[Opgetekend op verzoek van zekere Lisa Bom van College Tour]
In 1966 waren Wim
Verstappen en ik behalve de oprichters en hoofdredacteuren van filmblad Skoop ook partners in onze in 1965
opgerichte firma $corpio Films, alsook bestuursleden van de Amsterdamse
Filmliga. Na realisatie van enkele korte films hadden we eindelijk een lange fictiefilm
beoogd, met Wim van der Linden als cameraman/eigenaar van de eerste Eclair
geluiddichte 16mm camera in Nederland.
 |
| Pim de la Parra leest Godard |
Als spelers hadden
we toezeggingen van Shireen Strooker, Etha Coster, Rudolf Lucieer, Nouchka van
Brakel, Ab van Ieperen, Johannes van Dam, Roelof Kiers, Barbara Meter en
anderen, om geheel onbezoldigd rollen te spelen in onze eerste lange fictiefilm,
De minder gelukkige terugkeer van Joszef Katus naar het land van Rembrandt.
Iedere medewerker voor & achter de camera zou een percentage in de eventuele
opbrengst van deze film ontvangen, waarvoor we met iedereen een contract van 1
pagina afsloten. Ook met Frans Bromet en Jan de Bont, die naast Wim van der
Linden ook als cameraman hebben gefungeerd.

De film werd
opgenomen tussen 30 april en 6 mei 1966, zodat Koninginnedag en de openbare
4-Mei en 5-Mei herdenkingen op de Dam als couleur locale zouden dienen. Toen we
halverwege de opnamen waren werden we uitgenodigd om in Rotterdam de première
van een film van Joris Ivens bij te wonen, een korte docu waarin o.a. Willeke
van Ammelrooy een rolletje speelde. Wim en ik hadden in 1964 de film Aah… Tamara geproduceerd, waarin ook
Joris Ivens was te zien, die we in 1964 voor Skoop hadden geinterviewd. De film was aan hem opgedragen.
Op de première van
de film van Joris in Rotterdam, stelde Ab van Ieperen ons voor aan de toen 24-jarige
Italiaanse filmmaker Bernardo Bertolucci, van wie we zijn eerste lange film
hadden gezien, La commare secca, die
grote indruk op ons had gemaakt, niet in het laatst vanwege de zeer vrije vorm,
terwijl het ons ook niet ontging dat hij dit debuut op zijn 21steof
22ste had gerealiseerd, met als mentor de door ons bewonderde cineast
& auteur Pier Paulo Pasolini.
 |
| Bernardo Bertolucci |
Na de voorstelling
nodigden Wim Verstappen en ik Ab van Ieperen en Bernardo Bertolucci mee terug
naar Amsterdam in onze Scorpio stationcar, een derdehands auto, en gingen we in
Slotermeer langs om een warme maaltijd te nuttigen bij mijn toenmalige echtgenote
Liesje Tjoe Hwa Oei.
Omdat Bernardo
evenals wij een bewonderaar van Hitchcock was, wilde hij graag voor het eerst
in zijn leven een Hollandse molen van binnen bekijken, zoals gebruikt als decor
in Foreign Correspondent van
Hitchcock. Het toeval wilde dat er dicht bij mijn woning in Slotermeer zo’n windmolen
stond. Na lekker Chinees-Indisch gegeten te hebben reden we met Bernardo naar
die molen, waar we ook even in zijn geweest en hij uiteindelijk voor het eerst
met eigen ogen zo’n Hollandse windmolen van nabij kon zien en betreden. (Ik
toen ook!)
Het leek Wim en mij
wel aardig om van Bernardo’s verblijf in Nederland gebruik te maken en we
nodigden hem uit om twee dagen later, op een zaterdagochtend, als acteur een
scène te zullen improviseren samen met onze hoofdrolspeler Rudolf Lucieer. Er
werd afgesproken dat we hem nog bij een bepaald hotelletje in Amsterdam zouden
komen ophalen en ergens aan de Amstel de betreffende scène zouden improviseren.
Toen het eenmaal zo
ver was, bleek Bernardo echter de avond daarvoor te zijn vertrokken naar
Scandinavië, in het kielzog van een Zweedse die hij in Amsterdam had ontmoet.
We hadden de film,
voorzien van Engelse ondertiteling, ingeschreven naar het filmfestival van
Mannheim, dat in oktober plaatsvond, en waar er een prijs van DM 10.000.= was
te $coren. Bovendien stond Mannheim toen
bekend als een festival waar jonge filmmakers van over de hele wereld met hun
films konden debuteren, en zo een springplank voor die films vonden naar andere
festivals in Europa en elders. (Zoals onze film hierna vertoond werd op de
Semaine de la Critique in Cannes, in Pesaro en in Chicago en een paar andere
filmfestivals anno 1967 en 1968.)
Toen we in Mannheim
arriveerden hoorden we dat Bernardo Bertolucci een van de juryleden was. Dit deed ons vermoeden dat we in elk geval van
hem een positieve beoordeling zouden krijgen. Dat klopte, want hij vond de film
zeer intrigerend, en sprak over “a sense of doom”, dat over de hele film hing,
wat ook veroorzaakt werd door de musical score bestaande uit muziek van de
Russische componist Katchaturian.
Op een middag
gedurende het festival, nadat onze film al 1x was vertoond, verliet ik de
vertoning van een andere film, zonder Wim Verstappen, en kwam op weg naar ons
hotel toevallig Bernardo tegen. Hij vroeg me of ik zin had om met hem mee te
gaan naar twee gemeenschappelijke vrienden, de Amerikaanse filmmakers Sheldon
en Diana Rochlin, bekend van de New American Cinema, en die ik eerder in
Amsterdam had leren kennen als programmacommissaris van de Amsterdamse Filmliga
bij een serie films van de New American Cinema in Kriterion.
 |
| Diane Rochlin |
Bernardo vertelde me
dat Sheldon & Diana uit Nepal kwamen en Nepal weed bij zich hadden,
gekregen van Vali, een wereldberoemde New Yorkse dame uit de scene van Andy
Warhol, die in een boom leefde en zo veel publiciteit genereerde. Bernardo
vroeg me of ik ooit Nepal weed had gerookt en ik bekende van niet. Hij vroeg me
mee omdat hij was uitgenodigd om op de kamer van Sheldon en Diana (een
echtpaar) deze verse Nepal weed te komen genieten.
In Mannheim hebben
de straten geen namen maar nummers. Op de zevende verdieping van een hotel in
een straat met een nummer, werden we welkom geheten door Sheldon en Diana,
Joodse New Yorkers, en er werd op een bandrecorder muziek van Charlie Mingus
gedraaid en terwijl Sheldon en Diana op hun tweepersoonsbed zaten/lagen en
allebei joints rolden, zaten Bernardo en ik naast het bed en/of af en toe op de
rand van het bed.
Toen begonnen we te
roken en hielden we existentieel filosofische gesprekken terwijl ik na een half
uur zo stoned werd dat ik naar de badkamer liep, alwaar ik me in de spiegel
bekeek, en de sensatie beleefde dat ”ik” niet meer wist waar ik was: hier in de
badkamer, of daar bij hen in de hotelkamer...
In mijn
herinnering staat me bij dat ik niet wilde laten merken dat de weed behoorlijk
hard op mij inwerkte, en ik beleefde ook het plezierige gevoel dat ik met deze
jonge cineasten hiernu op deze kamer deze vriendschap deelde.
Ik liep naar een van
de ramen om wat frisse lucht binnen te laten, maar Sheldon vroeg me om het raam
weer dicht te doen, opdat juist de geur van de weed de kamer niet uit zou gaan
maar helemaal zou doordringen, want zo zouden we tenminste echt goed stoned
worden.
Inmiddels lag Diana
languit op het bed gespreid en begon ik me af te vragen of het soms de bedoeling
zou zijn dat we gedrieën met haar zouden vrijen, wat in die tijd = voordat er
AIDS bestond en er nog nauwelijks de anticonceptiepil verkrijgbaar was!!
= in New Yorkse en Amsterdamse kunstenaarskringen geen ongebruikelijke situatie
was.

Opnieuw bevind ik me
in de badkamer voor de spiegel en ik was nog nooit zo stoned geweest en kon
niet meer aan het gesprek deelnemen. Ik dronk water, waste mijn gezicht, en
voelde me behoorlijk beroerd. Toen liep ik terug de kamer in en weer naar een
van de ramen, om wat frisse lucht te happen. Er bevond zich een kozijn van
ongeveer 15 centimeter tussen het raam en de buitenmuur, zodat ik voorover kon hangen
en met mijn hoofd naar beneden kon kijken. Ik zag de auto’s met hun koplichten
voorbij gaan in de vroege avond en beleefde een zeldzaam gevoel van vrijheid.
Met beide handen naar omlaag leek ik naar beneden te zweven, toen ik van
achteren aan mijn broekriem werd beetgepakt en naar binnen getrokken...
Bernardo hield me
vast en de anderen kwamen er bij staan en ze waren erg geschrokken: ik was op
het nippertje door Bertolucci de kamer in getrokken, en dat was mogelijk
vanwege mijn solide leren broekriem, die hij met een hand had beetgepakt en mij
zo terug had getrokken. Ik werd op het bed gelegd en de andere ramen werden
open gedaan, zodat ik na een paar minuten weer okay was.
Toen vertrok ik,
omdat ik me herinnerde dat ik met Wim Verstappen had afgesproken om kennis te
maken met de beroemde Hollywood regisseur Josef von Sternberg, die te Mannheim
ook een zwart-witfilm in competitie had, een experimentele film met Japanse
spelers.
 |
| Josef von Sternberg |
Zo herinner ik het
me.
Op weg naar de zaal
waar de gesprekken met de filmmakers werden gehouden na elke film, besefte ik
dat ik aan de dood was ontsnapt en door Bernardo Bertolucci’s hand was gered.
Onze film werd
enkele dagen later bekroond met de INTER Film Preis, maar het Nederlandse lid
van deze organisatie meende dat Wim en ik de 10.000.= Deutschmark niet nodig
hadden, zodat wij de prijs in onze maag kregen gesplitst ZONDER de bijbehorende
10.000.= DM. Dat was heel pijnlijk, omdat het $corpio Films onmiddellijk uit de
schulden had kunnen halen, want de film had in totaal ongeveer datzelfde bedrag
gekost: 10.000.= Toen we hoorden
dat Bernardo onze film deze prijs had helpen toekennen, wilden we hem gaan
bedanken, maar hij was reeds vertrokken.
Ik heb hem later een
paar keer ontmoet op het filmfestival van Cannes en voor het laatst in 1977 op
het filmfestival van Venetië.
Welnu, beste Lady
Lisa Bom, hier eindigt het verhaal dat ik u toezegde.
Ik denk niet dat
B.B. ooit heeft geweten dat hij mijn leven heeft gered. Het was dus niet
Oberhausen, maar Mannheim. En hij had toen beslist al vaker marihuana gerookt,
dus het was echt niet de eerste keer dat hij dat rookte, zoals hij zei in dat
interview. En het was geen Wim, maar Pim met wie hij dit heeft beleefd.
 |
| Willeke van Ammelrooy & Hugo Metsers, Frank & Eva. Regie: Pim de la Parra. Productie: Wim Verstappen voor Scorpio Films. |
Ik vertrouw er op
dat ik u hiermee naar voldoening over die bewuste avond met Bernardo Bertolucci
heb ingelicht en hoop ook dat u hem zult vertellen hoe ik het heb beleefd. Hij
zal zich wellicht de namen van Sheldon & Diana Rochlin herinneren en wie
weet nog wat meer. Zo u wilt kunt u hem mijn e-mailadres geven en ik hoop nog
van u te zullen horen hoe het gesprek met hem verliep. Doe hem mijn hartelijke groeten
en vertel dat Wim Verstappen inmiddels is overleden, in 2004.
Dank voor uw aandacht.
Gran Odi
Pim de la Parra
Sr.Jr.