Met een doos popcorn en een fles cola in mijn
handen, nam ik plaats in de achterste rij, stoel elf. In gedachte was ik bij de
titel van het boek en de film. In de hoop dat ik aan het einde van de film, zou
begrijpen welke prijs betaald is voor de onmenselijkheid van blanken in de
Surinaamse geschiedenis. Ik keek vluchtig om mij heen en zag een hoop bakras en
een handje vol zwarten. Dat verbaasde me toch enigszins, omdat toch heel
Surinaams Nederland erover spreekt. De film begon ...
goed, een scene waarin twee bakras keurig om de beurt een
slavin misbruikten. “Aah slavenleed” dacht ik, “seksueel misbruik is een hoge
prijs” en keek in het donker een blanke toeschouwer met een valse blik aan. Zij
hield geschokt haar handen voor het gezicht. Ik gniffelde zachtjes.
Mini Mini werd uit de verkrachting geboren. Over de rol van
Mini Mini heb ik niets te klagen. Zij groeide op als huisslaaf bij masra en
misi. Dat in de werkelijkheid huisslaven wel kleding droegen, al waren het
lendendoeken en zij de hele film halfnaakt rondliep, maakte mij weinig uit.
Dogla Mini Mini was met haar chocoladebruine huid en welgevormde borstjes een
lust voor het oog.
De misi en masra spraken zo hun woordje sranantongo. Dat
was in het begin toch echt wel vermakelijk. Maar het sranantongo van de
Surinaamse acteurs was veruit beroerd, gemaakt, onecht en niet authentiek.
Degene die er het meest uitsprong was rapper Negga. Nee geen nigga, maar Negga,
van Neggativ. Ik hoor de casting al denken: “een neger is toch een neger en dan
maakt het toch niet uit welke negers wij casten?”
Hoe hard Negga zijn best ook deed Sranantongo te spreken,
het lukte hem niet zijn diep Amsterdams accent te verbergen. De rol van Negga, de veldslaaf die
uiteindelijk een opstandige Marron werd kon ik maar niet geloofwaardig vinden
en leidde me gedurende de film constant af. Steeds vroeg ik me af wanneer Ali B
in beeld kwam en zij zouden rappen over hoe ‘fucked up’ de slavernij wel niet
was.
Kennelijk had de casting John Williams ook gevraagd om een
van de slavenrolletjes op zich te nemen. Misschien de rol van de goedgemanierde
slaaf die uiteindelijk werd beloond met ‘soe soe’ en opzichter van de andere
veldslaven werd, maar kon John het niet verkroppen zijn V hals te verruilen met
een panji.
Maar nee, niet alleen de negers in de film waren
ongeloofwaardig, maar ook de Hollandse casting was belabberd. Zo heb ik nergens
in de film de indruk gekregen dat het verhaal zich afspeelde in de 18e eeuw.
Ook het taalgebruik van de Nederlanders was alles behalve oud Hollands. Mager,
erg mager allemaal.
Toch ben ik het niets eens de Nederlandse Surinamers die
vinden dat de onmenselijkheid van slaventijd niet goed is neergezet. Zij hebben
waarschijnlijk niet begrepen dat de essentie van het boek en de film ging om
het losmaken van onderdrukking. Zo raakte huisslaaf Mini Mini emotioneel los van haar blanke Misi, ze nam
haar eigen keuzes, begon haar borstjes te bedekken, leerde lezen en schrijven
en kon uiteindelijk zelfs liefhebben.
Het boek was goed, de verfilming helaas toch minder geslaagd. Het antwoord op
de vraag, hoe duur was de suiker? heb ik gevonden. Tien vijftig, plus cola en popcorn maakt 16 euro. 16 euro
voor ‘Hoe duur is de suiker?’ en door de
casting van rapper Negga geen cent meer waard.
[van nospang.com, maandag 30 september 2013]

.jpg)