens de Binnenlandse Oorlog de rechterarm verloor, staat er verder verzorgd bij. 

Hoofdloze pisser


Ondragelijk
In de goot voor het perceel waar het beeld staat, wordt er verwerkte benzine gegooid en achter de fayalobi-aanplant bij de omheining, die enige beschutting biedt, wordt er geregeld door vrouwen geürineerd. In de buurt wordt er ook marihuana gerookt. "Vooral tijdens de kerkdiensten is de marihuanalucht ondragelijk", zegt Agardin. Die geur is tijdens schooluren ook sterk op de St. Gerardusschool die achter de kerk staat.

“Als gemeente kunnen wij dit onverantwoordelijk gedrag niet langer met lede ogen aanzien", zegt Agardin. Ze geeft aan dat de bestuursdienst hiervan op de hoogte is gesteld; maatregelen van die kant zijn tot nog toe uitgebleven. Het perceel was na de schoonmaak van het afgelopen weekend weer bezaaid met petflessen, etensbakjes en andere rommel.

[uit Starnieuws, 20 december 2012]

maandag 26 december 2011

De lezer geeft zich gewonnen

door Wim Rutgers

Met haar tweede roman Drijfhout heeft Annette de Vries (foto links) de kwaliteit van haar succesvolle debuut Scheurbuik (2002) bevestigd en daarmee het algemene probleem dat zo vaak optreedt bij een tweede roman overwonnen. In deze roman presenteren drie vertellers hun verhaal over een drievoudig schuld-en-boete-probleem in de drie tijdlagen van een turbulent heden, een opspokend verleden en een toekomst die bevochten moet worden.
Het zich in het Surinaamse grensplaatsje Albina afspelende verhaal is een familieroman in dubbele zin, omdat ze niet alleen over een familie gaat maar het begrip familie zelf thematiseert: wie is familie en wat betekent het familie van elkaar te zijn?

‘Wij zijn de meest diepe zin van het woord familie van elkaar, omdat we dezelfde geschiedenis meetorsen. Of we het met elkaar kunnen vinden of niet is niet zo belangrijk. Het is niet ons goede of slechte contact dat ons tot een familie maakt. Het is dit verhaal dat ons bindt.’ (p. 307).

Dat verhaal speelt zich af in twee landen en in twee tijden: het verleden in Suriname, het heden in Nederland. Twee vrouwen, een uit Nederland en een uit Frans Guiane, de een wit en de ander zwart, beiden kunstenaar, beiden ernstig teleurgesteld in het leven doordat ze in de steek zijn gelaten door de partner, beiden in verwachting van een dochter en een zoon en tenslotte beiden naar Suriname gevlucht en daar als ‘drijfhout’ komen aandrijven: de ‘bazin’ om er te trouwen en er te gaan wonen en het ‘dienstmeisje’ om er een nieuw bestaan op te bouwen, beiden ‘gered’ door de bamhartige maar halfslachtige pensionhouder Eddy, maar beiden met aanpassings- en acceptatieproblemen in het kleine grensplaatsje, waarbij de onderlinge naijver en zelfs haat tussen de twee vrouwen onoverkomelijk blijkt, waarna de ene repatrieert naar Nederland en de ander sterft.
Dat wat er allemaal is gebeurd in het verleden en hoe dat heeft kunnen gebeuren, leren we als lezer aan de hand van de verhalen van drie vertellers (twee mannelijke en een vrouwelijke) die in de drie delen van de roman achtereenvolgens in wisselende volgorde hun verhaal doen en elkaar na jaren weer ontmoeten. De twee vrouwelijke antagonisten Jacoba en Nadine krijgen zelf geen stem en worden door het wisselende perspectief van de anderen beschreven.
Het verleden blijft spoken en kan niet genegeerd of uitgewist worden. Het verhaal begint schokkend als Hortence in de Oude Kerk in Amsterdam tijdens een feestje uit woede en wraak op de grafzerken van de in de kerk begraven koloniale slavenhouders danst, maar in feite op het graf van haar stiefmoeder. Zo wordt een persoonlijk onverwerkt verleden tot metafoor van een historische katharsis. Drijfhout is naast een familieverhaal ook een ode aan de Marowijne en aan het pittoreske grensplaatsje Albina van weleer:

‘Tien jaar later kwam ook Albina zoals wij het hadden gekend, aan haar einde. Het werd verwoest tijdens de binnenlandse oorlog tussen het leger van Bouterse en het junglecommando van Brunswijk. (...) Op het NOS journaal zagen we pension Marowijne, samen met alle andere statige, koloniale huizen langs de Marowijnerivier, in vlammen opgaan. Oom Eddy snikte als een kind.’ (p. 254).

Annette de Vries slaagt er in deze gecompliceerde familiegeschiedenis te vertellen in een stijl waaraan de lezer niets overblijft dan zich eraan gewonnen te geven. Het einde van de roman biedt de expliciete ontknoping die wat mij betreft zowel beknopter als minder nadrukkelijk had gekund, ook al omdat er actuele politieke zaken bij betrokken worden die in het verhaal als weinig functioneel beter achterwege hadden kunnen worden gelaten. Aan het einde blijft voor mij de intrigerende vraag in hoeverre de familierelatie tevens impliciet als de relatie tussen de twee landen Nederland en Suriname gelezen kan worden. Wat ik echter wel zeker weet is dat Annette de Vries met Drijfhout er volkomen in geslaagd is het niveau van haar romandebuut te bestendigen, zo niet te overtreffen.

Annette de Vries, Drijfhout. Amsterdam/Antwerpen: Uitgeverij Atlas, 2010. 316 p., ISBN 978 90 450 0917 9, prijs € 19,90.

[uit Oso, jrg. 2011, nr. 2]

Foto van Annette de Vries: @ Michiel van Kempen

donderdag 3 maart 2011

Kinderboekenfestival Marowijne trotseert regen

door Hugo den Boer

De eerste twee dagen van het Kinderboekenfestival Marowijne werden gekenmerkt door veel regen, maar het beïnvloedde het enthousiasme van de deelnemers en medewerkers niet. Dagelijks komen ’s ochtends 1500 leerlingen die verschillende workshops volgen en boeken kopen. In de middaguren zijn de stands vrij toegankelijk. Wel is het regenwater een grote vijand voor de opgestelde boeken die niet graag nat willen worden.

De bovenbouwleerlingen van enkele scholen langs de Marowijnerivier die een lange reis aflegden, bleven slapen. In het Nucleus Centrum staan zestig veldbedden om per nacht twee scholen te kunnen opvangen. OS Ampoematapoe en OS Loka Loka zijn inmiddels huiswaarts gekeerd. Van de scholen van Langatabbetje en Nason was nog niet duidelijk of ze uiteindelijk konden komen.
.


In de workshop ‘Hoe wordt een krant gemaakt’ werden leerlingen met ‘perskaart’ op hun borst het terrein opgestuurd om personen te interviewen en met de vergaarde informatie een artikeltje te schrijven. (Foto @ Hugo den Boer)


Het KBF prikkelt leerlingen om op verschillende manieren met taal bezig te zijn. Voor de peuters en kleuters wordt een verhaal behandeld met een duidelijke praktische uitwerking naar het dagelijks leven. De kinderen krijgen het verhaal ‘Amaisa gaat baden’ voorgelezen, waarna een spel volgt en wordt besproken wat er allemaal komt kijken bij baden: kleding uittrekken, water en zeep. Als afsluiting moeten de kinderen een uitgekleed poppetje weer kleren ‘aantekenen’. De verhalen ‘Amaisa gaat eten’ en ‘Amaisa gaat op bezoek’ worden in andere stands behandeld
Voor de kinderen uit de onderbouw is er onder meer een knutselhoek en een poppenkast, en worden er verhalen voorgelezen. Twee Belgische stagiaires Logopedie vertellen in onvervalst Vlaams het verhaal van de luchtkabouters die via de mond je lichaam binnen komen. Met dit verhaal leggen ze kinderen uit om via de neus te ademen en een openstaande mond te voorkomen.

Voor de oudere leeringen van glo-bovenbouw en voor voj-leerlingen zijn er stands waarbij ze moeten nadenken over hun toekomst, zoals de workshop ‘Hoe wordt een krant gemaakt’, om leerlingen te laten nadenken over de mogelijkheid om journalist te worden. Ook wordt gewerkt aan vaardigheden zoals discussiëren bij ‘geef je mening’. In de workshops hoeven kinderen niet lang te luisteren, maar worden ze aangezet om zelf opdrachten uit te voeren. Klaske Koorndijk van stichting De Zoutkorrel brengt het toneelstuk Op reis, een Bijbelverhaal over de profeet Jona, om kinderen te laten nadenken over hun keuzes voor de toekomst. De toeschouwertjes kregen gratis de ‘maak-je-eigen-kinderbijbel’ uitgereikt, een Bijbel om in te tekenen en kleuren. Totaal zijn er meer dan 11.000 stuks ter beschikking gesteld door het Surinaams Bijbel Genootschap, ook voor de komende KBF’s in Nickerie en Paramaribo. In de voorlichtingsstands van de politie, kinder- en jeugdtelefoon en ‘s Lands Bosbeheer is er informatie over zeden en natuur. Firm Engineering, mede-sponsor van het festival, is als consultant betrokken bij de rehabilitatie van de Oost-Westverbinding en heeft een stand om de wegwerkzaamheden zeer aanschouwelijk aan de kinderen uit te leggen.

[uit de Ware Tijd, 02/03/2011]

woensdag 2 maart 2011

1500 bezoekers bij opening kinderboekenfestival in Albina

door Afoisini Akiemboto

‘Weten, Willen en Werken vormen samen Welzijn’ (WWW.Welzijn). Met dit thema is het jaarlijkse kinderboekenfestival maandag van start gegaan in Albina. Op het terrein van een VOJ-school te Albina brachten 1500 kinderen van verschillende scholen uit Moengo, Albina en Bigi Ston een bezoek aan het kinderboekenfestival.

De slogan: ‘Als ik weet wie ik ben en wat ik kan, denk dan na over mijn toekomstplan’, vertelt kort de inhoud van de drie W’s. “We moeten weten wat we willen. We moeten werken aan wat we willen en we moeten werken om onze toekomst in goede banen te leiden. Kinderen moeten al op jonge leeftijd nadenken over hun toekomst; vandaar dit thema”, vertelt Agnes Ritfeld, bestuurslid van de Nationale Stichting Boekenfestival Suriname.

Niet alleen lezen, maar ook taalstimulering en bevordering van welzijn zijn onderdelen die deel uitmaken van dit festijn. “Natuurbescherming, veilig leven en wonen zijn allemaal dingen die het welzijn van de mens bepalen. De weg naar Albina wordt momenteel gerehabiliteerd, dat is ook een vorm van welzijn. Over dit alles kunnen de kinderen meer te weten komen in de stands”, zegt Ritfeld.

Kimberly Weegman leerling van het ACI, die samen met medestudenten werkzaam is bij dit evenement, vertelt dat de opkomst goed was. “Het was behoorlijk druk voor de eerste dag. De kinderen waren blij met de start van het festival, want zoveel andere activiteiten worden daar niet georganiseerd. Dit is echt iets dat ze niet elke dag meemaken en waar ze volop van genieten.” De taak van deze studenten is om mee te helpen in alle stands. “Ik help mee met het leren van leuke spelletjes, verhaaltjes vertellen en het aanleren van andere leuke educatieve activiteiten voor kinderen”, zegt Weegman.

Volgens Ritfeld is de organisatie momenteel bezig met een website, het wereldwijde web van Anansi, waar straks alle informatie rond het kinderboekenfestival is te vinden. Het kinderboekenfestival duurt tot en met woensdag en is steeds van 8.00-13.00 en dan weer van 17.00-19.00 uur.

[van Starnieuws, 1 maart 2011]

Foto: @ Michiel van Kempen

zaterdag 26 februari 2011

Kinderboekenfestival van start in Albina

Op maandag 28 februari gaat de eerste ronde van het Surinaamse Kinderboekenfestival 2011 van start in Albina. De karavaan met standhouders vertrekt reeds op zondag naar het grensplaatsje aan de Marowijnerivier. Van Schrijversgroep ’77 gaan Irene Welles, Sombra en Ismene Krishnadath mee. De laatste is schrijfster van het Kinderboekenfestival 2011. Zo’n drieduizend kinderen van scholen in Marowijne zullen het festival bezoeken. De tientallen stands bieden allerlei leuke activiteiten die bedoeld zijn om de interesse voor het boek te wekken. Tijdens het festival worden ook de finales gehouden van de vele wedstrijden waarop de kinderen via de school zijn voorbereid, zoals voorlezen, vertellen, rap en drama.




Foto: @ Rudy M

zaterdag 12 februari 2011

Leesplezier in Marowijne

door Hugo den Boer

De afgelopen maand reisden drie weken achtereen groepen studentes van het Albert Cameron Instituut naar Albina en Moengo af om de leerlingen op de scholen enthousiast te maken voor voorlezen. In aanloop naar het kinderboekenfestival (kbf) in Albina van 28 februari tot 2 maart worden wedstrijden georganiseerd om te bepalen wie de beste voorlezers zijn. De winnaars van de verschillende scholen gaan later deze maand tegen elkaar uitkomen.

De organiserende stichting Projecten Christelijk Onderwijs Suriname (PCOS) heeft van 2011 tot 2013 het meerjarenprogramma met als thema http://www.welzijn/. Hoofddoel van het kbf is dat kinderen gestimuleerd worden tot een intensiever leesgedrag en het ervaren van leesplezier. De komende drie jaar ligt de nadruk op voorlezen, om het een duurzame plaats te geven binnen de te ontwikkelen leescultuur.

In Moengo doen vijf en in Albina drie lagere scholen mee aan het pilot voorleesproject, dat uiteindelijk een landelijk karakter moet krijgen. Vijfdejaars studente Niza Nijman van het Alber Cameron Instituut (ACI), bezig met de afronding tot hoofd kleuterleidster, geeft de training met veel plezier. “We leren de kinderen dat het niet alleen om de woorden gaat, maar ook de lichaamshouding. Bij het voorlezen moeten ze rustig staan, de tijd nemen en contact hebben met hun gehoor. En ze moeten de plaatjes laten zien die bij het verhaal horen.” Om te controleren of de kinderen het voorgelezen verhaal begrepen hebben, wordt er na de bespreking een verwerking gedaan. Dit varieerde van het maken van een tekening tot het doen van spelletjes of zelfs competitie-rennen op het schoolplein. Voor de leerlingen een aparte benadering van een voorleesles.

Project-begeleidster Leonnie van Eert constateert dat er wel weinig boeken beschikbaar zijn in het district. “Deze voorleestraining moet desondanks een stimulans zijn voor de kinderen, maar ook inspirerend voor de leerkrachten om het voorlezen op een andere manier aan hen aan te bieden. Door de creatieve verwerkingsvormen die de studentes aandragen, moeten de verhalen dichter bij de beleving van het kind gebracht worden.” Van Eert ziet de pilot niet als nieuw, maar als opfrissing voor de leerkrachten. “De leerkrachten hebben dit al op hun opleiding gehad, maar door de drukte van het werk schiet het er soms bij in om lessen creatief aan te bieden.”.

[uit De Ware Tijd, 10/02/2011]


Foto: First lady Ingrid Bouterse-Waldring had gisteren [11 ferbruari] 185 peuters van De Papegaaitjes op bezoek in het presidentieel Paleis. Door het opzeggen van versjes hadden de peuters haar aandacht voor het onderwijs. Elke dinsdag en donderdag ontvangt mevrouw Bouterse gasten. Foto: @ Claudio Barker

zaterdag 5 februari 2011

Drijfhout, tweede roman van Annette de Vries

door Cobi Pengel

In 2002 debuteerde Annette de Vries met Scheurbuik, dat zich evenals de in 2010 verschenen roman Drijfhout in Suriname afspeelt. Drijfhout heeft opnieuw een verhaal opgeleverd over de eigen omgeving, waarin de Surinaamse lezer zich thuis kan voelen omdat er veel herkenbare elementen zijn en het verhaal alleen daarom al plezierig is om te lezen.


Annette de Vries (rechts) met Maria Cuartas y de Marchena (chef kabinet burgemeester van Amsterdam), bij het erediner voor Derek Walcott in 2008. Foto: @ Bert Nienhuis


Drijfhout is een verhaal over ontheemden. Eddy, het centrale personage in het verhaal, is na een kortstondige relatie in Nederland met de blanke Nederlandse Jacoba getrouwd, die haar zoontje Barend meebrengt naar Suriname en zwanger is van het tweede kind van de man met wie ze eerder getrouwd was. Eddy ontfermt zich bovendien over de eveneens zwangere Frans-Guyanese creoolse Nadine, die op een donkere regenmiddag, kort voor de komst van Jacoba , over de Marowijnerivier zijn leven komt binnenvaren. Enkele tientallen jaren later kruisen de wegen van Eddy, Barend en Hortence (dochter van Nadine) elkaar opnieuw, nu in Nederland.

Tekeningen die Nadine ooit van Eddy maakte, vormen een opvallend leidmotief en zijn een prachtige vondst van Annette de Vries. Zowel in het verleden in Albina als in het heden tijdens de reünie in Rotterdam vormen zij hoogtepunten in het verhaal. De thematiek van de ontheemding is sterk, evenals de plot. Ik heb mij er dan ook over verbaasd dat een schrijfster die zo’n sterk thema en zo’n goede plot kan bedenken, niet de kunst verstaat deze steeds met functionele stof uit te werken, maar laat vertroebelen – en daardoor het verhaal laat verzwakken - door een schadende overdaad aan tekst, gewijd aan tal van niet relevante bijzaken. De bij alle auteurs bekende motto‘s ‘schrijven is schrappen’ en ‘kill your darlings’ schoten mij tijdens het lezen meerdere malen door het hoofd.

Het losbandige leven dat Jacoba in Paramaribo leidt na haar scheiding van Eddy is onnodig uitvoerig beschreven en is één van de delen in het boek die de plot aan kracht doen inboeten.
Eveneens een teveel aan tekst, bovendien ongeloofwaardig: Jacoba zadelt de dan zevenjarige Hortence op met haar eigen oninteressante levensverhaal. En als Hortence wat meer over Nadine, haar overleden moeder wil weten, belast Jacoba haar uitvoerig met een negatief beeld (p. 215 t/m 222).

In het laatste deel van het boek wordt tot vervelens toe de homoseksualiteit van Barend benadrukt. Niet nodig, het is niets bijzonders, iedereen accepteert het, zelfs de christelijke oom Eddy. En waarom die uitweiding over de dodenherdenking op 4 mei in Nederland? En waarom de Nederlandse politiek er in de persoon van de met name genoemde Pim Fortuyn bij betrokken? Het motief discriminatie dat hiermee gepaard gaat, leidt alleen maar af van de belangrijke onthullingen die aan het slot aan bod komen en had achterwege gelaten kunnen worden.

Enkele onjuistheden die gemakkelijk te controleren zouden zijn geweest: in 1970 was de vertrekhal van Zanderij nog niet airconditioned. De situatie van de club Oase, waar het gezin bij een kort verblijf in Paramaribo meteen gaat zwemmen, is niet correct weergegeven: men kon en kan er niet zonder lid te zijn zomaar met een gezelschap mensen binnenkomen. Het woord ‘boelen’ wordt enkele malen gebruikt. Voor zover bekend duidt dit schuttingwoord alleen maar de geslachtsgemeenschap tussen twee mannen aan. Neuken en naaien zijn de gebruikelijke schuttingwoorden voor geslachtsgemeenschap tussen mensen van verschillend geslacht. Als Baas Paulus, een oom van Eddy die op het erf van Eddy’s ouders woont, een vrouw mee naar huis neemt, zal hij dan ook niet ‘brullen’: ‘Als ik godverdomme in mijn eigen huis wil boelen, dan boel ik!’ (p.151) Taalgebruik en stijl van De Vries zijn afwisselend mooi en wat stijfjes. Bij het lezen van een zin als ‘Toen keerde ze zich om, hief haar hoofd en bood me haar lippen’ (p.195) waan ik mij in een meisjesroman uit de jaren vijftig.

De vorm van de roman is die van een wisselend perspectief. Oom Eddy, Hortence en Barend vertellen in flashbacks het verhaal. Deze vorm kan boeiend zijn. Een knap voorbeeld is Gabriel García Márques’ eerste korte roman Afval en dorre bladeren. De functie van de verschillende perspectieven is dat ze in elkaar grijpen als een legpuzzel. Verstrengeling mag niet de overhand krijgen. Bij het niet correct toepassen van deze vorm krijgt de lezer al gauw een rommelige indruk waardoor de aandacht verslapt. Dat is mij bij het lezen van Drijfhout meerdere malen overkomen.

De personages van Jacoba, Barend, Bas en Hortence blijven wat oppervlakkig. Nadine wordt beschreven als een krachtige persoonlijkheid, maar maakt verder geen ontwikkeling door. De centrale figuur ‘oom Eddy’ daarentegen wel. Eén van de hoofdstukken die vanuit zijn perspectief zijn geschreven, draagt de titel ‘De barmhartige Samaritaan’ en hij doet die naam alle eer aan bij het zich onfermen over het ‘drijfhout’. Hij is een goed mens met een christelijke opvoeding die hij in praktijk probeert te brengen. Des te verrassender is het als hij op een gegeven moment het ferme besluit neemt geen ‘bobo-Jantje’ meer te zijn en zijn christelijke principes overboord gooit om eindelijk zijn lichtzinnige echtgenote ontrouw te worden en toe te geven aan zijn liefde voor Nadine. Menige lezer zal opgelucht ademhalen: hij was te goed om waar te zijn. Eddy de ‘bobo-Jantje’ bestaat niet meer! Dit is een hoogtepunt (p.195 e.v.).

Evenals in Scheurbuik toont Annette de Vries in Drijfhout haar belangstelling voor magie. Dus ook de winti komt ter sprake. De fragmenten waarin magie een rol speelt, boeien en doen een zekere betrokkenheid van de auteur vermoeden. Zo vergelijkt zij ‘Ma Aisa’ met ‘moeder Natuur’. ” ‘Ma Aisa’ , de Surinaamse versie van moeder Natuur, is een mooie, gulle vrouw”, laat zij Barend zeggen (p.61). De tekeningen die Nadine maakt op het natte zand en de figuren op de grond van de open plek in het bos ademen magie.

Als Nadine Eddy’s leven over de Marowijnerivier komt binnenvaren, met op haar hoofd een tot een dakje gevouwen krant als bescherming tegen de regen, noemt hij haar ‘Une mademoiselle avec un accent circonflex’ (p.131). Hij komt daar nog eens op terug als hij een vergelijking maakt tussen de twee vrouwen en de symboliek overdenkt van hun verschijning in zijn leven: ‘En zoals Nadine een vrouw met een dakje was, zo droeg Jacoba een uitroepteken.’ Beeldend en origineel (p.152/153).

Als we de minpunten buiten beschouwing laten, heeft Annette de Vries haar lezers opnieuw verrast met een roman die niet zomaar een Surinaamse roman is, maar ook een goed verhaal, een verhaal over leven en dood, over eenzaamheid, liefde en teleurstelling, maar vooral een verhaal over mensen, met alle emoties en alle tekortkomingen die de mens eigen zijn. Drijfhout biedt de Surinaamse lezer de ruimte om zichzelf terug te vinden in een verhaal waarin bijna alles vertrouwd en herkenbaar is.

Annette de Vries
Drijfhout
Uitgeverij Atlas
Amsterdam / Antwerpen
ISBN 978 90 450 09179

[bespreking gelijktijdig verschenen in de Ware Tijd Literair]

zondag 19 december 2010

Drie kinderboekenfestivals in Suriname in 2011

door Hugo den Boer

“Omdat we het niet voor onmogelijk houden dat 25 februari komend jaar ook tot een nationale vrije dag wordt uitgeroepen, heeft stichting Protestant Christelijk Onderwijs Suriname (PCOS) als organisator van het Kinderboekenfestival (KBF) besloten het evenement te Albina nu alvast met drie dagen uit te stellen naar 28 februari en 1 en 2 maart”, aldus medewerkster Yvonne Caprino.






De voorzorgsmaatregel is vroegtijdig genomen - net voor de concrete organisatie van het evenement deze week contouren krijgt - om het kinderboekenfestival van Albina niet tot een mogelijk organisatorische flop te laten geworden. “Het vergt een enorme voorbereiding om het kinderboekenfestival neer te zetten, ook logistiek. Er zijn veel mensen bij betrokken.” In Albina worden naast de twintig scholen in omgeving Moengo en Albina ook de bijkans twintig scholen langs de Marowijnerivier in het Tapanahony- en Lawagebied uitgenodigd. “Het is al moeilijk om het contact te leggen. Een mogelijke nationale vrije dag zou onze hele organisatie frustreren.”

Het kinderboekenfestival wordt komend jaar in Albina, Nickerie (30 maart en 1 april) en als afsluitend evenement in Paramaribo (van 23 tot 28 mei) georganiseerd. Het thema in de periode 2011 tot 2013 is ‘www: weten + willen + werken = welzijn’. De slogan voor 2011 is ‘Als ik weet wie ik ben en weet wat ik kan, ga ik werken aan mijn toekomstplan!’ In Marowijne zal in de aanloop naar het festival de nadruk liggen op het onderdeel ‘voorlezen’. De leerlingen van de lagere school en onderbouw van mulo en lbgo zullen in de les en in middaguren extra begeleid worden om deel te nemen aan de voorleescontest. Momenteel worden alle actoren zoals het districtsbestuur, scholen, volksvertegenwoordigers en lokale ondernemingen in stelling gebracht om het KBF-Albina tot een succes te maken.-.

[uit de Ware Tijd, 16/12/2010]


Foto: Kinderboekenfestival Paramaribo 2010, @ Michiel van Kempen

maandag 18 oktober 2010

Verwikkelingen in Albina

Het verhaal van de nieuwe roman, Drijfhout, van Annette de Vries komt in grote lijnen hierop neer. Als de oudere danseres Jacoba breekt met haar man Daan, begint zij een relatie met de pensionhouder Eddy Blom, een godvrezend Surinamer uit het grensplaatsje Albina. Met haar zoontje Barend trekt zij naar Suriname, waar al gauw Bas wordt geboren. Maar wat begint als een idylle, blijkt gaandeweg een enorme vergissing. Jacoba en Barend verstaan zich slecht met Nadine, een Frans-Guyanese, die bedrogen is door haar Franse echtgenoot en door Eddy is opgevangen. Haar dochtertje Hortence groeit op met Bas – niet ver van de altijd wijze Ma Amimba ˗, maar de hooghartige Jacoba verruilt Albina voor een hippiebestaan in Paramaribo. Vele jaren na die gebeurtenissen komen enkele van de belangrijkste protagonisten bij elkaar in Nederland om openhartig hun verhaal te doen. Liefde en trouw blijken gedefinieerd in termen van huidskleur en de moeizame verhouding tussen voormalig kolonisator en gekoloniseerde. Traditie vecht met vrijheid en moderniteit, wantrouwen met overgave. Annette de Vries debuteerde in 2002 verdienstelijk met de roman Scheurbuik, de nieuwe roman is psychologisch nog fijner uitgewerkt, wat resulteerde in een mooie roman.

Annette de Vries, Drijfhout. Amsterdam: Atlas, 2010

Foto: @ Michiel van Kempen

woensdag 13 oktober 2010

De val van de regering Bouterse is ingezet

(...het duivelspact is gesloten...)

door Rolf van der Marck

De Nationale Democratische Partij (NDP), ofwel de Firma List & Bedrog, betaalt –zoals nu al duidelijk is– zijn tol voor de wijze waarop deze regering tot stand is gekomen, namelijk door omkoping, leugen, list & bedrog, een fundament waarop niet enig gewas kan gedijen. Een gelegenheidscoalitie bestaande uit enkel huichel- en leugenachtige criminelen, die tot voor kort elkaars gezworen vijanden waren, maar die elkaar in de armen zijn gevallen om macht uit te oefenen, niet uit vaderlandsliefde maar uit eigenliefde, waarbij ieder van meet af aan zijn eigen stokpaardjes berijdt.


Desi Bouterse
Om te beginnen bij Bouterse, die onmiddellijk weer zijn 30-jarige revo-droom van stal heeft gehaald. Aangezien Maurice Bishop van Grenada hem inmiddels is ontvallen, omhelst hij de huidige Zuid-Amerikaans revolutionair, Hugo Chávez van Venezuela, alhoewel van diens kant nog maar bitter weinig van enige wederkerigheid valt te bespeuren. Het enige contact dat vooralsnog ‘werkt’, is Bouterse’s toenadering tot Jagdeo van Guyana, maar die is dan ook de enige om daarbij iets te winnen. Maar de militaire houwdegen Bouterse heeft er –tegen ieders verwachting in– wél alle ‘Surinaamse’ principes inzake Tigri voor opgegeven. Dat Bouterse niet is uitgenodigd door Obama ten tijde van de VN-vergadering, is een bewijs van het isolement waarin deze regering –zoals verwacht– is terecht gekomen, hoezeer die ook het tegendeel wil bewijzen.


Robert Ameerali
Aan het optreden van VP Ameerali is vanaf de eerste dag duidelijk af te lezen dat hij –afgezien van zijn bedrijseconomische ervaring– geen enkele bestuurlijke ervaring heeft. Hij ‘fietst’ overal luchtigjes doorheen, doorkruist competenties die de zijne niet zijn, geeft langs zijn neus weg oordelen weer die hij niet kan en mag hebben, zoals bijvoorbeeld in de inmiddels beruchte ‘Sasur-case’, werkt kortom als een ‘eenmans-bedrijf’ in plaats van als dirigent van de Raad van Ministers te functioneren, hetgeen tenslotte zijn taak is. Hier manifesteert zich wat meteen al werd gevreesd, namelijk dat het kabinet van de President de macht aan zich houdt, in plaats van die te laten waar die thuis hoort, namelijk bij de Raad van Ministers. Daarbij is er in het kabinet van de President nauwelijks enige synchronisatie, zodat het gewoon kan gebeuren dat President en Vice-President elkaar op een en dezelfde dag tegenspreken, zoals in de niet onbelangrijke zaak van de vrije dag van de Marrons.


Lamuré Latour
Een ander bewijs voor de macht die het kabinet van de President naar zich toe trekt, is de weder-instelling van de militaire dienstplicht. Minister Lamuré Latour, die vanaf zijn aanstelling plechtig heeft verklaard dat er geen dienstplicht zal worden ingevoerd, heeft bakzeil moeten halen voor Bevel en dus wordt de dienstplicht opnieuw ingevoerd. Alhoewel Latour als een meer ‘verlicht’ militair kan worden gezien dan Bouterse, hebben diens oude stokpaardjes en drogredenen onder het aloude adagium “tucht moet er wezen” de doorslag gegeven. Nu moet Latour in opdracht van Baas verdedigen dat het leger gezond en waardevol is voor de heropvoeding van de Surinaamse jeugd en dat de dienstplicht zal zorgen voor een goed roulatie-systeem van militairen. De ‘revo’ van 1980 heeft laten zien hoe gevaarlijk een leger kan zijn, en zeker een leger onder leiding van Bouterse. Had Bouterse geluisterd naar Latour, dan werd de heropvoeding van de Surinaamse jeugd gelegd op het bordje waar het thuis hoort, namelijk van het Ministerie Sociale Zaken, en wat er op de buitenposten aan mankracht nodig is gevormd, getraind en gedetacheerd vanuit de politiemacht.


Michael Misiedjan
Het heeft heel veel voeten (en dreadlocks) in de aarde gehad alvorens Michael Misiedjan Minister van Justitie mocht worden, maar zijn eerste optreden getuigt niet van veel zelfstandig oordeel. Neem nu de jongste rellen in Albina/Papatam, waar Misiedjan zich –terecht– ijlings heenspoedde, maar waar hij vandaan kwam met een kul-verklaring dat er niets ernstigs aan de hand is. Hoe verzint hij het! Iedereen die niet blind is, weet dat Albina/Marowijne sinds de Binnenlandse Oorlog tot een ghetto en een licht ontvlambaar kruitvat is verworden, waaraan door de opeenvolgende regeringen never-nooit iets is gedaan. Maar Misiedjan, die er letterlijk van huis uit beter zou moeten weten, durft en mag uiteraard niet roeren in de stinkende pot die daar door de schuld van Bouterse en Brunswijk is ontstaan. Dus: “Er is niets aan de hand!” Ook Misiedjan’s optreden inzake opheffing van woordvoering en bescherming van de rechterlijke macht wekt overduidelijk de schijn van bemoeienis van bovenaf. Misschien trekt Misiedjan nog eens de haren uit zijn hoofd van spijt dat hij deze post ooit heeft aanvaard.


Martinus Sastroredjo
En dan nu het drama dat zich rond Minister Martinus Sastroredjo van Ruimtelijke Ordening, Grond- en Bosbeheer (RGB) aan het voltrekken is. De KTPI en de Volks Alliantie hebben het vertrouwen in Sastroredjo opgezegd. De minister zou in zijn beleid en bij de uitvoering daarvan geen rekening houden met de wensen van deze partijen. Zonder afstemming zou hij beslissingen rond gronduitgifte hebben teruggedraaid. Sastroredjo is van zins gronden die volgens hem onrechtmatig zijn uitgegeven terug te vorderen. Dit zint de partijtoppers niet. Bovendien zou hij die partijtoppers onheus hebben behandeld. Een door Sastroredjo aangekondigd onderzoek naar de onrechtmatige uitgifte van grond aan NV Mahona, een bedrijf geliëerd aan Paul Somohardjo, voorzitter van Pertjajah Luhur en Volks Alliantie, was de druppel die de emmer deed overlopen. En nu de oplichters van KTPI en Volks Alliantie hun zin niet krijgen, moet Sastroredjo eruit. Wat zal Somo een spijt hebben dat hij zijn trouwe en immer volgzame trawant Jong Tjien Fa heeft laten vallen! Nu komt het erop aan dat Bouterse zijn stuurmanskunsten vertoont. Maar de wijze waarop zijn regering is samengesteld en waarop de ministers hem zijn opgedromgen, geeft hem nauwelijks speelruimte. De val van de regering Bouterse is ingezet.

maandag 30 augustus 2010

Drijfhout: nieuwe roman Annette de Vries

Bij Uitgeverij Atlas verschijnt deze week de roman Drijfhout van Annette de Vries.


Ooit
maakten Barend, Eddy en Hortence deel uit van een bijeengesprokkeld gezin, dat woonde aan de Marowijnerivier in het dorpje Albina in Suriname. Een schokkend sterfgeval maakte een einde aan hun wankele verbintenis. Met zijn moeder en broertje keerde Barend terug naar Nederland.
Tweeëndertig jaar later schrikt Hortence op door een onverwacht telefoontje van Barend. Oude wonden gaan open. De drie personages proberen vertwijfeld de dramatische gebeurtenissen uit hun verleden te reconstrueren en eens en voor altijd vast te stellen of ze nu dader of slachtoffer waren.

De karakters in Drijfhout worstelen met de band tussen ouders en kinderen, liefde, klassenverschillen en het kunstenaarschap. Annette de Vries laat overtuigend zien hoe Surinamers en Nederlanders proberen verbitterde verhoudingen te herstellen.


‘Wil je ook een sigaar?’ vroeg ma Amimba.

Ik keek wantrouwig naar haar op. Zat ze mij voor de gek te houden? Haar gegroefde gezicht stond echter nog net zo vriendelijk als daarnet.

‘Nee, mevrouw. Ik mag geen sigaar. Ik ben nog maar een kind,’ zei ik plechtig.

Ma Amimba produceerde een diepe buiklach.

‘Jij bent geen kind meer, Barend. Daarvoor draag je een te zware last. Dus als je een sigaar wilt proberen, neem er dan één. Je kunt een paar trekjes nemen en je hoeft niet te inhaleren.’

Met een diep, onverklaarbaar gevoel van opluchting viste ik een sigaar zo dik als de pols van mijn broertje uit het doosje en stopte hem in mijn mond.


Annette de Vries, van oorsprong actrice en theaterdocent, debuteerde in 2002 met de rijke roman Scheurbuik, die warm is ontvangen en door de pers is vergeleken met de romans van V. S. Naipaul en Michael Ondaatje.