![]() |
| Keti koti Paramaribo |
door Jules Rijssen
en Lucia Nankoe
![]() |
| Lucia Nankoe |
In de Ware Tijd Literair van 1 maart 2014 verscheen met
als titel ‘Vlieg terug naar Afrika’
een recensie van Hilde Neus over het boek De slaaf vliegt weg onder
redactie van Lucia Nankoe en Jules Rijssen (Arnhem: uitgeverij LM Publishers, december
2013). [Klik hier]
![]() |
| Jules Rijssen |
Een gemiste kans van de recensent om een unieke publicatie
te bespreken, hoe de doorwerking van de slavernij wordt verbeeld in het werk
van hedendaagse Caraïbische kunstenaars. Het is een gemiste kans indien
de inleiding tot de bundel die als sleutel dient niet goed wordt gebruikt oftewel
gelezen. Natuurlijk kan de bundel gelezen worden zonder de inleiding te
raadplegen en dan wordt de lezer geconfronteerd met het thema doorwerking
en verbeelding van de slavernij in verschillende kunstgenres te weten: poëzie,
het korte verhaal, essays, fragmenten van historische romans, biografische
portretten, storytelling, theater, cinematografie. Verschillende genres
die over hetzelfde thema gaan, want dat is de essentie van een anthologie,
zoals we weten.
![]() |
| George Padmore |
De lezer maakt in De slaaf vliegt weg ook kennis met het denkwerk van
Caraïbische en Afrikaanse filosofen én letterkundigen die bij velen uit het Caraïbisch
Gebied onbekend (gebleven) zijn. Bijvoorbeeld het denkkader van de grondleggers
van de invloedrijke Négritude-beweging die in de jaren twintig en dertig van de
vorige eeuw in Parijs opbloeide met Caraïbische vertegenwoordigers in de
personen van George Padmore (Trinidad), Aimé Césaire (Martinique), Léon-Gontran
Damas (Frans-Guyana). De invloed van deze beweging was en is nog steeds terug
te vinden in artistiek werk van verschillende kunstenaars en niet alleen bij
hen die afkomstig zijn uit het Caraïbisch Gebied. In onze bundel is er ook
prachtig werk opgenomen van Léon-Gontran Damas en van Ina Césaire; ja, de
talentvolle dochter van Aimé.
Ook wordt er geschreven door de auteur Ernest Pépin
(Guadeloupe) over de visie van de in 2011 overleden Caraïbische denker en
essayist Édouard Glissant (Martinique), over de identiteit en ontwikkeling van
de Caraïbische cultuur. Glissant bedacht hiervoor het concept Antillianité.
Zijdelings wordt het denkwerk over meervoudige Caraïbische identiteiten
van de onlangs overleden Brits-Jamaicaanse socioloog,
cultuurwetenschapper en grondlegger van de British Cultural Studies - ook
bekend als The Birmingham School of Cultural Studies - Stuart Hall aangestipt.
![]() |
| Édouard Glissant |
Het is wederom een gemiste kans dat de recensent de
inleiding niet goed heeft gelezen en daardoor de opzet van de bundel versmalt
tot slechts de vraag welke rol historische romans vervullen in de beeldvorming
met betrekking tot de slavernijgeschiedenis. Dat was daadwerkelijk het
onderwerp van het symposium uit 2009 in de Muiderkerk te Amsterdam. We hebben
op pagina 8 aangegeven, met het oog op 150 jaar afschaffing Nederlandse
slavernij (sommigen onder ons praten liever over 140 jaar), het thema van de
beeldvorming op te rekken naar kunst in het algemeen. En niet alleen de
historische roman te beschouwen, omdat deze slechts één cultuurbron is. De
lezer wordt op het verkeerde been gezet door de recensent doordat ze vermeldt
welke teksten ontbreken in plaats van aan te geven wat er wel wordt
gepresenteerd. Waarom de magnifieke Noord-Amerikaanse Toni Morrison in een Caraïbische
anthologie opnemen?
![]() |
| Nicolaas Porter - Facing truth |
De mens krijgt culturele informatie vanuit verschillende
kunstbronnen van waaruit beïnvloeding uitgaat. Op basis van deze beïnvloeding
en ontstane (positieve of negatieve) beeldvorming wordt vaak het debat gevoerd.
En niet alleen aan de keukentafel, onder de markt of bij de bushalte. Maar
ook op heuse maatschappelijke en wetenschappelijke podia. Daarnaast hebben wij
ook aangegeven dat kunst fungeert als doorgeefluik én bewaarders [sic] van
nationale en individuele identiteiten en idem herinneringen.
De bloemlezing De slaaf vliegt weg richt zich niet
slechts op kenners. Neen, met de bundel willen wij ook de lezer bereiken
die geen of geringe kennis heeft van het wetenschappelijke debat over
bijvoorbeeld de complexe processen van beeldvorming en taal die zich in ons
denken voltrekken. En met dat doel hebben wij gepoogd dit in begrijpelijk
taalgebruik te beschrijven.
Maar ook hier constateren wij dat de recensent de
theoretische discussie over beeldvorming verengt en versimpelt. Ze schrijft: ‘Mijns
inziens betekent het begrip beeldvorming binnen het literaire kader het
ontstaansproces van een beeld (in fictie) over een persoon of groep mensen dat
niet noodzakelijkerwijs met de werkelijkheid of de feiten overeen hoeft te
komen. Als de samenstellers bedoelen dat beeldvorming een visualisatie is die
bestaat uit het vertalen van een gedachte naar een beeld of uitdrukkingsvorm,
dan klopt de bundel wel.’
![]() |
| Foto Anabella |
In onze Caraïbische bundel komen literaire kaders en
verschillende kunstgenres ter sprake. Daarnaast bespreken we in onze
beschrijving over beeldvorming de kunstzinnige wereld en de realiteit van
het leven van alledag. Mede vanuit dát perspectief moet de inleiding tot de
bloemlezing gelezen worden. Hiermee overstijgen we de gedachte dat
(literaire) kunst een weerspiegeling is van de samenleving en de
actualiteit. Ten derde gaan wij ook in op de kracht en invloed van taal.
Want taal beïnvloedt niet alleen in hoge mate onze gedachten maar stuurt ze ook
aan.
Ten vierde, nog een gemiste kans om thema’s als familie,
taal, overleveringen, tradities, opvoeding, opleiding, levensvisie, en
-houding, geschiedenis, politieke verhoudingen en samenleving die de
kunstenaars in de bundel beïnvloeden en hoe deze aspecten terugkomen in
hun werk niet aan te halen.
Hilde Neus bespreekt geen van de bijdragen uit De slaaf vliegt weg diepgaand en haalt
alleen Surinaamse auteurs aan op Suzanne Diop na.
Het beoordelen en appreciëren van het werk vraagt dus het
nodige van de lezer en/of toeschouwer om overeenkomsten en parallellen tussen
verschillende Caraïbische landen te zien.
De slaaf die terugvliegt naar Afrika behoort daardoor tot
één van de denkconstructies die tot op heden opgaat voor grote delen van het
immense Caraïbisch Gebied dat zich uitstrekt tot de metropolen van West-Europa
en de Verenigde Staten.
Ten slotte: ‘terug naar Afrika’, is
dat cynisch bedoeld door de recensent, vroeg een lezer over de
kop. Ziedaar de sturing van taal!
Wij hebben een Caraïbische bloemlezing samengesteld met
bijdragen van beeldend kunstenaars als Letitia Brunst (Suriname), Frank
Creton (Suriname), Remy Jungerman (Suriname), Natasja Kensmil (Nederland),
Elis Juliana (Curaçao), Ras Ishi Butcher (Barbados) en
literaire bijdragen van Rudy Bedacht (Suriname), Ina Césaire
(Martinique), Fausten Charles (Trinidad), Léon-Gontran Damas
(Frans-Guyana), Gilda Dannarag (Suriname), Margot Dijkgraaf (Nederland),
Suzanne Diop (Senegal), Glenn Helberg (Curaçao), Rihana Jamaludin (Suriname), Cynthia
Mc Leod (Suriname), Lucia Nankoe (Suriname), Quito Nicolaas (Almere), Anil Ramdas
(Suriname), Jules Rijssen (Suriname), Ernest Pépin (Guadeloupe) en Ini
Statia (Aruba). En de vertalers: Carmen Lie, Henne van der Kooy en France
Olivieira. Het woord is nu aan de lezers!
Nederland, 9 maart
2014







