Posts tonen met het label MacNack Ricardo. Alle posts tonen
Posts tonen met het label MacNack Ricardo. Alle posts tonen

dinsdag 10 december 2013

Caraïbisch vers in foto's

Giselle Ecury en Eardly van der Geld

Op donderdag 28 november kon het publiek in de Centrale Openbare Bibliotheek Amsterdam Zuidoost kennismaken met de nieuwste Caraïbische boeken en hun schrijvers. Maar liefst acht schrijvers en een uitgever kwamen aan het woord in tafelgesprekken met Michiel van Kempen. Een foto-impressie.

Journaliste Jeannette van Ditzhuijzen opende de avond met een portret in woord en beeld van Músika Curaçao, een boek over Antilliaanse muziek met schitterend fotowerk van Sinaya Wolfert, waarvoor Jeannette de tekst schreef.

V.l.n.r. Michiel van Kempen, Leo Balai, Janny de Heer, Karin Amatmoekrim


De Antilliaans-Nederlandse schrijfster Giselle Ecury ging in op de familiebanden die aan haar romans binden, en dan met name aan haar nieuwe roman De rode appel. Eardly van der Geld schreef een roman over wat het slavernijverleden voor nu betekent: Curaçaos bloed; hij gaf een blik in de plannen die hij heeft om net nog met onderwerp door te gaan.

Janny de Heer


Karin Amatmoekrim bekende dat zij na alle commotie rond haar roman over Anton de Kom., De man van veel, het boek nog altijd exact zo zou schrijven. Historicus Leo Balai vertelde gepassioneerdieerd over het slavenschip Leusden en de moord op meer dan 650 slaven. Janny de Heer vertelde over de lange weg die zij ging om onderzoek te doen voor haar historische roman over het 19de-eeuwse Suriname Gentleman in slavernij.



Ricardo MacNack

In de laatste ronde spraken Ricardo MacNack en uitgever Franc Knipscheer. Ricardo MacNack vertelde levendig over zijn jaar in de DDR, waar hij ervaring op moest doen om een drukkerij op te zetten en hoe er tegen hem als vreemdeling werd aangekeken; Vervlogen dagen was daarvan het gevolg. Uitgever Franc Knipscheer van uitgeverij In de Knipscheer vertelde hoe de crisis ook voordelen kan bieden aan uitgeverijen die hun nek uitsteken.

Saxofoniste Sanne Landvreugd gaf een mooie muzikale sfeer met werk van onder meer de Braziliaan Jobim.

Eardly van der Geld

Karin Amatmoekrim

Jeannette van Ditzhuijzen, Giselle Ecury, Eardly van der Geld
Franc Knipscheer


Saxofoniste Sanne Landvreugd
Het publiek


maandag 11 november 2013

Caraïbisch Vers!


Op donderdag 28 november 20.00 uur kan het publiek in de Bibliotheek Bijlmercentrum in  Amsterdam Zuidoost kennismaken met de nieuwste Caraïbische boeken en hun schrijvers. In een flitsend programma met beeld en geluid gaat Michiel van Kempen (bijzonder hoogleraar West-Indische Letteren aan de Universiteit van Amsterdam) in gesprek met maar liefst negen schrijvers:
Karin Amatmoekrim

* Karin Amatmoekrim: zij schreef een roman over een uiterst delicaat moment in het leven van de Surinaamse publicist, vrijheidsheld en geschiedschrijver Anton de Kom: De man van veel. Het boek deed al veel stof opwaaien: gaat het liggen of dwarrelt het door?

* Leo Balai baarde als historicus groot opzien met zijn proefschrift over het slavenschip Leusden, een wetenschappelijke studie waarvan inmiddels een editie voor het grote publiek is verschenen: het gruwelijke verhaal van de koelbloedige moord op een schip vol slaven.

* Jeannette van Ditzhuijsen is bekend van verschillende boeken over de Antillen, maar presenteert nu voor het publiek het schitterende fotoboek over de Antilliaanse muziek Músika Curaçao van Sinaya Wolfert, waarvoor Jeannette van Ditzhuijsen de tekst schreef.

* Giselle Ecury, Antilliaans evengoed als Nederlands, voegde een nioeuwe roman toe aan haar oeuvre: De rode appel, een roman over de morele, psychologische en seksuele groei van Elisabeth.

* Eardly van der Geld schreef een actuele roman over de gevolgen van het slavernijverleden: Curaçaos bloed.
Giselle Ecury

*  Janny de Heer schreef een forse roman over een Duitse immigrant in het 19de-eeuwse Suriname: Gentleman in slavernij. Voor het boek verrichtte zij uitgebreid historisch onderzoek in  tal van archieven, maar wat telt is het romanverhaal.

*  Ricardo MacNack tekende voor het boek Vervlogen dagen in de voormalige DDR, een van de vele curiosa uit de Surinaams-Nederlandse letterkunde: een dagboek van een stage tussen 1982 en 1983 in het socialistische Oost-Duitsland.

*  Frank Ong-Alok maakte een multimediaal prenten-, liedjes- en verhalenboek met cd voor kinderen van 0 tot 100 jaar, veertien liedjes en zes verhalen onder de titel Bloemies.
Stephan Sanders. Foto © Jan van Breda

* Stephan Sanders, tv-journalist en columnist van Vrij Nederland, schreef een aangrijpend relaas van zijn moeizame vriendschap met Anil Ramdas, een uiterst persoonlijk In memoriam onder de titel: Iets meer dan een seizoen.

U kunt boeken aanschaffen in de boekenstands en de schrijvers zullen hun werk signeren.

De muzikale begeleiding wordt verzorgd door Sanne Landvreugd.
  
 
Sanne Landvreugd
Foto © Michiel van Kempen
Datum: donderdag 28 november
Aanvangstijd:  20.00 uur
Locatie: Bibliotheek Bijlmercentrum, Frankemaheerd 2, Amsterdam Zuidoost

Toegang gratis; reserveren gewenst via brc@oba.nl / 020-6979916

Organisatie: OBA en Werkgroep Caraïbische Letteren






zaterdag 28 september 2013

Vervlogen dagen in de voormalige DDR

Dagboek van een stage tussen 1982 en 1983 in het socialistische Oost-Duitsland

door Ricardo Macnack

Het Dagboek

Ricardo Macnack komt uit Suriname en woont en werkt sinds 1985 in Rotterdam, Nederland. In 1982, een jaar na zijn terugkeer naar Suriname na zijn studie voor chemisch analist in Nederland, maakt hij gebruik van de  unieke gelegenheid om een jaar stage te lopen in een verffabriek in het toenmalige socialistische Oost-Duitsland. De verffabriek ligt in Niesky, dicht bij de grens met Tsjecho-Slowakije en Polen en is eigendom van de Bruder Unität, de Evangelische Broedergemeente van de Herrnhutters. De procedure voor het verkrijgen van een visum neemt ruim een jaar in beslag. Op 16 mei 1982, 26 jaar oud, neemt hij vanuit Rotterdam te trein naar Oost-Duitsland. Zijn donkere huidskleur leidt al in de trein tot misverstanden, en hij zal het hele komende jaar een  opvallende verschijning blijven in een kleine gemeenschap van het socialistische land.

Eenmaal gevestigd in deze totaal andere samenleving tekent Macnack van binnenuit zijn ervaringen en verwondering als buitenstaander in het gesloten systeem van het socialisme op. Hij noteert wekelijks zijn eenvoudige indrukken in een dagboek. Het zijn genuanceerde observaties zonder oordeel, van mensen die hun vrijheid zoeken in een politiek systeem van controle en wantrouwen. Deze wisselen zich af met dagelijkse anekdotes waarin het socialisme doorklinkt of ingrijpt, en geven een inkijk in de nauwe onderlinge verbondenheid binnen de geloofsgemeenschap van de Herrnhutters. De lezer volgt Macnack in zijn pogingen zich met zijn geloofsgenoten en andere inwoners te verbinden, in hoe zij hem een thuis bieden en hij hen over de wereld buiten hun land vertelt. De wetten van politiek, religie en menselijke ontmoetingen doorkruizen elkaar en laten zien hoe graag de mensen waar Macnack mee leeft, verlangen naar een andere wereld. In de vele huiskamers waar hij praat en luistert heerst door de vertrouwdheid van het gesprek heen ook altijd de angst teveel te zeggen. Macnack zwijgt wanneer zijn huisgenoot zijn tranen verbijt als West-Duitsland verliest van Italië op het WK van ’82, en speelt het spel van een dramatisch afscheid mee, wanneer zijn trompetlerares voor slechts drie dagen naar een grensplaats in West-Duitsland mag uitreizen, haar trotse gezin op het treinstation achterlatend.

Nieksy

De eenvoud van het dagboek krijgt kleur tegen de achtergrond van historische gebeurtenissen, zoals de Decembermoorden in Suriname en de confrontatie met de Muur in de verdeelde stad Berlijn. Macnack geeft de lezer een bescheiden en persoonlijke indruk van het leven achter het ijzeren gordijn, waarin de vervlechting van individuele levens met een politiek systeem voorstelbaar wordt voor hen die dat niet kennen. Door het eigen systeem van de Evangelische Broedergemeente en Macnack’s Surinaamse afkomst, wordt dit dagboek een getuige verslag van een levensreis van iemand met een paspoort naar vrijheid te midden van mensen die vrijwel nergens heen kunnen. Verschillen tussen cultuur, geloof en nationaliteit tonen zo hun ogenschijnlijk onschuldige, maar verstrekkende betekenis.

Eenmaal bij “Checkpoint Charlie” aangekomen, sta ik eerst een tijdlang de spanning en het hele circus bij de grensovergang gade te slaan. Ik besef me dat het voor mij geen probleem is om even heen en weer te gaan.  Ik koester deze gedachte, maar voel dat ik me niet van mijn plaats beweeg. Ik realiseer me ineens heel duidelijk hoe zeer de diepere wensen van de bewoners van deze stad onder druk staan. Alleen al de verlangende blikken bij de uitkijkpost aan de Friedrichstrasse, bezorgen mij meteen een scherp schuldgevoel.  De gedachte bij de ouders van mijn collega thuis te komen met het verhaal West-Berlijn te hebben bezocht komt me schier onmogelijk voor. Ik besluit terug te gaan en West-Berlijn na het beëindigen van mijn stage te bezoeken, zodat ik niemand hoeft te confronteren met de vrijheid die ik enkel door mijn paspoort bezit.


isbn nummer 978-90-9027792-9. Uitgegeven onder beheer van schrijverspunt clusteruitgeverij in Almelo.

Op 28 november is Ricardo MacNack te gast in een literair programma in de Centrale Openbare Bibliotheek Amsterdam-Bijlmer