zaterdag 31 maart 2012

Nieuw boek Francis Vriendwijk


Familie die kies je niet uit is het nieuwste werk van Francis Vriendwijk. In het 96 pagina’s tellende boek (A5 liggend formaat) gaat ze in op de relaties en verhoudingen in de familie. De wijsheden zijn gebaseerd op de theoriëen over familie-opstellingen, die, zoals ze in het boekje aangeeft, al vanaf de 17e eeuw bestaan. Het boekje is, gezien het lettertype, de tekeningen, foto en schrijfstijl bestemd voor kinderen. Met dit boek levert Francis weer een bijdrage aan harmonieuze relaties tussen mensen.
[Mededeling Schrijversgroep '77]

Naks Rutu met Du naar USA

Nicolaas Porter - Girl in red and blue


De Du was in de slaventijd een zang- en dansspel van vrije slaven, merendeels vrouwen, onder leiding van rijke vrije vrouwen. De vrouwen waren gekleed in prachtige koto’s met bijbehorende angisa’s. Bij de du-feesten ontbrak de banya-dans ook niet, waarbij de vrouwen heen en weer slingerden met gevouwen gesteven angisa’s in hun handen. Zij zongen over de slechte behandeling van de tot slaaf gemaakte personen.

NAKS Wan Rutu, een jongerenafdeling van NAKS, is uitgenodigd om een Mini Du op te voeren tijdens een festival van de Universiteit van Maryland in de USA, op te voeren. De opvoering vindt van 31 mei tot en met 2 juni plaats in de steden Edwardsville, Illinois en Baltimore, Maryland. Een deel van de kosten zal door NAKS worden gedekt en het andere deel zal worden gegenereerd door middel van fundraising en sponsoring. Indien u deze jongeren wilt ondersteunen kunt u contact maken met de NAKS administratie aan de Thompsonstraat in Paramaribo.

Oproep dromenvertellers


Nicolaas Porter - Pata

De S’77 avond van april (25 april) staat in het teken van dromen. Arlette Codfried en Rappa presenteren dan een dromenboek, geschreven door Egmond Codfried, wijlen. Egmond is de vader van Arlette. Het boek geeft aanwijzingen voor droomverklaringen. Arlette en Rappa hebben het nagelaten manuscript geredigeerd en verder klaargemaakt voor publicatie.

Naast de presentatie is er gelegenheid voor vertellers/dichters om werk voor te dragen. Het thema blijft dromen, maar dat moet geen probleem zijn, want tussen dromen en creatieve fantasie is er een nauwe relatie. Enthousiastelingen mogen zich opgeven bij schrijversgroep77@hotmail.com.

Harry Jong Loy tot leven gebracht

door Carry-Ann Tjong-Ayong

Arkiman, ini a foto, abra watra, a wans pe un de,
Radio Apinti, the Happy Station, e bari un wan odi


Met deze magische woorden van Harry Jong Loy, opende Schrijversgroep 77 op 27 maart de storytelling night in Tori Oso, 28 jaar na het overlijden van de bekende verhalenverteller, die sinds 1955 heel Suriname aan de radio gekluisterd wist te houden met zijn verhalen, Jorkatori, vertellingen, legenden
en andere orale overleveringen.

Acht dozen vol handgeschreven velletjes zijn er in het Nationaal Archief bewaard. Helaas geen geluidsbanden. Dus moest de zaal het hebben van de voordrachten in Nederlands en Sranan Tongo van Ismene Krishnadath, Frits Wols, Arlette Codfried, Sombra en Guillaume Pool, die elk op hun eigen wijze een verhaal van Harry Jong Loy brachten. Slory kwam nog met een gedicht, Annemarie Sanches vertelde over haar ervaringen als collega en Harry’s dochter over haar vader. Het archief was aanwezig om de toehoorders uit te nodigen een kijkje te komen nemen.
Een geslaagde avond die zeker navolging verdient.

Cat 28/3 2012

donderdag 29 maart 2012

De schrijfwerkplaats

De schrijfwerkplaats is bedoeld voor mensen die bezig zijn een tekst te schrijven voor werk of studie. Moet u nog starten of doorgaan? Heeft u een duwtje nodig om verder te gaan? De Schrijversvakschool Paramaribo introduceert haar Schrijfwerkplaats!
In de schrijfwerkplaats bent u in een omgeving met een sfeer waar iedereen met dezelfde uitdaging bezig is. Hierdoor wordt u gestimuleerd om door te schrijven en vol te houden.

Tweemaal per maand op de zaterdag van 09.00 t/m 13.00 uur komen we bij elkaar
onder leiding van Rosita Dissels. In de maand april is dat op zaterdag 21 en 28 april.

We beginnen met een inleiding over schrijftechnieken. U krijgt tips en ideeën die u direct kunt toepassen. Daarna kunt u met gerichte opdrachten werken aan uw tekst.
Terwijl iedereen bezig is, krijgt u individueel advies over uw specifieke tekst.
Daarvoor moet u zich wel van te voren opgeven. U kunt ook binnenlopen en u mag net zo vaak blijven komen als u wilt.

De kosten zijn SRD 75 per persoon.
Opgave: rosita@schrijversvakschool.org
Informatie T: 40 35 11 M: 88 77 027

Sores herdenkt Anil Ramdas in TBL

door Euritha Tjan A Way


Paramaribo - Anil Ramdas was niet ieders favoriet, maar zijn schrijftalent wordt wel door velen erkend. Om zijn nalatenschap te eren en om het belang van zijn werk te accentueren, organiseert De Sociëteit Republiek (Sores) in samenwerking met TBL Cinemas een herdenkingsbijeenkomst. Carlo Jadnanansing die daarvan de trekker is, meent dat het werk van de op 16 februari overleden Ramdas Suriname bekendheid gaf.

Decor“Het was niet altijd positief, dat moet ik toegeven, maar hij gebruikte Suriname altijd als decor voor zijn verhalen en dat gaf bekendheid.” Ramdas was volgens Jadnanansing vooral bekend bij de autochtonen in Nederland en de literaire wereld in Suriname. “Zijn boeken waren op een hoog niveau geschreven en niet voor iedereen even makkelijk te lezen. Onder de Hindostaanse bevolking in Nederland verkreeg hij meer bekendheid door zijn radioprogramma’s bij de Organisatie Hindoe Media (OHM... red.) en bij de VPRO.”


Rechts: De vorige maand overleden schrijver Anil Ramdas.
Columnist Sandew Hira onderschrijft het talent van Ramdas in zijn column door te schrijven dat het overlijden van Anil een enorm verlies aan schrijverstalent betekent: “Je kunt het oneens zijn met iemand en toch zijn talenten onderkennen. Ramdas is ontegenzeggelijk een imposante intellectueel geweest. Samen met zijn virtuoze beheersing van de taal was hij in staat in zijn columns, artikelen en boeken complexe vraagstukken van cultuur, identiteit en de multiculturele samenleving te pakken in treffende bewoordingen. In de grote discussies van deze tijd stond hij aan de goede kant: tegen het groeiende racistische klimaat in Nederland, voor erkenning van diversiteit en vrijheid van meningsuiting en tegen de arrogantie van de macht.”

MuziekfanOmdat Ramdas ook van muziek hield, is er ook een muzikaal deel verbonden aan de herdenking. “In zijn laatste boek Badal, merk je duidelijk hoeveel hij ervan hield. Dus Sonny Khoeblal zal met een jazzformatie enkele favoriete muziekstukken van de schrijver ten gehore brengen.” De herdenking is morgen van 19.00 tot 20.30 uur in één van de zalen van TBL Cinemas. Er zal ook een door OHM-Nederland gemaakte productie over de schrijver worden vertoond, terwijl enkele sprekers hun ervaringen met Ramdas, met het publiek zullen delen.

De overleden schrijver is onderscheiden met de prestigieuze E. du Perronprijs voor zijn gehele oeuvre. In 2011 bracht hij zijn eerste en laatste roman Badal uit. Dit boekwerk handelt over de overlevingsstrijd die een gekleurde intellectueel moet voeren in een als tolerant bekend staande (blanke) samenleving, waar naar de mening van de auteur racistische tendensen weer de kop op beginnen te steken.

[uit de Ware Tijd, 28/03/2012]

Foto: @ Ivo van der Bent

dinsdag 27 maart 2012

Amnestie of amnesie?



Als de indieners van de initiatiefwet tot uitbreiding van amnestie in Suriname rust hebben willen brengen in de samenleving, dan moet worden vastgesteld dat zij het tegendeel hebben bereikt. Hun streven om amnestie te verlenen voor de gehele periode 1 april 1980 tot 19 augustus 1992 en deze ook te laten gelden voor misdaden tegen de menselijkheid, heeft de samenleving in grote beroering gebracht. Door aan te sturen op het in ijltempo aannemen van de initiatiefwet hopen de zes parlementariërs van de coalitie bestraffing te voorkomen van de verantwoordelijken voor de decembermoorden.

De initiatiefnemers hebben de ontstane onrust aan zichzelf te wijten. Juridisch gezien rijden zij, leden van het hoogste orgaan van staat, namelijk een scheve schaats. Een zaak die onder de rechter is (en die naar verwachting zijn ontknoping nadert) dient volgens de grondwet (artikel 69 en 131 lid 3) ongestoord voortgang te vinden. De wetgevende macht maakt zich aan het schenden van de grondwet schuldig als het de rechterlijke macht opzettelijk in de wielen tracht te rijden en verdachten van strafrechtelijke handelingen die in een strafproces zijn verwikkeld van vervolging wil vrijstellen. Er zit nog een ander aspect aan deze zaak. De nabestaanden van de decemberslachtoffers hebben het recht te weten wat er op 8 december 1982 met hun vermoorde familieleden is gebeurd. Tevens dient hun rechtsgevoel te worden bevredigd, bij voorkeur in de vorm van bestraffing van de daders. Als volksvertegenwoordigers de elementaire beginselen van waarheidsvinding en rechtvaardigheid moedwillig ondergraven, dan is, zoals terecht ook andere commentatoren hebben opgemerkt, de rechtstaat in gevaar.

Met de aanname van de initiatiefwet zal de samenleving geen dienst worden bewezen. Als daders van mensenrechtenschendingen niet vervolgd kunnen worden en hun daden ongestraft zullen blijven, zal dit nadelige gevolgen hebben voor de beleving van het recht op leven en het recht op vrijheid en veiligheid (hoofdstuk V van de grondwet). Maatschappelijke rust wordt niet gecreëerd door het simpelweg ontkennen, toedekken of uitwissen van het verleden. Het is ondenkbaar dat zonder kennis van het verleden en zonder verwerking van bepaalde zwarte bladzijden uit dat verleden de eenheid in een samenleving kan worden teruggebracht. Het naleven van de grondwet en het respecteren van de trias politica, maar ook het effectief voorkomen en tegengaan van amnesie (geheugenverlies) zijn voorwaarden voor maatschappelijke vrede en het bevorderen van duurzame ontwikkeling.

Voor weldenkende ouderen is dit een vanzelfsprekendheid. Dat zij hun inzichten op dit gebied in toenemende mate met anderen delen, kan als een positieve ontwikkeling worden aangemerkt. Anders ligt het bij veel jongeren. Zij die aanvoeren dat zij nog niet geboren waren op het moment dat de decembermoorden plaatsvonden, maken vooral kenbaar geen moeite te willen doen om zich in hun eigen geschiedenis te verdiepen. Terwijl het verwerven van kennis hierover gemakkelijker is dan ooit. Zij kunnen de oudere generatie op de decembermoorden aanspreken, relevante websites bezoeken, literatuur raadplegen en op het Nationaal Archief kranten uit de jaren tachtig inzien. Onwetendheid voorwenden terwijl er voldoende betrouwbare informatie beschikbaar is, getuigt van een verwijtbaar gebrek aan betrokkenheid bij de eigen samenleving.

Het niet nakomen door Suriname van verplichtingen volgens het internationaal recht zal leiden tot een aantasting van het imago van de republiek. Het Moiwana-vonnis van het Inter-Amerikaanse Hof voor de Rechten van de Mens is door de Surinaamse staat maar ten dele uitgevoerd. Nog altijd is er geen begin gemaakt met het onderzoeken van de Moiwana-moorden en de vervolging en berechting van de verdachten van de gruwelijkheden die in 1986 in het Marrondorp werden aangericht. Met het aannemen van de initiatiefwet zou deze zaak niet meer voor de rechter kunnen worden gebracht. Dat zou betekenen dat de daders van de decembermoorden èn de Moiwana-moorden vrijuit zouden gaan. Als het parlement deze consequenties aanvaardt en instemt met de initiatiefwet, dan zal Suriname uit de pas lopen met ontwikkelingen die zich sinds enige tijd in de regio voordoen. In landen als Argentinië en Chili werden amnestiewetten onder internationale druk teruggedraaid en vindt vele jaren na dato alsnog vervolging van mensenrechtenschendingen plaats.



Moiwana: door het Nationaal Leger vermoorde slachtoffers van het dorp uit Oost-Suriname worden afgevoerd in een pick-up




Niets tijdens de procesgang heeft er tot dusver op gewezen dat er sprake is van een (al dan niet door Nederland geregisseerd) politiek proces, zoals leden van de coalitie, president Bouterse voorop, vanaf het begin hebben beweerd. Wel heeft de coalitie een punt als zij opmerkt dat het Nieuw Front de kwestie op zijn beloop heeft gelaten. De Frontleiders hebben vooral in verkiezingstijd geprobeerd politieke munt te slaan uit de decembergebeurtenissen, maar in de jaren dat zij de coalitie vormden consequent nagelaten om het openbaar ministerie aan te moedigen tot vervolging van de verdachten over te gaan. Nadat de nabestaanden de verjaring van de decembermoorden wisten te stuiten en het proces ondanks het Front toch op gang kwam, hebben de Frontregeringen echter de scheiding der machten steeds gerespecteerd en zich van interventies onthouden. Sindsdien vordert het proces gestaag. Anders dan de hoofdverdachte het graag doet voorkomen, hebben vergelding en rancune bij de rechters nooit de boventoon gevoerd, zoals genoegzaam uit de verslagen van de verhoren van de verdachten kan worden opgemaakt. Integendeel, de rechtszaak vindt met de juiste zorgvuldigheid en prudentie plaats en de verdediging krijgt alle gelegenheid om getuigen op te roepen en verdachten bij te staan. Dat de hoofdverdachte van het proces weigert om zich in de rechtszaal te verantwoorden, is een strategie waarvan nog zal moeten blijken of deze gunstig voor hem zal uitpakken.

In 1980 werd onder druk van de coupplegers en hun adviseurs een amnestieregeling voor de periode 25 februari-1 april 1980 van kracht. In 1992 werd een amnestieregeling aanvaard om een einde te maken aan de geweldspiraal tussen het Jungle Commando en het Nationaal Leger. De regeling betrof de periode 1 januari 1985-19 augustus 1992 en droeg bij tot het beëindigen van de binnenlandse oorlog, maar was uitdrukkelijk niet van toepassing op hen die zich aan mensenrechtenschendingen schuldig hadden gemaakt. De vorige week bij de Nationale Assemblee ingediende initiatiefwet draagt de sporen van gelegenheidswetgeving. De haast van de initiatiefnemers lijkt veroorzaakt door het verbreken van het stilzwijgen van Ruben Roozendaal, een van de leden van de groep van zestien en gewezen vertrouweling van Bouterse. Roozendaal heeft ernstige beschuldigingen geuit richting Bouterse, die – als de beschuldigingen op waarheid berusten – een veroordeling van de laatste dichterbij lijken te brengen. Maar laten we niet op zaken vooruitlopen. Over een eventuele veroordeling gaat de rechter. Het is aan hem om het decemberproces tot een deugdelijk einde te brengen.

In 2007 sprak Angela Cropper gegradueerde studenten geesteswetenschappen en sociale wetenschappen van de University of the West Indies (St. Augustine campus, Trinidad) indringend toe. In haar voordracht ‘Seven Deadly Sins of Caribbean Culture’ bekritiseerde zij de cultuur van materialisme, individualisme, burgerlijke zelfgenoegzaamheid, geweld, corruptie, halfslachtigheid en nihilisme die zij waarnam in haar land, in het Caraïbisch gebied in ruimere zin, maar ook in andere delen van de wereld. Het is niet moeilijk om de door haar gesignaleerde kwalen te verbinden met het huidige sociaal-politieke klimaat in Suriname. Cropper riep haar toehoorders op om als ‘creators and custodians of culture’ en ‘agents of change’ hun verantwoordelijkheid te nemen, bij te dragen aan het wegnemen van deze kwalen en het verschil te maken. Geen struisvogelmentaliteit, geen amnesie, maar met het volle verstand en volledige inzet meewerken aan het tot een levende werkelijkheid maken van de civil society. Cropper, wier echtgenoot, zuster en moeder in 2001 in hun huis in Port-of-Spain slachtoffer werden van roofmoord, was vastbesloten een ‘thoughtful citizen’ te blijven. Een voorbeeld om na te volgen.

De lezing van Angela Cropper is hier te vinden: http://www.normangirvan.info/cropper-caribbean-culture/

zondag 25 maart 2012

Luna Blou goes Contemporary



Willemstad — Jacksonville University of Dance uit Florida gaf gisteravond weer een voorstelling in Luna Blou. Het is het tweede bezoek van het gezelschap op het eiland. Vorig jaar was de voorstelling geheel uitverkocht. De dansopleiding wil met de buitenlandse reizen haar studenten een kans geven hun talenten in andere landen en culturen te tonen en verder te ontplooien. Studenten van Jacksonville University of Dance worden bekwaamd in ballet, jazz, moderne dans, creatieve compositorische projecten, historisch en theoretisch denken, multi-performance kansen en esthetiek.

[uit Amigoe, 24 maart 2012]

Cursus Nederlandse grammatica en stilistiek

Op dinsdag 3 en donderdag 5 april verzorgt Julian With de cursus Nederlandse grammatica & stilistiek voor gevorderden. Cursisten die de eerste training gevolgd hebben, worden bij voorkeur toegelaten. De volgende onderwerpen komen aan de orde: Interpuncties, Stijlfiguren, Samentrekkingsfouten, Verschil tussen een samenstelling en een afleiding, drievoudige samenstellingen, Anakoloeten, Verkeerd geplaatste zinsdelen.
Tijd: 18.00 – 21.00 uur.
Plaats: Onbekend.
Bijdrage: wel bekend: SRD 175.
Aanmeldingen: julianwith@live.nl, 8506898 of 8749137.

[Bericht van Schrijversgroep '77]

Boekpresentatie Juliën Zaalman

Aukaanse jongen. Foto © Nicolaas Porter



De stichting Tata Kwasi ku Tata Tinsensi (STK&TT) nodigt u, mede namens de stichting Fiti Fu Wini hierbij uit voor de presentatie van het nieuwste boek van Juliën Zaalman A Nyame; Een uiteenzetting van de Winti-leer. De sprekers op deze bijzondere avond zijn de heren France Olivieira, Hesdy Zamuel en Harold Jap-A-Joe. Olivieira zal praten over de opbouw van de boeken van Zaalman. De huidige publicatie is alweer het zesde boek van Zaalman over dit onderwerp. Zamuel gaat in op het geestelijk aspect A Nyame en Jap-A-Joe doet de boekbespreking A Nyame. De openingsspeech wordt verzorgd door de voorzitter van de Schrijversgroep ’77, Ismene Krishnadath, die zal ingaan op de literaire ontwikkeling in Suriname, 2002-2012.

Datum: vrijdag 13 april 2012
Plaats: Theater Unique, Paramaribo, aan de F. Derbystraat, 19.00u

Letter on Surinamese Amnesty Legislation


New York, 23 March 2012
Dr. Jennifer Simons
Chair of the National Assembly of Suriname
Paramaribo, Suriname

Your Excellency:

We, the undersigned human rights organizations in the Americas, members of the Coalition for the International Criminal Court, are writing to express our deep concern in light of information received indicating that Members of Parliament of Suriname’s ruling majority are undertaking efforts to adopt an amendment to Suriname’s amnesty law in order to extend its coverage “to those who in the period commencing on 1 April 1980 and ending on 19 August 1992 committed punishable acts and/or are suspected of them in the framework of defense of the State and/of overthrow of the lawful authority such as the events in December 1982 and the Suriname Guerilla War (Binnenlandse oorlog)”. As you are well aware, this amnesty legislation would cover Suriname’s military dictatorship and a civil war period and would exclude the possibility of continuing with current investigations of grave international crimes perpetrated in that time frame denying many victims their rights to both truth and justice.

Suriname is a party to the Inter-American Convention of Human Rights since November 1987 and has recognized the jurisdiction of the Inter-American Court of Human Rights (IACHR). In some of the leading cases before it, the Court has been clear that amnesties for international crimes are incompatible with the provisions of the Convention. In the 2001 Barrios Altos Case it determined that “all amnesty provisions, provisions on prescription and the establishment of measures designed to eliminate responsibility are inadmissible, because they are intended to prevent the investigation and punishment of those responsible for serious human rights violations such as torture, extrajudicial, summary or arbitrary execution and forced disappearance, all of them prohibited because they violate non-derogable rights recognized by international human rights law.”1

In addition, in its decision in the 2006 Almonacid Arrellano Case, the IACHR ruled that the obligation to try and punish perpetrators of international crimes, including crimes against humanity, is derived from the duty of protection contained in Article 1(1) of the American convention regarding the obligation to protect rights. It also concluded “that the States cannot eglect their duty to investigate, identify, and punish those persons responsible for crimes against humanity by enforcing amnesty laws or any other similar domestic provisions. Consequently, crimes against humanity are crimes which cannot be susceptible of amnesty.”2

Suriname is also a State Party to the Rome Statute, a treaty whose spirit is firmly rooted in the idea that there can be no statute of limitations for international crimes such as genocide, crimes against humanity and war crimes. To that end, we call upon Parliament to carefully consider its commitment to accountability and reject the adoption of this bill recognizing the inherent obligations that Suriname has under International Law, and specifically as a state Party to the Inter-American Convention on Human Rights and the Rome Statute of the International Criminal Court.

Sincerely,

Andean Commission of Jurists (Peru)
Asociación pro Derechos Humanos (APRODEH) (Peru)
Centro de Investigación y Promoción de los Derechos Humanos (CIPRODEH) (Honduras)
Colectivo de Abogados José Alvear Restrepo – CAJAR (Colombia)
Comisión Colombiana de Juristas
Corporación Humanas Colombia
Convergencia Ciudadana de Mujeres (Convergencia Cívico Política de Mujeres)-(Guatemala)
Centro de Estudios de Guatemala
Instituto de Estudios del Proceso Penal Acusatorio, A.C. (Mexico)
Instituto de Estudios Comparados en Ciencias Penales de Guatemala
Parliamentarians for Global Action (PGA)

1 Inter-American Court of Human Rights, Judgment of 14 March 2001, Barrios Altos (Chumbipuma Aguirre and Others) vs. Perú, paragraph. 41.
2 Inter-American Court of Human Rights, Judgment of 26 September 2006, Almonacid Arellano and Others vs. Chile, paragraph 114.
Foto: @ A.A. Bokkers

Bedreiging Surinaams Museum

Het Stichtingsbestuur van het Museum heeft per schrijven van de directeur Cultuur het gebouw op het Fort Zeelandia bekend als gebouw IX de opdracht gehad het gebouw af te staan omdat het een andere bestemming moet krijgen.


Als reactie op het schrijven van de directeur Cultuur -die uiteraard niet op eigen gezag dit doet- heeft de voorzitter van het Stichtingsbestuur van het Surinaams museum een rectie gegeven, die wij u als partijleden niet wensen te onthouden:



Aan: Ministerie van Onderwijs en Volksontwikkeling
Directoraat Cultuur Hr. S. Sidoel, directeur
Van Rooseveltkade #3
Paramaribo, Suriname

12058 19 maart 2012



Geachte heer Sidoel,

Wij bevestigen hiermede de ontvangst van uw schrijven van 12 maart 2012 waarin u ons mededeelt dat de Staat een andere bestemming wenst te geven aan het pand, bekend als gebouw IX op het Fort Zeelandia Complex, welk gebouw sedert 1995 door de overheid werd overgedragen aan de Stichting Surinaams Museum. In antwoord daarop kunnen wij u het volgende mededelen.

Nadat het Fort Zeelandia en de op het complex gelegen gebouwen een aantal jaren leeg gestaan hadden, werd in 1995 het Fort Zeelandia teruggegeven aan de Stichting Surinaams Museum en de oude officierswoningen kregen toen ook een vaste bestemming. Het Fort dat jarenlang niet onderhouden was, werd gerestaureerd met middelen die door de Nederlandse regering als geschenk bij 20 jaar onafhankelijkheid aan Suriname ter beschikking werden gesteld. Twee van de bedoelde woningen, waaronder het in uw brief vermelde gebouw, werden toegewezen aan onze Stichting. Er is toen, bij de toewijzing, nimmer sprake geweest van “tijdelijk beheer”, zoals u in uw brief stelt. Integendeel, de gebouwen werden in een totaal verwaarloosde en vervallen staat onvoorwaardelijk aan onze Stichting overgedragen en het werd aan de Sichting overgelaten om fondsen te vinden voor de restauratie van de gebouwen.

Alleen al aan de restauratie van het gebouw IX, waarvan u thans vraagt dat het ter beschikking van het Directoraat Cultuur wordt gesteld, werd er toen door ons, via verkregen donaties, een bedrag van meer dan Nf. 167.000,00 (eenhonderd zevenenzestigduizend Nederlandse guldens) uitgegeven. De woning bevond zich in een dermate deplorabele staat dat het zelfs nodig was een deskundige bouwer uit Nederland te laten overkomen voor de reparatie van bepaalde delen van het gebouw, omdat de expertise daarvoor niet in Suriname aanwezig was.

Het doet ons goed van u te vernemen dat onze panden op voortreffelijke wijze zijn beheerd en dat ze er zeer goed onderhouden uitzien. Dit is slechts te danken aan het feit dat wij in de afgelopen 17 jaren alleen al voor het regulier onderhoud van het door u gewenste gebouw jaarlijks een bedrag van meer dan US$. 1.500.00 (vijftienhonderd Amerikaanse dollars) hebben uitgegeven om het in deze goede staat te kunnen houden.

U zult ongetwijfeld wel op de hoogte zijn van de bestemming die wij aan het gebouw hebben gegeven, maar het lijkt ons onder deze omstandigheden toch nuttig en gewenst u dit hierbij wederom in herinnering te brengen.

De beneden verdieping van het gebouw wordt voornamelijk gebruikt voor het houden van exposites door (veelal aankomende) beeldende kunstenaars. De eerste verdieping is door ons ingericht met stijlkamers waarin antiek meubilair en andere antieke voorwerpen tentoon zijn gesteld. Om te voorkomen dat het bezoekende publiek te dicht bij het meubilair en de voorwerpen komt, hebben wij ook weer heel veel geld moeten investeren om glazen wanden aan te brengen ter bescherming van het tentoongestelde erfgoed. Op de bovenste verdieping is onze educatieve dienst gevestigd. Daar zijn de dames gehuisvest die belast zijn met het voorbereiden en samenstellen van onder andere lesbrieven ten behoeve van de schoolkinderen die het museum in het fort en de tentoonstellingen die daar en in het gebouw IX gehouden worden, bezoeken.

Momenteel worden twee verdiepingen van het gebouw door onze medewerkers ingericht met de tentoonstelling “Geschiedenis van Suriname”. Voor deze kostbare tentoonstelling hebben wij fondsen kunnen vinden en wordt een omvangrijk educatief programma voor de schooljeugd samengesteld. De opening van deze tentoonstelling staat gepland voor begin april aanstaande.

Afstaan van het gebouw zal niet alleen betekenen dat onze inspanningen, de noeste arbeid van onze medewerkers en het vele geld dat wij tot nu toe in het gebouw geïnvesteerd hebben om het te maken tot wat het nu is, voor niemendal zijn geweest; maar het betekent ook dat dit zeer demotiverend werkt op ons personeel en dit alles tot gevolg zal hebben dat wij onze educatieve dienst zullen moeten opdoeken. Wij zullen dan dus niet meer in staat zijn de Surinaamse schooljeugd op een verantwoorde manier de zo noodzakelijke vorming op het gebied van Surinaamse geschiedenis, cultuur en museumwezen bij te brengen. Wij doen daarom een dringend beroep op u alles in het werk te stellen uw opdrachtgevers ervan te overtuigen dat de negatieve effecten van een dergelijk besluit de vordering zal overstijgen. Wij zijn er namelijk van overtuigd dat u als directeur van Cultuur en waarnemend directeur van Onderwijs zich meer dan wie dan ook bewust bent van de betekenis van onze Stichting Surinaams Museum in de afgelopen 65 jaren voor de Surinaamse gemeenschap in het algemeen en onze verrichtingen ten behoeve van de schoolgaande Surinaamse jeugd in het bijzonder. Het Surinaams Museum wordt een nationale status toegedicht en wordt in het buitenland niet voor niets “The National Museum of Suriname” genoemd. Deze status willen wij, en naar wij aannemen u toch ook, graag voor Suriname behouden.

Na het bovenstaande gelezen te hebben zult u zelf wel tot de conclusie komen dat het onverantwoord is en van ondoordacht handelen getuigt om het gebouw onverwijld en wel per 1 april aanstaande van onze Stichting terug te eisen. Wij nemen aan dat degenen die u hebben opgedragen een dergelijke brief te schrijven toen zeker niet op de hoogte waren van hetgeen wij hierboven hebben geschreven. Wij gaan ervan uit dat uw opdrachtgevers niet voorbij zullen gaan aan de waarde die geschiedenins, cultuur en cultuureducatie hebben voor schoolgaande Surinaamse kinderen.

Wij nodigen u hierbij uit om persoonlijk en eventueel vergezeld van betrokkenen op locatie het werk waarmee onze medewerkers bezig zijn in ogenschouw te komen nemen en wij hopen dat u dan overtuigd zult geraken van de noodzaak dat het gebouw in kwestie voor de Stichting Surinaams Museum behouden blijft en dat u dan wel in staat zult zijn uw opdrachtgevers daarvan te overtuigen, zodat zij hun beslissing ongedaan maken.

Hoogachtend,

Het bestuur van de Stichting Surinaams Museum

A.J.J. Parisius (voorzitter)



C.c. Vice-president Dhr. R. Ameerali
Minister van Onderwijs en Volksontwikkeling Mr. R. Sapoen
Chef Staf Kabinet van de President Dhr. I. Graanoogst
Directeur Stichting Surinaams Museum Dhr. H.

woensdag 21 maart 2012

Goudkoorts verwoest Brownsbergpark Suriname

Het Natuurpark Brownsberg in Suriname wordt ernstig bedreigd door illegale activiteiten van goudzoekers. Dat stelt het Wereld Natuur Fonds (WNF) in een rapport over het beschermde natuurpark.

Volgens het WNF is het park de verwoesting nabij. De organisatie maakte er in drie weken tijd foto's van ruim vijftig illegale goudmijnen.


Rechts: de zwartborstspecht in het natuurreservaat. Foto @ Candy Macmaniman

Voorzitter Dompig van het team Ordening Goudsector zei tegen Surinaamse media dat er 1500 tot 2000 illegale goudzoekers in het gebied actief zijn. De afgelopen jaren is dat aantal toegenomen, vanwege de hogere goudprijs.

Reactie
Het WNF heeft het rapport gepresenteerd aan een onderzoekscommissie van de Surinaamse overheid. De voorzitter van die commissie zegt dat hij de resultaten bestudeert en later met een reactie komt.

Het regenwoud van Natuurpark Brownsberg heeft sinds 1969 de status van natuurreservaat. Het park ligt ten noordwesten van het Brokopondostuwmeer.

[NOS.nl, 21 maart 2012]

Wie weet er meer over het leven van Susanna Dumion?

Susanna Dumion: Geboren in Paramaribo 1713, gestorven in Haarlem in 1818.

Anoniem Portret van Susanna Dumion 1813 Krijttekening rood/zwart, 23,4 x 18,3 cm Teylers Museum, Haarlem.


Honderd jaar is de kleine zwarte dame op dit portret. Ze heeft een opvallende hoed op, zit in een leunstoel en is speciaal voor de gelegenheid in het wit gekleed. Honderd jaar is ook nu nog zeer bijzonder en een reden voor extra aandacht en feest. Rond 1800 was het helemaal ongewoon en verzamelde men afbeeldingen van honderdjarigen. Deze tekening komt uit de collectie van de geschiedkundige en verzamelaar Adriaan van der Willigen.
Behalve voor de verjaring van een honderdjarige was er in de achttiende en negentiende eeuw ook veel aandacht voor diens overlijden. Dit haalde meestal de krant, waarbij soms het ziekbed uitvoerig werd beschreven. Susanna Dumions overlijden werd ook in de krant gepubliceerd en daarom is nu bekend hoe ze heette, waar ze geboren was en waar ze in 1818 stierf.
De Kunst en Letterbode meldde: ‘Haarlem, Op den 12den November overleed alhier in den hoogen ouderdom van 105 jaren, Suzanna Dumion, in de Kolonie Suriname geboren.’ In haar overlijdensakte staat verder vermeld dat Dumion in de Kleine Houtstraat woonde, geen beroep had en ongehuwd was. Verdere gegevens over haar zijn tot nu toe nog niet boven water gekomen. De kunstenaar van dit portret is onbekend.
Rond 1800 waren portretten van honderdjarigen een Haarlems genre geworden, en de kunstenaars die zich er op toelegden, waren Taco Jelgersma 1702 –1795, Cornelis van Noorde 1731 –1795, Wybrand Hendriks 1744 –1831, Hermanus van Brussel 1763 –1815, Hendrik Schwegman 1761 –1816 en Abraham Vallenduuk 1723? –1788?.

Zie voor literatuur en voetnoten de tentoonstellingscatalogus Black is beautiful, Rubens tot Dumas(2008)
Contact: estherschreuderwebsite@gmail.com of haar website.

dinsdag 20 maart 2012

Thalia 175 jaar

door Euritha Tjan A Way
Paramaribo - Thalia wordt Bigi yari en zoals elke jarige, heeft ook het 175-jarige theater [te vieren in 2013 - red. CU] een verlanglijst. “Wij moeten de kleedhokken en toilettengroep compleet renoveren en een nieuw doek hebben. Zoals het er nu bijstaat, kan echt niet.” Aan het woord is de secretaris van toneelgezelschap Thalia, Aagje de Wit.

Hoewel zij positief blijft, is het duidelijk dat Surinames oudste schouwburg zware tijden doormaakt. “Het wordt nooit meer zoals de gloriedagen van bijvoorbeeld Thea Doelwijt. Het is een houten gebouw en dat vereist enorm veel onderhoud. Al het geld dat wij verdienen, gaat op aan exploitatie. We hebben geld nodig voor onderhoud”, vertelt de secretaris. “We hadden per jaar ongeveer honderd opvoeringen, maar ik merk dat dat nu terugvalt. Onze vaste klanten nemen af. Zo hadden wij twee keer per jaar het filmfestival van The Backlot, dat een enorme bron van inkomsten was. Maar die hebben nu hun eigen complex. Ook de toneelverenigingen Wan Denki en Mofina Pikin zijn minder actief geworden en Stephen ‘Wesje’ Westmaas, die zo van Thalia hield, is ons komen te ontvallen. Jörgen Raymann komt ook niet zo vaak meer.”



Thalia aan het begin van de negentiende eeuw.


Cultureel bewustzijn

Volgens De Wit was het Wesje zijn droom om in Thalia op te treden. Maar dat soort mensen zijn schaars. “Ook het aantal echte theaterliefhebbers, neemt af. Het culturele bewustzijn van mensen wordt minder denk ik, maar dat is wereldwijd het geval. Als je tijdens een opvoering naar beneden kijkt bijvoorbeeld, dan zie je de helft van de mensen sms’en”, illustreert De Wit spijtig. Ook het aantal mensen dat belangeloos wil meedoen om een goede productie in elkaar te zetten, neemt volgens haar af. “Nu wil eenieder weten wat hij eraan zal verdienen en dat begrijp ik ook, de tijden zijn veranderd.”



Thalia tweede helft van de negentiende eeuw.

VolksoperaDe noodzaak om Surinames oudste schouwburg, die wel 500 man kan herbergen, te behouden, vereist veel inzet van de vereniging die door een bestuur wordt voorgezeten. Daardoor valt het accent steeds minder op de opvoering van goede theaterproducties, maar steeds meer op activiteiten die het behoud garanderen. “Veel mensen uit het bestuur zijn niet zo jong meer en hebben het druk. Dus we hebben regelmatig van die momenten waar we van alles willen doen en misschien is het goed dat wij nu alleen maar activiteiten ontplooien die het behoud garanderen”, twijfelt De Wit. Voor de verjaring op 27 april is er een Volksopera gepland die in elkaar is gezet door Alida Neslo. “Dat wordt een productie waaraan bijna twintig mensen meewerken en we zullen een receptie houden”, vertelt De Wit enthousiast. Over een gedenkboek in verband met 175 jaar Thalia is nog niet nagedacht. “Maar het behoort wel tot de mogelijkheden, want we hebben elke twee weken een team archivarissen op bezoek. Die gaan door ons archief en sorteren alles.”


Het dak van Thalia tijdens de verwisseling van dakplaten.
Weldoeners
Hoewel De Wit meent dat het theater zware tijden doormaakt, weet ze één ding heel zeker. “Het doek valt nog lang niet voor Thalia.” De inspiratie om door te gaan met dit goede werk haalt het bestuur trouwens ook uit de inzet van weldoeners die wat bijdragen. Zo heeft Thalia door toedoen van Staatsolie een nieuw geïsoleerd dak gehad. “Dat bespaart ons enorm qua elektriciteit en onze belichting is aangepakt. We willen ook expo’s gaan houden en de bar meer gaan gebruiken. Ook ‘A Sa Go’, Marlene’s ballet en onze andere vaste klanten zijn wij heel dankbaar, ik blijf hoopvol. Thalia blijft zeker bestaan”, sluit De Wit fier af.

[uit de Ware Tijd, 19/03/2012]

Expositie Nicolaas Porter

Herziene data:



Zie ook het eerdere bericht, klik hier

Extra 'Surinaams' boek maakt Inktaap leuker


Scholieren op de slotdag van Inktaap, 13 maart 2012 in de aula van Celos

Scholieren in Nederland, Vlaanderen, Suriname en Curaçao hebben afgelopen maandag De Maagd Marino van Yves Petry uitgeroepen tot beste boek. De Vlaamse schrijver is daarmee de winnaar geworden van De Inktaap 2012, een literaire jongerenprijs in het Nederlandse taalgebied. In Suriname werd een extra boek gelezen.

In Suriname hebben elf middelbare scholen enthousiast meegedaan. Helen Chang van de Taalunie in Suriname organiseert de Inktaapverkiezing van Suriname: "Ik vind het frappant dat jongeren van alle gebieden hetzelfde boek kiezen." Het was wel een spannende strijd, want De schilder en het meisje van Margriet de Moor deed het in Suriname ook goed.

Surinaams boek

Nieuw was deze keer dat de roman Kuis van Rihana Jamaludin buiten mededinging in Suriname werd meegelezen. Volgens de regels komen alleen boeken die al een literaire prijs hebben gewonnen in aanmerking voor de Inktaap. "We wilden in Suriname ook een Surinaams boek hebben voor wat meer herkenning voor de kinderen", zegt Chang.

De Surinaamse kinderen hebben dus vier boeken gelezen in plaats van drie. De scholen stemden ermee in dat ze Kuis zelf moesten kopen, terwijl de andere drie boeken door de Taalunie ter beschikking werden gesteld. Alle vier de boeken werden in de klas besproken. "De kinderen vonden Kuis het makkelijkste en mooiste boek om te lezen."

Volgend jaar

Het experiment is volgens Chang een succes. Voor volgend jaar zijn al twee 'Surinaamse' boeken geselecteerd. De leerlingen kunnen nu al per sms stemmen welk boek ze extra willen lezen: het postuum verschenen Plantage d'amour van Clark Accord en Het gym van Karin Amatmoekrim.

Beluister het interview met Helen Chang, projectleider van de Nederlandse Taalunie, op Radio Nederland Wereldomroep Klik hier

[Bron: site RNW 14 maart 2012.]

zondag 18 maart 2012

Surinaams Museum (nog) niet voor First Lady

door Euritha Tjan A Way

Paramaribo - “Ik heb inderdaad gevraagd of de locatie van het Surinaams Museum gebruikt kon worden voor de first lady toentertijd, maar dat is nu niet meer aan de orde,” meent Eugene van der San, directeur van het Kabinet van de President. Hij reageert daarbij op de opmerking van Arthur Parisius, voorzitter van het Stichtingsbestuur van het Surinaams Museum, die aanhaalde dat Van der San hem ongeveer een jaar geleden op een vrij onbehoorlijke manier behandelde.

Het Fort Zeelandia-complex zoals het er binnenkort uit zal zien, na verbouwing voor de First Lady. Binnenhuisarchitectuur: Eugene van der San.

Van der San zou gebeld hebben om te vragen of het gebouw aan de Zeelandiaweg 9 gebruikt zou kunnen worden om de first lady te herbergen. “Ik weet niet of ik toen met meneer Parisius sprak, maar die persoon zijn stem klonk als een Hollander [= Laddy van Putten, directeur van het museum, red. CU]. Hij probeerde mij toen uit te leggen wat kan en wat niet kan. Toen heb ik hem op zijn plaats gezet. En gezegd dat hij de dienst in Suriname niet kan komen uitmaken. En als die meneer mijn reactie onbeschoft vond, dan mag dat van mij,” vult Van der San aan. Het educatieve gedeelte van het Surinaams Museum, gevestigd in de voormalige officierswoning aan Zeelandiaweg 9, moet ontruimd worden. Dit in opdracht van het Directoraat Cultuur dat middels een op 13 maart ontvangen brief daartoe opdracht gaf. Daarin staat dat ‘in het kader van herindeling van het waterkantfront, de Staat een andere bestemming wenst te geven aan het pand’. Malvin Foe A Foe, onderdirecteur Natte en Civieltechnische werken van het ministerie van Openbare Werken, die belast is met het project Stadsverfraaiing, zegt daarvan niet op de hoogte te zijn.

[uit de Ware Tijd, 17/03/2012, spelling van de namen gecorrigeerd]

Literatura Arubiano a crece y crea propio estilo/2

pa Quito Nicolaas

Literatura di un pais mester provee cada pasa tempo un antologia cu ta brinda un bista total di locual a keda produci na obranan literario. Na Aruba nos a conoce e prome antologia den forma di Cosecha Arubiano (1983)
Akiden nos ta topa cu e prome generacion di nos escritornan y poëtanan cu a biba den e prome mitad di siglo 20. Algun di e nombernan ta e.o. Frederik Beaujon, Johan karel Zeppenfeldt, Henri Lampe , Willem Frederik Lampe, Eduardo Curet,Jose Ramon Vicioso, Nicolas Piña Lampe, Luis G. Leañez, Nydia Ecury, Julio Maduro, Jose Geerman, Ana Herera-Kock, Digna Lacle, Ernesto Rosenstand, Hubert Lio Booi, Padu Lampe y Jossy Mansur.

Antologia

E antologia De navelstreng van mijn taal(1992) tabata un joya den e circuito literario hulandes, cual pa prome biaha a trece literatura Arubiano bou di atencion di e Hulandesnan. Aunke e buki a limita su mes na un generacion di poëtanen cu nan poesianan, tog esaki a brinda bastante claridad riba e generacion aki di añanan ’60. Nan spadanan no tabata dirigi solamente riba e cambionan cu ta biniendo, pero mas bien pa canalisa esakinan den un rumbo mas sigur. Den esei e poetanan a demostra cu poesia por sirbi como un mecanismo di transmicion di cierto balornan den un sociedad.Despues na aña 2000 nos ta mira e precioso buki Isla di mi cu a keda publica na dos idioma, esta Papiamento y Ingles. E antologia aki ta contene obranan poetico di 20 autor local, di cual hopi di nan tabata caranan nobo y cu un mensahe distinto. Na 2004 a keda publica na Hulanda e antologia Bentana Habri cu autornan Arubiano residencia na Europa. Den e antologia aki nos ta topa cu storianan y poesianan skirbi dor di e siguiente autornan: Olga Orman, Quito Nicolaas, Joan Leslie, Richard de Veer, Tania Pietersz y Joyce Herry.

Ta di elogia cu e Cas Editorial Charuba a dicidi di compila diferente obranan di e escritronan Ernesto Rosenstand y Hubert ‘Lio’ Booi. Asina pues nos a ser enriquese cu dos antologia mas cu ta E flamingo di Aruba (2006), cu ta contene e obranan literario, articulo y discurso di Lio Booi. Den e mesun aña e buki Shinishi di Olvido (2006) a keda publica cual ta contene columnanan, cuentanan cortico, entrevista y obranan teatral di Ernesto Rosenstand. En general obranan literario riba nan mes cu no ta obtenibel mas den librerianan. Si nos considera cu Literatura Arubiano ta consisti 100 aña caba, por conclui cu a bira tempo pa bin cu un publicacion cu ta trata e Historia di Literatura Arubiano, den cual ta trata e.o. origen, corientenan y influencia di e obranan di poesia y di prosa.

Literatura Arubiano na Hulandes
Na Hulanda tambe un cierto momento literatura Arubiano a haña rais. Esaki tabata di spera compara cu otro paisnan manera Estados Unidos, Canada, Colombia y Costa Rica unda ta tin Arubianonan kendenan a emigra. Normalmente den tur pais unda cu tin un colonia di un nacion, por spera cu nan ta participa na e bida cultural. Pues ta manifesta un situacion cu escritornan, artistanan, cantantenan, bailerina ta dicidi pa ta envolvi den e bida cultural na Hulanda. No cu esei ta facil pa logra, pero nan tur ta haci como migrante un intento pa wak con leu nan ta yega.

Den añanan ’90 nos ta mira e prome novelanan di autornan Arubiano ta aparece riba mercado na Hulanda. Ta trata aki di e autor Denis Henriquez kende a publica su prome novela Zuidstraat na aña 1992. Henriquez tabata e prome autor cu a situa e storia di su novela Zuidstraat na Aruba, Delft Blues na Hulanda y den De zomer van Alejandro Bulos esaki ta situa na Aruba – Italia y Hulanda. Un di dos autor Arubiano – Jacques Thönnissen – tambe na final di añanan ’90 a cuinsa publica su bukinan. E caracteristica di e obranan di Thönnissen ta cu e ta uza aspectonan di e bida cultural Arubano pa inclui esakinan den su storianan. Asina pues nos ta haña cu den e novela Tranen om de Ara tin un escena cu ta trata e ambiente durante un pelea di gay. Su siguiente novela tabata titula Eilandzigeuner(2000) cu ta trata di un dama Romano kende durante Segunda Guera mundial a hui bin Aruba. Despues di esaki su novela De roep van de troepiaal (2004) a keda publica. Den e buki aki tambe e naturaleza di e ser humano ta sobresali. Cu su ultimo novela - Devah – si e autor Thönnissen a scohe pa bandona e fronteranan di Aruba y orienta riba e panorama hulandes.

Generacion nobo
Na principio di e prome decada di e millenio nobo, nos ta topa cu un di dos coriente di autornan Arubiano kende a cuminsa publica nan obranan na Hulandes. Ta trata aki di Giselle Ecury, Joan Leslie y Quito Nicolaas.
Giselle Ecury ta menos conoci pa su poemanan den e tomonan ‘Terug die tijd’ (2005), den cual e ta trata e proceso di dementia di su mama. Ecury a publica dos novela ‘Erfdeel’ (2006) y ‘Glas in Lood’(2010), cu ta trata e bida na Hulanda di un pareha antiyano/hulandes cu ta busca nan sosten den nan respectivo cultura di cas.

Na aña 2004 e prome novela Tera di silencio di Q. Nicolaas ta keda publica cu ta trata e regreso di un hoben hurista, kende no por a reconoce e idiosingracia di su pueblo mas. Na 2010 Verborgen leegte ta sali riba mercado, den cual e biaha aki Nicolaas ta trata e binimento di e migrantenan Caribense pa Aruba y e bida na Hulanda den añanan ‘60. Joan Leslie tambe a publica na 2007 un coleccion di storianan bou di e titulo De bloeiende flamboyant y despues De capriolen van Compa Nanzi (2011). Compara cu e version tradicional di Compa Nanzi, e biaha aki Nanzi ta biba den tempo moderno. Pues na Hulanda tambe mas y mas ta publicando prosa y por lo pronto e cantidad di autornan y estilo di skirbi conoce poco diversidad. Acerca mester apunta cu excepcion di Verborgen leegte, cual ta un novela historico, na Hulanda literatura Arubiano conoce masha poco obranan cu por ser considera como literatura di migrante.

Historia
Na vispera di Status Aparte ta sali riba mercado e obra ‘E Indjannan Caiquetio’ (1981) di J. Mansur, cual tabata dirigi na fortifica e identidad di e Arubiano. Desde 1986 cu publicacion di e buki ‘Aruba: e leyenda di su nomber’ di e autor Tochi Kock nos no a mira niun obra literario di tal indole. Despues cu pa basta aña a keda keto, na cuminsamento di siglo 21 The lago Colony Legend (2003) di J.L. Lopez a keda publica, kende ta relata di e diferente famianan cu a biba un tempo den e enclave di Lago Colony.

Un di e prome novelanan cu a sigui tabata Perseverancia (2002) di M. Christiaans, cu ta trata con e piscadornan tabata biba na principio di siglo 20. E autor aki a trata den su siguiente obra ‘E Schutter’ (2010) e tempo di Segunda Guera Mundial. Pero tambe e buki ‘The Lago Story’ di J. Ridderstaat (2007 ), cu aunke no ta ficcion mester aparece den e lista aki. Den esei no por keda sin menciona e buki E di dos paraiso di J. Naar, cu ta conta e historia di Lago Heights.Tambe e cronicanan cual a sali publica den tres tomo na 2009: Color di biento, Abrenuncia y 3gota pa dia. Cu e publicacionnan aki Jubi Naar a contribui na loke por yama nos historia oral. Finalmente aña pasa nos a cera conoci cu e buki Historia di Savaneta (2011) di Dufi Kock, den cual e ta describi e historia di e districto Savaneta. Ultimo añanan por a ripara un interes creciente pa skirbi mas obra encuanto nos historia.

Arte na palabra
E arena di literatura ta uno cu constantemente mester impulsa esaki, asina cu e ta keda na bida y dynamico.E aña aki ta pa di cuater biaha cu ta organisando e concurso di ´Arte di palabra´ cu ta destina pa hobennan. Di e manera aki ta trata na interesa hobennan pa dedica nan mes na literatura. Asina tambe ta busca manera pa cultiva un generacion nobo di escritornan y poetanan. Poco poco tambe por ripara cu e enseñansa na nos skolnan ta hayando un propio cara, unda alumnonan ta bay ta lesando obranan di nos propio autornan y na papiamento. Pa straño cu ta na 1986 no a pensa riba un actividad asina como mecanismo pa stimula literatura y dedicacion di nos hobennan na poesia y prosa. Ta bon cu na Aruba no a sosode e locual a pasa na Corsou, unda despues cu e tres autornan grandi B. van Leeuwen, T. Marugg y F.M. Arion na final di decada ’80 no tabata skirbi mas, un vacio a ser crea cu te na aña 2003 a ser yena atrobe cu e prome novela di E. Zielinski.Literatura ta un campo cu conoce su propio mecanismo y procesonan den e sociedad y ta manera un pendante di e desaroyo cultural di un pais. Laga nos en todo caso sigui contribui na nos Literatura Arubiano dor di stimula mas hende pa cuminsa skirbi y publica nan obranan.

zaterdag 17 maart 2012

Literatura Arubiano a crece y creando propio estilo

pa Quito Nicolaas

Loke antes tabata un sentimento, algo cu e pueblo tabata sinti y experencia a ser realisa den forma di nos Status Aparte na 1986. Si den añanan ’30 e idea y deseonan tabata dificil pa cumpli, entrante 1 januari 1986 esaki a bira realidad. Aruba a conoce hopi desaroyo desde a realisa su Status Aparte y e cambionan tabata riba tur tereno y bisto pa un y tur. Si antes e Arubiano tabata timido y reserva, diripiente nos a cera conoci cu un Arubiano sigur di su mes y bon articula. Loke cu ta resalta di e Literatura Arubiano cu e’la sobrebibi e crisis despues cu e refineria Lago a cera su portanan y tambe e insiguridad cu tabata reina den comunidad pa cu e status di Aruba como pais den Reino.

Papiamento
E cambionan riba tereno cultural a haci un impacto grandi, no solamente atraves di e actividadnan pero tambe esnan via television, biblioteca y librerianan. Construiendo un nacion ta nifica cu den enseñansa ta dedica atencion na historia y cultura di un pais. Riba tereno di Papiamento tambe nos a avansa basta. Awendia tin mas comprension y e conviccion cu mester inclui Papiamento na skol. Asina tambe Aruba ta traha na e identidad di su pueblo y duna esaki un cara y un curason. Nos idioma Papiamento mester sirbi den futuro como un instrumento di integracion y emancipacion di e diferente nacionalidnan den sociedad. Na vispera di Status Aparte na 1985, nos por a mira un explosion di autornan y obranan literario. No tin nada mas bunita cu un pais cu ta produci su poeta y escritornan, kendenan ta dedica nan mes na literatura y den nan idioma materna.

Durante e añanan cu a transcuri a mira diferente caranan desaparece fo’I e campo di literatura , esta escritornan cu a dicidi di stop di skirbi y otronan cu no tei mas hunto cu nos. E promedio di cada autor Arubiano ta un tres bukinan cu nan ta skirbi y despues ta pone e pen un banda. Literatura ta un tereno dynamico y por observa tambe cierto cambionan rapido cu ta sigui otro, mientras nos a conoce periodonan tambe di stagnacion cu casi no ta tin produccion literario. E hecho cu no tin continuidad por ta debi na diferente factornan, pero principalmente e hecho cu ainda e comunidad no ta asina leu cu nan ta aprecia y lesa obranan di nos propio autornan. Un conteo di e obranan cual a keda publica den e periodo di 1986 – 2011 ta indica cu tin mas tomonan di poesia compara cu novela, novelita of cuentanan cortico a keda publica. Esaki ta nifica cu poesia ta domina prosa y ta encera cu e cantidad di autornan cu ta dedica nan mes na prosa ta masha schaars y defacto no ta mas cu seis escritor.

Novela
Ultimo 25 aña mucho novela no a keda publica cu ta haci un bon comparacion posibel y asina mes mester distingui entre esnan pa hoben y adulto. Na 1986 a keda publica un di dos novela pa hobennan, esta :Wi-ki-ki-ri-ki-ki di Frances Kelly. Prome cu esei J. Daal a publica su obra Warwind cu tabata resultado di un forma di coperacion entre Cas Editorial Charuba y Uitgeverij Leopold. Sin embargo e genero aki di prosa no a sigui crece, manera lo a spera. Esaki considerando e cantidad di hobennan den e grupo di edad aki. Cu publicacion di e obranan Buscando felicidad (2002), Tres diferente ruta (2006) y Ursula (2011) di H.I. Hennep, e genero aki a keda rebiba. Den esei tabata un bon idea pa traduci e novelita Mosa´s eiland/ Isla di Mosa (2009) di e autora Desiree Correa cu ta contene un protesta contra e bida social cu di tur banda ta ser strangula.

Aparte cu durante ultimo añanan nos por señala un aumento leve di obranan di prosa, tog e cantidad ta keda poco. Esaki mientras cu den e decada di añanan ’60 y ’70 nos a cera conoci cu e novelita pa adultonan, esta Cuentanan Rubiano (1961) di Ernesto Rozenstand y e novela na Hulandes De witte pest (1978) di Angela Matthews. Posteriormente na 1981 e obranan di Jossy Mansur a sali riba mercado, e.o. E regreso y otro cuentanan cu ta contene mas bien cuentanan cortico tocante diferente tema. Pues den e añanan anterior un fundeshi a ser traha pa sigui construi ariba, pero esaki a resulta di no tabata bon fuerte ainda.tabata te na cabamento di e decada ’80 cu e novelita Regalo di Fantasia (1989) di F. Williams ta keda publica.



Decada 90
E decada di añanan ’90 ta habri cu e prome obra Cetilalma y otro cuentanan (1990) di J. Tromp. Na Hulanda entretanto e prome novela Zuidstraat (1992) di D. Henriquez ta ser edita y bo ta spera cu e procesonan aki – esun na Aruba y e otro na Hulanda - lo a reinforsa otro. Atrobe esaki no a resulta di ta asina y ta te na mediano di añanan ’90 a sali e siguiente obra Alma transparente (1994) di F. Williams, cu ta mas bien un coleccion di cuentanan cortico. Despues di un periodo di stabilidad di 1986 – 1996, nos ta mira un cambio den e clima literario na Aruba. Hustamente den e di dos parti di decada nobenta, nos por señala un berdadero explosion di obranan di prosa: Si t’ami mes (1996) di Richard de Veer, E Yamada (1997) di Frank Williams, Acompaña pa un Angel (1998) di Yolanda Croes, E biento di atardi (1998) di Jossy Tromp y Perdi riba laman (1999) di Yolanda Croes.

Mayoria di e novelanan cu a sali publica den añanan ´90 tabata basa riba sucesonan cu a tuma lugar na Aruba.Esaki ta conta sigur pa e obra ´E Yamada` cu ta trata e hecho cu diferente gruponan religioso riba e isla a keda lanta. Pero tambe por ehempel e novela Perdi riba laman di Yolanda Croes ta basa riba bida real y cual storia a keda construi haciendo uzo di e.o. e informenan den corant y di e famianan. Den e di dos parti di decada 2000 ta manera cu e produccion literario a pasa pa e aerea di Hulanda, unda den corto tempo cinco novela na papiamento of hulandes a keda publica. Akinan nos ta referi na e.o. Kralen uit de Cariben (2008) di I. Grovell y Dottie, de kleindochter van een oude slavin (2008) di R.V. Arrendell, di cual e ultimo aki ta mas bien un ego-documento. E hecho aki no ta kita afo cu e mesun fenomeno cu nos a registra den e di dos parti di decada ’90, a manifesta su mes na Aruba na 2008 cu tabata e Aña Cultural. Den e aña ei 18 obra literario a keda publica y ta muestra cu tin suficiente talento pa yega na un produccion literario aceptabel.


Estilo & tema
E estilo di mayoria di nos autornan a keda mescos cu antes, unda mas bien ta describi delaster un cos cu e personahe den e novela ta pasa aden. Aki aya tin un climax pasobra e ta haci e storia unabes mas interesante pa sigui lesa, pero te einan tambe. No tin un profundisacion di e storia atravez di e diferente temanan of liñeanan cu ta core den e storia. Casi bo no ta mira e cambionan cu un personahe ta pasa aden. E estilo di skirbi mes tin biaha por pasa pa uno masha passivo mes. Den esaki mester señala cu e influencia di nos autornan, dor di escritornan hulandes no a tuma luga den e caso di Aruba. Esaki por ta un indicacion cu nos autornan local ta decidido den mantene un propio estilo? Un propio estilo di skirbi cu sin embargo mester amplia su mes cu cierto tecnicanan. Un ehempel den esaki ta e obranan di J. Tromp cu su surealismo-magico, kende corectamente ta busca mas tanto un acercamento na e Literatura Spaño.

Hopi di locual a keda publica por ser categorisa como un cronica, den cual p.e. Ernesto Rosenstand den su buki Companashi (2006) ta relata con el a bandona Colombia y den kico tur el a pasa unabes cu el a yega Aruba.Nos ta topa tambe cu un ego-documento, esta esun di Richard de Veer Un siglo di recuerdo (2008), den cual e ta relata pa nos con e bida den siglo pasa tabata ta riba e isla. E ultimo aki ta un contraste compara cu su prome buki Si t´ami mes, unda e´la basa su mes riba e storianan di Compa Nanzi pero uzando personahenan den bida real na Aruba. Un otro novela cu mester menciona ta Tera di silencio (2004) di Quito Nicolaas, den cual e ta haci uzo di elementonan internacional - p.e. e asesinato di J.F. Kennedy – pa ilustra ki impacto esaki tabata tin riba e famia y e hobencito cu despues ta aparece como consehero di gobierno. Tambe e tecnica cu a ser utilisa den e novela aki, esta di uza un flash-back pa bay bek hopi mas den pasado.

E temanan principal cu tempo no a cambia mucho, teniendo cuenta cu e loke e comunidad ta gusta scucha y lesa. E pregunta ta si un escritor mester tene cuenta cu e aspecto comercial?Si un poëta mester transmiti e loke e ta sinti, observa y pensa na un dado momento, un escritor tambe mester narata e loke ta sosode rondo di dje. Riba tereno di prosa tambe nos por constata cu e desaroyonan den nos region a pasa bay, sin cu esaki tabata motibo pa inspira nos autornan pa skirbi algo al respecto. Obranan di e gigantenan manera Gabriel Garcia Marquez, Mario Vargas Llosa of di e Caribense V.S. Naipaul casi no ta tin influencia riba nos autornan local. For di esaki por deduci cu e bista di nos autornan, cu excepcion di algun, ta mucho pa paden dirigi ainda. Y e remarke aki ta conta mas bien pa e obranan skirbi na Papiamento cu esnan publica na Hulandes.

[E ultimo parti lo aparece 18-3-2012]

donderdag 15 maart 2012

Nieuwe tekst op sokkel Jan Pieterszoon Coen


Op de sokkel van het standbeeld in Hoorn komt nu een kritische tekst. Foto: Jelle Spanjaard - Flickr


De gemeenteraad van Hoorn heeft na maanden van discussie een nieuwe tekst opgesteld voor op de sokkel van Jan Pieterszoon Coen.

Burgers van Hoorn hadden daarom gevraagd omdat ze het fout vonden dat Coen als een held werd vereerd, ondanks de slachtingen die hij aanrichtte in Oost-Indië.

Volkerenmoord
De raad bepaalde vorig jaar na een burgerinitiatief dat de tekst bij het beeld in het centrum van Coens geboortestad zou worden aangepast. Op de sokkel staat nu: "Jan Pieterszoon Coen (1587-1629). Geboren te Hoorn. Gouverneur-generaal van de V.O.C. en grondlegger van Batavia, het huidige Jakarta. Standbeeld geplaatst in 1893".

Na maanden overleg komt straks op de sokkel te staan dat Coen zijn successen als gouverneur-generaal van Nederlands-Indië in dienst van de VOC op zeer gewelddadige wijze boekte. Verder wordt vermeld dat het standbeeld niet onomstreden is. "Volgens critici verdient Coens gewelddadige handelspolitiek in de Indische archipel geen eerbetoon".

De indiener van het burgerinitiatief had het liefst gezien dat op de sokkel concreet de volkerenmoord was genoemd die Coen in 1621 zou hebben aangericht. Dat ging de gemeenteraad te ver.

SlachtingIn 1621 liet Coen een slachting aanrichten op het Molukse eilandje Banda, destijds de enige plaats waar muskaatnoten groeiden. Omdat de bewoners niet alleen aan de VOC leverden en eerder VOC-dienaren hadden vermoord, greep Coen in. Daarbij kwam de complete bevolking van het eilandje om.

Tientallen leiders van Banda werden geëxecuteerd, veel andere Bandanezen werden vermoord, en anderen werden als slaven weggevoerd. De bewoners die de bergen waren ingevlucht kwamen om doordat Banda niet meer van voedsel werd voorzien. De VOC bevolkte het eiland daarna opnieuw met eigen personeel.

De indiener van het burgerinitiatief laat het er voorlopig bij zitten. "Dankzij het burgerinitiatief is het op de agenda gezet, helaas met een teleurstellend resultaat. Ik zou niet weten wat ik verder nog kan doen, ik laat het maar over aan de volgende generatie", zei hij.


[van NOS.nl, 14 maart 2012]

woensdag 14 maart 2012

Nieuw boek Soebhag: “Hindustaanse artiesten en kunstenaars in de schijnwerper”

Schrijver Jan Soebhag heeft zijn jongste boek Hindustaanse artiesten en kunstenaars in de schijnwerper onlangs gepresenteerd aan Cultuur-directeur Stanley Sidoel. Hij was hierbij in gezelschap van Bhawna Saxena, culturele functionaris op de Indiase ambassade, die ervoor gezorgd heeft dat het boek ook in het Sarnami is uitgegeven.

Met de publicatie van deze twee boeken heeft Jan Soebhag geprobeerd om een deel van de Hindoestaanse artiesten en kunstenaars zichtbaar te maken en bekendheid te geven aan hun bijzondere rol in onze samenleving. Binnen de Hindoestaanse gemeenschappen zijn het de artiesten en kunstenaars die ervoor zorgen dat de culturele “plichten’ op gepaste wijze en aangenaam worden beleefd. Volgens hem is de rol van deze artiesten van onschatbare waarde bij de omlijsting van culturele, religieuze en sociaal-maatschappelijke activiteiten, als onderdeel van de Hindoestaanse diaspora.

De interesse voor dit onderwerp begon bij Soebhag, toen hij op zoek ging naar de bijzondere prestaties en de rol van artiesten en kunstenaars of andere bijzondere personen van Hindoestaanse afkomst. Hij vond dat er geen levensbeschrijvingen van hen op schrift waren gesteld. “Als deze artiesten of de kunstenaars er op een dag niet meer zijn”, zegt Soebhag “kunnen ze, vanwege eventueel gebrek aan informatie, ook niet geëerd of gewaardeerd worden. Hij begon met het documenteren van de specifieke culturele vakgebieden om de inzichten en de geschiedenis van de culturele ontwikkelingen, op zijn eigen manier te beschrijven.

[uit Dagblad Suriname, 13-03-2012]

dinsdag 13 maart 2012

Symposium Geschiedschrijving van Suriname

Call for papers


Studierichting Geschiedenis/Centrum voor Historische Studies i.o., Subfaculteit der Humaniora/IMWO, in samenwerking met het IGSR, Anton de Kom Universiteit van Suriname, 15 – 17 oktober 2012

Inleiding
Het is algemeen bekend dat de geschiedschrijving van Suriname voor het grootste deel plaats vindt door wetenschappers, zowel historici als niet-historici, in het buitenland, met de nadruk op Nederland. Onder de in Suriname woonachtige wetenschappers, die over de geschiedenis van land en volk schrijven, zijn er ook veel niet-historici, zoals sociologen, economen, linguïsten, dichters, romanschrijvers, theologen, politicologen, juristen etc. Deze tendens in Suriname, waarbij vooral ook veel niet-historici over de Surinaamse geschiedenis schrijven heeft hoofdzakelijk te maken met het feit dat er weinig wetenschappelijk opgeleide historici in het land aanwezig zijn. Dit op zijn beurt is het gevolg van het feit dat tot 2010, het jaar van de herdenking van 35 jaar onafhankelijkheid, er geen wetenschappelijke opleiding geschiedenis in Suriname bestond, waar historici zouden moeten zijn opgeleid om onderzoek te doen en de geschiedenis van Suriname te schrijven of te herschrijven, zoals dat populair wordt uitgedrukt.

De weinige professionele historici die in Suriname zelf actief zijn, hebben hun academische scholing geheel of gedeeltelijk in het buitenland gehad, waarvan sommigen eerst op het IOL hun opleiding hebben doorlopen. In de koloniale tijd, maar in het bijzonder na de Tweede Wereldoorlog, ontstond er in Suriname een grote behoefte om het Surinaamse onderwijs te versurinamiseren. Dit geldt zeker ook voor het geschiedenisonderwijs. Er werden dan ook door diverse personen, zoals Thomson, Rahan, Frater Tranquilinus, Van Dijk & Getrouw verschillende geschiedenis schoolboeken geschreven. Deze schoolboekjes werden vanuit de geest van die tijd geschreven en gaven in sommige opzichten een koloniale of neokoloniale visie op de geschiedenis. In het kader van de versurinamisering van het onderwijs werd in de jaren ‘60 van de vorige eeuw het Didactisch Instituut, het latere Instituut voor de Opleiding van Leraren (IOL), opgericht. De taak van het IOL was en is nog steeds om het onderwijsveld in Suriname te voorzien van voldoende gekwalificeerd kader voor het voortgezet onderwijs. De weinige academisch geschoolde historici, werden vanwege een tekort aan kader in de jaren ’70 en ’80 in het onderwijsproces ingeschakeld en belast met onderwijstaken, terwijl zij ook bij curriculumontwikkelingsactiviteiten werden ingezet.

Pogingen om via het Instituut voor de Opleiding van Leraren (IOL) en de afdeling Historische en Maatschappelijke Studies (HMS) van het MINOV wetenschappelijk onderzoek te doen verrichten zijn niet succesvol geweest. Vanaf 1984 zijn enkele buitenlandse en vanaf 1986 enkele Surinaamse historici verbonden geweest aan de Universiteit van Suriname en zijn er bescheiden pogingen geweest om historisch onderzoek te doen. Vermeldenswaard is dat in 1985 door gezamenlijke inspanning van een viertal instanties een geslaagd symposium werd georganiseerd over geschiedbeoefening en geschiedenisonderwijs in Suriname, waarbij een aantal aanbevelingen werden gedaan en projectvoorstellen werden geschreven om het geschiedenisonderwijs te verbeteren en de geschiedbeoefening te bevorderen.


Vanaf 1995 is er gepleit voor de oprichting van een studierichting geschiedenis aan de universiteit en uiteindelijk is in 2010 de beslissing genomen om een Faculteit der Humaniora op te richten. Binnen deze nieuwe faculteit wordt o.a. de opleiding geschiedenis met prioriteit voorbereid en zal volgens planning per oktober 2012 een studierichting geschiedenis van start gaan met een bacheloropleiding. Intussen is al in maart 2011 een masteropleiding geschiedenis gestart aan het IGSR met de bedoeling academisch geschoolde historici op te leiden die hun bijdrage zullen leveren aan het wetenschappelijk onderwijs en onderzoek op historisch gebied..
Er is intussen een commissie ingesteld, bestaande uit Maurits S. Hassankhan, Jerome Egger en Eric Jagdew, die werkt aan de voorbereiding van de studierichting geschiedenis aan de faculteit der Humanioria. Deze commissie is bezig met consultaties van personen en instanties in en buiten Suriname om te komen tot een voor de Surinaamse samenleving optimaal onderwijs- en onderzoeksprogramma op historisch gebied. Besloten is om vooruitlopend op de finalisering van het onderzoeksprogramma een symposium te houden over de geschiedschrijving van en geschiedbeoefening in Suriname.

Doel symposium
Het doel van het symposium is uitwisselen van kennis en inzicht in de stand van zaken met betrekking tot de stand van zaken van de geschiedschrijving van Suriname en het aandragen van bouwstenen voor een meerjaren onderzoeksprogramma.

Subdoelen:
a. Bespreken van de stand van zaken met betrekking tot de geschiedschrijving van Suriname;
b. Met elkaar van gedachten wisselen en voorstellen/suggesties aandragen ter bevordering van de geschiedschrijving van en in Suriname;
c. bouwstenen aandragen voor een conceptonderzoeksprogramma voor het Instituut voor Geschiedenis/ Centrum voor Historische Studies i.o.
d. Het uitwisselen van kennis en inzicht in nieuwe perspectieven in de geschiedschrijving van Suriname.
e. Het bespreken van mogelijkheden voor het opzetten van een netwerk voor informatie-uitwisseling en samenwerking met betrekking tot de geschiedschrijving van en de geschiedbeoefening in Suriname.

Belangrijke vragen die beantwoord moeten worden tijdens het symposium zullen in ieder geval moeten zijn:
1. Welke zijn de belangrijkste ontwikkelingen m.b.t. de geschiedschrijving van Suriname geweest, met name welke onderwerpen zijn beschreven, welke genres komen het meest voor en welke zijn de belangrijkste werken geweest?
2. Welke aspecten en thema’s uit de geschiedenis van Suriname zijn niet of weinig onderzocht en belicht? Wat zou de redenen daarvoor kunnen zijn geweest en hoe kan daarin een verandering worden gebracht?
3. Welke problemen en beperkingen m.b.t. de geschiedbeoefening zijn er geweest en waarmee dient rekening gehouden te worden bij het streven om de geschiedbeoefening in Suriname te bevorderen?
4. Welke buitenlandse stromingen hebben hun weerslag gehad op de geschiedschrijving van Suriname en in hoeverre is er sprake geweest van aanpassing aan de specifiek Surinaamse situatie.
5. In hoeverre kan er gesproken worden van dekolonisatie van de geschiedschrijving?
6. Welke invloeden hebben de relatief nieuwe benaderingen, zoals postkoloniale geschiedenis, subaltern studies, etnologie, feminisme gehad op de geschiedschrijving van en de geschiedbeoefening in Suriname?
7. In hoeverre wordt/is de Surinaamse geschiedenis in internationaal en regionale context bestudeerd, in welke mate zijn er vergelijkende studies geweest van Suriname met de rest van de wereld?
8. Kan de geschiedschrijving in dienst van de ontwikkeling van het land gesteld worden en tegelijk haar wetenschappelijk karakter behouden? Dit tegen de achtergrond van een spanningsveld tussen engagement en objectiviteit?
9. Welke taboes en stereotypen komen in de Surinaamse geschiedschrijving voor?

Onderwerpen
Aan de hand van de bovengestelde vragen, kunnen de volgende onderwerpen/thema’s aan de orde komen
• Ontwikkeling van de geschiedschrijving: welke thema’s zijn onderzocht, welke stromingen en benaderingen zijn er geweest, bij de beschrijving van de verschillende onderwerpen/thema’s uit de geschiedenis/
• De invloed van buitenlandse stromingen/theorieën of benaderingen op de geschiedschrijving van/in Suriname
• Dekolonisatie en versurinamisering van de geschiedschrijving: terugblik en perspectieven.
• Economische geschiedenis
• De sub-alternstudies- benadering in de Surinaamse geschiedschrijving.
• De invloed van etnologie op de geschiedschrijving: etnische studies, orale geschiedenis
• Etniciteit en natievorming in de geschiedschrijving.,
• Nieuwe bronnen in de geschiedschrijving: materiële cultuur, immaterieel erfgoed (zang, verhalen, drama, spreekwoorden, gezegden, etc.).
• Nieuwe aspecten in de geschiedschrijving: emotionele kant van de geschiedenis
• Surinaamse geschiedenis en literatuur: historische romans en geschiedschrijving.
• De plaats van gender in de geschiedschrijving

Opzet van het symposium
Duur: drie dagen

Deel 1. (dag 1)
Er wordt een panel georganiseerd waarin de stand van zaken m.b.t. de geschiedschrijving van en de geschiedbeoefening in Suriname wordt besproken, n.a.v. twee position papers over beide onderwerpen. In elk der papers wordt een algemeen beeld gegeven van de ontwikkelingen in de geschiedschrijving van c.q. de geschiedbeoefening in Suriname.
Daarna wordt een panel georganiseerd over dekolonisatie van de geschiedschrijving in landen zoals India, Indonesië en het Engelssprekend Caribische gebied. Het doel van dit panel is om eventuele lessen te leren van de ervaringen en ontwikkelingen in deze landen en gebieden. De inleiders bij dit panel zijn bij voorkeur deskundigen uit die landen zelf.

Panel 1: De geschiedschrijving van en de geschiedbeoefening in Suriname: een moeizame weg naar dekolonisatie: uitdagingen en mogelijkheden?
Position paper 1: Geschiedschrijving van Suriname: van koloniale geschiedschrijving tot geschiedenis van Suriname. – Hans Ramsoedh: HAN/ IBS/OSO-redacteur.
Position paper 2: Ontwikkeling van de geschiedbeoefening in Suriname: de moeizame weg van dekolonisatie van de geschiedschrijving. – Maurits S. Hassankhan –UvS,:FHum/IGSR.

Panel 2: Decolonization of historiography and lessons learned in the Third World:
Historiography in the Non-Western World? Alternative paths
Paper 1: India
Paper 2: Indonesia
Paper 3: Trinidad/Guyana

Deel 2:
In deel 2 van het symposium worden de ontwikkelingen in en de stand van zaken m.b.t. de historiografie van bepaalde thema’s aan de orde gesteld. Historiografische overzichten m.b.t. de onderstaande onderwerpen en thema’s. Er wordt ook gediscussieerd over de vraag welke thema’s of onderwerpen niet of onvoldoende aan de orde zijn gekomen in de geschiedschrijving tot nu toe.
Voorlopige lijst van thema’s;
1. Pre-Columbiaanse periode:
2. Koloniale expansie, kolonisatie en kolonialisme
3. Slavernij, slavenhandel en marronage
4. Immigratie en contractarbeid
5. Demografische geschiedenis
6. Etnografische geschiedenis:
• Creolen:
• Hindoestanen:
• Javanen:
• Chinezen:
• Marrons:
• Inheemsen:
• Andere groepen: Joden, Libanezen, Brazilianen etc.:
7. : Economische geschiedenis: ?
Macro-economische ontwikkeling
Ontwikkelingsbeleid en ontwikkelingsplannen
Belangrijkste sectoren
Agrarische ontwikkeling: landbouw en veeteelt
Visserij, Industrie, Mijnbouw, Bosbouw
Handelsbalans, export, import
Werkgelegenheid;
Overheid, banken en financiën: ?

8. Politieke geschiedenis en Bestuur:
Dit moet onderverdeeld worden in subthema’s, zoals:
Constitutionele ontwikkeling
Politieke partijen
Kiesstelsel
Democratie
Nationalisme, dekolonisatie en natievorming
Post-1975 politieke ontwikkelingen

9. Culturele geschiedenis, inclusief
Godsdienst:
Taal en literatuur :
Muziek/zang en dans

10. Sociale geschiedenis incl.
Onderwijs:
Gezondheidszorg:
Vakbeweging en Arbeidersbeweging:

Deel 3: theoretisch historiografische onderwerpen (dag 3)
In dit deel worden papers gepresenteerd aan de hand van de opgegeven vragen en onderwerpen die op pag. 2 en 3 zijn opgesomd.

Papers over de volgende onderwerpen worden zeer op prijs gesteld:
• Geschiedschrijving over de multi-etnische samenleving c.q. geschiedschrijving over de z.g. plurale samenleving, inclusief de relatie etniciteit en natievorming.
• Migratie en Diaspora in de 20ste en 21ste eeuw, inclusief transnationalisme.
• Vrouwen- en gendergeschiedenis
• Engagement, kritische geschiedschrijving en academische vrijheid van historici

Het aantal papers en te vormen panels zal afhangen van het aantal ingediende en goedgekeurde papervoorstellen.

Te verwachten output:
a. Een rapport met inzicht van de stand van zaken met betrekking tot de geschiedschrijving van Suriname:
• Historiografisch overzicht van thema’s uit de geschiedschrijving.
• een lijst van thema’s die nog nader onderzoek vereisen
• Eenduidigheid in het gebruik van begrippen.
• Ideeën en suggesties voor een onderzoeksprogramma
b. Een publicatie over de historiografie van Suriname..
c. Afspraken voor uitwisseling van informatie over lopende en geplande onderzoeken op historisch gebied.

Karakter van het symposium: expertmeeting
Het symposium heeft het karakter van een expertmeeting, waarbij de deelnemers een gemeenschappelijk doel nastreven, zoals verwoord in de doelstellingen en de te verwachten output. Waar er meningsverschillen zijn over bepaalde zaken proberen we elkaar te overtuigen, doch wij hoeven niet over alles het met elkaar eens te zijn. Het gemeenschappelijke is dat de deelnemers allen door met elkaar van gedachten te wisselen komen tot de gestelde doelen.

Deelnemers:
Als deelnemers worden toegelaten wetenschappers die zich bezighouden of bezig zijn geweest met geschiedschrijving van Suriname. Dit moet tot uiting komen in onderzoek en publicaties. Van alle deelnemers wordt verwacht dat zij één of meerdere inleidingen verzorgen, die publicabel zal/zullen moeten zijn, of na een korte bewerking gepubliceerd kan/kunnen worden. De voertaal is in principe Nederlands, behalve de inleidingen over de dekolonisatie van de geschiedschrijving in India, Indonesië, Engelssprekend Caribisch gebied etc. Deze inleidingen worden in het Engels verzorgd.
Studenten van de masteropleiding geschiedenis van het IGSR worden ook toegelaten.

Deelnamekosten: De deelname is gratis voor inleiders.

Papervoorstellen kunnen worden ingediend tot uiterlijk 15 april 2012 door het indienen van een abstract van 300 tot 400 woorden en een korte CV.
Deadline voor volledige papers: 1 september 2012.

Adres:
Coördinatiegroep Symposium Geschiedschrijving van Suriname
t.a.v. Maurits S. Hassankhan
IMWO, Universiteitscampus, Leysweg, Paramaribo
Tel: 462003; 581782; 8749865.
E-mai adres: mhassan@sr.net of mauritshassan@yahoo.com

Visionary Voices

Zondag 18 maart in de MC Studio Session: Visionary Voices onder leiding van Robert Harman Sordam.

Sinds enige tijd is componist en vocalist Robert Harman Sordam bezig met een origineel muzikaal concept: vocale swing ballads en geïmproviseerde muziek met Afro-Caribische invloeden. Harman bewerkt lyrische melodieën en klassieke harmonieën uit onder andere de (Afro-Surinaamse) winti- en kawina-tradities voor zowel zang als instrument. Het resultaat is cross-over muziek waarbij wordt geïmproviseerd op eigen composities en pop & jazz standards met Caribische thema’s, Europese invloeden, Rock, Noord-Amerikaanse swing en Afrikaanse poliritmische tradities.

Zondag 18 maart, 15:00 u, tickets: € 7,50,

Medi Broekman en T. Martinus

Van 13 tm 17 maart 2012 presenteert MC in Amsterdam twee voorstellingen van nieuw theatertalent Medi Broekman en T. Martinus. De schrijver en maker van de voorstellingen waren winnaars van het Hollandse Nieuwe Festival, MC´s theaterfestival voor nieuwe toneelschrijvers en theatermakers. Hun prijs was dat zij hun presentatie voor Hollandse Nieuwe mogen uitwerken tot volwaardige voorstelling.
De voorstellingen Muren hebben Oren (met acteurs Anke van 't Hof, Samora Bergtop en Koen Kreulen in regie van Lenne Koning) en The Principles of Certainties (met T. Martinus, Dewi Reijs en begeleider Peer van den Berg) zijn als double bill te zien in het MC Theater.

Dinsdag 13 t/m zaterdag 17 maart, 20:00 u, MC Theater
combitickets voor maar € 12,-

MC TIP! Van 13 tm 25 maart staat de winnaar van de Hollandse Nieuwe Publieksprijs, Esmée Pietersz-Ronde met de voorstelling Bye Bye Banda Bou in de serie Lunchtheaterproducties van Theater Bellevue.

Vertellen op Wereldverteldag

Op dinsdag 20 maart (Wereldverteldag) zullen vele vertellers op de meest onwaarschijnlijke plaatsen op de wereld hun vertelkunsten tonen. Thema is: Bomen. Aart Jacobi (Nederlands ambassadeur), Guillaume Pool (foto rechts), Hilli Arduin en Pita Parole zullen vanaf 19.30 uur vertellen op het erf van de Nederlandse Ambassade in Paramaribo. Inloop vanaf 19.00 uur, inloop gratis.