Op het Kinderboekenfestival lagen in de stand ‘Lees je
wijs!’ bijna alle ooit verschenen Surinaamse kinder- en jeugdboeken. Netjes
recht en in alfabetische volgorde van de namen der schrijvers of
schrijversgroepen, zoals Wagina uit Wageningen. Niet volgens leeftijdsgroepen
dus. In Suriname zijn boeken niet voor bepaalde leeftijdsgroepen, maar ze
worden gelezen naar leesniveau. Het boek dat je aan kunt op grond van het
niveau waarop je de schooltaal kunt lezen, dat kies je om te lezen of door te
bladeren.
Vanaf de beginjaren van Gerrit Barrons schrijverschap (begin
zeventiger jaren) tot de nieuwste uitgaven die op dit Kbf werden gepresenteerd,
lagen de boeken op tafels in de stand.
’s Morgens kwamen er veel klassen, van de vierde tot en met
de zesde, veel vierde en vijfde en slechts enkele zesde klassen. Leerlingen zo
tussen de negen en veertien jaar. Na een inleiding met ’n grappig versje of een mop maakten de
leerlingen kennis met een boek uit de Surinaamse kinderliteratuur waarin het
thema ‘welzijn’ duidelijk aanwezig is. Middels dit verhaal gingen ze het thema
begrijpen. Als je je welzijn door problemen verloren hebt, heb je hulp en
adviezen nodig van iemand die met je meeleeft en goed nadenkt hoe je te kunnen helpen.
Maar degene die geholpen wordt moet openstaan voor de bevrijding of redding en
vooral durf hebben. Na deze activiteit met veel werkvormen die de thematiek
zichtbaar maken, waren er nog zo’n zeven tot tien minuten over. Dan mochten de
kinderen de uitgestalde boeken bekijken en als ze er een vonden dat ze het
mooiste, spannendste of leukste vonden, mochten ze met een stift op een flap de
titel schrijven. Kinderen met leeservaring kozen meestal een boek dat ze al gelezen
hadden en erg goed vinden, anderen kozen boekjes die ze voor het eerst zagen en
die hen aanspraken. Zo kreeg
bijvoorbeeld een boekje van Soecy Gummels dat op woensdagavond gepresenteerd
was, op donderdag al stemmen!
In die vijf ochtenden, van maandag tot en met vrijdag,
hebben driehonderdzestig kinderen de titel van hun favoriete boek opgeschreven.
Als de flap vol was, werd die opgehangen in de stand, voor iedereen zichtbaar.
Op alle flappen samen staan honderdvier verschillende titels. Sommige boeken
zijn vaak gekozen, andere veel minder en veel maar één keer. Meer dan de helft
van de uitgestalde boeken is helemaal niet gekozen. De nieuwste blijken de
populairste en dat is een goede ontwikkeling.
De keuzes hebben we geordend naar enkele boeken en naar
series, zoals de Amaisa-serie, uitgegeven door het PCOS zelf en de MoiBoi-serie
van schrijversgroep Wagina uit Wageningen. De Amaisa-serie over het leven van
een meisje in een dorp uit het binnenland heeft achtendertig stemmen gekregen.
Voor de zoveelste keer is de Amaisa-serie de grote winnaar. De inhoud van de
boekjes is zeer eenvoudig qua taal en beeldend qua inhoud. Dat laatste komt ook
door de tekeningen van Rodney Vrede jr. Die tekeningen verbeelden wat er
geschreven staat in grote letters op de pagina ernaast. Met deze leuke,
eenvoudige boekjes leer je de moeilijke schooltaal als die niet je moedertaal
is. En dat is kennelijk in Paramaribo en omstreken ook het geval voor veel
kinderen. Amaisa werd in iedere klas wel een of meer keren gekozen. Ook
kinderen die de schooltaal wel redelijk beheersen, maar nog geen of weinig
leeservaring hebben, kiezen vaak voor Amaisa. Een mooi begin, toch. Als je
daarna meer wilt lezen, ga je steeds moeilijker boeken kiezen. Dus meesters en
juffen van scholen en bibliotheken, zeg er niets negatiefs over als kinderen in
uw klas heel eenvoudige boeken kiezen om te lezen. Door steeds meer te lezen
verhogen ze hun niveau en als ze er plezier in hebben, komen ze bij moeilijker
boeken met veel tekst terecht!
Voor de MoiBoi-serie van schrijversgroep Wagina geldt ongeveer
hetzelfde. In deze boekjes staat een jongen centraal en ieder deeltje geeft met
eenvoudige tekst en duidelijke tekeningen van Trimo Kangen iets weer uit zijn
leven. Ook de vele andere boekjes van Wagina hebben samen veel stemmen
gekregen. De meeste, dertien, heeft Anja uit de serie over ‘special kids’,
kinderen met een beperking of een probleem. Anja haar ouders zijn gescheiden en
ze heeft een tweede vader, de vriend van haar moeder, die bij hen woont en die
heel lief is. Maar hoe moet ze hem noemen? Haar eigen, echte vader ziet ze nog
regelmatig. Hij blijft haar vader. Door in woordenboeken te zoeken vindt Anja
een oplossing. Dat dit boekje zo vaak werd gekozen toont aan dat het kennelijk
een herkenbaar probleem is.
![]() |
| Indra Hu |
Niet alleen makkelijke boekjes met weinig tekst en veel
illustraties zijn gekozen. Ook moeilijker boeken vol tekst en met weinig
illustraties, in klas zes maar ook in vier en vijf. Door de ‘echte’ lezers dus. Laat me niet alleen van Indra Hu, waar ook een film over is, kreeg vijftien
stemmen. Het spannende en avontuurlijke boek Draken en Heksendrank van Marja
Themen-Sliggers kreeg er twaalf en echt niet alleen van kinderen op scholen met
veel goede lezers, zoals bijvoorbeeld de Nassy Brouwer School.
Veel stemmen kregen ook fictie- en non-fictieboeken over de
Surinaamse natuur. Het Wereld Natuur Fonds heeft er samen met Surinaamse
schrijvers en tekenaars enkele uitgegeven, zoals Mijn bizondere bossen en De
Groene Familie gaat naar Boven Suriname. Het laatste boekje heeft zelfs veertien
stemmen. Kinderen vinden het heel fijn om via boeken kennis te maken met ons
binnenland! Ook zijn er boeken in het Engels en Nederlands over schildpadden en
er was op het festival een stand, gewijd aan al deze ‘natuurboeken’. Ook het
boek over Natuurclub Activiteiten is gewild, vooral door de creativiteit van
de activiteiten. Zowel leerkrachten als leerlingen kunnen veel leren als ze met
zo’n boekje bezig zijn.
Door zo’n eenvoudig onderzoekje kom je veel te weten over de
voorkeur van kinderen met verschillende leesniveaus. Ze houden van herkenbare
boeken, dat is weer duidelijk geworden. Als ze wat meer gevorderde lezers
geworden zijn, willen ze graag lezen over hun land, vooral ook het binnenland
en over de natuur. Ook maatschappelijke en huiselijke problemen in boeken
spreken veel kinderen aan. Die zijn vaak herkenbaar en kunnen zelfs oplossingen
suggereren binnen mooie verhalen! ‘Lees je wijs!’ De kinderen worden wijs door
boeken te lezen, en de flappen leren ons dat leesbevordering in stapjes plaatsvindt,
niet met grote stappen naar moeilijke boeken, maar met kleine stapjes naar dat
wat je aankunt!
![]() |
| Ans Lieveld-Steffens, Mirafroiti de miereneter |






