donderdag 30 juli 2009

De vulkaan die niet slaapt

In 1938 vervaardigde de schilder Jan Adriaan Donker Duyvis een portret van Anton de Kom. Ik zag de pasteltekening voor het eerst op de tentoonstelling Black is Beautiful in de Nieuwe Kerk in Amsterdam. Al bij de eerste aanblik van het kunstwerk werd ik getroffen door de zuiverheid van het portret. Donker Duyvis heeft met grote opmerkingsgave, opmerkelijk psychologisch inzicht en veel gevoel voor subtiliteit De Kom afgebeeld. Hij heeft daarmee recht gedaan aan diens sensitieve persoonlijkheid en gelaagde karakter, met wie hij de toeschouwer op een ogenschijnlijk pretentieloze, maar welbeschouwd geraffineerde wijze kennis wil laten maken. Dit is geen geringe verdienste. Achteraf stel ik vast dat mijn enthousiasme voor de tekening in eerste aanleg ook zo groot was, omdat ik onverhoeds op het portret stuitte en aangenaam verrast werd door het bestaan van een mij nog een onbekende afbeelding van De Kom.





Laat het werk van Donker Duyvis ons een ‘andere’ De Kom zien? Voegt zijn schepping iets toe aan het beeld dat er van hem bestaat en dat gebaseerd is op enkele foto’s die al sinds jaar en dag circuleren? Bij oppervlakkige beschouwing moet het antwoord op deze vraag bevestigend luiden. Op de tekening van Donker Duyvis is De Kom opvallend ingetogen afgebeeld. Het hoofd voorovergebogen, de ogen neergeslagen, een houding aannemend van deemoedigheid en berusting. Dit beeld wordt versterkt door de zachte pasteltinten die de kunstenaar gebruikt, waardoor gezicht, bovenlichaam en achtergrond met elkaar harmoniëren en stilistisch een eenheid vormen. Alsof Donker Duyvis de Surinaamse activist en vrijheidsstrijder heeft willen neerzetten als een heilige, voor wie onbegrensd medeleven, eindeloos geduld en verzoening tot elke prijs het devies zijn.

Nadere bestudering laat van deze conclusie echter weinig heel. Beter gezegd: demonstreert de onvolledigheid ervan. Want wie goed kijkt, ziet op het gezicht van de geportretteerde ook een frons boven de wenkbrauwen, lippen die ietwat misprijzend op elkaar worden gehouden en kroeshaar dat in een bijna baldadige toren op het achterhoofd ligt opgetast. Hieruit spreekt opstandigheid, onbehagen en misnoegen, ingehouden weliswaar, smeulend en gistend, maar daarmee niet minder krachtig en betekenisvol. Een vulkaan die niet slaapt en elk moment tot uitbarsting kan komen. Juist omdat het gezicht van De Kom op de tekening alle aandacht trekt – Donker Duyvis heeft overhemd, stropdas en colbert met veel minder precisie weergegeven – springt het element van de tikkende tijdbom in het oog. In werkelijkheid betrof die explosiviteit overigens niet alleen De Koms activistische bestaan, maar ook zijn persoonlijk leven, zoals we vooral weten uit de documentaire die Frank Zichem in 1999 over hem maakte.

Over het ontstaan van het portret is weinig bekend. Donker Duyvis en De Kom kenden elkaar vermoedelijk via de Haagse Kunstkring, maar zelfs dat is niet helemaal zeker. De Haagse connectie zou kunnen verklaren waarom De Kom nooit door een kunstenaar uit de Amsterdamse scene (bijvoorbeeld Nola Hatterman of Jan Sluijters) werd geportretteerd, maar wel door zijn minder bekende stadgenoot Donker Duyvis, mede als gevolg waarvan het grote publiek zo lang geen weet heeft gehad van zijn bijzondere tekening. Men mag aannemen dat het initiatief voor het portret van Donker Duyvis is uitgegaan. Zijn werk past in een trend die in het interbellum in kunstenaarskringen spraakmakend was: het schilderen en tekenen van zwarte mensen, al dan niet vanuit politieke en sociale motieven. Onbekend is of dergelijke niet-esthetische beweegredenen ook voor Donker Duyvis hebben gegolden. Dit is wel waarschijnlijk in aanmerking nemende dat De Kom een uitgesproken links-radicaal profiel bezat. Ook Donker Duyvis’ Indische achtergrond zou een aanwijzing kunnen zijn voor zijn natuurlijke sympathie voor de vrijheidsstrijd die De Kom in een andere Nederlandse kolonie op gang wilde brengen.

Waarom is De Kom met Donker Duyvis in zee gegaan? Beschouwde hij het als eervol om te poseren en zag hij het portret als een alternatieve bijdrage aan de emancipatie van de zwarte mens waar hij zich tijdens zijn leven zo gepassioneerd voor heeft ingezet? Was het een vriendendienst aan de kunstenaar? Ontving hij een honorarium voor zijn medewerking dat hij gezien zijn benarde leefomstandigheden goed kon gebruiken? Waarschijnlijk deden al deze factoren (of in ieder geval een combinatie ervan) opgeld, al valt ook hierover niets met zekerheid te zeggen. Een niet minder interessante vraag is of De Kom inspraak heeft gehad in de totstandkoming van het kunstwerk. Hield Donker Duyvis rekening met de opvattingen van De Kom over de gewenste wijze van weergave van zijn persoon? Ook op dit punt tasten we in het duister, maar het is moeilijk voorstelbaar dat de collega-kunstenaars en (naar mag worden aangenomen) ideologisch gelijkgezinden niet van gedachten hebben gewisseld over de wijze van portretteren van De Kom.

Na die eerste keer ben ik nog een tweede keer naar de tentoonstelling in de Nieuwe Kerk gegaan. En weer werd ik als door een onzichtbare hand naar Donker Duyvis’ naturalistische kunstwerk toe geleid. Mijn fascinatie bleek onveranderd, evenals mijn bewondering voor de verfijnde stijl van de tekenaar. Sinds de beëindiging van de expositie moet ik het doen met de afbeelding van het portret in de tentoonstellingscatalogus. Die ontbeert de zeggingskracht van het eigenlijke kunstwerk, maar houdt de herinnering aan de contemplatieve en vulkanische kracht van De Kom levendig.

1 reacties:

  1. Is het wellicht mogelijk het desbetreffende portret hierbij te reproduceren?

    BeantwoordenVerwijderen