door William Man A Hing
Van de bestuurlijke perikelen bij de rechtshandhaving
De organisatie van de pyawspelen had reeds geruime
tijd de aandacht van de autoriteiten. Het ging hier immers om een bij wet
verboden hazardspel dat een ongemeen grote populariteit en grote verspreiding
had weten te bereiken onder de bevolking. Onbevestigde berichten hielden het
erop dat deze gokactiviteiten zeer omvangrijke omzetten voor een kleine groep
chinese medeburgers zouden opleveren. Met de handhaving van het verbod op hazardspelen leek alles
in orde. Regelmatig werden verdachte chinese burgers als
agent/tussenpersoon en deelnemer aan pyawspelen aangehouden en aan de kantonrechter voorgeleid.
Veel publiciteit kreeg in dit verband de zaak van een
pyawrecidivist. Bij resolutie van de Gouverneur dd 22 januari 1930 is de verwijdering
uit de kolonie gelast van de exploitant Chin A Woen(g), ook bekend als Pipo of
Piauwkoning. Deze beslissing werd genomen toen de Chinees na een reeks van
eerdere veroordelingen voor hetzelfde feit in december 1929 door de rechter
werd verwezen tot drie maanden gevangenisstraf met openbare tewerkstelling.
Exceptie: preventieve hechtenis voor overtreding
Minder bekend is dat de hele commotie en problematiek rond
het pyawspel eveneens aanleiding heeft gegeven tot wijziging van het Wetboek
van Strafrecht (1928).
In november 1932 keurde de Koloniale Staten een wet goed die
toestond dat (chinese) personen die betrokken waren bij de organisatie van het
gokspel in voorlopige hechtenis werden gehouden. De gebruikelijke sanctie
hiervoor was een onvoorwaardelijke gevangenisstraf met openbare
terwerkstelling.
Interessant was de opstelling van het opponerend lid Simons
bij de behandeling van wetsvoorstel met zijn retorische vraag: "Maar ik
vraag U, mijnheer de Voorzitter, welke ambtenaar, die van het Parket niet
uitgezonderd, heeft niet eens piauw gespeeld of in de Chineesche sociëteit aan
"mai-tan spel" deelgenomen.”
Het onderwerpen van verdachten aan een voorlopige hechtenis
in geval van overtreding, in casu van de wet op het Hazardspel, kan inderdaad
een uitzondering worden genoemd. Als regel geldt dat voorarrest gereserveerd is
voor misdrijven. In de aanloopperiode naar de fatale politie-inval in de
sociëteit van de vereniging Kong Ngie Tong en de daarop gevolgde opheffing van
de vereniging bij beschikking van het Hof van Justitie in 1930, was de overheid
echter niet in staat gebleken om op effectieve wijze op te treden tegen de
pyawloterijen. Corruptie en tegenwerking binnen het ambtelijk apparaat
verhinderden de algehele stillegging van de pyawspelen.
Om in elk geval de wettelijke greep op de gokspelen, in het
bijzonder van pyawloterijen, te vergroten diende de Gouverneur in 1928 een
wetsvoorstel in voor het wijzigen van de wetboeken van strafrecht en
strafvordering. Voorgesteld werd om naast de organisatoren/bankiers,
eveneens de agenten/tussenpersonen en deelnemers aan het gokspel onder het
regiem van de voorlopige hechtenis te stellen. Deze maatregel tegen (alle) betrokkenen bij het “moreel
verderfelijke piauwspel” ging de Koloniale Staten te ver. Bij zijn stemmotivering heeft het opponerend lid Simons
kennelijk niet zonder heimelijke instemming van menigeen de retorische vraag
gesteld: "Maar ik vraag U, mijnheer de Voorzitter, welke ambtenaar, die
van het Parket niet uitgezonderd, heeft niet eens piauw gespeeld of in de
Chineesche sociëteit aan "mai-tan spel" deelgenomen.”
Het onderwerpen van verdachten aan een voorlopige hechtenis
in geval van overtreding, in casu van de wet op het Hazardspel, kan inderdaad
een uitzondering worden genoemd. Als regel geldt dat voorarrest gereserveerd is
voor misdrijven.
Het compromis mocht er zijn: bankiers/beroepsmatige
organisatoren en agenten konden in voorarrest worden gehouden. Dat kwam in de
praktijk goed uit, want deze groepen bestonden grotendeels uit chinese
medeburgers, die na verbalisering vaker uit het zicht, zo niet uit het land,
verdwenen. De deelnemers daarentegen, meestal niet-Chinezen, hoefden niet
vastgehouden te worden in afwachting van hun berechting.
Manifest sociaal-culturele impact
Het pyawspel genoot een ongelooflijke populariteit in de
samenleving in en rond Paramaribo. De eenvoud van spel en spelregels, de
mogelijkheid van variabele inzet met een laag minimum, twee speelrondes per dag
en een vlotte uitbetaling bij winst, zijn factoren die daaraan een belangrijke
bijdrage hebben geleverd.
Menig oudere Surinamer koestert nog zekere levendige
herinneringen aan de dagen van weleer toen op heimelijke wijze briefjes moesten
worden afgegeven bij “omu sneysie” alias de pyawagent in de winkel. Het bekende pyawlied, een onafscheidelijke evergreen, roept
als een soort anecdote onvergetelijke beelden op van deze episode. Razend knap
is de tekst die in twee strofen het wezen van het spel en zijn verloop op
accurate wijze weet te typeren. Immers hoe goed men zijn best ook doet om de
juiste karaktertekens aan te stippen, telkens weer blijkt men er naast te
zitten. Dat de afloop van een rondje pyaw ook fortuinlijk kon zijn
getuigt de odo: “Pjaw meki fjofjo go na barkon”(uit: Sranan Pangi van Johanna
Schouten-Elsenhout, 1974).
Hoogst opmerkelijk is de volgende anekdote van een attente
lezer. Het was zijn vader gelukt om tot twee keer toe een hoofdprijs te winnen.
Met de opbrengst hiervan kon hij uiteindelijk de overtocht van zijn moeder uit
China bekostigen.
![]() |
| Koopman H. Chin Ten Fung en echtgenote, omstreeks 1890 (collectie J.R.P.J. Chin Ten Fung) |
Het merken van de tekens heette bij ingewijden in
navolging van het Chinees (het plaatsen van) een “ai” (= oog). Met een chinees
penseel en inkt wordt een dikke zwarte “O” op de gekozen karakters met een
draaiende beweging geplaatst. Maar ook het aanstippen was mogelijk.
Met het verdwijnen van het pyawspel is overigens de invloed
van Chinese spelen niet geheel verdwenen uit de samenleving. Jarenlang bleef
het “fan-tan”-gokspel nog populair. Hierbij wordt gewed op een restaantal
fiches na het telkens elimineren van een viertal uit een onbekende(d.i.
willekeurig) en afgezonderde hoeveelheid. Tegenwoordig wordt alom het
“matjok-spel” beoefend, maar dit behoort niet tot de categorie van kans- of
gokspelen.
Het boekje Van de
roemruchte teloorgang van de Chinese vereniging Kong Ngie Tong (1880-1930) kost
15,00 euro inclusief portokosten en kan
besteld worden door storting op rekening ING-bankno. 4221241. Besteladres bij
de auteur W.L. Man A Hing, Marathonlaan 37, 1183 VC Amstelveen of op mijn
emailadres: william.manahing@gmail.com. (Bestellen worden niet
afgehandeld tussen eind november 2013 en eind december 2013.)









